Terug
Gepubliceerd op 03/09/2019

2019_CBS_01034 - Woonwagenpark Schopsveldstraat - aansprakelijkheid eventuele bodemverontreiniging naastliggend perceel - Goedkeuring

College van burgemeester en schepenen
di 27/08/2019 - 13:30 schepenzaal
Goedgekeurd

Samenstelling

Aanwezig

Johny De Raeve, Bram De Raeve, Johan Vanhoyland, Frank Vandebeek, Johan Schraepen, Ria Hendrikx, Bart Telen

Verontschuldigd

Frederick Vandeput

Secretaris

Bart Telen
2019_CBS_01034 - Woonwagenpark Schopsveldstraat - aansprakelijkheid eventuele bodemverontreiniging naastliggend perceel - Goedkeuring 2019_CBS_01034 - Woonwagenpark Schopsveldstraat - aansprakelijkheid eventuele bodemverontreiniging naastliggend perceel - Goedkeuring

Motivering

Verwijzingsdocumenten

Bodemdecreet - Vlarebo

Feiten context en argumentatie

Het college neemt kennis van het schrijven van dhr. Rogiers Etienne en Georgette De Reydt, d.d. 25.06.2019.

Beiden zijn eigenaar van perceel 3de afd, sectie E, nr. 952, gelegen te Schopsveldstraat, naast het perceel van het woonwagenterrein (eigendom OCMW).

Beiden melden dat er allerhande wrakken en afvalstoffen werden afgelaten op zijn perceel, afkomstig van de woonwagenbewoners.  De eigenaars hebben dit reeds verschillende keren gemeld aan de bewoners, politie en milieu dat hij hier niet mee akkoord kan gaan.  In 2016 heeft de milieuambtenaar een verslag opgemaakt met de vaststelling dat er wrakken gestald worden, afval ligt en septisch materiaal geloosd wordt op zijn eigendom.  De eigenaar heeft een poort geplaatst met een slot, maar dit werd telkens opnieuw opengebroken. Het OCMW en gemeente hebben de ongunstige situatie oogluikend toegelaten terwijl dit strafbaar is.  

Gelet op bovenstaande zijn de eigenaars van mening dat zij bij eventuele bodemverontreiniging niet aansprakelijk gesteld kunnen worden.  Gevraagd wordt dat de huidige verontreiniging verwijderd wordt en er op toe te zien dat de onregelmatigheden onmiddellijk stoppen. 

Nota dienst:

Hetgeen de eigenaar aanhaalt in zijn schrijven is correct.  De milieuambtenaar is samen met de wijkagent meerdere malen ter plaatse geweest om de illegale situatie vast te stellen en de bewoners aan te manen zich in orde te stellen met de wetgeving.  De illegale situatie handelde over het terrein van het OCMW zelf, maar dus ook het naastliggende terrein eigendom van Rogiers-De Reydt. 

Doordat er onvoldoende voorzieningen (interne riolering) op het woonwagenterrein aanwezig waren, werden het septisch materiaal en het huishoudelijk afval van verschillende woonwagens op het terrein van Rogiers-De Reydt geloosd. De eigenaar van de wrakken werd aangemaand deze op te ruimen. Voertuigen/wrakken werden daarop inderdaad afgevoerd, doch kwamen er na verloop van tijd weer wrakken/voertuigen bij.  De poort met slot werd inderdaad geforceerd door de woonwagenbewoners om zijn terrein te kunnen blijven gebruiken.  De dienst milieubeleid kan de vraag van de eigenaars ten volle begrijpen en is van mening dat de huidige eigenaar dit probleem niet volledig dient te dragen. 

Wetgeving:

Volgens het bodemdecreet is het de eigenaar die saneringsplichtig is gezien hij eigenaar was toen de (eventuele) verontreiniging tot stand is gekomen.  Hij zou ook geen vrijstelling kunnen bekomen van zijn saneringsplicht (indien bodemonderzoek zou uitwijzen dat een sanering noodzakelijk is).  De eigenaar zou op haar beurt de gemeente aansprakelijk kunnen stellen, doch kan dit enkel via een (lange) gerechterlijke procedure.  

Op dit ogenblik rust er geen verplichting tot het uitvoeren van een bodemonderzoek.  Het is als de eigenaar de gronden wil overdragen dat dit een verplichting zal worden.  Niets doen betekent echter dat dit probleem blijft aanslepen en voor de eigenaar geen duidelijkheid bekomen wordt.  

In kader van behoorlijk bestuur stelt de dienst milieubeleid voor om de eigenaar tegemoet te komen aan zijn vraag en een oriënterend bodemonderzoek te laten uitvoeren.  Dit onder voorbehoud van het resultaat, maar zonder erkenning van schuld.  

De kosten van een oriënterend bodemonderzoek kunnen opgevraagd worden via een offerte (ruwe schatting +/- 3.000 euro).  De vraag stelt zich: wat als er verontreiniging gevonden wordt? Dan moet overgegaan worden tot een beschrijvend bodemonderzoek en eventueel een sanering.  De kosten lopen dan hoger op afhankelijk van de resultaten van het beschrijvend onderzoek. 

Besluit

Het college van burgemeester en schepenen beslist:

Artikel 1

Het college beslist tegemoet te komen aan de vraag van de eigenaar om een oriënterend bodemonderzoek te laten uitvoeren.  Afhankelijk van deze resultaten zal verder gekeken worden welke de toekomstige stappen zijn.