Terug
Gepubliceerd op 08/02/2022

2021_GR_00194 - Wijziging rooilijn deel van de gemeenteweg Genkerbaan - Definitieve vaststelling - Goedkeuring

Gemeenteraad
ma 13/12/2021 - 20:00 raadzaal
Goedgekeurd

Samenstelling

Aanwezig

Sofie Vanoppen, voorzitter ; Johny De Raeve, burgemeester; Bram De Raeve, 1ste schepen; Frederick Vandeput, 2de schepen; Johan Vanhoyland, 3de schepen; Frank Vandebeek, 4de schepen; Johan Schraepen, 5de schepen; Ria Hendrikx, voorzitter BCSD; Yannick Aerts; Pol Bos; Jean-Paul Briers; Nathalie Claes; Libera Crescente; Bart Heleven; Katrien Hoebers; Lennert Kippers; Kris Knuts; Johny Lenskens; Sven Lieten; Steven Reynders; Céderique Schellis; Karen Schillebeeks; Dominic Tholen; Lieve Vandeput; Martin Vandereyt; Bart Telen, algemeen directeur

Afwezig

Bart Vanhorenbeek

Verontschuldigd

Inge Becks, raadsleden

Secretaris

Bart Telen, algemeen directeur

Stemming op het agendapunt

2021_GR_00194 - Wijziging rooilijn deel van de gemeenteweg Genkerbaan - Definitieve vaststelling - Goedkeuring

Aanwezig

Sofie Vanoppen, Johny De Raeve, Bram De Raeve, Frederick Vandeput, Johan Vanhoyland, Frank Vandebeek, Johan Schraepen, Ria Hendrikx, Yannick Aerts, Pol Bos, Jean-Paul Briers, Nathalie Claes, Libera Crescente, Bart Heleven, Katrien Hoebers, Lennert Kippers, Kris Knuts, Johny Lenskens, Sven Lieten, Steven Reynders, Céderique Schellis, Karen Schillebeeks, Dominic Tholen, Lieve Vandeput, Martin Vandereyt, Bart Telen
Stemmen voor 20
Céderique Schellis, Steven Reynders, Frederick Vandeput, Bart Heleven, Johan Schraepen, Karen Schillebeeks, Lennert Kippers, Martin Vandereyt, Ria Hendrikx, Lieve Vandeput, Sven Lieten, Bram De Raeve, Johny De Raeve, Frank Vandebeek, Johan Vanhoyland, Sofie Vanoppen, Dominic Tholen, Johny Lenskens, Katrien Hoebers, Kris Knuts
Stemmen tegen 3
Nathalie Claes, Pol Bos, Yannick Aerts
Onthoudingen 2
Libera Crescente, Jean-Paul Briers
Blanco stemmen 0
Ongeldige stemmen 0
2021_GR_00194 - Wijziging rooilijn deel van de gemeenteweg Genkerbaan - Definitieve vaststelling - Goedkeuring 2021_GR_00194 - Wijziging rooilijn deel van de gemeenteweg Genkerbaan - Definitieve vaststelling - Goedkeuring

Motivering

Verwijzingsdocumenten

  • Het ontwerp van het gemeentelijk rooilijnplan, opgemaakt en ondertekend door landmeter-expert ing. Alain Bulen dd. 30/11/2021, bevattende volgende gegevens: 
    • Het ontwerp van rooilijnplan waaruit duidelijk de actuele en de toekomstige rooilijn van de gemeenteweg blijkt;
    • De kadastrale vermelding van de sectie, de nummers en de oppervlakte van de getroffen kadastrale percelen en onroerende goederen;
    • De naam van de eigenaars van de getroffen kadastrale percelen en onroerende goederen volgens kadastrale gegevens of andere gegevens die voor het gemeentebestuur beschikbaar zijn (als bijlage).
  • Een uittreksel uit de Atlas der Buurtwegen;
  • Een uittreksel uit het kadasterplan bevattende een wegenkaart;
  • Gemeenteraad dd. 13/09/2021 betreffende de wijziging rooilijn deel van de gemeenteweg Genkerbaan - Voorlopige vaststelling;
  • Openbaar onderzoek;
  • Bezwaarschriften;

Feiten context en argumentatie

De gemeente Zonhoven beoogt de heraanleg van een deel van de gemeenteweg met naam Genkerbaan (buurtwegen nrs. 13/deel en 58/deel). 

Om die redenen heeft de gemeenteraad van 13/09/2021 het besluit genomen dat de rooilijn voor het gedeeltelijk wijzigen van de gemeenteweg met naam  Genkerbaan (buurtwegen nrs. 13/deel en 58/deel) te Zonhoven voorlopig vaststelt.

De Genkerbaan is een gemeenteweg die start in het centrum van de gemeente Zonhoven. Het grootste deel van de Genkerbaan werd een aantal jaren geleden helemaal heraangelegd. Het eerste deel van de Genkerbaan werd echter niet heraangelegd. Dit gedeelte bestaat uit een betonbaan geflankeerd door een strook parking met daarnaast een stoep die sinds 1963-1964 tot aan de gevels van de huizen reikt. 

Tot op heden bestaat er onzekerheid over de exacte ligging van de rooilijn en de grens tussen het openbaar domein en de aangelande eigendommen. Volgens het kadaster reikt de rooilijn tot tegen de gevels. Sommige eigenaars betwisten dit en uit enkele vonnissen blijkt dat dit niet voor alle percelen het geval is. In dat opzicht is de opmaak van een rooilijnplan noodzakelijk teneinde hierin duidelijkheid te scheppen en de heraanleg van dit gedeelte van de Genkerbaan mogelijk te maken. 

Het voorliggend rooilijnenplan is er op gericht om de heraanleg van de Genkerbaan mogelijk te maken. Om de rooilijn te realiseren worden 29 kleine innames voorzien, zoals aangeduid op het rooilijnplan en de innemingstabel. Deze innames kunnen ten gepaste tijde gerealiseerd worden door minnelijke aankoop van de percelen of door onteigening. 

Argumentatie

Het voornemen tot het wijzigen van een deel van de gemeenteweg is in overeenstemming met de artikelen 3 en 4 van het Gemeentewegendecreet. De gemeente Zonhoven beschikt niet over een gemeentelijk beleidskader en afwegingskader, waarin de decretale doelstellingen en principes worden verfijnd, geconcretiseerd en aangevuld. 

Artikel 3 van het Gemeentewegendecreet bepaalt dat de doelstelling van het decreet er in bestaat om de structuur, de samenhang en de toegankelijkheid van de gemeentewegen te vrijwaren en te verbeteren, in het bijzonder om aan de huidige en toekomstige behoeften aan zachte mobiliteit te voldoen.

Om de doelstelling, vermeld in het eerste lid, te realiseren voeren de gemeenten een geïntegreerd beleid, dat onder meer gericht is op:

    1° de uitbouw van een veilig wegennet op lokaal niveau;

    2° de herwaardering en bescherming van een fijnmazig netwerk van trage wegen, zowel op recreatief als op functioneel vlak.

Artikel 4 van het Gemeentewegendecreet bepaalt dat bij beslissingen over wijzigingen van het gemeentelijk wegennet minimaal wordt rekening gehouden met de volgende principes:

    1° wijzigingen van het gemeentelijk wegennet staan steeds ten dienste van het algemeen belang;

    2° een wijziging, verplaatsing of afschaffing van een gemeenteweg is een uitzonderingsmaatregel die afdoende wordt gemotiveerd;

    3° de verkeersveiligheid en de ontsluiting van aangrenzende percelen worden steeds in acht genomen;

    4° wijzigingen aan het wegennet worden zo nodig beoordeeld in een gemeentegrensoverschrijdend perspectief;

    5° bij de afweging voor wijzigingen aan het wegennet wordt rekening gehouden met de actuele functie van de gemeenteweg, zonder daarbij de behoeften van de toekomstige generaties in het gedrang te brengen. Daarbij worden de ruimtelijke behoeften van de verschillende maatschappelijke activiteiten gelijktijdig tegen elkaar afgewogen.

Algemeen belang:

Het voornemen van het College van Burgemeester en Schepenen tot het wijzigen van een deel van de gemeenteweg Genkerbaan geeft uitvoering aan artikel 3 (doelstellingen) en artikel 4 (principes) van het Gemeentewegendecreet. 

