Onderzoeksstudie vergunningstoestand
BESTEMMINGS- EN STEDENBOUWKUNDIGE VOORSCHRIFTEN
Gewestplan
De aanvraag is volgens het geldende gewestplan Hasselt - Genk, goedgekeurd bij Koninklijk besluit op 3 april 1979, gelegen in natuurgebieden met wetenschappelijke waarde of natuurreservaten.
De groengebieden zijn bestemd voor het behoud, de bescherming en het herstel van het natuurlijk milieu.
In de groengebieden geldt een principieel bouwverbod. In principe worden enkel de werken toegelaten die gericht zijn op of verenigbaar zijn met het behoud, de bescherming en het herstel van het natuurlijk milieu.
De natuurgebieden met wetenschappelijke waarde of natuurreservaten, zijn de gebieden die in hun staat bewaard moeten worden wegens hun wetenschappelijke of pedagogische waarde. In deze gebieden zijn enkel de handelingen en werken toegestaan, welke nodig zijn voor de actieve of passieve bescherming van het gebied.
De aanvraag is niet gelegen in een bijzonder plan van aanleg, noch in een behoorlijk vergunde en niet vervallen verkaveling.
Gemeentelijk ruimtelijk uitvoeringsplan
Het goed is gelegen binnen de afbakening van het gemeentelijk RUP Zonevreemde woningen dat op 29/11/2017 definitief werd vastgesteld door de gemeenteraad van Zonhoven en verscheen in het Belgisch staatsblad op 25/01/2018.
Er worden drie deelgebieden als een perimeterplan afgebakend met een aanvullend voorschrift dat onder voorwaarden van toepassing is. Dit voorschrift wijzigt het gewestplan niet. De drie perimeterplannen zijn:
Het voorschrift behorend bij het RUP is slechts onder volgende voorwaarden van toepassing:
Het goed is gelegen binnen het perimeterplan ‘Vijvergebied’.
HISTORIEK VAN HET EIGENDOM WAAROP DE AANVRAAG BETREKKING HEEFT
Voor het perceel van de aanvraag werden geen eerdere uitspraken gedaan of beslissingen genomen.
Uit de gegevens waarover de gemeente beschikt, blijkt niet dat voor het voorwerp van de aanvraag een PV is opgesteld noch dat een meerwaarde werd opgelegd of dat op het goed een vonnis of arrest rust. Er zijn ook geen geschriften bekend waaruit zou blijken dat er wederrechtelijke werken werden uitgevoerd.
VERMOEDEN VAN VERGUNNING
Artikel 4.2.14. van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening stelt:
‘§ 1. Bestaande constructies waarvan door enig rechtens toegelaten bewijsmiddel wordt aangetoond dat ze gebouwd werden vóór 22 april 1962, worden voor de toepassing van deze codex te allen tijde geacht te zijn vergund.
§ 2. Bestaande constructies waarvan door enig rechtens toegelaten bewijsmiddel wordt aangetoond dat ze gebouwd werden in de periode vanaf 22 april 1962 tot de eerste inwerkingtreding van het gewestplan waarbinnen zij gelegen zijn, worden voor de toepassing van deze codex geacht te zijn vergund, tenzij het vergund karakter wordt tegengesproken middels een proces-verbaal of een niet anoniem bezwaarschrift, telkens opgesteld binnen een termijn van vijf jaar na het optrekken of plaatsen van de constructie.
Het tegenbewijs, vermeld in het eerste lid, kan niet meer worden geleverd eens de constructie één jaar als vergund geacht opgenomen is in het vergunningenregister. 1 september 2009 geldt als eerste mogelijke startdatum voor deze termijn van één jaar. Deze regeling geldt niet indien de constructie gelegen is in een ruimtelijk kwetsbaar gebied.
§ 3. Indien met betrekking tot een vergund geachte constructie handelingen zijn verricht die niet aan de voorwaarden van § 1 en § 2, eerste lid, voldoen, worden deze handelingen niet door de vermoedens, vermeld in dit artikel, gedekt.
§ 4. Dit artikel heeft nimmer voor gevolg dat teruggekomen wordt op in kracht van gewijsde gegane rechterlijke beslissingen die het vergund karakter van een constructie tegenspreken.
DE AANVRAAG
De aanvraag behelst de vraag tot opname in het gemeentelijk vergunningenregister voor wat betreft het woonhuis met garage en stal op het perceel met kadastrale gegevens 1ste afdeling sectie B nummer 952B36.
KADASTRALE GEGEVENS
Volgens de gegevens van het kadaster zou het (oorspronkelijke) gebouw opgericht zijn in 1950.
BEWIJSVOERING
Aan de aanvraag werd een historische kadasterschets van 1970 toegevoegd.
Aan de aanvraag werd een akte van aankoop van 23/06/1959 toegevoegd.
Aan de aanvraag werd een uittreksel van het kadastraal plan van de gemeente van 26/11/1979 toegevoegd.
