Terug
Gepubliceerd op 02/12/2020

2020_CBS_01269 - OMV - Vergunning - Dijkbeemdenweg 18 - 2020/00198 - Goedkeuring

College van burgemeester en schepenen
di 24/11/2020 - 13:30 schepenzaal
Goedgekeurd

Samenstelling

Aanwezig

Johny De Raeve, Bram De Raeve, Frederick Vandeput, Johan Vanhoyland, Frank Vandebeek, Johan Schraepen, Ria Hendrikx, Bart Telen

Secretaris

Bart Telen
2020_CBS_01269 - OMV - Vergunning - Dijkbeemdenweg 18 - 2020/00198 - Goedkeuring 2020_CBS_01269 - OMV - Vergunning - Dijkbeemdenweg 18 - 2020/00198 - Goedkeuring

Motivering

Feiten context en argumentatie

STEDENBOUWKUNDIG EN MILIEUTECHNISCH advies - verslag GEMEENTELIJKE omgevingsambtenaar

De aanvraag betreft het plaatsen van gevelpubliciteit.

De aanvraag werd op17/09/2020 ontvangen en op 12/10/2020 ontvankelijk en volledig verklaard.

De vereenvoudigde vergunningsprocedure wordt gevolgd.

Er werd geen openbaar onderzoek gehouden.

GEGEVENS VAN HET BEDRIJF

De activiteiten van het bedrijf zijn de volgende: buitenschoolse kinderopvang (vzw).

HISTORIEK VAN HET EIGENDOM WAAROP DE AANVRAAG BETREKKING HEEFT

Stedenbouwkundig

  • 1966/00187: bouwvergunning op 03/10/1966 voor het bouwen van een demonteerbare hal;
  • 2000/08532: stedenbouwkundige vergunning op 29/06/2001 voor het slopen van een sporthal;
  • 2003/09324: stedenbouwkundige vergunning op 22/12/2003 voor het bouwen van een centrale locatie voor buitenschoolse opvang en administratie;
  • 2005/09827: stedenbouwkundige vergunning op 07/03/2005 voor het uitbreiden van een overdekking centrale locatie voor buitenschoolse opvang en administratie;
  • 2010/11634: stedenbouwkundige vergunning op 12/04/2010 voor het bouwen van een buitenbergplaats;
  • 2014/00111: stedenbouwkundige vergunning op 23/09/2014 voor het plaatsen van een afdak boven de zandbak aan de linker zijgevel;
  • 2017/00288: stedenbouwkundige vergunning op 13/03/2018 voor het bouwen van een tuinberging.

De aanvraag werd in overleg gebracht met de gemeentelijke administratie op 10/12/2019 voor wat betreft de te volgen procedure voor plaatsing van reclamebanners op gevels.

De aanvraag houdt rekening met de resultaten van het voorafgaandelijk overleg. 

Uit de gegevens waarover de gemeente beschikt, blijkt niet dat voor het voorwerp van de aanvraag een PV is opgesteld noch dat een meerwaarde werd opgelegd of dat op het goed een vonnis of arrest rust. Er zijn ook geen geschriften bekend waaruit zou blijken dat er wederrechtelijke werken werden uitgevoerd.

Milieu

Volgende milieuvergunningen werden afgeleverd op volgende percelen:

  • 23 E – bovengrondse gasopslag – afgeleverd voor sporthal op 15/04/1970– dossiernummer intern 2VL357/nde.

Het perceel is niet opgenomen in het Grondeninformatieregister.

OPENBAAR ONDERZOEK

Overeenkomstig artikel 17 van het decreet betreffende de omgevingsvergunning en hoofdstuk 3 Toepassingsgebied van de gewone en vereenvoudigde procedure, artikels 11 t.e.m. 14 van het besluit tot uitvoering van het decreet betreffende de omgevingsvergunning, werd dit dossier volgens de vereenvoudigde procedure behandeld.

Er werd bijgevolg geen openbaar onderzoek gehouden.

ADVIEZEN

Geen adviezen vereist.

MILIEUEFFECTENRAPPORTAGE

De aanvraag valt niet onder het toepassingsgebied van bijlage I, II en III van het besluit inzake projectmilieueffectrapportage van 10 december 2004 en latere wijzigingen.

STEDENBOUWKUNDIG ADVIES

TOETSING AAN DE REGELGEVING EN VOORSCHRIFTEN

OVEREENSTEMMING MET BESTEMMINGS- EN STEDENBOUWKUNDIGE VOORSCHRIFTEN

Gewestplan

De aanvraag is volgens het geldende gewestplan Hasselt - Genk, goedgekeurd bij Koninklijk besluit op 3 april 1979, gelegen in woongebied.