Het her aan te leggen gedeelte van de Genkerbaan is een betonbaan waar dringend nood is om deze op te waarderen. De opwaardering beoogt het verbeteren van de infrastructuur en het verhogen van de verkeersveiligheid. Op dit ogenblik is het niet duidelijk waar fietsers zich binnen het verkeer op het eerste gedeelte van de Genkerbaan moeten begeven. Bovendien bevinden zich onmiddellijk naast de rijbaan kopse parkeerplaatsen, hetgeen tot verdere onveiligheid leidt voor de zwakke weggebruiker. Bij het in- en uitrijden van deze parkeerplaatsen is het zicht op het verkeer en in het bijzonder op de zwakke weggebruiker beperkt. Dit in tegenstelling tot het daarop aansluitende gedeelte van de Genkerbaan, waar voorzien is in afzonderlijke fietspaden aan weerszijden van de Genkerbaan. Het rooilijnplan verzekert dan ook het veilig weggebruik.

De huidige eigendomssituatie maakte het tot op heden echter onmogelijk om de Genkerbaan her aan te leggen. Om die reden dringt het vastleggen van een rooilijnplan zich op, waarbij zal worden overgegaan tot inname van 23 beperkte percelen, om de rooilijn te kunnen realiseren. Op die manier kan er tot een kwalitatieve en veilige heraanleg van de Genkerbaan worden overgegaan. 

Het initiatief steunt op volgende principes: 

  • Het vrijwaren van een coherent geheel van gevel tot gevel om elke deelnemer aan het verkeer zijn/haar rechtmatige plaats te geven binnen het openbaar domein;
  • De uitbouw van veilige fiets- en voetgangersvoorzieningen in een groenere omgeving;
  • Een blijvende aandacht voor een goede bereikbaarheid van alle voorzieningen door:
    1. Het vrijwaren van toegangen/inritten;
    2. Het verbeteren en verduidelijken van de parkeerinfrastructuur;
  • Het ontstaan van een meer veilige en leesbare inrichting voor alle verkeersdeelnemers;
  • Het aantakken op het reeds heraangelegde gedeelte van de Genkerbaan. 

Uitzonderingskarakter van de wijziging, verplaatsing of opheffing:

Het voorliggend rooilijnplan bevat geen wijziging, verplaatsing of opheffing van een gemeenteweg.

Verkeersveiligheid

Het rooilijnplan heeft geen invloed op de verkeersafwikkeling of de ontsluiting van de aanpalende percelen en is er net op gericht om de verkeersveiligheid te verhogen. 

Gemeentegrensoverschrijdend perspectief

Het rooilijnplan heeft betrekking op een gedeelte van de Genkerbaan, gelegen in het onmiddellijke centrum van de gemeente Zonhoven. In dat opzicht is er geen sprake van een gemeentegrensoverschrijdend perspectief. 

Actuele functie en toekomstige generaties

Het rooilijnplan bevestigt het gebruik van de gemeenteweg naar de toekomst toe als gemeenteweg. Het rooilijnplan dient zowel de weggebruikers (algemeen belang) als het belang van de aanpalende eigenaars. Behoeften van toekomstige generaties worden geenszins gehypothekeerd.

De waardevermeerdering en -vermindering wordt  op nul euro geschat. De weginrichting is al meer dan dertig jaar volledig uitgerust over de volledige breedte tussen de wijzigende rooilijnen. Deze zone valt al meer dan dertig jaar onder het rechtstreekse beheer van de gemeente. Deze waardebepaling staat los van de eigendomssituatie. Zoals hierboven uiteengezet, zullen de percelen waarop de nieuw rooilijn zich uitbreidt, ten gepaste tijden in der minne aangekocht dan wel onteigend worden.

Inspraak en advies

Er vond een openbaar onderzoek plaats dat, in overeenstemming met artikel 17 van het Decreet houdende de Gemeentewegen van 3 mei 2019, plaatsvond van 27 september 2021 tot en met 26 oktober 2021; 

Uit het proces-verbaal van het openbaar onderzoek blijkt dat er 19 bezwaren (waarvan één laattijdig) werden ingediend; 

De bespreking van de ingediende bezwaren in zitting van heden;

Bezwaarschrift 1

Gelet op bezwaar nr. 1 van 27 september 2021, ontvangen op 27 september 2021, dat als volgt beschreven werd (geanonimiseerd waar nodig):

“Geachte,

Middels deze mail teken ik bezwaar aan tegen uw beslissing tot de goedkeuring aan de vraag tot wijziging rooilijn deel van de gemeenteweg Genkerbaan En wel om de volgende redenen -mijn parkingruimte voor mijn handelszaak Gelegen genkerbaan [huisnr.] moet behouden worden voor mijn cliënten ook zeer belangrijk te vermelden dat mijn handelszaak een kapsalon is Heb mijn handelszaak/huis speciaal gekocht voor mijn Parking wat juist zo geweldig is (parking voor de deur)!”

De gemeenteraad neemt volgend gemotiveerd standpunt in voor bezwaar nr. 1:

Zoals hierboven alsook in het gemeenteraadsbesluit betreffende de voorlopige vaststelling van de wijziging rooilijn van de gemeenteweg Genkerbaan dd. 13/09/2021 uiteengezet, geschiedt de wijziging van het rooilijnplan onder andere mits blijvende aandacht voor een goede bereikbaarheid van alle voorzieningen door het vrijwaren van toegangen/inritten en het verbeteren en verduidelijken van de parkeerinfrastructuur. 

De huidige inrichting van het begin van de Genkerbaan waarbij zich onmiddellijk naast de rijbaan kopse parkeerplaatsen bevinden, leidt tot onveiligheid voor de zwakke weggebruiker, zoals ook het geval is bij de handelszaak. Het doel van de vaststelling van de rooilijn bestaat in een kwalitatieve herinrichting van de Genkerbaan met oog voor de veiligheid van de weggebruikers. Hierbij zal op een veilige wijze voorzien worden in parkeerplaatsen.

De gemeenteraad neemt nota van het bezwaar nr. 1.

Bezwaarschrift 2

Gelet op bezwaar nr. 2 van 18 oktober 2021, ontvangen op 18 oktober 2021, dat als volgt beschreven werd (geanonimiseerd waar nodig):

"De ondergetekende(n) [...] eigenaars van het perceel gelegen aan de Genkerbaan met als kadastrale omschrijving afdeling 3, sectie E, nummer [...] heeft/hebben de eer bij deze bezwaar aan te tekenen tegen de voorgestelde wijziging rooilijn deel van de gemeenteweg Genkerbaan.

Uit het door landmeter-expert Alain Bulen opgesteld ontwerp van rooilijnplan blijkt dat de gemeente van oordeel is dat zij momenteel reeds eigenaar zou zijn van de voor(tuin)stroken van 19 percelen grenzend aan de Genkerbaan en dat de gemeente anderzijds nog de voor(tuin)stroken van 21 percelen wenst te verwerven.

Volgens de gemeente loopt de huidige rooilijn blijkbaar t.a.v. 19 percelen tot tegen de gevels van die percelen en t.a.v. 21 percelen tot ongeveer 5 meter voor de gevels van die percelen (met uitzondering van de onbebouwde percelen).

De gemeente is hierbij blijkbaar van mening dat alle percelen wiens oppervlakte volgens de laatste aankoopakte even groot is als de oppervlakte in het Kadasterplan, reeds eigendom zijn van de gemeente, zijnde de 19 voormelde percelen waarvan sprake.

Het feit dat de gemeente zich baseert op het Kadasterplan om zich bepaalde eigendommen toe te eigenen is echter niet correct aangezien de gegevens van het kadaster enkel kunnen dienen als vermoeden van eigendom.

Volgens de rechtspraak en rechtsleer heeft het Kadasterplan immers geen enkele juridische waarde.

Het is dan ook zeer vreemd dat de gemeente zich baseert op het Kadasterplan om zich enerzijds de voorstroken van 19 percelen toe te eigenen en anderzijds de onteigening van de voorstroken van 21 percelen te voorzien.

Volgens de ondergetekenden strekken alle gronden van de eigendommen gelegen aan het eerste deel van de Genkerbaan zich uit tot 5 meter voor de woningen, waar zich oorspronkelijk de voortuinen bevonden en de gemeente werd hiervan in het verleden reeds verschillende keren in kennis gesteld.

Destijds is er door de eigenaars van de respectievelijke percelen immers enkel mee ingestemd dat de gemeente de voorstroken zou inrichten als voetpad en parkeergelegenheid, zonder dat er afstand werd gedaan van de eigendom van deze voorstroken.

Dit blijkt trouwens ook duidelijk uit het uittreksel uit de kadastrale schets daterend van 1987 en door de Inspecteur van het Kadaster overgemaakt op 10 december 2004 (zie bijlage 1).

