Terug
Gepubliceerd op 31/03/2020

2020_CBS_00380 - Attest artikel 4.2.16 - verkaveling 1260.B.874.2 - Vinkenhof fase II - Goedkeuring

College van burgemeester en schepenen
di 24/03/2020 - 13:30 Gemeentehuis
Goedgekeurd

Samenstelling

Aanwezig

Johny De Raeve, Bram De Raeve, Frederick Vandeput, Johan Vanhoyland, Frank Vandebeek, Johan Schraepen, Ria Hendrikx, Bart Telen

Secretaris

Bart Telen
2020_CBS_00380 - Attest artikel 4.2.16 - verkaveling 1260.B.874.2 - Vinkenhof fase II - Goedkeuring 2020_CBS_00380 - Attest artikel 4.2.16 - verkaveling 1260.B.874.2 - Vinkenhof fase II - Goedkeuring

Motivering

Feiten context en argumentatie

Artikel 4.2.16§1 en §2 van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening omschrijft: 

§ 1. Een kavel uit een vergunde verkaveling of verkavelingsfase kan enkel verkocht worden, verhuurd worden voor méér dan negen jaar, of bezwaard worden met een recht van erfpacht of opstal, nadat de verkavelingsakte door de instrumenterende ambtenaar is verleden.
§ 2. De verkavelingsakte wordt eerst verleden na overlegging van een attest van het college van burgemeester en schepenen, waaruit blijkt dat, voor de volledige verkaveling of voor de betrokken verkavelingsfase, het geheel van de lasten uitgevoerd is of gewaarborgd is door:
1° de storting van een afdoende financiële waarborg;
2° een door een bankinstelling op onherroepelijke wijze verleende afdoende financiële waarborg.
Het attest, vermeld in het eerste lid, kan worden afgeleverd indien de vergunninghouder deels zelf de lasten heeft uitgevoerd, deels de nodige waarborgen heeft gegeven.

Besluit

Het college van burgemeester en schepenen beslist:

Artikel 1

Het college van burgemeester en schepenen beslist het attest conform artikel 4.2.16§2 van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening af te leveren aan notariskantoor Paul Boesmans / Ronny Vantilt, met volgende opmerkingen:

Er werd voldaan aan de volgende voorwaarden:
1. Loten 21 en 22 worden samengevoegd tot één lot voor open bebouwing met de volgende voorschriften:
         1. De voorschriften van het goedgekeurde BPA worden overgenomen als verkavelingsvoorschriften met de volgende verfijning:
         2. Inplanting afstand tot de linkerperceelsgrens: 3,75m
         3. Afstand tot de rechterperceelsgrens: 10m
         4. Bouwbreedte: 9,72m
         5. Bouwdiepte gelijkvloers: 17m
         6. Bouwdiepte verdieping : 12m
     Een nieuw inplantingsplan wordt hiervoor ingediend onmiddellijk na het afleveren van de vergunning.
2. De verspreide bomen op het driehoekig groen plein, zoals aangeduid op het verkavelingsplan, worden niet aangeplant. Er dient wel een groenscherm aangeplant te worden tegen de grens met de achterliggende woning gelegen op perceel 315n.  Het groenscherm komt op minimum 2 meter van de perceelszijde en bestaat uit ondergroei (spork, hazelaar, lijsterbes, vlier). Indien de struiken afsterven, wordt de heraanplant herhaald.  De aanplant mag niet hoger zijn dan drie meter conform de voorwaarden gesteld in het voorwaardelijk advies van Infrax onder paragraaf beplantingen in de nabijheid van bovengrondse hoogspanningslijnen. De verkavelaar dient aan deze voorwaarde te voldoen vóórdat de overdracht van de wegenis plaatsvindt.
3. Tegen het groenscherm, dat gesitueerd is tegen de perceelsgrens van 315n, worden 3 zitbanken geplaatst type Divano met onderstel in kleur Noir Sablé 100 van Velopa. De overige voorgestelde bomen worden niet aangeplant zodat het pleintje verder dienst kan doen als speelzone. De verkavelaar dient aan deze voorwaarde te voldoen vóórdat de overdracht van de wegenis plaatsvindt.
4. In geval van realisatie bescheiden woonaanbod in natura:
             -   De loten 15,16,17,18,19,20 en de samen te voegen loten 21 en 22 tot één lot vallen onder het  bescheiden woonaanbod en dienen te voldoen aan de voorwaarden uit het grond- en pandendecreet van 27 maart 2009 BS 15 mei 2009;
             -   Richtlijnen rond de aankoopoptie, indien de bescheiden last niet binnen de 8 jaar effectief verwezenlijkt werd.  Zie ook grond en pandenbeleid 4.2.5.
5. Alle voorwaardelijke adviezen overnemen:
             -   Te voldoen aan de voorwaarden gesteld door de interne diensten van de gemeente Zonhoven te weten de dienst mobiliteit, dienst uitbestede werken, dienst contractmanagement interne zaken.
6.  Te voldoen aan de eisen voortkomend uit de archeologienota bijgevoegd in bijlage.
13.  De paalstenen aan de rooilijn dienen geplaatst te worden.
14.  De gemeenteraad dient akkoord te gaan met de gratis grondafstand aan de gemeente.
15.  De akte van deze gratis grondafstand aan de gemeente en de definitieve aanvaarding wegtracé dient beschreven te zijn alvorens een lot kan vervreemd worden of een stedenbouwkundige vergunning voor het bebouwen van een lot kan verkregen worden.
16.  Bij de effectieve gratis grondafstand van lot W, dient een aangevuld opmetingsplan van de landmeter toegevoegd te worden waarop het af te staan perceelsdeel wordt weergegeven met al zijn afmetingen en zijn oppervlakte (met XY-coördinaten), alsook de benaming van dit lot.
17.  Er dient voldaan te worden aan het gemeentelijk reglement op de verkavelingen van 13-11-1980.  Vooraleer bouwgrond te verkopen, het wegtracé en het plein op lot W volledig op kosten van de verkavelaar uit te voeren, dit samen met alle nutsleidingen (gescheiden riolen, water, telefoon, gas, elektriciteit, kabel-TV, openbare verlichting, verkeerssignalisatie, …) en dit onder toezicht van de gemeente Zonhoven.
18.  Er dient een overeenkomst afgesloten te worden tussen de gemeente en de verkavelaar waarin de uit te voeren werken op de bestaande gemeenteweg, die ten laste is van de verkavelaar, omschreven worden, met verwijzing dat deze zullen uitgevoerd worden op kosten van de verkavelaar.  Deze overeenkomst dient gefinaliseerd alvorens de werken aan de gemeenteweg mogen aangevat worden.
19.  As-built plannen dienen vóór de oplevering van het werk aan het gemeentebestuur overgemaakt te worden (analoog en digitaal).
        Het as-builtplan moet minstens volgende gegevens bevatten:Aanduiding wegenis met afmetingen en uitgevoerde materialen.
          - Aanduiding nutsvoorzieningen (verlichtingspalen, rioleringen, brandkranen, elektriciteitscabines, …)
          - Aanduiding openbaar domein (de afpaling van het openbaar domein dient uitgevoerd te worden)
          - Aanduiding loten
           - Aanduiding openbaar groen
           - Aanduiding grachten, bufferbekken, …
           - Alle afmetingen van het project en zijn voorzieningen (perceelbreedtes, …)
           - Lambertscoördinaten.
20. De as-built plannen moet overgemaakt aan de diensten ruimtelijke ordening, contractmanagement en openbare werken (met vermelding van de lambert-coördinaten).
21. Het pv van voorlopige oplevering dient overgemaakt aan dienst contractmanagement en de dienst openbare werken.
22. De werken moeten uitgevoerd worden overeenkomstig de richtlijnen van het type bestek SB 250 versie 2.0 of een latere versie.
27. De kosten van de akte overdracht openbaar domein en wegenis dienen gedragen te worden door de verkavelaar.
29. Vervreemding van een lot uit de verkaveling kan pas geschieden, nadat het attest conform artikel 4.2.16§2 van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening werd afgeleverd, waaruit blijkt dat aan alle voorwaarden van de verkaveling werd voldaan.
30. Een omgevingsvergunning voor het bebouwen van een lot kan pas verkregen worden, nadat het attest conform artikel 4.2.16§2 van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening werd afgeleverd, waaruit blijkt dat aan alle voorwaarden van de verkaveling werd voldaan.
32. De dimensionering van de infiltratievoorziening op perceelsniveau is te bepalen op basis van een door de verkavelaar uit te voeren infiltratieproef, waarbij ook de hoogste grondwaterstand moet worden bepaald (alvorens de loten verkocht kunnen worden als bebouwbaar lot).