De woongebieden zijn bestemd voor wonen, alsmede voor handel, dienstverlening, ambacht en kleinbedrijf voor zover deze taken van bedrijf om redenen van een goede ruimtelijke ordening niet in een daartoe aangewezen gebied moeten worden afgezonderd, voor groene ruimten, voor sociaal-culturele inrichtingen, voor openbare nutsvoorzieningen, voor toeristische voorzieningen, voor agrarische bedrijven voor zover ze verenigbaar zijn met de onmiddellijke omgeving (artikel 5 van het Koninklijk besluit van 28 december 1972 betreffende de inrichting en de toepassing van de ontwerpgewestplannen en de gewestplannen en latere wijzigingen).

De aanvraag is niet gelegen in een bijzonder plan van aanleg, noch in een behoorlijk vergunde en niet vervallen verkaveling.

Gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan

Het goed is gelegen binnen de omschrijving van het gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan “Afbakening regionaal stedelijk gebied Hasselt - Genk” dat op 20 juni 2014 definitief werd vastgesteld door de Vlaamse Regering. 

Er is geen bestemmingswijziging ten opzichte van het gewestplan voorzien voor dit perceel. 

De aanvraag voldoet principieel aan de geldende bestemmingsvoorschriften.

Stedenbouwkundige verordeningen

Hemelwater

Het besluit van de Vlaamse regering van 5 juli 2013 houdende vaststelling van een gewestelijke stedenbouwkundige verordening inzake hemelwaterputten, infiltratievoorzieningen, buffervoorzieningen en gescheiden lozing van afvalwater en hemelwater is niet van toepassing omdat er geen uitbreiding plaatsvindt van de horizontale dakoppervlakte of verharding.

Riolering

Het perceel is op het zoneringplan voor riolering, goedgekeurd bij Ministerieel besluit de dato 19 september 2008, gelegen in “centrale gebied”. 

Watertoets

Het decreet betreffende het integraal waterbeleid van 18 juli 2003, gewijzigd door het wijzigingsdecreet Integraal Waterbeleid van 19 juli 2013,verplicht de vergunningverlenende overheid om de watertoets uit te voeren bij elke aanvraag tot omgevingsvergunning. Dit decreet vormt het juridisch kader voor het integraal waterbeleid in Vlaanderen. Het decreet bevat ook de omzetting van de kaderrichtlijn Water en de Overstromingsrichtlijn.

Het voorliggende project heeft geen enkele invloed op het watersysteem, zodat in alle redelijkheid dient geoordeeld te worden dat er geen schadelijk effect wordt veroorzaakt. Er dienen dan ook geen voorwaarden of maatregelen te worden opgelegd. Het ontwerp is verenigbaar met de doelstellingen van artikel 5 van het decreet integraal waterbeleid.

De aanvraag doorstaat de watertoets.

Archeologienota

Conform het Onroerenderfgoeddecreet de dato 12 juli 2013 en latere wijzigingen is geen bekrachtigde archeologienota verplicht voor de aanvraag gezien de perceeloppervlakte kleiner is dan 3 000m².

Indien men niet verplicht is tot het opstellen van een archeologienota en tijdens de uitvoering komen er toch archeologische sporen of vondsten aan het licht, dan dient de bouwheer dit te melden binnen de 3 dagen aan het agentschap Onroerend Erfgoed (www.onroerenderfgoed.be).

De aanvraag is verenigbaar met de regelgeving.

Toetsing AAN DE goede ruimtelijke ordening

OMSCHRIJVING VAN DE FEITELIJKE AANVRAAG

De aanvraag omvat het plaatsen van gevelpubliciteit.

BEOORDELING VAN DE GOEDE RUIMTELIJKE ORDENING 

De overeenstemming met een goede ruimtelijke ordening wordt beoordeeld met inachtneming van volgende beginselen:

1°         het aangevraagde wordt, voor zover noodzakelijk of relevant, beoordeeld aan de hand van aandachtspunten en criteria die betrekking hebben op de functionele inpasbaarheid, de mobiliteitsimpact, de schaal, het ruimtegebruik en de bouwdichtheid, visueel-vormelijke elementen, cultuurhistorische aspecten en het bodemreliëf, en op hinderaspecten, gezondheid, gebruiksgenot en veiligheid in het algemeen, in het bijzonder met inachtneming van de doelstellingen van artikel 1.1.4;

2°         het vergunningverlenende bestuursorgaan houdt bij de beoordeling van het aangevraagde rekening met de in de omgeving bestaande toestand, doch het kan ook beleidsmatig gewenste ontwikkelingen met betrekking tot de aandachtspunten, vermeld in 1°, in rekening brengen;

Omschrijving ligging en omgeving

Het perceel van de aanvraag is gelegen aan de Dijkbeemdenweg, een gemeenteweg in het centrum van Zonhoven. 

