De briefwisseling tussen de Koninklijke Harmonie en de Kerkfabriek
De e-mail van Louis Bammens met de wens tot onderling overleg te komen
Overeenkomst Harmonie-Kerkfabriek-gemeente dd. 05/01/1967
De Koninklijke Harmonie Sint-Quintinus vzw maakt gebruik van een gebouw gebouwd op een perceel grond eigendom van de Kerkfabriek, gelegen op de toekomstige site De Kwint. In de laatste zending verstuurd door de Kerkfabriek, wordt gevraagd de lokalen volledig te ontruimen tegen 1 januari 2021, bij de start van de tweede fase van het project site De Kwint.
De juridische situatie van dit gebouw is vatbaar voor discussie. De Koninklijke Harmonie is van mening dat de lokalen eigendom zijn van de Koninklijke Harmonie.
De Kerkfabriek is van mening dat de gebouwen gebouwd zijn op grond eigendom van de Kerkfabriek en door het recht van natrekking de gebouwen ook toebehoren aan de Kerkfabriek.
Beide standpunten zijn gebaseerd op een overeenkomst uit 1967 (zie bijlage).
In de laatste zending van de Koninklijke Harmonie wordt er gevraagd in dialoog te treden omtrent een eventuele nieuwe locatie voor de harmonie. De kerkraad heeft kennis genomen van deze brief en heeft de wens geformuleerd naar de gemeente toe om samen met de gemeente en de Koninklijke Harmonie tot een gezamenlijk overleg te komen.
Eveneens in deze laatste zending staat te lezen dat er volgens de Koninklijke Harmonie door geen enkele mogelijks betrokken partij er tot op heden een valabel voorstel gedaan werd dat maar enigszins rekening houdt met de harmonie.
Tot op heden heeft er al enkele keren een overleg plaatsgevonden met de Koninklijke Harmonie, de Kerkfabriek en de gemeente. Deze overlegmomenten hebben o.i. echter weinig succes gekend. De gemeente heeft middels de herbestemming van de kerk van Halveweg deze voorgesteld als ruimte voor de Koninklijke Harmonie maar dit is dus geen valabel voorstel voor de Koninklijke Harmonie.
Het laatste (mondeling) voorstel van de voorzitter van de Koninklijke Harmonie is het verkrijgen van de gemeente van een stuk bouwgrond en 500.000,00€ om er een gebouw op te kunnen zetten.
Indien de gemeente op dit laatste wil ingaan, moet dit budgettair bekeken worden en moet er nagedacht worden hoe de gelijke behandeling naar andere verenigingen toe gegarandeerd kan blijven.
Hiernaast kunnen we vanuit de gemeente ingaan op het voorstel van de Koninklijke Harmonie en de Kerkfabriek om in onderling overleg te treden.
Er kan ook gevraagd worden aan de Koninklijke Harmonie om hun wensen over te maken aan de Kerkfabriek/gemeente en om meerdere valabele oplossingen voor te stellen. Hieropvolgend kan er desgevallend een onderling overleg plaatsvinden.
Als laatste kan er aan de Kerkfabriek aangeraden worden hun standpunt te behouden en de Koninklijke Harmonie aan te manen het pand te verlaten. In dit laatste geval kan er een tegemoetkoming gebeuren om de waarde van de lokalen te vergoeden, met dien verstande dat de grond waarop deze gebouwd is ontegensprekelijk eigendom is van de Kerkfabriek en aldus enkel de waarde van de gebouwen zelf vergoed hoort te worden. Hiernaast zijn de lokalen van de harmonie gebouwd tegen De Kwint, waardoor de waarde van deze muur ook niet in rekening moet worden gebracht. De vergoeding voor de gebouwen dient in principe betaald te worden door de Kerkfabriek dus er dient afgetoetst te worden met de Kerkfabriek of zij bereid zijn dit te betalen en/of in hoeverre de gemeente hier in kan tussenkomen.
Het college van burgemeester en schepenen gaat op dit ogenblik niet in op het voorstel tot onderling overleg. Vanuit de harmonie dient er een concreet voorstel voorgelegd te worden waarover een overleg kan plaatsvinden. Het college adviseert aan de Kerkfabriek om bij haar standpunt te blijven en de Koninklijke Harmonie het pand te doen verlaten tegen de vooropgestelde datum.