Behoudens vergissing en tegenbewijs vanwege de gemeente, hebben de eigenaars ten aanzien van de gemeente nooit op enigerlei wijze afstand gedaan van hun eigendomsrechten op de voorstroken van hun eigendommen, zodat alle eigenaars nog steeds eigenaar zijn van de stroken grond van 5 meter die zich vóór de woningen/handelspanden bevinden.

Deze eigendomskwestie werd door verschillende eigenaars ook reeds aangehaald in de bezwaarschriften die op 14 augustus 2005 werden ingediend tegen de vroegere bouwaanvraag met de plannen voor de fameuze 'Ramblas'.

Bovendien hebben verschillende eigenaars gereageerd op de brief van de gemeente Zonhoven dd. 15 april 2009, waarin gevraagd werd om te bewijzen dat zij eigenaar zijn van de voorstroken.

Door verschillende eigenaars werd op dat ogenblik (o.a. bij officiële brieven van 29 april 2009) bevestigd dat zij nog steeds eigenaar zijn van de voorstroken van 5 meter gelegen voor de woningen/handelspanden en dit werd aangetoond aan de hand van bewijsstukken.

De gemeente Zonhoven heeft op deze briefwisseling nooit geantwoord, waaruit dient afgeleid te worden dat de gemeente aanvaardt dat alle eigenaars nog steeds eigenaar zijn van de voorstroken voor hun woningen/handelspanden.

Wat het perceel van ondergetekenden in het bijzonder betreft, wordt op basis van verschillende bewijsstukken aangetoond dat de voorstrook gelegen voor hun woning nog steeds hun eigendom is: Plan.

Mogen wij u verzoeken rekening te houden met onze bezwaren, en ons bovendien in kennis te stellen van het gevolg dat aan de aanvraag en aan deze bezwaren zal worden verleend.

In afwachting behouden de ondergetekenden zich alle rechten voor, inclusief het ontwikkelen van bijkomende argumenten in het verder verloop van de procedure."

De gemeenteraad neemt volgend gemotiveerd standpunt in voor bezwaar nr. 2:

Het kadaster kan gelden als vermoeden of inlichting van eigendom. Artikel 141 Hypotheekwet bepaalt dat notarissen de kadastrale beschrijving van het goed dienen op te nemen in de akte. De gemeente heeft deze objectieve gegevens als uitgangspunt genomen bij de voorlopige vaststelling van de rooilijn. Dit vermoeden is een weerlegbaar vermoeden dat kan worden weerlegd aan de hand van bewijsstukken, waarmee bij de definitieve vastlegging van de rooilijn rekening wordt gehouden.

Het plan dewelke de bezwaarindiener meestuurt om te bewijzen dat de voorstrook nog steeds zijn eigendom is, is een uittreksel uit de kadastrale schets uit 1971. Deze schets is slecht zicht- en leesbaar maar er kan worden afgeleid dat de percelen in 1971 zich op basis van het kadastrale plan uitstrekten tot een beperkte strook voor de gevels, dewelke overeen kan komen met vijf meter zoals herhaaldelijk in het bezwaarschrift te lezen. Een kadastrale schets uit 1971 toont echter niet aan wat de situatie vandaag is, laat staan wat betreft dit individueel geval. Bovendien spreekt de bezwaarindiener zichzelf tegen daar deze eerder in diens bezwaar beweert dat een Kadasterplan geen enkele juridische waarde heeft. Vanzelfsprekend primeert het kadastrale plan van vandaag in ieder geval op dat van een willekeurige datum van ongeveer 50 jaar geleden. De bezwaarindiener reikt geen enkel element aan waaruit zou blijken dat deze vandaag noch in het verleden in het bezit is of was van een perceel dewelke zich verder uitstrekt dan diens voorgevel.

Daarnaast verwijst bezwaarindiener in diens schrijven naar een kadastrale schets daterend van 1987 maar deze ontbreekt in het bezwaar, waardoor dit verder niet onderzocht kan worden.

Bij gebrek aan eender welk element aangeleverd door de bezwaarindiener waaruit het tegendeel blijkt, is er geen enkele reden om te twijfelen aan de juistheid van het kadasterplan van vandaag. Bovendien impliceert bezwaarindiener in diens schrijven dat in diens (notariële) aankoopakte een oppervlakte vermeld staat even groot zoals gekend in het kadaster van vandaag, dus te rekenen vanaf de gevel: "De gemeente is hierbij blijkbaar van mening dat alle percelen wiens oppervlakte volgens de laatste aankoopakte even groot is als de oppervlakte in het Kadasterplan, reeds eigendom zijn van de gemeente, zijnde de 19 voormelde percelen waarvan sprake". Het perceel van bezwaarindiener behoort tot die 19 percelen waarnaar deze zelf verwijst, waardoor bezwaarindiener dus te kennen geeft dat diens aankoopakte niet verschilt met de gegevens te vinden in het kadaster.

Tot slot verwijst bezwaarindiener nog naar de bouwaanvraag van 2005 en het schrijven van de gemeente van meer dan tien jaar geleden, waarbij destijds reeds een poging werd ondernomen om de Genkerbaan heraan te leggen. De huidige procedure tot vaststelling van de rooilijn staat hier los van. Bovendien heeft bezwaarindiener geen belang bij dit argument aangezien hij tijdens het openbaar onderzoek opnieuw de kans heeft gekregen om de bewijsstukken voor te leggen waaruit blijkt dat hij eigenaar zou zijn van de eerste vijf meter voor zijn woning.

Het bezwaar nr. 2 wordt bijgevolg niet weerhouden.

 

Bezwaarschrift 3

Gelet op bezwaar nr. 3 van 18 oktober 2021, ontvangen op 19 oktober 2021, dat als volgt beschreven werd (geanonimiseerd waar nodig):

“Per 13 september 2021 heeft het gemeentebestuur haar goedkeuring gegeven aan de wijziging der rooilijn Genkerbaan.

Tevens heeft het gemeentebestuur advies ingewonnen aangaande het al of niet eigenaar te zijn van de voorliggende grond door de eigenaars der gebouwen langs de Genkerbaan.

Voorheen waren deze perceeltjes private hofjes / door de buurtbewoners zelf aangelegde parking in de jaren 1950 - 1960.

Het perceel gelegen voor de woning Nr 17, Zonhoven, 3° Afdeling, Sectie E nr 8/G/3, is volgens onze bescheiden mening wel eigendom van […],

De notariële akte, verleden per 24/09/1993 voor het ambt van Jageneau Emile, notaris te Diepenbeek vermeldt geen juiste oppervlakte.

De akte vermeld “2“ oppervlakten, nl de oppervlakte volgens de titels, en de oppervlakte volgens het kadaster.

Volgens de titels is de oppervlakte : 01a 13ca + 37ca + 90ca            = 02a 40ca 

Volgens het Kadaster op dat ogenblik : 86ca + 01a 27ca                  = 02a 13ca

Verschil         = 00a 27ca

Afschrift van de notariële akte maken wij per email over aan de heer SLEGERS Kevin, dienst contractmanagement.

Gelieve ons te berichten aangaande herziening of behoud van uw standpunt inzake eigendomstitel”

De gemeenteraad neemt volgend gemotiveerd standpunt in voor bezwaar nr. 3:

De bezwaarindiener voegt bij zijn bezwaar de meest recente verkoopakte van 24 september 1993 toe waaruit blijkt dat oppervlakte zoals vermeld groter is dan de oppervlakte zoals aangegeven in het kadaster. 

Deze oppervlakte kan overeen komen met de oppervlakte van de grond gelegen voor de voorgevel van de woning.

De gemeente merkt nog op dat bezwaarindiener er wel verkeerdelijk van uit gaat dat de parkeerplaatsen die zich voor de woning bevindt, zou zijn aangelegd door de buurtbewoners zelf. De parkeerplaatsen werden ingericht door de gemeente.

Het bezwaar nr. 3 wordt bijgevolg weerhouden.

 

Bezwaarschrift 4

Gelet op bezwaar nr. 4 van 19 oktober 2021, ontvangen op 20 oktober 2021 dat als volgt beschreven werd (geanonimiseerd waar nodig):

 

“De ondergetekende(n) [], eigenaar(s) van het perceel gelegen aan de Genkerbaan met als kadastrale omschrijving afdeling 3, sectie E, nummer 64/Y/2 hebben de eer bij deze bezwaar aan te tekenen tegen de voorgestelde wijziging rooilijn deel van de gemeenteweg Genkerbaan.