De omgeving wordt gekenmerkt door voornamelijk residentiële bebouwing in open, halfopen en gesloten verband, diverse kleinschalige handels- en dienstenfuncties eigen aan een dorpskern en er is tevens een park en sportgebouw in de nabijheid. Achteraan situeert zich een jeugdheem.

Omschrijving van de aanvraag

Op het perceel van de aanvraag bevindt zich een nagenoeg vrijstaand gebouw voor buitenschoolse opvang en administratie. Aan de voorgevel en rechter zijgevel wenst men zaakgebonden publiciteit te voorzien met verlichting.

Beoordeling

Om de zichtbaarheid van de buitenschoolse opvang ’t Alvermanneke te vergroten, wenst men aan de voorgevel en de rechter zijgevel publiciteit te plaatsen.

Het betreft een spandoek bevestigd aan een frame van aluminium buizen met een breedte van 4m en een hoogte van 1,40m, aan beide gevels bevestigd.

De publiciteit wordt vanaf de onderzijde verlicht. Specificaties betreffende de verlichting werden niet opgegeven.

Aan de voorgevel wordt de publiciteit voorzien tussen de ramen van het gelijkvloers en de 1ste verdieping aan de rechterzijde.

Aan de zijgevel rechts wordt de publiciteit geplaatst op het voorste deel bovenaan, op ca. 60cm van de dakrand.

De plaatsing van de 2 publiciteitsborden is verenigbaar met de functionaliteit van het gebouw en heeft slechts een beperkte impact op het straatbeeld.

Hinderaspecten met betrekking tot gezondheid, gebruiksgenot en veiligheid in het algemeen

De gevelreclame wordt van onderaf verlicht. Om lichthinder naar de omgeving toe te vermijden dienen een aantal voorwaarden nageleefd te worden.

In navolging van hoofdstuk 4.6 van Vlarem II: het gebruik en de intensiteit van lichtbronnen in open lucht zijn beperkt tot de noodwendigheden inzake uitbating en veiligheid.  

Niet-functionele lichtoverdracht naar de omgeving wordt maximaal beperkt. 

Klemtoonverlichting wordt gericht op de inrichting of onderdelen ervan.  

Lichtreclame mag de normale intensiteit van de openbare verlichting niet overtreffen. 

De aanvraag voldoet aan de criteria voor de goede ruimtelijke ordening in de onmiddellijke en ruime omgeving op voorwaarde dat de bepalingen inzake lichthinder zoals opgegeven in  hoofdstuk 4.6 van Vlarem II gevolgd worden.

BESPREKING ADVIEZEN

Er werden geen adviezen opgevraagd.

Uit de bovenstaande motivering blijkt dat de schaal en het uiterlijk van de voorgenomen werken op voldoende wijze ruimtelijk inpassen in de onmiddellijke en ruime omgeving. De aanvraag is verenigbaar met de goede ruimtelijke ordening op voorwaarde dat de bepalingen inzake lichthinder zoals opgegeven in  hoofdstuk 4.6 van Vlarem II gevolgd worden.

MILIEUTECHNISCH ADVIES

Niet van toepassing.

EINDADVIES

Uit bovenstaande motiveringen blijkt dat de aanvraag in overeenstemming is met de wettelijke bepalingen inzake milieu en ruimtelijke ordening, en dat het voorgestelde ontwerp verenigbaar en bestaanbaar is met de goede plaatselijke ordening en met zijn onmiddellijke omgeving mits het opleggen van voorwaarden:

  • De bepalingen inzake lichthinder zoals opgegeven in  hoofdstuk 4.6 van Vlarem II dienen gevolgd te worden:
    Het gebruik en de intensiteit van lichtbronnen in open lucht zijn beperkt tot de noodwendigheden inzake uitbating en veiligheid.   
    Niet-functionele lichtoverdracht naar de omgeving wordt maximaal beperkt. 
    Klemtoonverlichting wordt gericht op de inrichting of onderdelen ervan.  
    Lichtreclame mag de normale intensiteit van de openbare verlichting niet overtreffen. 

