Terug
Gepubliceerd op 22/05/2019

2019_GR_00095 - Gemeentebelasting op standplaatsen op de openbare markten : aanslagperiode van 01 april 2019 tot en met 31 maart 2025 - Goedkeuring

Gemeenteraad
ma 25/03/2019 - 20:00 raadzaal
Goedgekeurd

Samenstelling

Aanwezig

Sofie Vanoppen, Johny De Raeve, Bram De Raeve, Frederick Vandeput, Johan Vanhoyland, Frank Vandebeek, Johan Schraepen, Ria Hendrikx, Yannick Aerts, Robert Albrecht, Jean-Paul Briers, Nathalie Claes, Libera Crescente, Bart Heleven, Katrien Hoebers, Lennert Kippers, Kris Knuts, Johny Lenskens, Sven Lieten, Lieve Mallants, Steven Reynders, Céderique Schellis, Karen Schillebeeks, Dominic Tholen, Lieve Vandeput, Martin Vandereyt, Bart Vanhorenbeek, Bart Telen

Secretaris

Bart Telen
2019_GR_00095 - Gemeentebelasting op standplaatsen op de openbare markten : aanslagperiode van 01 april 2019 tot en met 31 maart 2025 - Goedkeuring 2019_GR_00095 - Gemeentebelasting op standplaatsen op de openbare markten : aanslagperiode van 01 april 2019 tot en met 31 maart 2025 - Goedkeuring

Motivering

Verwijzingsdocumenten

Koninklijk Besluit van 24 september 2006 betreffende de uitoefening en de organisatie van ambulante activiteiten, zoals gewijzigd;

Gemeenteraadsbesluit van 26 september 2016 betreffende de goedkeuring van de codex politieverordeningen, meer bepaald Deel III  Hfdst 5 inzake openbare markten;

Gemeentelijk reglement op ambulante activiteiten, goedgekeurd in de gemeenteraad van 23 april 2018.

Feiten context en argumentatie

In het belastingreglement van 25 maart 2013 werd opgenomen dat de belastingtarieven gekoppeld zijn aan de index der consumptieprijzen. De aanvangsindex in november 2012 bedroeg 119,95 maar in november 2018 was de index 131,01 met alzo een  indexatiecoëfficiënt van  "1,0922 ".  Bij de berekening van de belastingtarieven (1,50 EUR x 1.0922) is eind november 2018 het geïndexeerd tarief de vermeerdering van de 0,10 EUR-drempel overschreden. Het reglement meldt dat in dat geval het bestaande tarief eveneens met 0,10 EUR zal stijgen vanaf 1 januari van het volgend dienstjaar. Aan de standhouders wordt op basis van deze indexering  vanaf 1 januari 2018 een nieuw tarief van 1,60 EUR per lopende meter aangerekend.

In dit nieuw modelreglement is met de gevolgen van deze indexering rekening gehouden, waardoor het tarief rechtstreeks op 1,60 EUR gezet en geldt als nieuwe basisindex november 2018.

Dat het nuttig is dat bij langdurige ziekte van de standhouder er een financiële compensaties is binnen de facturatie.

Het is aangewezen om de gemeentebelasting best iets langer dan een legislatuur te laten lopen, teneinde tijdens de  overgangsperiode 2024-2025 (nieuwe verkiezingen) alsnog een rechtsgeldig reglement te hebben die de inkomsten garandeert.

Besluit

De gemeenteraad beslist:

Artikel 1

Met ingang vanaf 1 april 2019 voor een termijn van zes jaar, eindigend op 31 maart 2025 wordt ten behoeve van de gemeente een gemeentebelasting gevestigd op het plaatsrecht op de wekelijkse markt, de jaarmarkt, de Allerheiligenmarkt, de avondmarkt, de Kerstmarkt en de rommelmarkten ten laste van personen, natuurlijke of rechtspersonen, die op deze plaats koopwaar te koop stellen.

