Terug
Gepubliceerd op 29/07/2020

2020_CBS_00826 - OMV - Vergunning - (1308.F.874.2) gelegen langs de Mommersbosweg - Goedkeuring

College van burgemeester en schepenen
di 14/07/2020 - 13:30 schepenzaal
Goedgekeurd

Samenstelling

Aanwezig

Johny De Raeve, Bram De Raeve, Frederick Vandeput, Johan Vanhoyland, Frank Vandebeek, Johan Schraepen, Ria Hendrikx, Bart Telen

Secretaris

Bart Telen
2020_CBS_00826 - OMV - Vergunning - (1308.F.874.2) gelegen langs de Mommersbosweg - Goedkeuring 2020_CBS_00826 - OMV - Vergunning - (1308.F.874.2) gelegen langs de Mommersbosweg - Goedkeuring

Motivering

Feiten context en argumentatie

verslag GEMEENTELIJKE omgevingsambtenaar

De aanvraag betreft de regularisatie van het verkavelen van een perceel in 2 loten voor halfopen bebouwing (loten 1A en 2A). Het achterliggende lot met woning nummer   27 wordt uit de verkaveling gesloten wegens reeds bebouwd.

De aanvraag werd op 21 april 2020 ontvangen en op 19 mei 2020 ontvankelijk en volledig verklaard.

De gewone vergunningsprocedure wordt gevolgd.

Er werd een openbaar onderzoek gehouden, lopende van 29 mei 2020 tot en met 27 juni 2020

Het openbaar onderzoek werd gesloten zonder bezwaarschriften.

HISTORIEK VAN HET EIGENDOM WAAROP DE AANVRAAG BETREKKING HEEFT

Stedenbouwkundig

Splitsing/2018/00027: goedkeuring op 09/10/2018 door het college van burgemeester en schepenen voor het perceel kadastraal gekend 3de afd. sectie F nr. 623P.

1272.F.874.2: omgevingsvergunning voor het verkavelen van gronden op 5 februari 2019 voor 2 loten voor halfopen bebouwing.

Door de ‘Codextrein’ (goedgekeurd d.d. 08/12/2017) werd de definitie van verkavelen aangepast waardoor het afsplitsen van 1 lot van een bestaand perceel niet langer verkavelingsvergunningsplichtig was.   Hierdoor was de splitsing van het lot uit de aanvraag mogelijk. Het Grondwettelijk Hof vernietigde deze wijziging van de definitie van verkavelen op 23/05/2019 en dit met terugwerkende kracht.   Hierdoor is de wettigheid van omgevingsvergunning voor het verkavelen van gronden dd.  5 februari 2019 voor 2 loten voor halfopen bebouwing aangetast.   Om deze reden dient alsnog een (regularisatie) verkavelingsvergunning te worden aangevraagd (de huidige aanvraag).

Uit de gegevens waarover de gemeente beschikt, blijkt niet dat voor het voorwerp van de aanvraag een PV is opgesteld noch dat een meerwaarde werd opgelegd of dat op het goed een vonnis of arrest rust. Er zijn ook geen geschriften bekend waaruit zou blijken dat er wederrechtelijke werken werden uitgevoerd.

OPENBAAR ONDERZOEK

Overeenkomstig artikel 17 van het decreet betreffende de omgevingsvergunning en hoofdstuk 3 Toepassingsgebied van de gewone en vereenvoudigde procedure, artikels 11 t.e.m. 14 van het besluit tot uitvoering van het decreet betreffende de omgevingsvergunning, werd dit dossier volgens de gewone procedure behandeld.

Er werd bijgevolg een openbaar onderzoek gehouden. Het openbaar onderzoek werd georganiseerd van 29 mei 2020 tot en met 27 juni 2020. Er werden geen bezwaren ingediend. 

ADVIEZEN

Op 19 mei 2020 werd advies gevraagd aan De Watergroep.

Op 19 mei 2020 werd advies gevraagd aan Eandis System Operator (Fluvius).

Op 19 mei 2020 werd advies gevraagd aan Proximus.

Op 19 mei 2020 werd advies gevraagd aan Dienst Werken in Eigen Beheer (Patrimonium).