Er werd gedeeltelijk voldaan aan de volgende voorwaarden, andere onderdelen zijn pas uit te voeren bij ontwikkeling waardoor de voorwaarde geldig blijft:
5.  Alle voorwaardelijke adviezen overnemen:
      -   Te voldoen aan de voorwaarden gesteld door Infrax, Trichterheideweg 8 te 3500 Hasselt, van het advies van 18/04/2018 Infrax kenniscentrum riolering met kenmerk: D/0000270587 en het advies van 19/04/2018 Infrax met kenmerk:  20180418 L7098 19-20/20-21.

Wel dient opgemerkt te worden dat de volgende verplichtingen geldig blijven:
5. Alle voorwaardelijke adviezen overnemen:
     -    Te voldoen aan de voorwaarden gesteld in het advies van 09/05/2018 van Provinciale dienst Water en Domeinen met kenmerk  2018N036460-2018-455.
     -    Te voldoen aan de voorwaarden gesteld in het advies van 16/04/2018 van Hulpverleningszone Zuid West Limburg met kenmerk 2016-0369-002.
7.  Te voldoen aan volgende voorwaarden met betrekking tot de watertoets:
     -   Het ontwerp van de toekomstige stedenbouwkundige aanvraag dient te voldoen aan de gewestelijk stedenbouwkundige hemelwaterverordening.
     -   De bemaling die noodzakelijk zal zijn voor de realisatie van de ondergrondse constructie rekening houdt met de volgende voorwaarden:
           * Voor bronbemalingen moet voldaan worden aan de sectorale voorschriften voor subrubriek 53.2 van de indelingslijst van Vlarem I (art. 5.53.6.1.1 van Vlarem II); met betrekking tot lozing van het bemalingwater wordt verwezen naar Vlarem II art. 6.2.2.1.2§5;
           * De lozing van het bemalingswater dient te gebeuren overeenkomstig art. 6.2.2.1.2.§5 van Vlarem II;
           * De ondergrondse constructie dient te worden uitgevoerd als volledig waterdichte kuip en zonder kunstmatig drainagesysteem.
8. Het terrein moet minstens van 1,5 parkeerplaatsen per woonentiteit voorzien te worden. In geval van het voorzien van een vrij beroep dient bijkomende parkeergelegenheid voorzien te worden van 1 parkeerplaats per 20m² aan vrij beroep. De parkeerplaatsen voor de bezoekers kunnen enkel in de voortuin gerealiseerd te worden.
9. Het bestaande reliëf maximaal gerespecteerd wordt.
        -   Reliëfwijzigingen worden toegestaan onder volgende voorwaarden:
                * Tot maximum 30cm boven het niveau van de voorliggende weg.
                * Mits grondverzet en wateroverlast op eigen terrein worden opgevangen.
        -  Reliëfwijzigingen kunnen niet toegestaan worden:
               * In de zone dichter dan 1m van de zijdelingse perceelsgrenzen.
               * Op de gelijkgrondse berm.
In deze zone dient het niveau van de aangrenzende gerespecteerd te worden.
10. De initiatiefnemer handelt volgens en voldoet aan de reglementeringen van de nutsmaatschappijen.
11.  Kosten voor het voorzien/ verleggen of uitbreiden van de nutsleidingen moeten gedragen worden door de verkavelaar;
12. Aanpassingen aan inrichtingen, constructies of beplantingen op het openbaar domein naar aanleiding van de verkavelingsaanvraag of de toekomstige stedenbouwkundige aanvraag zijn steeds ten laste van de aanvrager. Alle kosten naar aanleiding van een heraanplanting op het openbaar domein, uitgevoerd naar aanleiding van een verkavelingsaanvraag of een stedenbouwkundige aanvraag van een particulier, blijven ten laste van de aanvrager.
23. Voor de uitvoering van werken op bermen, stoepen en wegen dient er voor de aanvang der werken een staat van bevinding opgemaakt te worden door de aannemer en dit in samenspraak met een afgevaardigde van het gemeentebestuur.
24. De aanplanting van het openbaar groen dient door de verkavelaar te gebeuren, de kosten van deze aanplanting dienen volledig gedragen te worden door de verkavelaar en dit alvorens er een verkoop van een lot kan geschieden.
25. Het is niet de bevoegdheid van het college van burgemeester en schepenen om de economische en financiële voorwaarden vast te leggen van de zogenaamde “peststroken”.
26. De verkoopsvoorwaarden dienen evenwel rekening te houden met de normaal heersende en gangbare prijzen van de markt, gebaseerd op een realistische verdeelsleutel binnen de verkaveling. De overdracht van de peststroken dient op verzoek van de aanpalende eigenaars geregeld te worden. Deze bepaling dient notarieel mee overgedragen te worden bij iedere overdacht tot het moment dat de peststroken definitief en kosteloos gevoegd worden bij het openbaar domein en dit gestaafd wordt met een wettige akte.
28. Omtrent de uitvoering van de gemeenschappelijke/mandelige muren dient met de buren een overeenkomst afgesloten te worden alvorens aan te vatten met de bouwwerken;
31. Na het afleveren van het attest conform artikel 4.2.16§2 van de Vlaamse Codex Ruimtelijke ordening dient de verkaveling in een officiële akte gegoten te worden.  De gemeente dient in kennis te worden gesteld van de akte van neerlegging van de verkaveling.
33. Te voldoen aan de verkavelingsvoorschriften van het BPA en verfijnd  met de volgende verkavelingsvoorschriften opgesteld door de gemeente:
Bestemming:
Hoofdbestemming: bestemming van eengezinswoningen uitbreidbaar in functie van familiale noodzaak (kangoeroewoning,  zorgwoning,…).  Deze moeten voldoen aan de voorwaarden van de zorgwoning zoals omschreven in de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening.  (artikel 4.1.1 – 18° en artikel 4.2.4 §1).
Nevenbestemmingen – aanvaardbaar mits voorwaarden:
Nevenfuncties worden voorgesteld in functie van kantoor of vrij beroep vrij beroep.
Bij het voorzien van een nevenfunctie dient voldaan te worden aan volgende vereisten:
           - Ze moet complementair zijn aan de woonfunctie.
           - De woonfunctie blijft behouden als hoofdfunctie.
De complementaire functie beslaat een geringere oppervlakte dan de woonfunctie, met een maximale oppervlakte van 30% van de bebouwde vloeroppervlakte en in totaal niet meer dan 100m².
           -  Slechts 1 nevenfunctie per lot.
→     Enkel te voorzien op het gelijkvloers. Hierbij dient opgemerkt te worden dat de leefruimtes van de woning ook op het gelijkvloerse niveau dienen gerealiseerd te worden.
     -  Niet gelegen in een vrijstaand bijgebouw.
     -  Geen belasting / hinder met zich meebrengt naar de omgeving toe.
     -   De parkeergelegenheid behorende bij de woning en de nevenbestemming volledig op eigen terrein voorzien worden.
Gezien de ligging en de beperkte mogelijkheid tot voorzien van parkeergelegenheid dient het accent te liggen op de hoofdbestemming (eengezinswoning) en dienen de nevenbestemmingen van het type te zijn dat een beperkte verkeersgeneratie vereist.

