Alle nijverheids-, handels en landbouwondernemingen zijn de belasting van € 12,50 per kilowatt verschuldigd op de motoren, die zij gebruikten voor de uitbating van de zetel of exploitatie-eenheid van de onderneming. De belasting wordt gevestigd op grond van belastbare motoren geplaatst of gebruikt tijdens het jaar dat onmiddellijk voorafging aan het jaar waarop de belasting slaat. Indien het belastingbedrag na de berekeningsformule, opgenomen in het reglement, kleiner is dan € 10, dan wordt dit bedrag niet ingekohierd en ook niet geïnd. Voor de belasting geldt een aangifteplicht. Bij gebrek aan aangifte, of in geval van onjuiste, onvolledige of onnauwkeurige aangifte vanwege de belastingplichtige, kan de belasting ambtshalve gevestigd worden met een vastgelegde boete tot gevolg.
Het college van burgemeester en schepenen stelt de gemeentelijke belastingrol op de drijfkracht der motoren voor het dienstjaar 2020 - toestand 2019 vast ten bedrage van € 126.038,09 In het meerjarenplan is voor 2020 een bedrag € 116.500,00 ingeschreven. Het college van burgemeester en schepenen beslist deze rol uitvoerbaar te verklaren en over te maken aan de financieel directeur.