Valkenborgh Joris (2019/00112), Martelarenlaan 28A te 3500 Hasselt tot het aanleggen van een vijver en het gedeeltelijk ophogen van het terrein, op perceel 2de afdeling sectie C nrs. 993d, 994d, gelegen langs de Krijnswijerweg 1.
STEDENBOUWKUNDIG EN MILIEUTECHNISCH advies - verslag GEMEENTELIJKE omgevingsambtenaar
De aanvraag betreft het aanleggen van een vijver en het gedeeltelijk ophogen van het terrein.
De aanvraag werd op 10 mei 2019 ontvangen.
Op 3 juni 2019 werd aanvullende informatie opgevraagd.
Op 7 juni 2019 werd de gevraagde aanvullende informatie aangeleverd.
Op 14 juni 2019 werd de aanvraag ontvankelijk en volledig verklaard.
De vereenvoudigde vergunningsprocedure wordt gevolgd.
Er werd geen openbaar onderzoek gehouden.
HISTORIEK VAN HET EIGENDOM WAAROP DE AANVRAAG BETREKKING HEEFT
Stedenbouwkundig
Op 16 juli 1955 werd een vergunning afgeleverd voor het bouwen van een landhuis. (1955/00092)
Op 27 oktober 1969 werd een vergunning afgeleverd voor het verbouwen van een landhuis. (1969/00186)
Op 4 februari 2014 werd een weigering afgeleverd voor de reconstructie van het dak en de regularisatie van de veranda en de tuinberging. (2013/00205)
Op 9 september 2014 werd een vergunning afgeleverd voor de reconstructie van het dak na brand. (2014/00079)
Deze vergunning werd niet uitgevoerd en is vervallen.
Op 29 januari 2019 werd een omgevingsvergunning met voorwaarden afgeleverd voor het regulariseren en verbouwen van een eengezinswoning. (2018/00199)
Vastgestelde bouwovertredingen op het perceel:
B/2017/0004: Verbouwen van een zonevreemde woning strijdig met de stedenbouwkundige vergunning dd. 09/09/2014. PV dd. 12 december 2017. Er werd een herstelvordering opgelegd waarbij de volgende handelingen werden bevolen:
- Het afbreken van de veranda en houten berging.
- Het verwijderen van de niet vergunde constructies op de percelen 994D en 993D,
- Het verwijderen van de beplanting en omheining op perceel 993D.
- Het verwijderen van de inritten in kassei- en klinkerverharding en herlocalisatie van de inrit;
- Het verwijderen van het pad met een breedte van ca. 1m aangelegd in arduintegels;
- Het aanpassen van de dakkappellen zodat deze conform zijn met de vergunde plannen van 9 september 2014.
De aanvraag werd in april 2019 in overleg gebracht met de gemeentelijke administratie. (VB_2013_19)
De aanvraag houdt rekening met de resultaten van het voorafgaandelijk overleg / advies.
Milieu
Het perceel is niet opgenomen in het Grondeninformatieregister.
OPENBAAR ONDERZOEK
Overeenkomstig artikel 17 van het decreet betreffende de omgevingsvergunning en hoofdstuk 3 Toepassingsgebied van de gewone en vereenvoudigde procedure, artikels 11 t.e.m. 14 van het besluit tot uitvoering van het decreet betreffende de omgevingsvergunning, werd dit dossier volgens de vereenvoudigde procedure behandeld.
ADVIEZEN
Agentschap Natuur en Bos
MILIEUEFFECTENRAPPORTAGE
De aanvraag valt niet onder het toepassingsgebied van bijlage I, II en III van het besluit inzake projectmilieueffectrapportage van 10 december 2004 en latere wijzigingen.
STEDENBOUWKUNDIG ADVIES
TOETSING AAN DE REGELGEVING EN VOORSCHRIFTEN
OVEREENSTEMMING MET BESTEMMINGS- EN STEDENBOUWKUNDIGE VOORSCHRIFTEN
Gewestplan
De aanvraag is volgens het geldende gewestplan Hasselt - Genk, goedgekeurd bij Koninklijk besluit op 3 april 1979, gelegen in natuurgebied.