Uit het door landmeter-expert Alain Bulen opgesteld ontwerp van rooilijnplan blijkt dat de gemeente van oordeel is dat zij momenteel reeds eigenaar zou zijn van de voor(tuin)stroken van 19 percelen grenzend aan de Genkerbaan en dat de gemeente anderzijds nog de voor(tuin)stroken van 21 percelen wenst te verwerven.

Volgens de gemeente loopt de huidige rooilijn blijkbaar t.a.v. 19 percelen tot tegen de gevels van die percelen en t.a.v. 21 percelen tot ongeveer 5 meter voor de gevels van die percelen (met uitzondering van de onbebouwde percelen).

De gemeente is hierbij blijkbaar van mening dat alle percelen wiens oppervlakte volgens de laatste aankoopakte even groot is als de oppervlakte in het Kadasterplan, reeds eigendom zijn van de gemeente, zijnde de 19 voormelde percelen waarvan sprake.

Het feit dat de gemeente zich baseert op het Kadasterplan om zich bepaalde eigendommen toe te eigenen is echter niet correct aangezien de gegevens van het Kadaster enkel kunnen dienen als vermoeden van eigendom.

Volgens de rechtspraak en rechtsleer heeft het Kadasterplan immers geen enkele juridische waarde.

Het is dan ook zeer vreemd dat de gemeente zich baseert op het Kadasterplan om zich enerzijds de voorstroken van 19 percelen toe te eigenen en anderzijds de onteigening van de voorstroken van 21 percelen te voorzien.

Volgens de ondergetekenden strekken alle gronden van de eigendommen gelegen aan het eerste deel van de Genkerbaan zich uit tot 5 meter voor de woningen, waar zich oorspronkelijk de voortuinen bevonden en de gemeente werd hiervan in het verleden reeds verschillende keren in kennis gesteld.

Destijds is er door de eigenaars van de respectievelijke percelen immers enkel mee ingestemd dat de gemeente de voorstroken zou inrichten als voetpad en parkeergelegenheid, zonder dat er afstand werd gedaan van de eigendom van deze voorstroken.

Dit blijkt trouwens ook duidelijk uit het uittreksel uit de kadastrale schets daterend van 1987 en door de Inspecteur van het Kadaster overgemaakt op 10 december 2004 (zie bijlage 1).

Behoudens vergissing en tegenbewijs vanwege de gemeente, hebben de eigenaars ten aanzien van de gemeente  nooit op enigerlei wijze afstand gedaan van hun eigendomsrechten op de voorstroken van hun eigendommen, zodat alle eigenaars nog steeds eigenaar zijn van de stroken grond van 5 meter die zich vóór de woningen/handelspanden bevinden.

Deze eigendomskwestie werd door verschillende eigenaars ook reeds aangehaald in de bezwaarschriften die op 14 augustus 2005 werden ingediend tegen de vroegere bouwaanvraag met de plannen voor de fameuze ‘Ramblas’.

Bovendien hebben verschillende eigenaars gereageerd op de brief van de gemeente Zonhoven dd. 15 april 2009, waarin gevraagd werd om te bewijzen dat zij eigenaar zijn van de voorstroken.

Door verschillende eigenaars werd op dat ogenblik (o.a. bij officiële brieven van 29 april 2009) bevestigd dat zij nog steeds eigenaar zijn van de voorstroken van 5 meter gelegen voor de woningen/handelspanden en dit werd aangetoond aan de hand van bewijsstukken.

De gemeente Zonhoven heeft op deze briefwisseling nooit geantwoord, waaruit dient afgeleid te worden dat de gemeente aanvaardt dat alle eigenaars nog steeds eigenaar zijn van de voorstroken voor hun woningen/handelspanden.

Wat het perceel van ondergetekenden in het bijzonder betreft, wordt op basis van verschillende bewijsstukken aangetoond dat de voorstrook gelegen voor hun woning nog steeds hun eigendom is :

Dit is de originele akte van 26 maart 1955. Navraag leert dat er sindsdien geen officieel document bekend is waarop de voorstrook afgestaan wordt aan de gemeente. Bijgevolg is deze voorstrook nog steeds ons bezit.

Mogen wij u verzoeken rekening te houden met onze bezwaren, en ons bovendien in kennis te stellen van het gevolg dat aan de aanvraag en aan deze bezwaren zal worden verleend.

In afwachting behouden de ondergetekenden zich alle rechten voor, inclusief het ontwikkelen van bijkomende argumenten in het verder verloop van de procedure.”

De gemeenteraad neemt volgend gemotiveerd standpunt in voor bezwaar nr. 4:

Het kadaster kan gelden als vermoeden of inlichting van eigendom. Artikel 141 Hypotheekwet bepaalt dat notarissen de kadastrale beschrijving van het goed dienen op te nemen in de akte. De gemeente heeft deze objectieve gegevens als uitgangspunt genomen bij de voorlopige vaststelling van de rooilijn. Dit vermoeden is een weerlegbaar vermoeden dat kan worden weerlegd aan de hand van bewijsstukken, waarmee bij de definitieve vastlegging van de rooilijn rekening wordt gehouden.

Het plan waarnaar de bezwaarindieners verwijzen om te bewijzen dat de voorstrook nog steeds hun eigendom is, is een uittreksel uit de kadastrale schets uit 1987. Deze schets is niet toegevoegd, maar verwijzend naar andere bezwaarschriften merkt de gemeente op dat uit deze slecht leesbare schets enkel kan worden afgeleid dat de percelen in 1987 zich op basis van het kadastrale plan uitstrekten tot een beperkte strook voor de gevels, dewelke overeen kan komen met vijf meter zoals herhaaldelijk in het bezwaarschrift te lezen. Een kadastrale schets uit 1987 toont echter niet aan wat de situatie vandaag is, laat staan wat betreft dit individueel geval. Bovendien spreken de bezwaarindieners zichzelf tegen daar deze eerder in diens bezwaar beweren dat een Kadasterplan geen enkele juridische waarde heeft. Vanzelfsprekend primeert het kadastrale plan van vandaag in ieder geval op dat van een willekeurige datum van meer dan 30 jaar geleden. 

Daarnaast verwijzen bezwaarindieners in diens schrijven naar de schenkingsakte van 26 maart 1955. De akte vermeldt een oppervlakte van 3a 60 ca terwijl het kadaster een oppervlakte van 3a 23 ca vermeldt. De oppervlakte zoals vermeld in de meest recente akte is bijgevolg groter dan het kadaster. Deze oppervlakte kan overeenkomen met de grond gelegen voor de voorgevel van de woning.

Tot slot verwijzen bezwaarindieners nog naar de bouwaanvraag van 2005 en het schrijven van de gemeente van meer dan tien jaar geleden, waarbij destijds reeds een poging werd ondernomen om de Genkerbaan heraan te leggen. De huidige procedure tot vaststelling van de rooilijn staat hier los van. Bovendien hebben bezwaarindieners geen belang bij dit argument aangezien hij tijdens het openbaar onderzoek opnieuw de kans heeft gekregen om de bewijsstukken voor te leggen waaruit blijkt dat zij eigenaar zijn van de eerste vijf meter voor hun woning en zoals bezwaarindieners ook gedaan hebben.

Het bezwaar nr. 4 wordt weerhouden m.b.t. het punt waaruit blijkt dat bezwaarindieners eigenaar zijn van de grond gelegen voor de voorgevel van de woning.

 

Bezwaarschrift 5

Gelet op bezwaar nr. 5 van 21 oktober 2021, ontvangen op 22 oktober 2021 dat als volgt beschreven werd (geanonimiseerd waar nodig):

Per 13 september 2021 heeft het gemeentebestuur haar goedkeuring gegeven aan de wijziging van de rooilijn Genkerbaan.

Tevens heeft het gemeentebestuur advies ingewonnen aangaande het al of niet eigenaar te zijn van de voorliggende grond door de eigenaars der gebouwen langs de Genkerbaan.

Voorheen waren deze perceeltjes private hofjes, thans door de buurtbewoners zelf aangelegde parking in de jaren 1950 - 1960.

De voorliggende strook aan de huisnummers 27-29, groot 14,78 m x 5, 10m = 75,38 ca is naar onze mening wel degelijk onze eigendom.

Relaas der verwerving eigendom door […].

-----------------------------------------------------------------

De heer en mevrouw […] (overleden ouders van […] (huidige eigenaar) waren eigenaars van de gronden door aankoop ingevolge verschillende aktes, allen verleden voor het ambt van Notarissen Emile en Robert Jageneau te Diepenbeek in de Jaren 1946 en 1953, en verder een aankoop van een klein perceeltje van de gemeente Zonhoven, akte verleden voor notaris Romain Janssen in 1985.