MILIEUEFFECTENRAPPORTAGE

Het project komt voor op bijlage III van het project-m.e.r.-besluit wat maakt dat een project MER opgemaakt moet worden, tenzij de initiatiefnemer via een project-m.e.r.-screeningsnota kan aantonen dat het project geen aanzienlijke milieueffecten zal veroorzaken.  Er werd een project-m.e.r.-screeningsnota bij de aanvraag gevoegd. De effecten op milieu en omgeving werden voldoende omschreven en uit de nota bleek dat de mogelijke milieueffecten van het project niet aanzienlijk zijn.

STEDENBOUWKUNDIG ADVIES

TOETSING AAN DE REGELGEVING EN VOORSCHRIFTEN

OVEREENSTEMMING MET BESTEMMINGS- EN STEDENBOUWKUNDIGE VOORSCHRIFTEN

Gewestplan

De aanvraag is volgens het geldende gewestplan Hasselt - Genk, goedgekeurd bij Koninklijk besluit op 3 april 1979, gelegen in woongebied.

De woongebieden zijn bestemd voor wonen, alsmede voor handel, dienstverlening, ambacht en kleinbedrijf voor zover deze taken van bedrijf om redenen van een goede ruimtelijke ordening niet in een daartoe aangewezen gebied moeten worden afgezonderd, voor groene ruimten, voor sociaal-culturele inrichtingen, voor openbare nutsvoorzieningen, voor toeristische voorzieningen, voor agrarische bedrijven voor zover ze verenigbaar zijn met de onmiddellijke omgeving (artikel 5 van het Koninklijk besluit van 28 december 1972 betreffende de inrichting en de toepassing van de ontwerpgewestplannen en de gewestplannen en latere wijzigingen).

Bijzonder plan van aanleg, ruimtelijk uitvoeringsplan of verkaveling

De aanvraag is niet gelegen in een bijzonder plan van aanleg, noch in een ruimtelijk uitvoeringsplan, noch in een behoorlijk vergunde en niet vervallen verkaveling.

De aanvraag voldoet principieel aan de geldende bestemmingsvoorschriften.

Watertoets

Het decreet betreffende het integraal waterbeleid van 18 juli 2003, gewijzigd door het wijzigingsdecreet Integraal Waterbeleid van 19 juli 2013,verplicht de vergunningverlenende overheid om de watertoets uit te voeren bij elke aanvraag tot omgevingsvergunning. Dit decreet vormt het juridisch kader voor het integraal waterbeleid in Vlaanderen. Het decreet bevat ook de omzetting van de kaderrichtlijn Water en de Overstromingsrichtlijn.

De watertoets werd uitgevoerd op 19 mei 2020. Hieruit bleek dat geen adviezen dienden aangevraagd te worden.

Algemeen kan wel gesteld worden dat:

  • De toekomstige aanvragen tot omgevingsvergunning dienen te voorzien in maatregelen voor opvang en lozing van hemelwater. De bepalingen van de gewestelijke stedenbouwkundige verordening inzake hemelwaterputten, infiltratievoorzieningen, buffervoorzieningen en gescheiden lozing van afvalwater en hemelwater (Besluit Vlaamse Regering dd. 5 juli 2013) moeten alleszins nageleefd worden.
  • Indien er ondergrondse constructies worden opgericht, de bemaling voldoet aan de voorwaarden zoals opgelegd in Vlarem II.  
  • Een permanente drainage, ook al is dit in functie van een aanleg van een ondergrondse constructie, mag niet voorzien worden aangezien permanente drainage een continue verlaging van de grondwaterstand tot gevolg heeft. 

Decretale beoordelingselementen

Art. 4.3.5.

§ 1. Een omgevingsvergunning voor het bouwen van een gebouw met als hoofdfunctie “wonen”, “verblijfsrecreatie”, “dagrecreatie”, met inbegrip van sport, “detailhandel”, “dancing”, “restaurant en café”, “kantoorfunctie”, “dienstverlening”, “vrije beroepen”, “industrie”, “bedrijvigheid”, “gemeenschapsvoorzieningen” of “openbare nutsvoorzieningen”, kan slechts worden verleend op een stuk grond, gelegen aan een voldoende uitgeruste weg, die op het ogenblik van de aanvraag reeds bestaat.