Aan de aanvraag werden 3 foto’s toegevoegd.
Bijkomend werden plannen van zowel de bestaande als de gewenste nieuwe toestand aan de aanvraag toegevoegd.
OVERIGE REGELGEVING
Erfdienstbaarheden / gemene muren/ lichten en zichten
Vergunningen hebben een zakelijk karakter. Zij worden verleend onder voorbehoud van de op het onroerend goed betrokken burgerlijke rechten.
Het is niet de taak van de administratieve overheid zich uit te spreken over het bestaan, de interpretatie en de omvang van subjectieve rechten, zoals bijvoorbeeld het bestaan van een erfdienstbaarheid / het overnemen van een gemene muur / de bepalingen inzake zichten en lichten.
BEOORDELING
Uit de bewijsvoering en de huidige toestand blijkt dat slechts een gedeelte van de aanwezige constructies kan beschouwd worden als zijnde geacht vergund.
1.- Op de historische kadasterschets is de woning slechts gedeeltelijk terug te vinden. Het boogvormig volume (veranda) aan de kop van de woning is niet terug te vinden op de historische kadasterschets van 1970 en kan niet beschouwd worden als zijnde geacht vergund. Ook aan de andere zijde van de woning werd de woning verbouwd en uitgebreid. Op de bijgevoegde historische foto’s van 1973 is duidelijk te zien dat het hoofdvolume van de woning stopt ter hoogte van de schouw en er zich noch maar één raam en deur (in het lagere volume) bevindt achter de inkomdeur, terwijl er vandaag de dag duidelijk te zien is dat achter de schouw het hoofdvolume werd doorgetrokken over ca. 3 à 4 meter. Bij deze uitbreiding werd er ook een extra raam voorzien in de voorgevel. De woning kan niet beschouwd worden als zijnde geacht vergund.
2.- Op de kop van de Hendriksteeg staan vandaag de dag een garage en serre. Deze constructies zijn niet terug te vinden op de historische kadasterschets van 1970 noch op een ander aangeleverd bewijsmiddel en kunnen derhalve niet beschouwd worden als zijnde geacht vergund.
3.- Ook de bestaande overdekking/garage achteraan het terrein is niet terug te vinden op de historische kadasterschets van 1970 noch op een ander aangeleverd bewijsmiddel en kan derhalve niet beschouwd worden als zijnde geacht vergund.
4.- Wat betreft de twee constructies links van de woning. Uit de bijgevoegde historische foto’s van 1973 blijkt dat het hier enerzijds gaat over een gebouw bestaande uit twee bouwlagen en een zadeldak, dat deels gebruikt werd als duivenhok (het achterste gebouw). Vandaag de dag is deze constructie niet meer aanwezig op het terrein, maar staat er hier nu een garage bestaande uit een bouwlaag en plat dak, waarvan de aangeleverde bewijsmiddelen niet aantonen dat de garage werd opgericht voor goedkeuring van het gewestplan Hasselt – Genk op 3 april 1979. De garage kan derhalve niet beschouwd worden als zijnde geacht vergund.
Anderzijds betreft het een tuinberging/hondenhok (het voorste gebouw) dewelke vandaag de dag nog steeds aanwezig is. Ook op de historische kadasterschets is deze constructie te zien. De tuinberging/hondenhok kan bijgevolg beschouwd worden als zijnde vergund geacht.
Algemeen besluit
De tuinberging/hondenhok links van de woning (het voorste gebouw) kan beschouwd worden als zijnde geacht vergund op basis van artikel 4.2.14 van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening.
De woning, de garage en de serre op de kop van de straat, de overdekking/garage achteraan het terrein en de garage links van de woning (het achterste gebouw) zijn niet terug te vinden op de historische kadasterschets en aangeleverde bewijsvoering en kunnen niet beschouwd worden als zijnde geacht vergund.
De vergunningsplichtige handelingen uitgevoerd na 1979 kunnen niet worden beschouwd als zijnde vergund op basis van de bepalingen van artikel 4.2.14 van de Vlaamse Codex Ruimtelijke ordening.
Het college van burgemeester en schepenen neemt de tuinberging/hondenhok links van de woning (het voorste gebouw) op in het vergunningenregister als vergund geacht.
De woning, de garage en de serre op de kop van de straat, de overdekking/garage achteraan het terrein en de garage links van de woning (het achterste gebouw) zijn niet terug te vinden op de historische kadasterschets en aangeleverde bewijsvoering en kunnen niet beschouwd worden als zijnde geacht vergund.
In het geval er vergunningsplichtige handelingen werden uitgevoerd na 1979, kunnen deze niet worden beschouwd als zijnde vergund op basis van de bepalingen van artikel 4.2.14 van de Vlaamse Codex Ruimtelijke ordening.
De aanvrager zal van deze beslissing op de hoogte gebracht worden.