De gebouwen door ze zelf opgericht te hebben.

De Heer […] overleed op datum van 10 november 1996.

Zijn erfenis verviel als volgt : aan zijn weduwe, mevrouw […], het vruchtgebruik, en aan zijn 4 kinderen de N.E. , ieder voor een gelijk deel.

Per 06 juni 1997 werd voor het ambt van Notaris Romain Janssen te Zonhoven een akte "Afstand-Deling" verleden, waarin wijlen Mevr […] verzaakt aan het vruchtgebruik dat zij verkregen had ingevolge het overlijden van haar echtgenoot wijlen […].

Verder hebben Mevr […] en de 3 zussen van […] afstand gedaan aan […] van al zulke delen welke zij bezaten in het kwestieuze pand.

[…] werd aldus eigenaar voor de geheelheid.

Gezien de ouders, te weten […] nooit enig stuk van hun eigendom verkocht en/of geruild hebben bij leven is dan ook in deze akte afstanddeling de volledige eigendom, inclusief de 75,38 m2 meter voorliggende grond, voorheen hof, thans deel van de parking langs de Genkerbaan in V.E. overgegaan naar […].

De instrumenterende notaris R. Janssen vermeld weliswaar in zijn akte 06.06.1997 de oppervlakte volgens kadaster, doch zonder waarborg aangaande de uitgedrukte maat of oppervlakte al overtrof het verschil meer dan één twintigste.

Gezien al het voorgaande zijn wij stellig de mening toegedaan dat de voorliggende grond, 75,38 m2 wel degelijk onze eigendom is.

In bijlage laten wij U afschrift van de akte Afstand-Deling, opgemaakt door Notaris Romain Janssen te Zonhoven op datum van 06 juni 1997.

Gelieve dit na te zien en ons uw standpunt kenbaar te maken inzake eigendomstitel van de kwestieuze 75ca en 38dm2.”

De gemeenteraad neemt volgend gemotiveerd standpunt in voor bezwaar nr. 5:

De bezwaarindieners voegen bij hun bezwaar de meest recente akte Afstand-Deling van 6 juni 1997 toe. Uit deze akte blijkt dat het perceel een oppervlakte heeft van 4a 85ca. Dit stemt overeen met de oppervlakte zoals vermeld in het kadaster. 

Uit de akte blijkt dat bezwaarindieners eigenaar zijn van een perceel met een oppervlakte van 4a 85ca. Ook op basis van de eigendomsaanhaling (eigendomsoorsprong) zoals vermeld in deze akte kan niet tot een ander besluit worden gekomen. 

Bij gebrek aan eender welk element aangeleverd door de bezwaarindiener waaruit het tegendeel blijkt, is er geen enkele reden om te twijfelen aan de juistheid van het kadasterplan van vandaag en de meest recente akte van 1997. 

De gemeente merkt nog op dat bezwaarindiener er wel verkeerdelijk van uit gaat dat de parkeerplaatsen die zich voor de woning bevindt, zou zijn aangelegd door de buurtbewoners zelf. De parkeerplaatsen werden ingericht door de gemeente.

Het bezwaar nr. 5 wordt niet weerhouden.

 

Bezwaarschrift 6

Gelet op bezwaar nr. 6 van 21 oktober 2021, ontvangen op 22 oktober 2021, dat als volgt beschreven werd (geanonimiseerd waar nodig):

“Bij deze tekenen wij bezwaar aan tegen het besluit van de gemeenteraad dd 13.09.2021 waarbij de vraag tot wijziging rooilijn deel van de gemeenteweg Genkerbaan werd goedgekeurd en waarvoor thans een openbaar onderzoek lopende is.

Deze wijziging rooilijn zou voor ons een onteigening van 59 m2 tot gevolg hebben.

(volgens de onteigeningstabel: innemingsnr 11, oppervlakte inneming 59 m2)

Het te onteigenen deel betreft de private stoep en de private parkings, gelegen enerzijds voor het handelspand en anderzijds voor het appartement op de eerste verdieping.

Onze argumenten zijn de volgende:

- in hogervermeld besluit van 13.09.2021 lezen wij onder andere het volgende:
 “Het grootste deel van de Genkerbaan werd een aantal jaren geleden helemaal heraangelegd. Het eerste deel van de Genkerbaan werd echter niet heraangelegd. Het is het niet duidelijk waar fietsers zich binnen het verkeer op het eerste gedeelte van de Genkerbaan moeten begeven"

Onze eigendom is gelegen op dit heraangelegde deel van de Genkerbaan en dus niet op het eerste deel hetgeen volgens uw besluit bestaat uit een betonbaan geflankeerd door een strook parking met daarnaast een stoep die sinds 1963-1964 tot aan de gevels van de huizen reikt.

De huidige situatie ter hoogte van onze eigendom stelt ons inziens dan ook geen enkel probleem.

- Los van het feit dat ons inziens ter hoogte van onze eigendom de verkeerssituatie aldus ongewijzigd kan blijven, kunnen wij niet akkoord gaan met een wijziging van de rooilijn en bijgevolg onteigening van de oppervlakte van 59 m2 gezien wij over meerdere private parkings dienen te beschikken, enerzijds voor het cliënteel van de handelszaak, anderzijds voor de bewoners van het appartement. 

(Een eventuele openbare parking is absoluut geen optie)

Het ontbreken van deze private parkings zou niet enkel de handelsactiviteiten belemmeren, maar zou tevens de verhuurwaarde van het appartement verminderen wegens het ontbreken van prive parkeergelegenheid.

Kortom, dit zou een totale waardevermindering betekenen van onze eigendom.

Omwille van hogervermelde redenen meIden wij u bij dit schrijven dan ook uitdrukkelijk dat wij niet akkoord gaan met het wijzigen van de rooilijn en dus ook niet met de hieruitvolgende onteigening.”

De gemeenteraad neemt volgend gemotiveerd standpunt in voor bezwaar nr. 6:

Het perceel van bezwaarindieners bevindt zich ter hoogte van de aantakking op het reeds heraangelegde gedeelte van de Genkerbaan, aan de linkerzijde van de kruis met de Sprinkwaterstraat. Op dit gedeelte werd het fietspad inderdaad reeds voorzien. 

Het valt evenwel niet uit te sluiten dat de werkzaamheden voor de heraanleg van de Genkerbaan tot aan de kruising met de Sprinkwaterstraat zou gebeuren. De plannen voor de heraanleg liggen nog niet vast. 

Teneinde te voorkomen dat bij de heraanleg van de weg opnieuw eigendomskwesties zouden rijzen, werd ervoor gekozen om de rooilijn in het rooilijnenplan vast te leggen tot aan de kruising van de Genkerbaan met het fietspad Sprinkwaterstraat. 

Op deze manier wordt de rooilijn gelijk getrokken, rijzen er geen problemen m.b.t. de aantakking van de weg en de (her)aanleg van de nutsvoorzieningen. 

Met betrekking tot de parkeerplaatsen werpen bezwaarindieners op dat de private parkeerplaatsen voor hun deur zouden verdwijnen. Deze parkeerplaatsen werden destijds aangelegd door de gemeente. In het kader van de heraanleg zal voorzien worden in de aanleg van (veiligere) parkeerplaatsen.

Het bezwaar nr. 6 wordt bijgevolg niet weerhouden.

 

Bezwaarschrift 7

Gelet op bezwaar nr. 7 van 21 oktober 2021, ontvangen per mail op 22 oktober 2021 en per aangetekend schrijven op 26 oktober 2021, dat als volgt beschreven werd (geanonimiseerd waar nodig):

“Middels dit schrijven / deze e-mail wenst cliënte bezwaar in te dienen tegen het betreffende rooilijnplan en wel om redenen hierna vermeld : 

Het Gemeenteraadsbesluit d.d. 13.09.2021 stelt :

- Pg. 2: Tot op heden bestaat er onzekerheid over de exacte ligging van de rooilijn en de grens tussen het openbaar domein en de aangelande eigendommen. In dat opzicht is de opmaak van een rooilijn plan noodzakelijk, teneinde hierin duidelijkheid te scheppen ...

- Pg. 3 : De weginrichting is al meer dan dertig jaar volledig uitgerust over de volledige breedte tussen de wijzigende rooi/ijnplannen. Deze zone valt al meer dan dertig jaar onder het rechtstreekse beheer van de gemeente.

