Het college van burgemeester en schepenen besliste in zitting van 27 augustus 2019 tot de aanstelling van mevrouw Ann Biesmans als diensthoofd Vergunningen en Handhaving. Op 2 september 2019 trad zij in dienst.
Het college van burgemeester en schepenen besliste in zitting van 16 oktober 2018 tot de aanstelling van de heer Stef Decabooter als deskundige Vergunningen en Handhaving. Op 22 oktober 2018 trad hij in dienst.
De gemeenteraad besliste in zitting van 16/12/2019 tot de formele aanstelling van beiden als gemeentelijke omgevingsambtenaar, conform het besluit van de Vlaamse Regering van 27 november 2015 tot uitvoering van het decreet van 25 april 2014 betreffende de omgevingsvergunning.
De functieomschrijvingen van deze personen voorzien erin dat zij onder meer zullen instaan voor de correcte uitwerking en opvolging van het handhavingsbeleid m.b.t. ruimtelijke ordening in de gemeente Zonhoven.
Het college van burgemeester en schepenen besliste in zitting van 15 juli 2014 tot de aanstelling van de heer Karla Gypen als deskundige Vergunningen en Handhaving. Op 1 oktober 2014 trad zij in dienst. Karla werd reeds eerder door het Agentschap voor Binnenlands Bestuur aangesteld tot gemachtigd ambtenaar om stedenbouwkundige misdrijven op te sporen en vast te stellen door een proces-verbaal in toepassing van artikel 6.1.5 van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening. Haar aanstelling wordt via deze beslissing opnieuw formeel bevestigd.
Artikel 6.2.5/1 van de gecoördineerde Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening stelt dat, sedert 1 maart 2018, de colleges van burgemeester en schepenen bevoegd zijn voor de aanwijzing van de verbalisanten RO die werkzaam zijn op het grondgebied van de gemeente.
Deze aanwijzing is nodig opdat de verbalisanten RO juridisch correct stedenbouwkundige overtredingen kunnen opsporen en deze vaststellen door de opmaak van een proces-verbaal.
Artikel 6.2.5/1
§ 1. De volgende personen kunnen verbalisant ruimtelijke ordening zijn:
1° de personeelsleden van de entiteit, bevoegd voor de uitvoering van de handhavingstaken met betrekking tot de ruimtelijke ordening, die daarvoor worden aangewezen door de Vlaamse Regering;
2° de personeelsleden van het Vlaamse Gewest van andere entiteiten, die daarvoor worden aangewezen door de Vlaamse Regering;
3° de personeelsleden van de gemeente, die daarvoor worden aangewezen door het college van burgemeester en schepenen;
4° de personeelsleden van een intergemeentelijk samenwerkingsverband, die daarvoor worden aangewezen door de colleges van burgemeester en schepenen.
Bevoegdheden verbalisant RO:
§ 1. Als verbalisanten ruimtelijke ordening vaststellen dat een stedenbouwkundige inbreuk of een stedenbouwkundig misdrijf dreigt te worden gepleegd, kunnen ze alle raadgevingen geven die ze nuttig achten om dat te voorkomen.
§ 2. Als de verbalisanten ruimtelijke ordening bij de uitoefening van hun respectieve opdrachten een stedenbouwkundige inbreuk of een stedenbouwkundig misdrijf vaststellen, kunnen ze de vermoedelijke overtreder en eventuele andere betrokkenen ertoe aanmanen om de nodige maatregelen te nemen om de inbreuk of het misdrijf te beëindigen, de gevolgen ervan geheel of gedeeltelijk ongedaan te maken of een herhaling ervan te voorkomen.
Als de adressant van de aanmaning, in voorkomend geval na rappel, nalaat om de gevraagde maatregelen te nemen binnen het daarvoor bepaalde tijdsbestek, geldt een aangifteplicht van het misdrijf of de inbreuk bij de gemeentelijke en gewestelijke stedenbouwkundige inspecteur en bij de burgemeester.