Bijgevolg adviseert de omgevingsambtenaar het dossier voorwaardelijk gunstig voor het plaatsen van gevelpubliciteit, zoals voorgesteld op de voorgebrachte plannen die als bijlage aan de aanvraag zijn verbonden en voor zover rekening gehouden wordt met de gestelde voorwaarden:

  1. De bepalingen inzake lichthinder zoals opgegeven in  hoofdstuk 4.6 van Vlarem II dienen gevolgd te worden:
    Het gebruik en de intensiteit van lichtbronnen in open lucht zijn beperkt tot de noodwendigheden inzake uitbating en veiligheid.  
    Niet-functionele lichtoverdracht naar de omgeving wordt maximaal beperkt. 
    Klemtoonverlichting wordt gericht op de inrichting of onderdelen ervan.   
    Lichtreclame mag de normale intensiteit van de openbare verlichting niet overtreffen.
  2. De bouwheer dient, conform artikel 8 van het decreet op het archeologisch patrimonium de dato 30 juni 1993 en zijn latere wijzigingen, elk roerend of onroerend goed dat hij vindt of vermoedt gevonden te hebben, te melden binnen de 3 dagen aan het Onroerend Erfgoed Limburg, Hendrik Van Veldekegebouw, Koningin Astridlaan 50 bus 1 te 3500 Hasselt (www.onroerenderfgoed.be/een-vondst-melden);
  3. Indien vastgesteld wordt dat er straatmeubilair en/of laanbeplanting aanwezig is die dienen verplaatst en/of verwijderd te worden voor de uitvoering van deze vergunning, of bij de ingebruikname van het project, en er voor aanvang van de werken geen toelating bekomen wordt tot het verplaatsen van het straatmeubilair, moet er een gewijzigde vergunning aangevraagd worden die rekening houdt met het straatmeubilair en/of de laanbeplanting;
  4. De aanvrager is ertoe verplicht het college van burgemeester en schepenen op de hoogte te brengen van het begin van de stedenbouwkundige handelingen en/of exploitatie(s);

Deze vergunning stelt de aanvrager niet vrij van het aanvragen en verkrijgen van eventuele andere vergunningen of machtigingen.

Besluit

Het college van burgemeester en schepenen beslist:

Artikel 1

Het college van burgemeester en schepenen volgt integraal het advies van de gemeentelijk omgevingsambtenaar van 16/11/2020 tot het afleveren van een omgevingsvergunning met voorwaarden aan de aanvrager.

Artikel 2

Het college van burgemeester en schepenen beslist tot het afleveren van een omgevingsvergunning met voorwaarden aan de aanvrager.

De omgevingsvergunning omvat het plaatsen van gevelpubliciteit, zoals voorgesteld op de voorgebrachte plannen die als bijlage aan deze omgevingsaanvraag zijn verbonden en voor zover rekening gehouden wordt met de gestelde voorwaarden.

Artikel 3

De omgevingsvergunning wordt aldus afgegeven onder volgende voorwaarden:

  1. De bepalingen inzake lichthinder zoals opgegeven in  hoofdstuk 4.6 van Vlarem II dienen gevolgd te worden:
    Het gebruik en de intensiteit van lichtbronnen in open lucht zijn beperkt tot de noodwendigheden inzake uitbating en veiligheid.  
    Niet-functionele lichtoverdracht naar de omgeving wordt maximaal beperkt. 
    Klemtoonverlichting wordt gericht op de inrichting of onderdelen ervan.   
    Lichtreclame mag de normale intensiteit van de openbare verlichting niet overtreffen. 
  2. De bouwheer dient, conform artikel 8 van het decreet op het archeologisch patrimonium de dato 30 juni 1993 en zijn latere wijzigingen, elk roerend of onroerend goed dat hij vindt of vermoedt gevonden te hebben, te melden binnen de 3 dagen aan het Onroerend Erfgoed Limburg, Hendrik Van Veldekegebouw, Koningin Astridlaan 50 bus 1 te 3500 Hasselt (www.onroerenderfgoed.be/een-vondst-melden);
  3. Indien vastgesteld wordt dat er straatmeubilair en/of laanbeplanting aanwezig is die dienen verplaatst en/of verwijderd te worden voor de uitvoering van deze vergunning, of bij de ingebruikname van het project, en er voor aanvang van de werken geen toelating bekomen wordt tot het verplaatsen van het straatmeubilair, moet er een gewijzigde vergunning aangevraagd worden die rekening houdt met het straatmeubilair en/of de laanbeplanting;
  4. De aanvrager is ertoe verplicht het college van burgemeester en schepenen op de hoogte te brengen van het begin van de stedenbouwkundige handelingen en/of exploitatie(s);

Deze vergunning stelt de aanvrager niet vrij van het aanvragen en verkrijgen van eventuele andere vergunningen of machtigingen.