Middels voorgaande argumentatie miskent de Gemeente ZONHOVEN op de meest flagrante wijze de eigendomstitels van mijn cliënte.

De Gemeente ZONHOVEN gaat voorbij aan de in een recent verleden gevoerde procedure, waarbij middels een gerechtelijk deskundig verslag op 20.04.2005 een Opmetingsplan werd opgesteld door de heer Benny MACHIELS, landmeter-meetkundig schatter, en de gemeenschappelijke grenslijn werd bepaald tussen het openbaar domein en de eigendommen van mijn cliënte (ZONHOVEN, 3de afdeling, Sectie 64/B/3 , 71/E en 72 G).

- Voorlopig deskundig verslag MACHIELS d.d. 21.04.2005. (bijlage 1)

- Definitief deskundig verslag MACHIELS d.d. 20.06.2005. (bijlage 2)

- Schattingsverslag MACHIELS d.d. 02.08.2005. (bijlage 3)

Het deskundig onderzoek MACHIELS kaderde binnen een opzichtens de Gemeente ZONHOVEN gevoerde tegensprekelijke procedure, waarbij volgende vonnissen :

- Vonnis d.d. 08.02.2005 , Vred. HOUTHALEN-HELCHTEREN, AR. 05/A/81.

Aanstelling deskundige.

(bijlage 4)

- Vonnis d.d. 19.12.2006, Vred. HOUTHALEN-HELCHTEREN, AR. 05/A/81 .      Eindvonnis.

(bijlage 5)

Beschikkend gedeelte. pg. 9 :

Zegt voor reent dat de perceelgrenzen met betrekking tot de onroerende goederen gelegen te 3520 ZONHOVEN, Grote Eggestraat 1.A en Genkerbaan 2 met annexe bouwgronden, gekadastreerd ZONHOVEN, derde afdeling, sectie E, percelennummers 72/G, 71/E en 64/813 zich situeren conform het opmetingsplan opgemaakt door de heer Benny MACHIELS, beëdigde meetkundige schatter - gerechtsdeskundige, op 20 april 2005.

- Vonnis d.d. 26.11.2007, Rechtbank Eerste Aanleg HASSELT, A.R. 07/223/A.

Hoger beroep van Gemeente ZONHOVEN ontvankelijk doch ongegrond.

(bijlage 6)

Dat de tussengekomen vonnissen kracht van gewijsde bekwamen ingevolge de betekening d.d. 11.12.2007 aan de Gemeente ZONHOVEN, en de afwezigheid van rechtsmiddelen tegen voormelde rechterlijke beslissingen. (bijlage 7)

De argumentatie zoals vervat in de Gemeenteraadsbeslissing d.d. 13.09.2021, en zoals hoger aangehaald, als zou er onzekerheid bestaan omtrent de exacte ligging van de rooilijn tussen het openbaar domein en de eigendommen is dan ook foutief, althans in zoverre deze argumentatie gebezigd wordt opzichtens mijn cliënte.

De Gemeenteraadsbeslissing d.d. 13.09.2021, waarbij zondermeer voorbij gegaan wordt aan een door de Gemeente ZONHOVEN in een recent verleden gevoerde procedure, getuigt dan ook niet bepaald van behoorlijk bestuur.

Niet alleen de redactie van de Gemeenteraadsbeslissing d.d. 13.09.2021 is foutief, hetzelfde geldt noodzakelijk voor het Rooi- en Onteigeningsplan SWECO d.d. 07.06.2021 (Project 14690147).

Dit plan miskent zondermeer het bestaan van en de rechtsgevolgen gekoppeld aan het Opmetingsplan MACHIELS d.d. 20.04.2005.

Er kan hier en nu, althans wat de eigendommen van mijn cliënte betreft, geen enkele betwisting bestaan omtrent de exacte ligging van de rooilijn.

Tussen de huidige bouwlijn en de definitief bepaalde gemeenschappelijke grenslijn bevindt zich privéeigendom van mijn cliënte met een oppervlakte van 3 a 23 ca ; gronden te kwalificeren als volwaardige bouwgrond met gunstige commerciële ligging.

De ligging van de gemeenschappelijke grenslijn tussen privé en openbaar domein is, gezien de gevoerde procedure en de rechtsgevolgen hieraan verbonden, voor geen enkele discussie vatbaar is.

Geen enkel nieuw op te stellen Rooi- en/of Onteigeningsplan kan voorbij aan de gebetonneerde data zoals opgenomen in het Opmetingsplan MACHIELS d.d. 20.04.2005.

U zal het bezwaar van mijn cliënte dan ook gegrond verklaren.”

De gemeenteraad neemt volgend gemotiveerd standpunt in voor bezwaar nr. 7:

De bezwaarindiener verwijst naar het plan van 20 april 2005, opgesteld door Landmeter-Expert Benny Machiels ten aanzien van haar eigendommen, in het bijzonder de percelen gekend als 64/B/3, 71/E en 72G. Dit plan, alsook het vonnis van o.a. 19 december 2006 en het deskundig verslag dat in dit kader van de gevoerde procedures werd opgemaakt met betrekking tot de vaststelling van eigendom, worden toegevoegd. 

Op basis van de eigendomstitels blijkt inderdaad dat ook voor perceel 64B3 een inname noodzakelijk is. De akte vermeldt hier immers een oppervlakte van 5a 55ca terwijl het kadaster een oppervlakte vermeldt van 4a 78ca. De oppervlakte zoals vermeld in de meest recente akte is bijgevolg groter dan het kadaster, hetgeen ook wordt bevestigd door het plan van 20 april 2005.

De bezwaarindieners merken evenwel ten onrechte op dat er geen onzekerheid bestaat over de eigendomssituatie aan het begin van de Genkerbaan en dat de argumentatie daaromtrent in het besluit van de gemeenteraad van 13 september 2021 niet correct zou zijn. 

Ten aanzien van bezwaarindieners is de eigendomssituatie onderzocht en bevestigd in de vonnissen van 8 februari 2005, 19 december 2006 van het Vredegerecht van Houthalen-Helchteren en het vonnis van 26 november 2007 van de Rechtbank van Eerste Aanleg Hasselt (thans de Rechtbank van Eerste Aanleg Limburg, Afdeling Hasselt). Deze vonnissen hebben uitwerking inter partes. Hieruit kan de eigendomssituatie niet worden afgeleid voor de overige percelen die grenzen aan de Genkerbaan. 

Het bewaar nr. 7 wordt weerhouden m.b.t. het punt waaruit blijkt dat bezwaarindieners eigenaar zijn van de grond gelegen voor de voorgevel van de woning voor de percelen 72G (inneming nr. 29), 71E (inneming nr. 28) én 64B3.

 

Bezwaarschrift 8

Gelet op bezwaar nr. 8 van 25 oktober 2021, ontvangen per mail op 25 oktober 2021, dat als volgt beschreven werd (geanonimiseerd waar nodig):

“De ondergetekende […] en […], eigenaars van het perceel gelegen aan de Genkerbaan 16 met als kadastrale omschrijving afdeling 3, sectie E nummer 64 W02 hebben de eer bij deze bezwaar aan te tekenen tegen de voorgestelde wijziging rooilijn deel van de gemeenteweg Genkerbaan.

Volgens ons loopt de huidige rooilijn tot ongeveer 5 meter voor de gevel en willen dat zo behouden.

Destijds is er door de eigenaars van de percelen immers enkel mee ingestemd dat de gemeente de voorstroken zou inrichten als voetpad en parkeergelegenheid, zonder dat er afstand werd gedaan van de eigendom van deze voorstroken.

Daar wij tot nu toe in ongewisse zijn van de verdere plannen, ontwikkelingen, aanpassingen van de weg, parkeergelegenheden, willen wij meer info en betrokkenheid, bij het wijzigen van deze situatie.

Mogen wij u verzoeken rekening te houden met onze bezwaren, en ons bovendien in kennis te stellen van het gevolg dat aan de aanvraag en aan deze bezwaren zal worden verleend.”

De gemeenteraad neemt volgend gemotiveerd standpunt in voor bezwaar nr. 8:

De bezwaarindieners verzoeken om op de hoogte te worden gehouden van de definitieve vaststelling van het roolijnenplan en het onteigeningsplan. De gemeenteraad neemt nota van het verzoek om informatie van bezwaarindieners. 

Er is een inneming (nr. 19) voorzien voor de grond voorliggend aan de voorgevel van de woning van bezwaarindieners. Deze inneming in noodzakelijk voor de realisatie van de rooilijn en om de Genkerbaan heraan te leggen. Ook in het kader van de heraanleg van de Genkerbaan zal een openbaar onderzoek worden georganiseerd waarin belanghebbenden hun belangen uiteen kunnen zetten.

