Terug
Gepubliceerd op 13/03/2019

2019_CBS_00268 - Contantbelasting op de ambulante handel buiten de markt - aanslagperiode van 01 april tot en met 31 maart 2025 - Kennisneming

College van burgemeester en schepenen
di 05/03/2019 - 13:30 schepenzaal
Goedgekeurd

Samenstelling

Aanwezig

Johny De Raeve, Bram De Raeve, Frederick Vandeput, Johan Vanhoyland, Frank Vandebeek, Johan Schraepen, Ria Hendrikx, Bart Telen

Secretaris

Bart Telen
2019_CBS_00268 - Contantbelasting op de ambulante handel buiten de markt - aanslagperiode van 01 april tot en met 31 maart 2025 - Kennisneming 2019_CBS_00268 - Contantbelasting op de ambulante handel buiten de markt - aanslagperiode van 01 april tot en met 31 maart 2025 - Kennisneming

Motivering

Verwijzingsdocumenten

Het advies van de FOD Economie zoals bepaald wordt in artikel 10,§2 van de wet van 25 juni 1993;

Het Koninklijk Besluit van 24 september 2006 betreffende de uitoefening en organisatie van ambulante activiteiten;

Het gemeentelijk belastingreglement op de standplaatsen op de openbare markten van 25 maart 2019, dat enkel van toepassing is voor de ambulante activiteiten niet betrokken zijn in officieel georganiseerde markten of deel uitmaken van de ambulante activiteiten buiten de openbare markten, zoals vermeld in afdeling 2 van het gemeentelijk reglement op de ambulante activiteiten van 23 april 2018;

Het gemeentelijk reglement op ambulante activiteiten, goedgekeurd in de gemeenteraad van 23 april 2018.

Feiten context en argumentatie

In de gemeente langs druk bezochte wegen en op strategische verkoopsplaatsen waar de bevolkingstoeloop groot is, wordt meer en meer ambulante handel georganiseerd in kramen, barakken, verplaatsbare handelswagens of gewone voertuigen, enz .. om hun koopwaar aan te bieden;

Tal van ambulante handelaars komen van huis tot huis hun producten aanbieden, het zogenaamde leuren;

Zulke gelegenheden hebben weinig of geen kadastraal inkomen en betalen  bijgevolg hiervoor weinig of geen onroerende voorheffing;

Het betreft hier de uitbatingen van ambulante handel, die geen deel uitmaken van een woning met kadastraal inkomen of van een bestendige handelszaak met eigen infrastructuur, en niet betrokken zijn in officieel georganiseerde markten, kermissen of manifestaties met gemeentelijke toestemming;

Deze uitbatingen benadelen de gevestigde handelaars in hun verkoop en remmen zo in grote mate de tewerkstelling en investeringen;

Deze manier van handel drijven is een oneerlijke concurrentie ten opzichte van de handelaars in vaste gebouwen, die een aanzienlijke belasting betalen als onroerende voorheffing;

Het is de plicht  van de gemeente al het mogelijke te doen om de bestaande handelsuitbatingen en KMO's te handhaven en nieuwe aan te trekken om zich hier te vestigen;

De verkoopsstanden ontsieren urbanistisch de omgeving en betekenen verkeerstechnisch dikwijls een gevaar voor de weggebruikers omdat er vaak geen parkeerruimte is.

De gemeente hoort haar belasting zo evenwichtig mogelijk te spreiden over alle handelaars;

Er zijn geen structurele wijzigingen ten opzichte van het vorig reglement.

Besluit

Het college van burgemeester en schepenen beslist:

Artikel 1

Het college neemt kennis van de rechtsgeldigheidsdatum (31 maart 2019) van het gemeenteraadsbesluit van 31 maart 2014 betreffende contantbelasting op de ambulante handel en besluit het voorliggend modelreglement op de agenda te plaatsen van de eerstvolgende gemeenteraad.