§ 2. Een voldoende uitgeruste weg is ten minste met duurzame materialen verhard en voorzien van een elektriciteitsnet. De Vlaamse Regering kan bepalen in welke gevallen, en onder welke voorwaarden, gelet op de plaatselijke toestand, van deze minimale uitrusting kan worden afgeweken.

De aanvraag voldoet aan deze bepaling.

Archeologienota

Conform het Onroerenderfgoeddecreet de dato 12 juli 2013 en latere wijzigingen is geen bekrachtigde archeologienota verplicht voor de aanvraag. Indien men niet verplicht is tot het opstellen van een archeologienota en tijdens de uitvoering komen er toch archeologische sporen of vondsten aan het licht, dan dient de bouwheer dit te melden binnen de 3 dagen aan het agentschap Onroerend Erfgoed (www.onroerenderfgoed.be).

VERKAVELINGSVERGUNNINGSPLICHT

Artikel 4.2.15. § 1. Niemand mag zonder voorafgaande omgevingsvergunning voor het verkavelen van gronden een stuk grond verkavelen voor woningbouw of voor het opstellen van vaste of verplaatsbare constructies die voor bewoning kunnen worden gebruikt.

Een omgevingsvergunning voor het verkavelen van gronden kan worden aangevraagd en verleend voor het verkavelen voor de aanleg en het bebouwen van terreinen voor andere functies.

§ 2. Een omgevingsvergunning voor het verkavelen van gronden omvat reglementaire voorschriften aangaande de wijze waarop de verkaveling ingericht wordt en de kavels bebouwd kunnen worden.

§ 3. De verkavelaar zorgt ervoor dat de in de verkaveling opgenomen loten kunnen aansluiten op alle voorzieningen van openbaar nut die vereist worden door het vergunningverlenende bestuursorgaan. In voorkomend geval bepaalt de omgevingsvergunning voor het verkavelen van gronden op welke wijze in de nodige infrastructuur voor de nutsvoorzieningen wordt voorzien.

Artikel 4.2.16. § 1. Een kavel uit een vergunde verkaveling of verkavelingsfase kan enkel verkocht worden, verhuurd worden voor méér dan negen jaar, of bezwaard worden met een recht van erfpacht of opstal, nadat de verkavelingsakte door de instrumenterende ambtenaar is verleden.

§ 2. De verkavelingsakte wordt eerst verleden na overlegging van een attest van het college van burgemeester en schepenen, waaruit blijkt dat, voor de volledige verkaveling of voor de betrokken verkavelingsfase, het geheel van de lasten uitgevoerd is of gewaarborgd is door :

1° de storting van een afdoende financiële waarborg;

2° een door een bankinstelling op onherroepelijke wijze verleende afdoende financiële waarborg.

Het attest, vermeld in het eerste lid, kan worden afgeleverd indien de vergunninghouder deels zelf de lasten heeft uitgevoerd, deels de nodige waarborgen heeft gegeven.

In dit geval werd, zoals onder de historiek vermeld, de grond gesplitst door een tijdelijke wijziging in de definitie van verkavelen.  Het gaat in deze dan ook om een administratieve rechtzetting d.m.v. een regularisatie van de verkavelingsvergunning.

OVERIGE REGELGEVING 

Erfdienstbaarheden

Uit het verkavelingsplan, opgesteld door landmeter – expert Luc Market, blijkt dat er geen waterlopen noch erfdienstbaarheden aanwezig zijn op het terrein. Hier dient dan ook geen rekening mee gehouden te worden.

Decreet grond- en pandenbeleid 

De aanvraag voorziet minder dan 10 loten bestemd voor woningbouw, noch heeft de verkaveling een grondoppervlakte die groter is dan een halve hectare.

De verkaveling sluit niet aan op een andere, ook door de aanvrager te ontwikkelen perceel, die samen met de percelen waarop de aanvraag betrekking heeft, een oppervlakte van meer dan een halve hectare beslaan.

