Terug
Gepubliceerd op 08/04/2020

2020_CBS_00429 - Complex project Noord-Zuidverbinding Limburg - formeel advies AON - Goedkeuring

College van burgemeester en schepenen
di 31/03/2020 - 13:30 Gemeentehuis
Goedgekeurd

Samenstelling

Aanwezig

Johny De Raeve, Bram De Raeve, Frederick Vandeput, Johan Vanhoyland, Frank Vandebeek, Johan Schraepen, Ria Hendrikx, Bart Telen

Secretaris

Bart Telen
2020_CBS_00429 - Complex project Noord-Zuidverbinding Limburg - formeel advies AON - Goedkeuring 2020_CBS_00429 - Complex project Noord-Zuidverbinding Limburg - formeel advies AON - Goedkeuring

Motivering

Feiten context en argumentatie

Met de startbeslissing van 16 maart 2018 zette de Vlaamse Regering het licht op groen voor het planningsproces voor de Noord-Zuidverbinding Limburg (NZL) volgens de procedure van Complexe Projecten. Voor dit planningsproces wordt de nieuwe procesaanpak toegepast (voor meer info zie www.complexeprojecten.be).

Het Complex Project NZL heeft als doel te komen tot een duurzame en geïntegreerde mobiliteitsoplossing ten voordele van de hele regio en het betrokken gebied in het bijzonder. Naast het oplossen van de verkeers- en bereikbaarheids-problematiek gaat het ook om het verbeteren van de leefbaarheid en kwaliteit voor mens, natuur, landschap, landbouw en economie. Dan doen we door een geïntegreerde aanpak en het voeren van een intensief participatietraject. 

Momenteel bevindt dit proces zich in de onderzoeksfase. In deze fase wordt een alternatievenonderzoeksnota (AON) opgemaakt. De verschillende te onderzoeken alternatieven en de onderzoeksmethodiek, waaronder het onderzoek naar de effecten op milieu, worden hierin beschreven. De nota bepaalt de reikwijdte en het detailniveau van het geïntegreerd onderzoek.

Het college van burgemeester en schepenen neemt kennis van de AON NZL, die ter inzage ligt sedert 16.03.2020. De adviesperiode voor de gemeente loopt tot 15.04.2020. Inwoners kunnen opmerkingen formuleren tot 30.04.2020.

De AON omschrijft wat als onderdeel van het Complex Project NZL beschouwd wordt en wat niet.

De NZL verbindt Hasselt over Pelt met Eindhoven. De huidige wegverbinding kan het stijgende aantal wagens en vrachtwagens niet opvangen en dat is nefast voor de mobiliteit en de bereikbaarheid van de regio.

Deelzone C, waar de gemeente Zonhoven in valt, wordt als volgt omschreven: "In het gebied ten zuiden van de E314 ligt de focus op Spartacus Lijn 3. Hoe en waar kan een performant openbaar vervoersysteem tussen Hasselt en Pelt worden ingepast? De opgaves in deze zone zijn afhankelijk van het type openbaar vervoer, maar ook van het gekozen trace."

NOTA DIENST

Volgende algemene bemerkingen/suggesties worden gemaakt:

  • Jammer dat de ambities zoals omschreven in de nota, enkel worden toegepast in deelzone B. Deelzones A en C moeten meer worden betrokken bij de ambities waar dit mogelijk en toepasselijk is. De ambities werden initieel geformuleerd voor het volledige project en niet enkel voor deelzone B.
  • De afbakening van deelzone C is niet duidelijk. De omschrijving en enkele kaarten geven aan dat deze zone start aan de E314. In de kaarten toegevoegd bij de toelichting over het MER start deelzone C heel wat lager namelijk net boven de Genkerbaan. Hierdoor valt bijvoorbeeld KMO-zone De Waerde binnen deelzone B net als de aansluiting van de Houthalenseweg met de N74. Maar over beiden wordt niet gesproken.
  • We blijven de indruk hebben dat enkel voor deelzone B oplossingsgericht wordt gewerkt en dat de ambities enkel voor deze deelzone worden bekeken.
  • Vanuit de gemeente is herhaaldelijk aangedrongen op het feit dat de focus verder moet liggen dan Houthalen-Helchteren, zonder enige afbreuk te willen doen aan de problematische toestand aldaar. Zo is gevraagd om bijkomende verkeerstellingen te doen, de toeristische trekpleisters in andere gemeenten ook mee op te nemen en voor Zonhoven de KMO-zone De Waerde en de bedrijven Limelco en Konings. Waarom deze niet meegenomen zijn, is helaas niet gecommuniceerd.
  • We vragen minstens duidelijkheid over de impact van de alternatieven en het 0+ alternatief op de omliggende gemeenten/regio.
  • We mogen ons zeker niet enkel focussen op deelzone B (Houthalen-Helchteren), maar moeten ook de deelzones A en C betrekken in het kader van mobiliteit en bereikbaarheid en mogelijke opportuniteiten die zich door het gekozen alternatief voordoen. Niet enkel een goed openbaar vervoersysteem is belangrijk voor deelzone C.
  • In het verleden hebben we ook aangegeven dat er een streefbeeldstudie bestaat voor de N74 grondgebied Zonhoven. Nu is er de urgente vraag of dit streefbeeld nog enige waarde heeft voor de toekomstige ontwikkelingen?

Specifieke opmerkingen/suggesties bij de geformuleerde alternatieven en het geïntegreerde onderzoek met bijhorende bijlage:

Op de detailkaarten staat de fietssnelweg F74 foutief ingetekend voor het grondgebied Zonhoven. De F74 is gelegen aan de westzijde van de L15 en niet de oostzijde.

Alternatief 1:

BWSTN 1:

01.21: inpassing haltes in functie van lokale verknoping.

Wat met conflict halte Zonhoven met de N72?

BWSTN 2:

02.20: aansluiting N74 op E314 ook rekening houden met erfgoed, landbouw en natuur.

02.30: hoe realiseren we de aansluiting van de N715 (Houthalenseweg) op de N74 grondgebied Zonhoven en dit in relatie met E314?

Alternatief 2:

BWSTN 1:

01.10: ruimtelijke inpassing spoorinfrastructuur

Ook toepasselijk voor deelzone C

01.20: ruimtelijke inpassing tramhaltes en P&R’s

Ook toepasselijk voor deelzone C

01.30: hefboom ruimtelijke dynamieken

Ook toepasselijk voor deelzone C (LIP Roosterbeek, Kiewit, …)

BWSTN 2:

02.10: ruimtelijke inpassing van tracé en dwarsprofiel

Ook toepasselijk voor deelzone C

02.20: aansluiting N74 op E314 ook rekening houden met erfgoed, landbouw en natuur.

02.30: Aansluiting N74 op onderliggend netwerk

Zowel N715 (Houthalenseweg), N72 (Vertakking), … in Zonhoven
Wordt er nog rekening gehouden met de streefbeeldstudie N74 van enkele jaren geleden?

Alternatief 3: Zie alternatief 2

Alternatief 4: Zie alternatief 2

Alternatief 5:

Zie alternatief 2 en onderstaande bijkomende opmerking

BWSTN 2:

02.30: Aansluiting N74 op onderliggend netwerk

Hoe wordt de nieuwe aansluiting met Centrum Zuid georganiseerd in functie van een betere aansluiting op de E314 rekening houden met erfgoed, landbouw en natuur

Alternatief 6: Zie alternatief 2

Alternatief 7:

BWSTN 1:

01.21: inpassing haltes in functie van lokale verknoping.

Wat met conflict met de N72?

Bijkomend mogelijk alternatief te onderzoeken:

  • Trein via L18 – sneltram langs N74 – tunnels Houthalen-Helchteren (alternatief 3)
    • Snelle verbinding via trein met haltes over langere afstand
    • Sneltram (15’-frequentie) met meer haltes in de dorpskernen

0+ alternatief:

01.40: Hoe en waar worden bushaltes ingepast in functie van een optimale verknoping met het lokale netwerk?