De natuurgebieden omvatten de bossen, wouden, venen, heiden, moerassen, duinen, rotsen, aanslibbingen, stranden en andere dergelijke gebieden.
In deze gebieden mogen jagers- en vissershutten worden gebouwd voor zover deze niet kunnen gebruikt worden als woonverblijf, al ware het maar tijdelijk.
Gemeentelijk ruimtelijk uitvoeringsplan
Het goed is gelegen binnen de afbakening van het gemeentelijk RUP Zonevreemde woningen dat op 29/11/2017 definitief werd vastgesteld door de gemeenteraad van Zonhoven en verscheen in het Belgisch staatsblad op 25/01/2018.
Er worden drie deelgebieden als een perimeterplan afgebakend met een aanvullend voorschrift dat onder voorwaarden van toepassing is. Dit voorschrift wijzigt het gewestplan niet. De drie perimeterplannen zijn:
- Het vijvergebied
- Het heidegebied
- De voormalige reservatiezone A24
Het voorschrift behorend bij het RUP is slechts onder volgende voorwaarden van toepassing:
- Namelijk enkel voor bestaande, niet – verkrotte, hoofdzakelijk vergunde of vergund geachte gebouwen die een vergunde of vergund geachte residentiële hoofdfunctie, ééngezinswoning of een vergunde of vergund geachte functie als woningbijgebouw hebben.
- Voor de gronden waarop ze staan en de tuinen en de omgeving bij de woningen in ruimtelijk kwetsbaar gebied.
- Er moet voldaan zijn aan de inrichting van de buitenruimte (artikel 4 en 5 van het voorschrift).
- Er moet voldaan zijn aan het systeem van een gescheiden rioleringsstelsel.
De aanvraag is gelegen binnen het perimeterplan Vijver en Heidegebied.
De aanvraag voldoet principieel aan de geldende bestemmingsvoorschriften en de stedenbouwkundige voorschriften van het ruimtelijk uitvoeringsplan.
Stedenbouwkundige verordeningen
Hemelwater
De aanvraag valt niet onder de toepassing van het besluit van de Vlaamse regering van 5 juli 2013 en latere wijzigingen, houdende vaststelling van een gewestelijke stedenbouwkundige verordening inzake hemelwaterputten, infiltratievoorzieningen, buffervoorzieningen en gescheiden lozing van afvalwater en hemelwater gezien de overloop van de vijver infiltreert op eigen terrein.
Watertoets
Het decreet betreffende het integraal waterbeleid van 18 juli 2003, gewijzigd door het wijzigingsdecreet Integraal Waterbeleid van 19 juli 2013,verplicht de vergunningverlenende overheid om de watertoets uit te voeren bij elke aanvraag tot omgevingsvergunning. Dit decreet vormt het juridisch kader voor het integraal waterbeleid in Vlaanderen. Het decreet bevat ook de omzetting van de kaderrichtlijn Water en de Overstromingsrichtlijn.
Het voorliggende project heeft geen enkele invloed op het watersysteem, zodat in alle redelijkheid dient geoordeeld te worden dat er geen schadelijk effect wordt veroorzaakt. Er dienen dan ook geen voorwaarden of maatregelen te worden opgelegd. Het ontwerp is verenigbaar met de doelstellingen van artikel 5 van het decreet integraal waterbeleid.
De aanvraag doorstaat de watertoets.
Archeologienota
Conform het Onroerenderfgoeddecreet de dato 12 juli 2013 en latere wijzigingen is geen bekrachtigde archeologienota verplicht voor de aanvraag.
Indien men niet verplicht is tot het opstellen van een archeologienota en tijdens de uitvoering komen er toch archeologische sporen of vondsten aan het licht, dan dient de bouwheer dit te melden binnen de 3 dagen aan het agentschap Onroerend Erfgoed (www.onroerenderfgoed.be).
Overige regelgeving
Natuurdecreet
De aanvraag ligt binnen een natuurgebied en een habitatrichtlijngebied.