Het bezwaar nr. 8 wordt niet weerhouden m.b.t. het behoud van de eigendom voorliggend aan de voorgevel van de woning.

 

Bezwaarschrift 9

Gelet op bezwaar nr. 9 van 25 oktober 2021, ontvangen per mail op 25 oktober 2021, dat als volgt beschreven werd (geanonimiseerd waar nodig):

“De ondergetekende […] eigenaar van het perceel gelegen aan de Genkerbaan met als kadastrale omschrijving afdeling 3, sectie E, nummer 8D3 heeft de eer bij deze bezwaar aan te tekenen tegen de voorgestelde wijziging rooilijn deel van de gemeenteweg Genkerbaan. 

Uit het door landmeter-expert Alain Bulen opgesteld ontwerp van rooilijnplan blijkt dat de gemeente van oordeel is dat zij momenteel reeds eigenaar zou zijn van de voor(tuin)stroken van 19 percelen grenzend aan de Genkerbaan en dat de gemeente anderzijds nog de voor(tuin)stroken van 21 percelen wenst te verwerven. 

Volgens de gemeente loopt de huidige rooilijn blijkbaar t.a.v. 19 percelen tot tegen de gevels van die percelen en t.a.v. 21 percelen tot ongeveer 5 meter voor de gevels van die percelen (met uitzondering van de onbebouwde percelen). 

De gemeente is hierbij blijkbaar van mening dat alle percelen wiens oppervlakte volgens de laatste aankoopakte even groot is als de oppervlakte in het Kadasterplan, reeds eigendom zijn van de gemeente, zijnde de 19 voormelde percelen waarvan sprake. 

Het feit dat de gemeente zich baseert op het Kadasterplan om zich bepaalde eigendommen toe te eigenen is echter niet correct aangezien de gegevens van het Kadaster enkel kunnen dienen als vermoeden van eigendom. 

Volgens de rechtspraak en rechtsleer heeft het Kadasterplan immers geen enkele juridische waarde.

Het is dan ook zeer vreemd dat de gemeente zich baseert op het Kadasterplan om zich enerzijds de voorstroken van 19 percelen toe te eigenen en anderzijds de onteigening van de voorstroken van 21 percelen te voorzien. 

Volgens de ondergetekenden strekken alle gronden van de eigendommen gelegen aan het eerste deel van de Genkerbaan zich uit tot 5 meter voor de woningen, waar zich oorspronkelijk de voortuinen bevonden en de gemeente werd hiervan in het verleden reeds verschillende keren in kennis gesteld. 

Destijds is er door de eigenaars van de respectievelijke percelen immers enkel mee ingestemd dat de gemeente de voorstroken zou inrichten als voetpad en parkeergelegenheid, zonder dat er afstand werd gedaan van de eigendom van deze voorstroken. 

Dit blijkt trouwens ook duidelijk uit het uittreksel uit de kadastrale schets daterend van 1987 en door de Inspecteur van het Kadaster overgemaakt op 10 december 2004 

- zie bijlage 1:            voor kadaster schets 1986-1987. 

- bijlage 1b:   notariële acte van aankoop 1952. 

- Bijlage 2:      notariële acte van aankoop/schenking 1992 

**Uit deze documenten blijkt tevens dat er in 1986-1987 door het kadaster op eigen initiatief de voorste percelen zijn weggelaten. Enige reden is hier nergens terug te vinden. Ook de perceel nr’s werden aangepast tov de oorspronkelijke aankoopacte. (sectie E nr 8k en sectie E nr Ir werden na 1986-1987 sectie E nr 8D3 !!! blijkbaar zonder de voortuin!!!??, wat zeker niet klopt). 

Tijdens deze wijziging is het ook duidelijk dat er een wijziging is gebeurd op niveau van de oppervlakte van het perceel. In de oorspronkelijke acte van 1952 staat dat het geheel 2a 95 is, na de wijziging hierboven beschreven is dit 2a87 !!. Dus hier duidelijk dat de kadaster data niet klopt en zeker niet mag gebruikt worden. 

In deze aktes is het ook duidelijk vermeld dat het perceel ten zuiden grenst aan de Genkerbaan zelf. Dus niet aan de parking / voorstrook tussen perceel en de weg. Het perceel loopt dus tot aan de Genkerbaan zelf. (Zie akte bijlage 2) 

Behoudens vergissing en tegenbewijs vanwege de gemeente, hebben de eigenaars ten aanzien van de gemeente nooit op enigerlei wijze afstand gedaan van hun eigendomsrechten op de voorstroken van hun eigendommen, zodat alle eigenaars nog steeds eigenaar zijn van de stroken grond van 5 meter die zich vóór de woningen/handelspanden bevinden. 

Deze eigendomskwestie werd door verschillende eigenaars ook reeds aangehaald in de bezwaarschriften die op 14 augustus 2005 werden ingediend tegen de vroegere bouwaanvraag met de plannen voor de fameuze ‘Ramblas’. 

Bovendien hebben verschillende eigenaars gereageerd op de brief van de gemeente Zonhoven dd. 15 april 2009, waarin gevraagd werd om te bewijzen dat zij eigenaar zijn van de voorstroken. 

Door verschillende eigenaars werd op dat ogenblik (o.a. bij officiële brieven van 29 april 2009) bevestigd dat zij nog steeds eigenaar zijn van de voorstroken van 5 meter gelegen voor de woningen/handelspanden en dit werd aangetoond aan de hand van bewijsstukken. 

De gemeente Zonhoven heeft op deze briefwisseling nooit geantwoord, waaruit dient afgeleid te worden dat de gemeente aanvaardt dat alle eigenaars nog steeds eigenaar zijn van de voorstroken voor hun woningen/handelspanden. 

(bijlage 3 :brief van Mevr. […] 30-08-2010 aangetekend) 

Wat het perceel van ondergetekenden in het bijzonder betreft, wordt op basis van verschillende bewijsstukken aangetoond dat de voorstrook gelegen voor hun woning nog steeds hun eigendom is : 

Mevr. […] 

Genkerbaan, 11 

3520 Zonhoven 

Mogen wij u verzoeken rekening te houden met onze bezwaren, en ons bovendien in kennis te stellen van het gevolg dat aan de aanvraag en aan deze bezwaren zal worden verleend. 

In afwachting behouden de ondergetekenden zich alle rechten voor, inclusief het ontwikkelen van bijkomende argumenten in het verder verloop van de procedure.”

De gemeenteraad neemt volgend gemotiveerd standpunt in voor bezwaar nr. 9:

Het kadaster kan gelden als vermoeden of inlichting van eigendom. Artikel 141 Hypotheekwet bepaalt dat notarissen de kadastrale beschrijving van het goed dienen op te nemen in de akte. De gemeente heeft deze objectieve gegevens dan ook als uitgangspunt genomen bij de voorlopige vaststelling van de rooilijn. Dit vermoeden is een weerlegbaar vermoeden dat kan worden weerlegd aan de hand van bewijsstukken, waarmee bij de definitieve vastlegging van de rooilijn rekening wordt gehouden.

Het plan dewelke de bezwaarindiener meestuurt om te bewijzen dat de voorstrook nog steeds zijn eigendom is, is een uittreksel uit de kadastrale schets uit 1987. Deze schets is slecht zicht- en leesbaar maar er kan worden afgeleid dat de percelen in 1987 zich op basis van het kadastrale plan uitstrekten tot een beperkte strook voor de gevels, dewelke overeen kan komen met vijf meter zoals herhaaldelijk in het bezwaarschrift te lezen. Een kadastrale schets uit 1987 toont echter niet aan wat de situatie vandaag is, laat staan wat betreft dit individueel geval. Bovendien spreekt de bezwaarindiener zichzelf tegen daar deze eerder in diens bezwaar beweert dat een Kadasterplan geen enkele juridische waarde heeft. Vanzelfsprekend primeert het kadastrale plan van vandaag in ieder geval op dat van een willekeurige datum van meer dan 30 jaar geleden. 

Uit de aktes die bezwaarindiener bijbrengt, blijkt uit de meest recente verkoopakte van 1952 een grotere oppervlakte dan de oppervlakte zoals vermeld in het kadaster. De kredietakte van 1994 die verwijst naar het kadaster met betrekking tot de oppervlakte doet hieraan op het eerste gezicht geen afbreuk, aangezien deze akte geen eigendomsoverdracht inhoudt. Bovendien verwijst de akte zelf naar de begrenzing van het perceel door de Genkerbaan.

