Terug
Gepubliceerd op 23/09/2020

2020_CBS_01010 - GEB - Opname in het vergunningenregister - Donkweg 43 - 2020/00005 - Goedkeuring

College van burgemeester en schepenen
di 15/09/2020 - 13:30 schepenzaal
Goedgekeurd

Samenstelling

Aanwezig

Johny De Raeve, Bram De Raeve, Frederick Vandeput, Johan Vanhoyland, Johan Schraepen, Ria Hendrikx, Bart Telen

Verontschuldigd

Frank Vandebeek

Secretaris

Bart Telen
2020_CBS_01010 - GEB - Opname in het vergunningenregister - Donkweg 43 - 2020/00005 - Goedkeuring 2020_CBS_01010 - GEB - Opname in het vergunningenregister - Donkweg 43 - 2020/00005 - Goedkeuring

Motivering

Feiten context en argumentatie

Onderzoeksstudie vergunningstoestand

BESTEMMINGS- EN STEDENBOUWKUNDIGE VOORSCHRIFTEN

Gewestplan

De aanvraag is volgens het geldende gewestplan Hasselt - Genk, goedgekeurd bij Koninklijk besluit op 3 april 1979, gelegen in woongebied.

De woongebieden zijn bestemd voor wonen, alsmede voor handel, dienstverlening, ambacht en kleinbedrijf voor zover deze taken van bedrijf om redenen van een goede ruimtelijke ordening niet in een daartoe aangewezen gebied moeten worden afgezonderd, voor groene ruimten, voor sociaal-culturele inrichtingen, voor openbare nutsvoorzieningen, voor toeristische voorzieningen, voor agrarische bedrijven voor zover ze verenigbaar zijn met de onmiddellijke omgeving (artikel 5 van het Koninklijk besluit van 28 december 1972 betreffende de inrichting en de toepassing van de ontwerpgewestplannen en de gewestplannen en latere wijzigingen).

De aanvraag is niet gelegen in een bijzonder plan van aanleg, noch in een ruimtelijk uitvoeringsplan, noch in een behoorlijk vergunde en niet vervallen verkaveling.

Gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan

Het goed is gelegen binnen de omschrijving van het gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan “Afbakening regionaal stedelijk gebied Hasselt - Genk” dat op 20 juni 2014 definitief werd vastgesteld door de Vlaamse Regering.

Er is geen bestemmingswijziging ten opzichte van het gewestplan voorzien voor dit perceel. 

HISTORIEK VAN HET EIGENDOM WAAROP DE AANVRAAG BETREKKING HEEFT

Volgende aanvraag kreeg in het verleden een positieve of negatieve uitspraak:

bouwvergunning op 21 mei 1963 voor het vergroten van een hennenhok met als dossiernummer 1963/00105.

Uit de gegevens waarover de gemeente beschikt, blijkt niet dat voor het voorwerp van de aanvraag een PV is opgesteld noch dat een meerwaarde werd opgelegd of dat op het goed een vonnis of arrest rust. Er zijn ook geen geschriften bekend waaruit zou blijken dat er wederrechtelijke werken werden uitgevoerd.

KADASTRALE GEGEVENS

De woning op perceel 211A2 werd volgens de gegevens van het kadaster opgericht in 1935.

BEWIJSVOERING

Aan de aanvraag werd een historische kadasterschets van 1968 toegevoegd.

Aan de aanvraag werd een historische luchtfoto van 1977 toegevoegd.

OVERIGE REGELGEVING 

Erfdienstbaarheden / gemene muren/ lichten en zichten

Vergunningen hebben een zakelijk karakter. Zij worden verleend onder voorbehoud van de op het onroerend goed betrokken burgerlijke rechten. 

Het is niet de taak van de administratieve overheid zich uit te spreken over het bestaan, de interpretatie en de omvang van subjectieve rechten, zoals bijvoorbeeld het bestaan van een erfdienstbaarheid / het overnemen van een gemene muur / de bepalingen inzake zichten en lichten. 

BEOORDELING

Op de historische kadasterschets zijn de woning en het vrijstaand bijgebouw van circa 90 m² volledig terug te vinden waardoor ze bijgevolg beschouwd kunnen worden als zijnde vergund.

De verharding rondom de woning in betontegels is zichtbaar op de historische luchtfoto waardoor deze verharding bijgevolg beschouwd kan worden als zijnde vergund.

De bestaande kiezelverharding en het vrijstaand bijgebouw links achteraan op het perceel van circa 15 m² die niet terug te vinden zijn op de aangeleverde bewijsmiddelen, kunnen niet beschouwd worden als zijnde vergund.

Algemeen besluit

De woning, het vrijstaand bijgebouw van circa 90 m² en de verharding rondom de woning in betontegels kunnen beschouwd worden als zijnde vergund geacht op basis van artikel 4.2.14 van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening.

De kiezelverharding en het vrijstaand bijgebouw, links achteraan op het perceel, van circa 15 m² kunnen niet beschouwd worden als zijnde vergund geacht op basis van artikel 4.2.14 van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening.

In het geval er vergunningsplichtige handelingen werden uitgevoerd na 1977, kunnen deze niet worden beschouwd als zijnde vergund op basis van de bepalingen van artikel 4.2.14 van de Vlaamse Codex Ruimtelijke ordening.

Op voorwaarde dat het vergund karakter niet is tegengesproken middels een proces-verbaal of een niet anoniem bezwaarschrift, telkens opgesteld binnen een termijn van vijf jaar na het optrekken of plaatsen van de constructie.

Besluit

Het college van burgemeester en schepenen beslist:

Artikel 1

Het college van burgemeester en schepenen neemt de woning, het vrijstaand bijgebouw van circa 90m² en de verharding rondom de woning in betontegels op in het vergunningenregister als vergund geacht.

Op voorwaarde dat het vergund karakter niet is tegengesproken middels een proces-verbaal of een niet anoniem bezwaarschrift, telkens opgesteld binnen een termijn van vijf jaar na het optrekken of plaatsen van de constructie.

De kiezelverharding en het vrijstaand bijgebouw van circa 15m² kunnen niet worden beschouwd als zijnde vergund op basis van de bepalingen van artikel 4.2.14 van de Vlaamse Codex Ruimtelijke ordening.

In het geval er vergunningsplichtige handelingen werden uitgevoerd na 1977, kunnen deze niet worden beschouwd als zijnde vergund op basis van de bepalingen van artikel 4.2.14 van de Vlaamse Codex Ruimtelijke ordening.

De aanvrager zal van deze beslissing op de hoogte gebracht worden.