Op 12 juli 2019 verleende het Agentschap Natuur en Bos een voorwaardelijk gunstig advies, nl.:
“Rechtsgrond
Dit advies wordt verstrekt door het Agentschap voor Natuur en Bos op basis van de volgende wetgeving:
Artikel 35. § 4 Besluit van de Vlaamse Regering tot uitvoering van het decreet van 25 april 2014 betreffende de omgevingsvergunning
Bespreking aanvraag
De aanvraag heeft betrekking tot de tuinaanleg met natuurvijver van een bestaande woning dat in natuurgebied ligt. De natuurvijver is ingepland in de daarvoor voorziene 10 m tuinstrook, met name max. 9 m van de woning. Er worden inheemse planten- en vissoorten in geplaatst om de natuurlijke habitat zo veel mogelijk te vergroten.
Conclusie
Op basis van bovenstaande uiteenzetting verleent het Agentschap voor Natuur en Bos een gunstig advies
Volgende voorwaarden moeten letterlijk in de vergunningsvoorwaarden van de omgevingsvergunning worden opgenomen:
- Iedere vorm van tuininrichting en buitenaanleg dient plaats te vinden conform het RUP Zonevreemd wonen. Dit wil zeggen dat er enkel vertuining (gazon, aanplanten exoten, verlichting, verhardingen, zwembad en andere constructies) kunnen plaatsvinden in deze 10 meter zone conform de geldende wetgeving van de gemeente Zonhoven. Een eventuele omheining kan enkel op de rand van deze 10 meter zone geplaatst te worden.
Buiten deze 10 meter zone dienen alle verhardingen en constructies verwijderd te worden (dus ook de oprit en de omheining). In deze zone dient er een beheer gevoerd te worden in functie van natuurbehoud.
- Heischraalgrasland is de doelstelling voor het omliggende grasland. Wat betreft beheer van het grasland dient er het volgende maairegime gehanteerd te worden: eerste maaibeurt met afvoer van maaisel dient plaats te vinden na 1 juli, de tweede maaibeurt met afvoer van maaisel dient plaats te vinden na 1 oktober. Begrazing is niet aangewezen aangezien deze beheermaatregel niet gaat leiden tot heischraalgrasland.
- Een omheining rondom het weiland is niet wenselijk aangezien deze een barrière vormt voor de aanwezige fauna.
- In de houtkanten rondom het grasland kunnen de exoten verwijderd worden. Hiervoor is er wel een aparte omgevingsvergunning (natuurvergunning) nodig.
- Er dient ten alle tijden er op gelet worden dat er de mogelijkheid is dat fauna uit de vijver kan ontsnappen.
- De werfzone mag zich niet buiten de 10 meter zone rond de woning situeren.
Alle van nature in het wild levende vogelsoorten en vleermuizen zijn beschermd in het Vlaamse Gewest op basis van het Soortenbesluit van 15 mei 2009. De bescherming heeft onder meer betrekking op de nesten van de vogels en de rustplaatsen van de vleermuizen (artikel 14 van het Soortenbesluit). Bij het uitvoeren van werken in de periode 1 maart tot 1 juli moet men er zich - vóór men overgaat tot de uitvoering van de werken
van vergewissen dat geen nesten van beschermde vogelsoorten beschadigd, weggenomen of vernield worden. Bij het werken aan (oude) constructies of het kappen van bomen dient men na te gaan vóór de werken beginnen of vleermuizen aanwezig zijn. Als nesten of rustplaatsen in het gedrang komen, dient u contact op te nemen met het Agentschap voor Natuur en Bos via het algemeen e-mail adres van AVES”
Grondverzet
Uit het ingediende dossier blijkt niet dat een grondverzet (met aanvoer/ afvoer) van meer dan 250m³ zal plaatsvinden. De regelgeving omtrent grondverzet is niet van toepassing.
De aanvraag is verenigbaar met de regelgeving.
Toetsing AAN DE goede ruimtelijke ordening
OMSCHRIJVING VAN DE FEITELIJKE AANVRAAG
De aanvraag omvat het aanleggen van een vijver en het gedeeltelijk ophogen van het terrein.