Artikel 2

Het bedrag der belasting wordt vastgesteld als volgt: 

A. WEKELIJKSE MARKT, JAAR- ALLERHEILIGEN- EN KERSTMARKT

    Losse standplaatsen

       *1,60 EUR per lopende meter ingenomen standplaats met een minimum recht van 4 keer  dat tarief per lopende meter per standplaats.  

Op de wekelijkse markt worden geen sport-, en cultuurverenigingen toegelaten, maar als hun deelname aan de markt uitsluitend de bedoeling heeft een erkend menslievend doel    te steunen, is hun standplaats gratis.

Bij de deelname aan de jaar-, en/of de Kerstmarkt betalen alle verenigingen, die dan voor eigen belang mogen deelnemen,  het tarief van de rommelmarkt bepaald bij punt B van dit reglement

     Abonnementen

Abonnementen kunnen alleen driemaandelijks of jaarlijks betaald worden.

De marktkramers, die in het jaar x, vijfenveertig keer of meer effectief aanwezig zijn op de markt, krijgen in het jaar x+1 een korting van 50 % op het verschuldigde marktgeld voor het eerste kwartaal van het jaar x+1.  De telling van het jaar x gaat in vanaf het aanslagjaar 2013

Bij twaalfmaandelijkse betaling krijgen de marktkramers een korting van 10 %, die cumuleerbaar is met de vermelde korting van 50 %.

Bij ziekte van meer dan 4 opéénvolgende weken verrekenen wij de  weken van afwezigheid bij de volgende facturatieperiode.  Hiertoe moet de marktkramer  binnen de ziekteperiode een geldig doktersattest afleveren aan de marktleider.

Aansluitingen op het elektriciteitsnet

De marktkramers die gebruik maken van een aansluiting op het elektriciteitsnet zijn verplicht om samen met de bovenvermelde bedragen  een bijkomend recht te betalen van 1,60 EUR per dag.

Koelwagens en verkooppunten met "kip aan 't 'spit"-inrichtingen, die elektriciteit gebruiken, betalen 5,40 EUR per dag.  De korting voor de abonnementen geldt niet voor het bijkomend recht voor aansluitingen op het elektriciteitsnet.

 B.   ROMMELMARKTEN

* 0,50 EUR per lopende meter met een minimum aan 4 keer dat tarief per lopende meter.

Voor de aansluitingen op het elektriciteitsnet gelden de tarieven van de wekelijkse markt.

Artikel 3

Al deze belastingstarieven, vermeld in A en B, zijn gekoppeld aan de index der consumptieprijzen.

Het aanvangsindexcijfer is het indexcijfer van november 2018.  Het nieuw indexcijfer is het indexcijfer van de maand november van het jaar die de tariefaanpassing voorafgaat.

Indien bij de berekening van de belastingtarieven, vermeld in art. 2 A en 2 B  het geïndexeerd tarief met meer dan 0,10 EUR verhoogd is in vergelijking met het bestaand tarief, zal dat belastingtarief van 1 januari van het volgend aanslagjaar verhoogd worden met 0,10 EUR.

Artikel 4

Plaatselijke handelaren die een kraam, barak, wagen of andere soortgelijke inrichting, op het gemeentedomein plaatsen bij gelegenheid van de wekelijkse markt of andere markten, zijn zo onderworpen aan de bovenvermelde tarieven.

Voor de wekelijkse markt kunnen zij het standgeld enkel via een abonnement betalen.

Artikel 5

De lengte der winkels en kramen zal gerekend worden op de meest uitspringende gedeelten, hetzij boven aan de kop, hetzij aan de voet.  Breuken van een meter worden afgerond naar het hogere of lagere meter, naargelang de halve meter wordt bereikt of niet.  In geval van geschil over de meting zal de marktleider of zijn plaatsvervanger uitspraak doen.

Artikel 6

Het standgeld moet als volgt betaald worden:
LOSSE STANDPLAATSEN

De losse standplaatsen worden betaald op het eerste verzoek aan  de marktleider of zijn plaatsvervanger tegen aflevering van een ontvangstbewijs.