Constructie in de voor-, zij- en achtertuinstrook – niet toegestaan m.u.v. kleinere constructies-beperking oppervlakte tot 10m²:
Het verkavelingsontwerp laat geen bebouwing toe in de tuinzone, ook niet in de zijtuinstrook, aansluitend tegen het hoofdgebouw en tot tegen de perceelsgrenzen,  noch in de achter-en voortuinzone. Alle garages, bergingen, … dienen voorzien te worden in het hoofdgebouw. Vrijstaande bijgebouwen zijn niet toegestaan, met uitzondering van kleinere constructies, zoals kippenhok, hondenhok, tuinhuisje met een maximum totale oppervlakte van 10m² en constructies noodzakelijk omwille van het niveauverschil.
Bij ontwerp van de hoofdbouw dient hiermee rekening gehouden te worden.
Enkel constructies, om de woning toegankelijk te maken vanaf de voorliggende straat, vormen hierop de uitzondering alsook een kippenhok of hondenhok. 
Inplanting kleinere constructies:
Zonder akkoord van de betreffende buur, moeten de vrijstaande kleinere constructies  op minstens 1 m van de perceelsgrens ingeplant worden. Mits schriftelijk akkoord van de betreffende buur kan tot op de perceelsgrens gebouwd worden. Bij voorkeur worden ze gekoppeld op de perceelsgrens.
Materiaalkeuze kleinere constructies:
De vrijstaande bijgebouwen moeten complementair zijn aan de  hoofdbestemming en er, qua vorm en afwerking, een architecturaal geheel mee vormen. Ze bestaan maximaal uit één bouwlaag.
Kleinere constructies, zoals een kippenhok, een hondenhok, een tuinhuisje, enz. kunnen in andere materialen en vormen dan het hoofdgebouw toegestaan worden op voorwaarde dat ze steeds een duurzaam en afgewerkt geheel vormen.
Hoogstammige bomen en houtwallen – aanwezig:
Indien de bomen gevestigd zijn op een talud, is het niet toegestaan de talud af te graven. Het verwijderen van hoogstammige bomen is verboden tenzij hiervoor de uitdrukkelijke toestemming van het college bekomen wordt en hiervoor een omgevingsvergunning bekomen wordt.
Op voorwaarde dat de aanvrager hiervoor de nodige motivatie toevoegt aan het omgevingsproject waarom de boom / bomen verwijderd dienen te worden.
Indien de boom / bomen in slechte toestand zijn of een gevaar vormen, dient dit gestaafd te worden met een verslag van een European TreeTechnician.
De effectieve kap kan enkel buiten het vogelbroedseizoen gebeuren.
De boom wordt niet gesnoeid tijdens het opkomen of vallen van de bladeren.
De takken mogen gesnoeid worden, maximaal tot het punt waar de tak maximaal 10cm doorsnede heeft en maximaal 20% van de kroon mag verwijderd worden. Het toppen, kandelaberen of ondeskundig insnoeien van de bomen is niet toegestaan.
Ten alle tijden dienen de beschermingsmaatregelingen omschreven in de toelichting toegepast te worden.
Indien er bomen aangeplant worden dienen deze van het inheemse soort te zijn.
Op alle stedenbouwkundige aanvragen dienen:
    -  De bomen met de juiste plaats vermeld te worden. Omschreven te worden over welk type boom het gaat.
    -  De grootte van de kruinprojectie weergegeven worden. Vermelding gemaakt van de stamomtrek op 1m hoogte.
Het rooien is verboden van 15 maart tot 30 juni.
Onderhoud hoogstammige bomen:
Op kosten van de verkavelaar krijgen de bomen een onderhoudsbeurt door een erkende boomdeskundige. Dit gebeurt voordat de loten verkocht worden / voordat eigendom wordt overgedragen.
Beschermingsmaatregelen hoogstammige bomen:
Er dient minstens rekening gehouden te worden met de volgende beschermingsmaatregelingen i.f.v. de bomen waarvoor geen stedenbouwkundige vergunning voor het kappen van de bomen verkregen wordt:

  • Er mogen geen gebouwen of andere architecturale constructies, verhardingen, inritten of toegangen worden voorzien in een straal van 5 meter vanuit de stam van de hoogstam.
  • Op alle stedenbouwkundige aanvragen moeten de bomen met de juiste plaats vermeld worden evenals de grootte van de kruinprojectie.
  • Bij het graven van sleuven in functie van de voorziening van leidingen (gas, elektriciteit, water, …) dient het wortelgestel zo weinig mogelijk beschadigd te worden.
  • Algemeen dienen de volgende beschermende maatregelen genomen te worden:

→  Er mogen geen materialen of machines worden gestapeld binnen de horizontale kruinprojectie.
→  Tijdens bouwwerkzaamheden moet de hoogstamboom binnen de horizontale kruinprojectie worden afgerasterd.
→  Binnen de kruinprojectie mogen geen sleuven of beschadigingen in de lucht worden aangebracht.
→  Bij eventuele beschadiging, moet de wonde glad gesneden en ingestreken worden met beschermende en/of ontsmettende middelen.
→  Binnen de horizontale kruinprojectie mogen geen ophogingen of afgravingen gebeuren of ondoordachte snoeiingen worden uitgevoerd.

Laanbeplanting en / of individuele bomen op toekomstig openbaar domein:
Indien er laanbeplanting binnen de verkaveling wordt voorzien, of individuele bomen op een plein of zo, dient opgelegd te worden dat deze integraal deel uitmaken van de verkaveling en bijgevolg te allen tijde behouden dienen te blijven.


Het college beslist tevens een afschrift van dit attest te versturen naar:
    -       Departement Omgeving
    -       Fluvius System Operator cvba
    -       De Watergroep
    -       Agentschap Onroerend Erfgoed Limburg
    -       Provincie Limburg, Diest Water en Domeinen
    -       Hulpverleningszone Zuid-West-Limburg