De natuurvijver wordt aangelegd binnen een straal van 10m rond de woning, conform de voorschriften van het RUP Zonevreemde woningen.
De vijver heeft een breedte van 15,14m en een lengte van 4m (= 60,56m²).
De diepte van de vijver varieert tussen 0,40m en 1,20m.
In de vijver worden inheemse planten- en vissoorten voorzien om de natuurlijke habitat zo veel mogelijk te vergroten.
Aan de rechter- en achterzijde van de vijver wordt een grindaanleg voorzien met een breedte van 0,50m. Dit in functie van de overloop van de vijver.
De wijziging van het terreinniveau omvat het gedeeltelijk ophogen van het terrein zodat de bovenkant van de vijver op hetzelfde niveau gelegen is als het nieuwe terras aan de achterzijde van de woning.
BEOORDELING VAN DE GOEDE RUIMTELIJKE ORDENING
De aanvraag is gelegen in een gebied dat geordend wordt door een ruimtelijk uitvoeringsplan waarvan niet afgeweken wordt. Dit plan of die vergunning bevat voorschriften die de aandachtspunten, vermeld in art. 4.3.1 §2 1° van de Vlaamse Codex ruimtelijke ordening, behandelen en regelen. Deze voorschriften worden geacht de criteria van de goede ruimtelijke ordening weer te geven.
De aanvraag voldoet aan de criteria voor de goede ruimtelijke ordening in de onmiddellijke en ruime omgeving.
BESPREKING ADVIEZEN
Op 12 juli 2019 verleende het Agentschap Natuur en Bos een voorwaardelijk gunstig advies, zoals hoger aangehaald.
De gemeentelijke omgevingsambtenaren sluiten zich aan bij dit advies.
De voorwaarden en opmerkingen gesteld in het advies zoals hoger aangehaald, dienen gevolgd te worden.
Uit de bovenstaande motivering blijkt dat de schaal en het uiterlijk van de voorgenomen werken op voldoende wijze ruimtelijk inpassen in de onmiddellijke en ruime omgeving. De aanvraag is verenigbaar met de goede ruimtelijke ordening.
MILIEUTECHNISCH ADVIES
Niet van toepassing.
GECOÖRDINEERD EINDADVIES
Uit bovenstaande motiveringen blijkt dat de aanvraag in overeenstemming is met de wettelijke bepalingen inzake milieu en ruimtelijke ordening, en dat het voorgestelde ontwerp verenigbaar is met de goede plaatselijke ordening en met zijn onmiddellijke omgeving.
De aanvraag is vatbaar voor een omgevingsvergunning mits het opleggen van voorwaarden.
Bijgevolg adviseert de omgevingsambtenaar het dossier voorwaardelijk gunstig voor het aanleggen van een vijver en het gedeeltelijk ophogen van het terrein, zoals voorgesteld op de voorgebrachte plannen die als bijlage aan de aanvraag zijn verbonden en voor zover rekening gehouden wordt met de gestelde voorwaarden:
1) Er dient voldaan te worden aan de voorwaarden en opmerkingen, gesteld in het advies van het agentschap Natuur en bos, nl:
- Iedere vorm van tuininrichting en buitenaanleg dient plaats te vinden conform het RUP Zonevreemd wonen. Dit wil zeggen dat er enkel vertuining (gazon, aanplanten exoten, verlichting, verhardingen, zwembad en andere constructies) kunnen plaatsvinden in deze 10 meter zone conform de geldende wetgeving van de gemeente Zonhoven. Een eventuele omheining kan enkel op de rand van deze 10 meter zone geplaatst te worden.
Buiten deze 10 meter zone dienen alle verhardingen en constructies verwijderd te worden (dus ook de oprit en de omheining). In deze zone dient er een beheer gevoerd te worden in functie van natuurbehoud.
- Heischraalgrasland is de doelstelling voor het omliggende grasland. Wat betreft beheer van het grasland dient er het volgende maairegime gehanteerd te worden: eerste maaibeurt met afvoer van maaisel dient plaats te vinden na 1 juli, de tweede maaibeurt met afvoer van maaisel dient plaats te vinden na 1 oktober. Begrazing is niet aangewezen aangezien deze beheermaatregel niet gaat leiden tot heischraalgrasland.