Er dient bijgevolg geen sociaal, noch bescheiden woonaanbod gerealiseerd te worden.

De aanvraag is verenigbaar met de regelgeving en de stedenbouwkundige voorschriften.

Toetsing AAN DE goede ruimtelijke ordening

OMSCHRIJVING VAN DE FEITELIJKE AANVRAAG

De aanvraag betreft de regularisatie van het verkavelen van een perceel in 2 loten voor halfopen bebouwing (loten 1A en 2A). Het achterliggende lot met woning nummer 27 wordt uit de verkaveling gesloten wegens reeds bebouwd.

BEOORDELING VAN DE GOEDE RUIMTELIJKE ORDENING

De overeenstemming met een goede ruimtelijke ordening wordt beoordeeld met inachtneming van volgende beginselen:

1°         het aangevraagde wordt, voor zover noodzakelijk of relevant, beoordeeld aan de hand van aandachtspunten en criteria die betrekking hebben op de functionele inpasbaarheid, de mobiliteitsimpact, de schaal, het ruimtegebruik en de bouwdichtheid, visueel-vormelijke elementen, cultuurhistorische aspecten en het bodemreliëf, en op hinderaspecten, gezondheid, gebruiksgenot en veiligheid in het algemeen, in het bijzonder met inachtneming van de doelstellingen van artikel 1.1.4;

2°         het vergunningverlenende bestuursorgaan houdt bij de beoordeling van het aangevraagde rekening met de in de omgeving bestaande toestand, doch het kan ook beleidsmatig gewenste ontwikkelingen met betrekking tot de aandachtspunten, vermeld in 1°, in rekening brengen;

Omschrijving ligging en omgeving

Het perceel van de aanvraag situeert zich langsheen de Mommersbosweg ten zuiden van het centrum van Zonhoven. De omgeving wordt gekenmerkt door voornamelijk residentiële bebouwing in open en halfopen bebouwing.

Verkavelingsvoorwerp

Het verkavelingsontwerp voorziet in het afsplitsen van een deel van de tuinzone van de bestaande woning nr. 27 voor het creëren van 2 bouwpercelen voor halfopen bebouwing.

De loten 1A en 2A hebben volgens de aanvraag een diepte van ca. 41meter en een breedte op de voorgevelbouwlijn van circa 10 meter. Er worden bouwvrije zijtuinstroken voorzien van min. 3 meter en de voorgevelbouwlijn is gelegen op minimum 6 meter uit de rooilijn. De bouwstrook bedraagt 15 meter.

Functionele inpasbaarheid in de onmiddellijke en ruime omgeving

Het voorzien van 2 gekoppelde ééngezinswoningen, met een ondergeschikte nevenbestemming op het gelijkvloers of een zorgwoning, in een residentiële woonomgeving is functioneel inpasbaar in de onmiddellijke en ruime omgeving. 

Mobiliteitsimpact

De last van het autobezit kan niet volledig op het openbaar domein worden afgeschoven.

Het stallen van voertuigen dient op eigen terrein georganiseerd te worden. In de verkavelingsvoorschriften wordt hierover niets vermeld. Garages in de vrijstaande bijgebouwen zullen niet worden toegestaan om de tuinen maximaal te vrijwaren van bebouwing en verharding. Bijgebouwen zijn uitsluitend bestemd voor ondersteunende functies die inherent verbonden zijn met de hoofdbestemmingen van het hoofdgebouw zoals de berging van goederen en gebruiksvoorwerpen. 

De schaal van de voorgenomen werken

In de omgeving is een diversiteit van bouwvolumes aanwezig, gaande van 1 bouwlaag tot 2 bouwlagen. De maximale bouwdiepte van 15 meter op het gelijkvloers en 12 meter op de verdieping, een maximale kroonlijsthoogte van 6,40 meter en een zadeldak of plat dak stemt overeen met de normaal gehanteerde normen voor bebouwing in deze omgeving.

Het ruimtegebruik en de bouwdichtheid

De inplanting van de woningen wordt voorzien op minimum 6 meter uit de rooilijn en op 3 meter uit de zijdelingse perceelsgrenzen. Deze inplanting sluit aan bij de aanpalende woningen.