De Vlaamse Regering kan de nadere regels bepalen ter uitvoering van deze onderafdeling.
Onverminderd de bevoegdheden van de agenten en de officieren van gerechtelijke politie zijn de verbalisanten ruimtelijke ordening bevoegd om de misdrijven, omschreven in dit hoofdstuk, op te sporen en vast te stellen door een proces-verbaal dat ze onmiddellijk bezorgen aan de procureur des Konings bij de rechtbank binnen het rechtsgebied waar het misdrijf is gepleegd. De processen-verbaal waarin de misdrijven, omschreven in dit hoofdstuk, worden vastgesteld, gelden tot bewijs van het tegendeel. Als de vermoedelijke overtreder bekend is, wordt een kopie van het proces-verbaal met een beveiligde zending betekend aan de vermoedelijke overtreder. Die betekening gebeurt binnen een termijn van veertien dagen na de datum van de afsluiting van het proces-verbaal.
De agenten, officieren van de gerechtelijke politie en de verbalisanten ruimtelijke ordening hebben toegang tot de bouwplaats en de gebouwen om alle nodige opsporingen en vaststellingen te verrichten.
Als deze verrichtingen de kenmerken van een huiszoeking dragen, mogen ze alleen worden uitgevoerd op voorwaarde dat de politierechter daarvoor een machtiging heeft verstrekt.
Een afschrift van een proces-verbaal waarin een misdrijf wordt vastgesteld of van een navolgend proces-verbaal waarin het vrijwillig herstel of de regularisatie wordt vastgesteld, wordt altijd gericht aan de gewestelijke stedenbouwkundige inspecteur, de gewestelijke entiteit en de gemeente van het grondgebied waarop de handelingen hebben plaatsgevonden.
De agenten en de officieren van gerechtelijke politie en de verbalisanten ruimtelijke ordening kunnen bij de vaststelling van een stedenbouwkundige inbreuk zonder samenloop met een stedenbouwkundig misdrijf, een verslag van vaststelling opstellen dat ze onmiddellijk bezorgen aan de gewestelijke entiteit. Artikel 6.2.4, tweede en derde lid, zijn van overeenkomstige toepassing. De Vlaamse Regering kan nadere regels bepalen met betrekking tot de vorm van het verslag van vaststelling.
Een afschrift van het verslag van vaststelling wordt altijd gericht aan de vermoedelijke overtreders, de gewestelijke stedenbouwkundige inspecteur en de gemeente van het grondgebied waarop die handelingen werden uitgevoerd of waar dat gebruik plaatsvond. Als in het verslag van vaststelling feiten worden vastgesteld die milieu-inbreuken uitmaken wegens schending van het decreet van 25 april 2014 betreffende de omgevingsvergunning en van titel V van het decreet van 5 april 1995 houdende algemene bepalingen inzake milieubeleid of de uitvoeringsbesluiten ervan, wordt een afschrift bezorgd aan de gewestelijke overheden, belast met de handhaving van die inbreuken. De Vlaamse Regering kan nader bepalen welke van deze gewestelijke overheden al dan niet een afschrift moeten ontvangen.
Als in samenhang met de stedenbouwkundige inbreuk tegelijkertijd een stedenbouwkundig misdrijf wordt vastgesteld, dan wordt de vaststelling van de stedenbouwkundige inbreuk opgenomen in het proces-verbaal, vermeld in artikel 6.2.4.
§ 1. De verbalisanten ruimtelijke ordening en de agenten of officieren van de gerechtelijke politie kunnen mondeling ter plaatse de onmiddellijke staking van handelingen bevelen als ze vaststellen dat de handeling voldoet aan de materiële omschrijving van een misdrijf of inbreuk als vermeld in artikel 6.2.1 of 6.2.2. Het stakingsbevel is een preventieve en voorlopige maatregel en is gericht op het voorkomen van schendingen die betrekking hebben op het uitvoeren of voortzetten van de handelingen, vermeld in artikel 4.2.1 of 4.2.15, hetzij zonder voorafgaande stedenbouwkundige vergunning of verkavelingsvergunning, hetzij zonder omgevingsvergunningen voor stedenbouwkundige handelingen of omgevingsvergunningen voor het verkavelen van gronden, en die wat het gebruik en de instandhouding betreft bijkomend:
a) hetzij een verzwaring van de schade aan de goede ruimtelijke ordening toebrengen;
b) hetzij door hun impact de ruimtelijke bestemming van het gebied in het gedrang brengen.