            Ook toepasselijk voor deelzone C

02.10: Wat is de impact van de verbreding F74

            Ook toepasselijk voor deelzone C

02.20: Welke aansluitingen met het omliggend fietsnetwerk zijn relevant en haalbaar.

            Ook toepasselijk voor deelzone C

Fase 1: verfijning van de alternatieven:

Mobiliteitsonderzoek:

  • De hoeveelheid verkeer per segment op een bepaald uur, is een belangrijke output van de doorrekeningen van het model. Deze output geeft de mogelijkheid om te bepalen waar er capaciteitsproblemen te verwachten zijn en hoe het verkeer verdrongen wordt naar andere plaatsen in het netwerk of net extra verkeer aantrekt.
    => Hieraan gekoppeld de vraag om het aantal meetpunten in de gemeente te verhogen. Bij de bestaande tellingen werd er slechts één meetpunt ingericht tussen de E314 en de N715 (Houthalenseweg). Een volgend meetpunt bevond zich pas ter hoogte van Corda. Wetende dat in Zonhoven de aansluitingen van de N74 met enerzijds de N715 (Heuveneindeweg) en anderzijds de N72 (Beringersteenweg) op piekmomenten nu al voor conflicten zorgen, is het belangrijk dat er extra meetpunten op deze locaties worden voorzien. Hierdoor kan de aan- en afvoer van verkeer naar N715 en N72 ook in kaart worden gebracht.
    => Kiewit kent eenzelfde problematiek op het vlak van verkeersveiligheid en -leefbaarheid als de centra van Houthalen en Helchteren. Zonhoven vreest dat, wanneer de verkeersknopen in Houthalen en Helchteren ontward zijn, het verkeer tijdens de ochtendspits sneller zal doorstromen richting Hasselt om vanaf Kiewit opnieuw stil te staan. Dit zou nefaste gevolgen hebben voor Zonhoven, want de verkeersknoop verplaatst zich dan gewoon. I.k.v. verkeersmodellering en de doorrekening naar capaciteitsproblemen op het ondergeschikte lokale verkeersnetwerk, wordt dit als belangrijk gezien om te bewaken. Het inzetten op multimodale vervoersvormen wordt reeds als cruciaal gezien!
  • Naast onderzoek naar de algemene prestaties van het openbaar vervoernet in de regio, wordt eveneens het potentieel onderzocht op regionale en (voor)stedelijke schaal. Hierbij wordt nader onderzocht welke de reizigerspotentie en aantrekkingskracht is van een snelle regionale verbinding tussen Hasselt en Pelt, en hoe groot de (voor)stedelijke verplaatsingsbehoefte is tussen Houthalen-Helchteren en Hasselt. 
    =>  Er wordt gesproken over een (voor)stedelijk verplaatsingsbehoefte. Wat wordt bedoeld met (voor)stedelijk? Als we dit ruimtelijk bekijken is de (voor)stedelijke zone afgebakend tot en met Zonhoven en valt Houthalen-Helchteren hier buiten. Zie de afbakeningslijn v/h regionaalstedelijk gebied Hasselt-Genk (gewestelijk RUP = juridisch kader). Het verwondert ons dan ook dat er gesproken wordt over een "(voor)stedelijke verplaatsingsbehoefte" vanuit Houthalen en Helchteren naar Hasselt. Dit project heeft toch tot doel te komen tot een duurzame en geïntegreerde mobiliteitsoplossing voor de ganse regio en niet enkel voor het geselecteerde studiegebied. We zijn dan ook van mening dat de focus verder moet liggen dan Houthalen-Helchteren alleen, zonder enige afbreuk te willen doen aan de problematische toestand aldaar. We zien dat steeds meer mensen in Zonhoven komen wonen, om de simpele reden dat het hier goed wonen is. Wij zijn een groene gemeente, centraal gelegen nabije diverse voorzieningen (Hasselt en Genk) met een goede bereikbaarheid (E314, N74, N72) en relatief weinig structurele file. Zonhoven zal de volgende jaren inzetten op een verdere verdichting van het centrum en wil zich profileren als groene stadsrand van de bipool Hasselt-Genk. Het heeft daartoe alle troeven in huis. Belangrijke delen van Zonhoven zijn geselecteerd als regionaal stedelijk gebied. De (voor)stedelijke verplaatsingsbehoefte is daarom nog meer voor Zonhoven van toepassing dan voor Houthalen-Helchteren.
  • Elk alternatief waar de Grote baan onderbroken wordt en alternatief 5 in het bijzonder hebben potentieel gevolgen voor de mobiliteit in Zonhoven. Door het onderbreken van de Grote Baan en bij de keuze voor alternatief 5 is het ontstaan van sluiproutes realistisch. Hierdoor ontstaat extra verkeer op plaatsen waar dit niet wenselijk is. Zonhoven kent momenteel amper structurele files, maar er zit behoorlijk wat sluikverkeer op de belangrijke lokale gemeentelijke wegen. Er moet over worden gewaakt dat de problemen van deelzone B zich niet naar de overige deelzones verplaatsen.
  • Wordt het onderzoek openbaar vervoer voor elke deelzone uitgevoerd? Dit is wel een vereiste.