Er worden bijgebouwen tot 40m² voorgesteld.  De loten kunnen deze oppervlakte dragen.  Er dient wel voorkomen te worden dat er een overdreven terreinverharding ontstaat.  Er wordt bijgevolg opgelegd dat vrijstaande bijgebouwen enkel i.f.v. een berging en/of ondersteunende functies aan het hoofdvolume (overdekte zitplaats / sauna) mogelijk zijn. Garagefuncties worden uitgesloten in de vrijstaande achtergebouwen.

Door het oprichten van 2 woningen op het terrein wordt een woondichtheid bekomen van 21,6 woningen per hectare, wat niet overeenkomt met de maximale woondichtheid waarnaar gestreefd dient te worden in deze omgeving, nl. een buitengebied. Deze visie, naar analogie met de Vlaamse visie, komt niet overeen met deze die werd toegepast in de eerdere verkavelingsvergunning.  Gezien het bij deze enkel om een administratieve rechtzetting gaat, wordt deze woondichtheid uitzonderlijk toegestaan in deze omgeving.  

Er rest nog voldoende ruimte op het perceel om aan te leggen als kwalitatieve tuinzone.

Visueel-vormelijke elementen

Het straatbeeld wordt gekenmerkt door een verscheidenheid aan bebouwing, niet alleen qua aantal bouwlagen, maar ook naar bouwvorm (vrijstaande en gekoppelde bebouwing), dakvorm (schuin dak en plat dak) en materiaalgebruik. Het voorgestelde profiel in de verkavelingsvoorschriften sluit aan bij deze in de omgeving. Als materiaal wordt binnen de verkavelingsvoorschriften opgelegd dat deze in overeenstemming moeten zijn met de omgeving.

Cultuurhistorische aspecten

Niet van toepassing.

Bodemreliëf

Een ophoging van het bodemreliëf is slechts toegelaten tot op gelijke hoogte of tot op maximaal 30cm boven het straat- of trottoirniveau. De ophoging mag maximaal tot op 30m achter de (ontworpen) rooilijn/ voorste perceelgrens uitgevoerd worden. Voorbij deze afstanden dient het bestaande terreinniveau behouden te blijven. Een strook van 1m langsheen de perceelsgrenzen mag bij eventuele terreinwijzigingen nooit hoger gebracht worden dan het niveau van de aanpalende percelen. Alle overtollige grond die vrijkomt bij het graven van de funderingen, dient verwijderd te worden via een erkende grondwerker of naar een erkende grondreinigingsplaats.

Hinderaspecten met betrekking tot gezondheid, gebruiksgenot en veiligheid in het algemeen

Er wordt geen hinder verwacht door voorliggende aanvraag m.b.t. tot de gezondheid, het gebruiksgenot en veiligheid in het algemeen. Er werden immers geen bezwaarschriften ingediend.

Bomen – te kappen:

Uit het dossier blijkt dat er voorgesteld wordt om een boom te kappen. Alvorens het kappen van de boom, dient er een omgevingsvergunning bekomen te worden voor stedenbouwkundige handelingen.

De aanvraag voldoet aan de criteria voor de goede ruimtelijke ordening in de onmiddellijke en ruime omgeving mits te voldoen aan de voorschriften in bijlage, opgesteld door het college van burgemeester en schepenen.

BESPREKING VAN DE ADVIEZEN

1.- Het advies van 28 mei 2020 van de Watergroep is voorwaardelijk gunstig:

“Er is geen uitbreiding van de waterleiding noodzakelijk.

Iedere wooneenheid dient over een afzonderlijke watermeter te beschikken. De plaats van de watermeter dient te beantwoorden aan de voorschriften van De Watergroep.

De kosten van de nieuwe aftakkingen zijn ten laste van de aanvragers.”

De gemeentelijke omgevingsambtenaar sluit zich aan bij dit advies. De voorwaarden en opmerkingen gesteld in het advies zoals hoger aangehaald, dienen gevolgd te worden.