ABONNEMENTEN

De abonnementen betalen het standgeld onmiddellijk na het ontvangen van een schriftelijk verzoek vanwege de financieel directeur via overschrijving op een bankrekening van de gemeente of aan het loket van de financiële dienst van het gemeentehuis tegen aflevering van een ontvangstbewijs. 

De abonnementhouder riskeert overeenkomstig art. 10 van het gemeentelijk marktreglement een schorsing en opzegging van het abonnement en verliest bij beslissing van het college van burgemeester en schepenen het recht op een standplaats, indien uiteindelijk de rekening van het kwartaal niet betaald is vóór het einde van het volgende kwartaal.

Het standgeld voor de Kerstmarkt is in het abonnement inbegrepen.

Artikel 7

Bij beëindiging van een vaste standplaats wegens overlijden of volledige stopzetting van alle handelsactiviteiten zonder overname, wordt het reeds betaald saldo terugbetaald door de financieel directeur.

Artikel 8

Wanneer het abonnementsgeld niet is betaald vóór de vervaldatum van de factuur dan zal de belasting worden ingekohierd en volgt ze de stappen van een kohierbelasting.

Artikel 9

De  kohieren worden vastgesteld en uitvoerbaar verklaard ten laatste op 30 juni van het jaar dat volgt op het aanslagjaar door het college van burgemeester en schepenen.

Het kohier wordt tegen ontvangstbewijs overgezonden aan de met de invordering belaste financieel beheerder, die onverwijld instaat voor de verzending van de  aanslagbiljetten. Deze verzending gebeurt zonder kosten voor de belastingschuldige.

Artikel 10

Het aanslagbiljet bevat de elementen vermeld op het kohier, de verzendingsdatum, de uiterste betalingsdatum, de termijn waarbinnen een bezwaarschrift kan worden ingediend, de benaming, het adres en de contactgegevens van de instantie, die bevoegd is om het bezwaarschrift te ontvangen, evenals de vermelding dat de belastingschuldige of zijn vertegenwoordiger die wenst gehoord te worden, dit uitdrukkelijk moet vragen in het bezwaarschrift.

Als bijlage wordt een beknopte samenvatting toegevoegd van het reglement krachtens welke de belasting is verschuldigd.

Artikel 11

De belastingschuldige of zijn vertegenwoordiger kan tegen zijn aanslag of tegen de belastingverhoging bezwaar indienen bij het college van burgemeester en schepenen, Kerkplein 1, 3520 Zonhoven.

Het bezwaar moet, op straffe van nietigheid, schriftelijk worden ingediend of overhandig worden aan het college van burgemeester en schepenen of aan het orgaan/personeelslid dat zij speciaal daarvoor aanwijst binnen een termijn van drie maanden te rekenen vanaf de derde werkdag volgend op de datum van verzending van het aanslagbiljet of van de kennisgeving van de aanslag of vanaf de datum van de inning van de belasting, indien dat op een andere wijze dan per kohier gebeurde.

Het wordt gedagtekend en ondertekend door de eiser of zijn vertegenwoordiger en vermeldt de naam, de hoedanigheid, het adres of de zetel van de belastingschuldige alsmede het voorwerp van het bezwaarschrift en een opgave van de feiten en middelen.  Het college van burgemeester en schepenen of het orgaan / personeelslid dat zij speciaal daarvoor aanwijst, stuurt schriftelijk of via duurzame drager  binnen 15 kalenderdagen na de verzending of de indiening van het bezwaarschrift een ontvangstmelding naar de belastingschuldige of zijn vertegenwoordiger.

De belastingschuldigen kunnen de verbetering aanvragen van materiële missingen zoals dubbele aanslag, rekenfouten enz... zolang de gemeenterekening van het aanslagjaar waarop de belasting betrekking heeft, niet goedgekeurd werd.

Artikel 12

Wanneer de belasting niet betaald is binnen de gestelde termijn, worden de regels  toegepast betreffende de nalatigheidintresten inzake de rijksbelastingen op de inkomsten.

Artikel 13

Deze beslissing is voorwerp van publicatie- of bekendmakingplicht in kader van openbaarheid van bestuur en valt onder de rubriek meldingsplichtige besluiten;