MER (bijlagen)

  • Wat de (overige) ruimtelijke milieueffecten betreft (bodem, water, biodiversiteit, bouwkundig erfgoed & archeologie en mens-ruimtelijke aspecten), moet een onderscheid gemaakt worden tot de fysieke impact van het Complex Project NZL (footprint en directe omgeving) en haar effecten op netwerkniveau (hydrografisch netwerk, ecologische en landschappelijke verbindingen/barrières, versnippering van woonkernen of landbouwgebied,… Voor de netwerkeffecten wordt zone B indicatief als studiegebied genomen. Aangezien de verschillende alternatieven in zones A en C enkel gebruik maken van bestaande lijninfrastructuren/corridors kan het studiegebied zich in deze zones op ruimtelijk vlak beperkten tot de tracés en hun directe omgeving.
    => De ruimtelijke impact voor deelzone C is eerder beperkt omdat men binnen de bestaande contouren blijft van reeds ontwikkelde infrastructuur (spoorlijn of N74). Enkel de eventuele doorsteek tussen spoorlijn en N74 (Pukkelpop, Corda) zal zeker een onderdeel moeten uitmaken van onderzoek.
  • Centrum-project Houthalen: het centrum van Houthalen-Helchteren zal er in de toekomst anders uitzien. De zone van het John Cuppensplein en deze aan Grootveld worden ontwikkeld tot een sterk binnenstedelijk project. Het masterplan dat hiervoor werd opgemaakt heeft als doelstelling de ruimtelijke ambitie, het economisch functioneren en de leefbaarheid van het centrum te vergroten. Het project wordt bepaald als een samenspel van verschillende thema's: stadsontwikkeling op een strategisch gelegen terrein, ontwerp van de bebouwde omgeving en het openbaar domein, herdenken van de leefbaarheid en veiligheid van de infrastructuur. Het zal bestaan uit een mix van commerciële activiteiten en wonen, en wordt gestructureerd door een grote publieke ruimte die de verschillende projectdelen met elkaar verbindt.
    => ook Zonhoven ambieert dit voor de centrumzone net ten oosten van de N74 en dus grenzend aan de Noord-Zuid.
  • Wat als er wijzigingen gebeuren aan het op- en afrittencomplex van de E314? Wordt deelzone C dan wel meegenomen in de ruimtelijke milieueffecten? Ten zuiden van de E314 ligt namelijk een belangrijk archeologisch en kwetsbaar gebied. Ook voor andere milieueffecten ten gevolgen van wijzigingen aan en om de E314 lijkt het interessant om deelzone C mee te nemen.

Discipline lucht

  • Kunnen de resultaten van de curieuzeneuzen campagne van het VITO en de universiteit van Antwerpen gebruikt worden?

Besluit

Het college van burgemeester en schepenen beslist:

Artikel 1

Het college van burgemeester en schepenen neemt kennis van de nota van de dienst en gaat akkoord met de geformuleerde opmerkingen en suggesties.

Artikel 2

Het college beslist om deze opmerkingen en suggesties over te maken aan de werkvennootschap.