2.- Het advies van 24 juni 2020 van Eandis System Operator (Fluvius) is voorwaardelijk gunstig:

“Uw diensten deelden ons mee dat Market bvba de nodige aanvragen/vergunningen heeft/hebben ingediend/bekomen voor gronden gelegen Donkeindeweg 273520 Zonhoven. 

Hiertoe en conform het “Reglement voor verkavelingen en bouwprojecten” van de distributienetbeheerder heeft Fluvius onderzocht of de nutsvoorzieningen voor dit project dienen aangelegd of aangepast te worden. 

Voor deze regularisatie langs bestaande wegenis zijn de nutsleidingen elektriciteit, aardgas en kabeltelevisie aanwezig. Er zijn geen extra uitbreidingswerken of netaanpassingen noodzakelijk, de kosten voor capaciteitsinname van toepassing zijn reeds verrekend bij OMV 2018127136 (D273871). 

Deze regularisatie kan aldus aangesloten worden op de nutsleidingen via de bestaande verdeelnetten in de straat. Wat ons betreft kan het verkoopsattest voor dit project worden vrijgegeven. 

Voor de aansluitmodaliteiten en -prijzen van de individuele huisaansluitingen elektriciteit, aardgas, kabeldistributie en riolering verwijzen wij naar onze website www.fluvius.be, of telefonisch via 078 35 35 34.
 Voor de producten en diensten van kabeldistributie moeten de eigenaars van de percelen contact opnemen met Telenet via www.telenet.be, met een Telenet-verdeler in hun buurt (zie verkooppunten op www.telenet.be) of via het telefoonnummer 015 66 66 66. 

De initiatiefnemer werd hiervan eveneens ingelicht.”

De gemeentelijke omgevingsambtenaar sluit zich aan bij dit advies. De voorwaarden en opmerkingen gesteld in het advies zoals hoger aangehaald, dienen gevolgd te worden.

3.- Het advies van 22 mei 2020 van Proximus is gunstig:

“Met aandacht hebben wij uw adviesvraag onderzocht. Proximus voorziet geen uitbreidingen voor de aansluiting van dit project.

Aanvragen tot aansluiting op het Proximus netwerk kunnen door de aanvrager gericht worden naar onze klantendienst via het nummer 0800 22 800. In functie van de beschikbare capaciteit van onze infrastructuur op dat moment, bekijken we de mogelijkheden om een aansluiting te voorzien.”

De gemeentelijke omgevingsambtenaar sluit zich aan bij dit advies. 

4.- Het advies van 5 juni 2020 van de Dienst Werken in Eigen Beheer (Patrimonium) is voorwaardelijk gunstig:

“Gunstig mits naleven van volgende voorwaarden: de open gracht moet behouden blijven en de perceelsovergang voor beide percelen dient centraal gecombineerd te worden en mag maximaal 10 meter breed zijn. D.w.z. dat elk perceel een toegang (inrit) heeft van maximaal 5 m.”

De gemeentelijke omgevingsambtenaar sluit zich deels aan bij dit advies. De open gracht moet behouden blijven, maar de perceelsovergang voor beide percelen moet niet centraal gecombineerd worden, aangezien dit bij het oprichten van carports in de zijtuinstrook zal leiden tot het volledig verharden van de voortuinstroken, hetgeen vanuit stedenbouwkundig oogpunt niet aanvaardbaar is. De inrit mag ter hoogte van de rooilijn maximaal 3,5 meter breed zijn per bouwlot.

Uit de bovenstaande motivering blijkt dat de ruimtelijke draagkracht van het gebied niet wordt overschreden en dat de voorziene verweving van functies de aanwezige of te realiseren bestemmingen in de onmiddellijke omgeving niet in het gedrang brengen noch verstoren. De aanvraag is verenigbaar met de goede ruimtelijke ordening.

EINDADVIES

Uit bovenstaande motiveringen blijkt dat de aanvraag in overeenstemming is met de wettelijke bepalingen inzake milieu en ruimtelijke ordening, en dat het voorgestelde ontwerp verenigbaar is met de goede plaatselijke ordening en met zijn onmiddellijke omgeving. 