Bij schendingen inzake gebruik en instandhouding in ruimtelijk kwetsbare gebieden die onder het eerste lid vallen, kan uiterlijk tot twee jaar vanaf de eerste strafbare handeling of omissie, al dan niet deel uitmakend van feiten die door eenheid van opzet zijn verbonden, een bevel tot staking worden gegeven. Buiten ruimtelijk kwetsbare gebieden is dat beperkt tot uiterlijk een jaar vanaf de eerste strafbare handeling of omissie, al dan niet deel uitmakend van feiten die door eenheid van opzet zijn verbonden.
Als de verbalisanten ruimtelijke ordening en de agenten of officieren van gerechtelijke politie, vermeld in het eerste lid, ter plaatse niemand aantreffen, wordt ter plaatse een schriftelijk bevel tot onmiddellijke staking op een zichtbare plaats aangebracht, of wordt het stakingsbevel alsnog mondeling gegeven tijdens een verhoor van de overtreder.
§ 2. Het proces-verbaal of verslag van vaststelling inzake de misdrijven of inbreuken, vermeld in paragraaf 1 wordt binnen acht dagen met een beveiligde zending betekend aan de initiatiefnemer, de architect, de persoon of aannemer die de handelingen uitvoert, en de gebruiker van het goed.
Tegelijkertijd wordt per beveiligde zending een afschrift van het proces-verbaal of verslag van vaststelling verzonden naar de gemeente waar de handelingen hebben plaatsgevonden en naar de gewestelijke stedenbouwkundige inspecteur.
§ 3. Het stakingsbevel moet op straffe van verval binnen acht dagen na de betekening van het proces-verbaal of verslag van vaststelling door de gewestelijke stedenbouwkundige inspecteur worden bekrachtigd. Die bekrachtiging wordt binnen twee werkdagen met een beveiligde zending verzonden naar de personen, vermeld in paragraaf 2.
§ 4. Elke belanghebbende kan in kort geding de opheffing van de maatregel vorderen tegen de gewestelijke stedenbouwkundige inspecteur, die optreedt namens het Vlaamse Gewest. De vordering wordt gebracht voor de voorzitter van de rechtbank van eerste aanleg in het ambtsgebied waarin de handelingen zijn uitgevoerd of het gebruik heeft plaatsgevonden. Deel IV, boek II, titel VI, van het Gerechtelijk Wetboek is van toepassing op de inleiding en de behandeling van de vordering.
De verbalisanten ruimtelijke ordening en de agenten of officieren van gerechtelijke politie, vermeld in artikel 6.2.4, zijn gerechtigd tot het nemen van alle maatregelen, met inbegrip van verzegeling, inbeslagname van materiaal en materieel, om het bevel tot staking, de bekrachtigingsbeslissing of, in voorkomend geval, de beschikking in kort geding onmiddellijk te kunnen toepassen.
Voor verdere info betreffende de vermelde artikels wordt verwezen naar de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening: https://navigator.emis.vito.be/mijn-navigator?woId=74625
Adviezen: er zijn geen financiële gevolgen verbonden aan dit besluit. Een financieel visum is niet noodzakelijk.
Het college van burgemeester en schepenen bevestigt opnieuw formeel de aanwijzing van mevrouw Karla Gypen als verbalisant RO voor haar grondgebied. Het college wijst formeel mevrouw Ann Biesmans en de heer Stef Decabooter aan als bijkomende verbalisanten RO voor haar grondgebied.