- Een omheining rondom het weiland is niet wenselijk aangezien deze een barrière vormt voor de aanwezige fauna.
- In de houtkanten rondom het grasland kunnen de exoten verwijderd worden. Hiervoor is er wel een aparte omgevingsvergunning (natuurvergunning) nodig.
- Er dient ten alle tijden er op gelet worden dat er de mogelijkheid is dat fauna uit de vijver kan ontsnappen.
- De werfzone mag zich niet buiten de 10 meter zone rond de woning situeren.
- Alle van nature in het wild levende vogelsoorten en vleermuizen zijn beschermd in het Vlaamse Gewest op basis van het Soortenbesluit van 15 mei 2009. De bescherming heeft onder meer betrekking op de nesten van de vogels en de rustplaatsen van de vleermuizen (artikel 14 van het Soortenbesluit). Bij het uitvoeren van werken in de periode 1 maart tot 1 juli moet men er zich - vóór men overgaat tot de uitvoering van de werken
van vergewissen dat geen nesten van beschermde vogelsoorten beschadigd, weggenomen of vernield worden. Bij het werken aan (oude) constructies of het kappen van bomen dient men na te gaan vóór de werken beginnen of vleermuizen aanwezig zijn. Als nesten of rustplaatsen in het gedrang komen, dient u contact op te nemen met het Agentschap voor Natuur en Bos via het algemeen e-mail adres van AVES”
2) Indien vastgesteld wordt bij het grondverzet dat de bodem van het perceel zou verontreinigd zijn, dient voldaan te worden aan het Vlaams Reglement betreffende de bodemsanering (VLAREBO, Vl. Reg. 13 oktober 2001 en zijn latere wijzigingen);
3) De bouwheer dient, conform artikel 8 van het decreet op het archeologisch patrimonium de dato 30 juni 1993 en zijn latere wijzigingen, elk roerend of onroerend goed dat hij vindt of vermoedt gevonden te hebben, te melden binnen de 3 dagen aan het Onroerend Erfgoed Limburg, Hendrik Van Veldekegebouw, Koningin Astridlaan 50 bus 1 te 3500 Hasselt (www.onroerenderfgoed.be/een-vondst-melden);
4) Indien vastgesteld wordt dat er straatmeubilair en/of laanbeplanting aanwezig is die dienen verplaatst en/of verwijderd te worden voor de uitvoering van deze vergunning, of bij de ingebruikname van het project, en er voor aanvang van de werken geen toelating bekomen wordt tot het verplaatsen van het straatmeubilair, moet er een gewijzigde vergunning aangevraagd worden die rekening houdt met het straatmeubilair en/of de laanbeplanting;
5) De aanvrager is ertoe verplicht het college van burgemeester en schepenen op de hoogte te brengen van het begin van de stedenbouwkundige handelingen en/of exploitatie(s);
Deze vergunning stelt de aanvrager niet vrij van het aanvragen en verkrijgen van eventuele andere vergunningen of machtigingen.
Het college van burgemeester en schepenen volgt integraal het advies van de gemeentelijk omgevingsambtenaar tot het afleveren van een omgevingsvergunning met voorwaarden aan de aanvrager.
Het college van burgemeester en schepenen beslist tot het afleveren van een omgevingsvergunning met voorwaarden aan de aanvrager.
De omgevingsvergunning omvat het aanleggen van een vijver en het gedeeltelijk ophogen van het terrein, zoals voorgesteld op de voorgebrachte plannen die als bijlage aan deze omgevingsaanvraag zijn verbonden en voor zover rekening gehouden wordt met de gestelde voorwaarden.