De aanvraag is vatbaar voor een omgevingsvergunning voor het regulariseren van het verkavelen van een perceel in 2 loten voor halfopen bebouwing (loten 1A en 2A), mits het opleggen van voorwaarden:

Bijgevolg adviseert de gemeentelijke omgevingsambtenaar het dossier voorwaardelijk gunstig voor het regulariseren van het verkavelen van een perceel in 2 loten voor halfopen bebouwing (loten 1A en 2A), zoals voorgesteld op de voorgebrachte plannen die als bijlage aan de aanvraag zijn verbonden en voor zover rekening gehouden wordt met de gestelde voorwaarden:
1. Te voldoen aan de voorwaarden gesteld door Eandis System Operator (Fluvius).
2. Te voldoen aan de voorwaarden gesteld door De Watergroep.
3. De open gracht moet behouden blijven. De inrit mag ter hoogte van de rooilijn maximaal 3,5 meter breed zijn per bouwlot.
4. Te voldoen aan volgende voorwaarden met betrekking tot de watertoets:
     a) De toekomstige aanvragen tot omgevingsvergunning dienen te voorzien in maatregelen voor opvang en lozing van hemelwater. De bepalingen van de gewestelijke stedenbouwkundige verordening inzake hemelwaterputten, infiltratievoorzieningen, buffervoorzieningen en gescheiden lozing van afvalwater en hemelwater (Besluit Vlaamse Regering dd. 5 juli 2013) moeten alleszins nageleefd worden.
     b) Indien er ondergrondse constructies worden opgericht, de bemaling voldoet aan de voorwaarden zoals opgelegd in Vlarem II.
     c) Een permanente drainage, ook al is dit in functie van een aanleg van een ondergrondse constructie, mag niet voorzien worden aangezien permanente drainage een continue verlaging van de grondwaterstand tot gevolg heeft.
5. De initiatiefnemer handelt volgens en voldoet aan de reglementeringen van de nutsmaatschappijen.
6. Kosten voor het voorzien / verleggen of uitbreiden van de nutsleidingen moeten gedragen worden door de verkavelaar;
7. Aanpassingen aan inrichtingen, constructies of beplantingen op het openbaar domein naar aanleiding van de omgevingsaanvraag of de toekomstige omgevingsaanvraag zijn steeds ten laste van de aanvrager.
Alle kosten naar aanleiding van een heraanplanting op het openbaar domein, uitgevoerd naar aanleiding van een omgevingsaanvraag voor het verkavelen van gronden of een omgevingsaanvraag van een particulier, blijft ten laste van de aanvrager
8. De omgevingsvergunning verleent geen machtiging tot het kappen van bomen. De kapping dient beoordeeld te worden binnen een omgevingsaanvraag voor stedenbouwkundige handelingen
9. De paalstenen aan de rooilijn dienen geplaatst worden.
10. De stedenbouwkundige voorschriften, door de ontwerper gevoegd bij de aanvraag, zijn niet van toepassing. Te voldoen aan de verkavelingsvoorschriften in bijlage, opgesteld door de gemeente.
11. Vervreemding van een lot uit de verkaveling kan pas geschieden, nadat het attest conform artikel 4.2.16 §2 van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening werd afgeleverd, waaruit blijkt dat aan alle voorwaarden van de omgevingsvergunning voor het verkavelen van gronden werd voldaan.
12. Een omgevingsvergunning voor het bebouwen van een lot kan pas verkregen worden, nadat het attest conform artikel 4.2.16 §2 van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening werd afgeleverd, waaruit blijkt dat aan alle voorwaarden van de omgevingsvergunning voor het verkavelen van gronden werd voldaan.
13. Na het afleveren van het attest conform artikel 4.2.16§2 van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening dient de verkaveling in een officiële akte gegoten de worden.  De gemeente dient in kennis te worden gebracht van de akte van neerlegging van de verkaveling.

Deze vergunning stelt de aanvrager niet vrij van het aanvragen en verkrijgen van eventuele andere vergunningen of machtigingen.

Besluit

Het college van burgemeester en schepenen beslist:

Artikel 1

Het college van burgemeester en schepenen volgt integraal het advies van de gemeentelijk omgevingsambtenaar omtrent het sluiten van het openbaar onderzoek en tot het afleveren van een omgevingsvergunning met voorwaarden aan de aanvrager.

Artikel 2

Het college van burgemeester en schepenen beslist tot het afleveren van een omgevingsvergunning met voorwaarden aan de aanvrager.

De omgevingsvergunning omvat  het regulariseren van het verkavelen van een perceel in 2 loten voor halfopen bebouwing (loten 1A en 2A), zoals voorgesteld op de voorgebrachte plannen die als bijlage aan deze omgevingsaanvraag zijn verbonden en voor zover rekening gehouden wordt met de gestelde voorwaarden.

Artikel 3

De omgevingsvergunning wordt aldus afgegeven onder volgende voorwaarden:

1)  Te voldoen aan de voorwaarden gesteld door Eandis System Operator (Fluvius).
2) Te voldoen aan de voorwaarden gesteld door De Watergroep.
3) De open gracht moet behouden blijven. De inrit mag ter hoogte van de rooilijn maximaal 3,5 meter breed zijn per bouwlot.
4) Te voldoen aan volgende voorwaarden met betrekking tot de watertoets:
a. De toekomstige aanvragen tot omgevingsvergunning dienen te voorzien in maatregelen voor opvang en lozing van hemelwater. De bepalingen van de gewestelijke stedenbouwkundige verordening inzake hemelwaterputten, infiltratievoorzieningen, buffervoorzieningen en gescheiden lozing van afvalwater en hemelwater (Besluit Vlaamse Regering dd. 5 juli 2013) moeten alleszins nageleefd worden.
b. Indien er ondergrondse constructies worden opgericht, de bemaling voldoet aan de voorwaarden zoals opgelegd in Vlarem II.
c. Een permanente drainage, ook al is dit in functie van een aanleg van een ondergrondse constructie, mag niet voorzien worden aangezien permanente drainage een continue verlaging van de grondwaterstand tot gevolg heeft.
5) De initiatiefnemer handelt volgens en voldoet aan de reglementeringen van de nutsmaatschappijen.
6) Kosten voor het voorzien / verleggen of uitbreiden van de nutsleidingen moeten gedragen worden door de verkavelaar.
7) Aanpassingen aan inrichtingen, constructies of beplantingen op het openbaar domein naar aanleiding van de omgevingsaanvraag of de toekomstige omgevingsaanvraag zijn steeds ten laste van de aanvrager.
Alle kosten naar aanleiding van een heraanplanting op het openbaar domein, uitgevoerd naar aanleiding van een omgevingsaanvraag voor het verkavelen van gronden of een omgevingsaanvraag van een particulier, blijft ten laste van de aanvrager.
8) De omgevingsvergunning verleent geen machtiging tot het kappen van bomen. De kapping dient beoordeeld te worden binnen een omgevingsaanvraag voor stedenbouwkundige handelingen.
9) De paalstenen aan de rooilijn dienen geplaatst worden.
10) De stedenbouwkundige voorschriften, door de ontwerper gevoegd bij de aanvraag, zijn niet van toepassing. Te voldoen aan de verkavelingsvoorschriften in bijlage, opgesteld door de gemeente.
11) Vervreemding van een lot uit de verkaveling kan pas geschieden, nadat het attest conform artikel 4.2.16 §2 van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening werd afgeleverd, waaruit blijkt dat aan alle voorwaarden van de omgevingsvergunning voor het verkavelen van gronden werd voldaan.
12) Een omgevingsvergunning voor het bebouwen van een lot kan pas verkregen worden, nadat het attest conform artikel 4.2.16 §2 van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening werd afgeleverd, waaruit blijkt dat aan alle voorwaarden van de omgevingsvergunning voor het verkavelen van gronden werd voldaan.
13) Na het afleveren van het attest conform artikel 4.2.16§2 van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening dient de verkaveling in een officiële akte gegoten de worden. De gemeente dient in kennis te worden gebracht van de akte van neerlegging van de verkaveling.

Deze vergunning stelt de aanvrager niet vrij van het aanvragen en verkrijgen van eventuele andere vergunningen of machtigingen.