De omgevingsvergunning wordt aldus afgegeven onder volgende voorwaarden:
1) Er dient voldaan te worden aan de voorwaarden en opmerkingen, gesteld in het advies van het agentschap Natuur en bos, nl:
- Iedere vorm van tuininrichting en buitenaanleg dient plaats te vinden conform het RUP Zonevreemd wonen. Dit wil zeggen dat er enkel vertuining (gazon, aanplanten exoten, verlichting, verhardingen, zwembad en andere constructies) kunnen plaatsvinden in deze 10 meter zone conform de geldende wetgeving van de gemeente Zonhoven. Een eventuele omheining kan enkel op de rand van deze 10 meter zone geplaatst te worden.
Buiten deze 10 meter zone dienen alle verhardingen en constructies verwijderd te worden (dus ook de oprit en de omheining). In deze zone dient er een beheer gevoerd te worden in functie van natuurbehoud.
- Heischraalgrasland is de doelstelling voor het omliggende grasland. Wat betreft beheer van het grasland dient er het volgende maairegime gehanteerd te worden: eerste maaibeurt met afvoer van maaisel dient plaats te vinden na 1 juli, de tweede maaibeurt met afvoer van maaisel dient plaats te vinden na 1 oktober. Begrazing is niet aangewezen aangezien deze beheermaatregel niet gaat leiden tot heischraalgrasland.
- Een omheining rondom het weiland is niet wenselijk aangezien deze een barrière vormt voor de aanwezige fauna.
- In de houtkanten rondom het grasland kunnen de exoten verwijderd worden. Hiervoor is er wel een aparte omgevingsvergunning (natuurvergunning) nodig.
- Er dient ten alle tijden er op gelet worden dat er de mogelijkheid is dat fauna uit de vijver kan ontsnappen.
- De werfzone mag zich niet buiten de 10 meter zone rond de woning situeren.
- Alle van nature in het wild levende vogelsoorten en vleermuizen zijn beschermd in het Vlaamse Gewest op basis van het Soortenbesluit van 15 mei 2009. De bescherming heeft onder meer betrekking op de nesten van de vogels en de rustplaatsen van de vleermuizen (artikel 14 van het Soortenbesluit). Bij het uitvoeren van werken in de periode 1 maart tot 1 juli moet men er zich - vóór men overgaat tot de uitvoering van de werken
van vergewissen dat geen nesten van beschermde vogelsoorten beschadigd, weggenomen of vernield worden. Bij het werken aan (oude) constructies of het kappen van bomen dient men na te gaan vóór de werken beginnen of vleermuizen aanwezig zijn. Als nesten of rustplaatsen in het gedrang komen, dient u contact op te nemen met het Agentschap voor Natuur en Bos via het algemeen e-mail adres van AVES”
2) Indien vastgesteld wordt bij het grondverzet dat de bodem van het perceel zou verontreinigd zijn, dient voldaan te worden aan het Vlaams Reglement betreffende de bodemsanering (VLAREBO, Vl. Reg. 13 oktober 2001 en zijn latere wijzigingen);
3) De bouwheer dient, conform artikel 8 van het decreet op het archeologisch patrimonium de dato 30 juni 1993 en zijn latere wijzigingen, elk roerend of onroerend goed dat hij vindt of vermoedt gevonden te hebben, te melden binnen de 3 dagen aan het Onroerend Erfgoed Limburg, Hendrik Van Veldekegebouw, Koningin Astridlaan 50 bus 1 te 3500 Hasselt (www.onroerenderfgoed.be/een-vondst-melden);
4) Indien vastgesteld wordt dat er straatmeubilair en/of laanbeplanting aanwezig is die dienen verplaatst en/of verwijderd te worden voor de uitvoering van deze vergunning, of bij de ingebruikname van het project, en er voor aanvang van de werken geen toelating bekomen wordt tot het verplaatsen van het straatmeubilair, moet er een gewijzigde vergunning aangevraagd worden die rekening houdt met het straatmeubilair en/of de laanbeplanting;
5) De aanvrager is ertoe verplicht het college van burgemeester en schepenen op de hoogte te brengen van het begin van de stedenbouwkundige handelingen en/of exploitatie(s);
Deze vergunning stelt de aanvrager niet vrij van het aanvragen en verkrijgen van eventuele andere vergunningen of machtigingen.