Tot slot verwijst bezwaarindiener nog naar de bouwaanvraag van 2005 en het schrijven van de gemeente van meer dan tien jaar geleden, waarbij destijds reeds een poging werd ondernomen om de Genkerbaan heraan te leggen. De huidige procedure tot vaststelling van de rooilijn staat hier los van. Bovendien heeft bezwaarindiener geen belang bij dit argument aangezien hij tijdens het openbaar onderzoek opnieuw de kans heeft gekregen om de bewijsstukken voor te leggen waaruit blijkt dat hij eigenaar is van de eerste vijf meter voor zijn woning.

Het bezwaar nr. 9 wordt weerhouden.

 

Bezwaarschrift 10

Gelet op bezwaar nr. 10 van 21 oktober 2021 dat als volgt beschreven werd (geanonimiseerd waar nodig):

“De ondergetekende […] eigenaar van het perceel gelegen aan de Genkerbaan met als kadastrale omschrijving afdeling 3, sectie E, 13/C2 13/02 heeft de eer bij deze bezwaar aan te tekenen tegen de voorgestelde wijziging rooilijn deel van de gemeenteweg Genkerbaan. 

Uit het door landmeter-expert Alain Bulen opgesteld ontwerp van rooilijnplan blijkt dat de gemeente van oordeel is dat zij momenteel reeds eigenaar zou zijn van de voor(tuin)stroken van 19 percelen grenzend aan de Genkerbaan en dat de gemeente anderzijds nog de voor(tuin )stroken van 21 percelen wenst te verwerven.

Volgens de gemeente loopt de huidige rooilijn blijkbaar t.a.v. 19 percelen tot tegen de gevels van die percelen en t.a.v. 21 percelen tot ongeveer 5 meter voor de gevels van die percelen (met uitzondering van de onbebouwde percelen).

De gemeente is hierbij blijkbaar van mening dat alle percelen wiens oppervlakte volgens de laatste aankoopakte even groot is als de oppervlakte in het Kadasterplan, reeds eigendom zijn van de gemeente, zijnde de 19 voormelde percelen waarvan sprake.

Het feit dat de gemeente zich baseert op het Kadasterplan om zich bepaalde eigendommen toe te eigenen is echter niet correct aangezien de gegevens van het Kadaster enkel kunnen dienen als vermoeden van eigendom.

Volgens de rechtspraak en rechtsleer heeft het Kadasterplan immers geen enkele juridische waarde.

Het is dan ook zeer vreemd dat de gemeente zich baseert op het Kadasterplan om zich enerzijds de voorstroken van 19 percelen toe te eigenen en anderzijds de onteigening van de voorstroken van 21 percelen te voorzien.

Volgens de ondergetekenden strekken alle gronden van de eigendommen gelegen aan het eerste deel van de Genkerbaan zich uit tot 5 meter voor de woningen, waar zich oorspronkelijk de voortuinen bevonden en de gemeente werd hiervan in het verleden reeds verschillende keren in kennis gesteld.

Destijds is er door de eigenaars van de respectievelijke percelen immers enkel mee ingestemd dat de gemeente de voorstroken zou inrichten als voetpad en parkeergelegenheid, zonder dat er afstand werd gedaan van de eigendom van deze voorstroken.

Dit blijkt trouwens ook duidelijk uit het uittreksel uit de kadastrale schets daterend van 1987 en door de Inspecteur van het Kadaster overgemaakt op 1 0 december 2004 (zie bijlage 1 ).

Behoudens vergissing en tegenbewijs vanwege de gemeente, hebben de eigenaars ten aanzien van de gemeente nooit op enigerlei wijze afstand gedaan van hun eigendomsrechten op de voorstroken van hun eigendommen, zodat alle eigenaars nog steeds eigenaar zijn van de stroken grond van 5 meter die zich vóór de woningen/handelspanden bevinden.

Deze eigendomskwestie werd door verschillende eigenaars ook reeds aangehaald in de bezwaarschriften die op 14 augustus 2005 werden ingediend tegen de vroegere bouwaanvraag met de plannen voor de fameuze 'Ramblas'.

Bovendien hebben verschillende eigenaars gereageerd op de brief van de gemeente Zonhoven dd. 15 april 2009, waarin gevraagd werd om te bewijzen dat zij eigenaar zijn van de voorstroken.

Door verschillende eigenaars werd op dat ogenblik (o.a. bij officiële brieven van 29 april 2009) bevestigd dat zij nog steeds eigenaar zijn van de voorstroken van 5 meter gelegen voor de woningen/handelspanden en dit werd aangetoond aan de hand van bewijsstukken.

De gemeente Zonhoven heeft op deze briefwisseling nooit geantwoord, waaruit dient afgeleid te worden dat de gemeente aanvaardt dat alle eigenaars nog steeds eigenaar zijn van de voorstroken voor hun woningen/handelspanden.

Wat het perceel van ondergetekenden in het bijzonder betreft, wordt op basis van verschillende bewijsstukken aangetoond dat de voorstrook gelegen voor hun woning nog steeds hun eigendom is.

Mogen wij u verzoeken rekening te houden met onze bezwaren, en ons bovendien in kennis te stellen van het gevolg dat aan de aanvraag en aan deze bezwaren zal worden verleend.

In afwachting behouden de ondergetekenden zich alle rechten voor, inclusief het ontwikkelen van bijkomende argumenten in het verder verloop van de procedure.”

De gemeenteraad neemt volgend gemotiveerd standpunt in voor bezwaar nr. 10:

Het kadaster kan gelden als vermoeden of inlichting van eigendom. Artikel 141 Hypotheekwet bepaalt dat notarissen de kadastrale beschrijving van het goed dienen op te nemen in de akte. De gemeente heeft deze objectieve gegevens als uitgangspunt genomen bij de voorlopige vaststelling van de rooilijn. Dit vermoeden is een weerlegbaar vermoeden dat kan worden weerlegd aan de hand van bewijsstukken, waarmee bij de definitieve vastlegging van de rooilijn rekening wordt gehouden.

Het plan waarnaar de bezwaarindiener verwijst om te bewijzen dat de voorstrook nog steeds zijn eigendom is, is een uittreksel uit de kadastrale schets uit 1987. Deze schets is niet toegevoegd, maar verwijzend naar andere bezwaarschriften, merkt de gemeente op dat uit deze slecht leesbare schets enkel kan worden afgeleid dat de percelen in 1987 zich op basis van het kadastrale plan uitstrekten tot een beperkte strook voor de gevels, dewelke overeen kan komen met vijf meter zoals herhaaldelijk in het bezwaarschrift te lezen. Een kadastrale schets uit 1987 toont echter niet aan wat de situatie vandaag is, laat staan wat betreft dit individueel geval. Bovendien spreekt de bezwaarindiener zichzelf tegen daar deze eerder in diens bezwaar beweert dat een Kadasterplan geen enkele juridische waarde heeft. Vanzelfsprekend primeert het kadastrale plan van vandaag in ieder geval op dat van een willekeurige datum van meer dan 30 jaar geleden. De bezwaarindiener reikt geen enkel element aan waaruit zou blijken dat deze vandaag noch in het verleden in het bezit is of was van een perceel dewelke zich verder uitstrekt dan diens voorgevel.

Bij gebrek aan eender welk element aangeleverd door de bezwaarindiener waaruit het tegendeel blijkt, is er geen enkele reden om te twijfelen aan de juistheid van het kadasterplan van vandaag. Bovendien impliceert bezwaarindiener in diens schrijven dat in diens (notariële) aankoopakte een oppervlakte vermeld staat even groot zoals gekend in het kadaster van vandaag, dus te rekenen vanaf de gevel: "De gemeente is hierbij blijkbaar van mening dat alle percelen wiens oppervlakte volgens de laatste aankoopakte even groot is als de oppervlakte in het Kadasterplan, reeds eigendom zijn van de gemeente, zijnde de 19 voormelde percelen waarvan sprake". Het perceel van bezwaarindiener behoort tot die 19 percelen waarnaar deze zelf verwijst, waardoor bezwaarindiener dus te kennen geeft dat diens aankoopakte niet verschilt met de gegevens te vinden in het kadaster.

Tot slot verwijst bezwaarindiener nog naar de bouwaanvraag van 2005 en het schrijven van de gemeente van meer dan tien jaar geleden, waarbij destijds reeds een poging werd ondernomen om de Genkerbaan heraan te leggen. De huidige procedure tot vaststelling van de rooilijn staat hier los van. Bovendien heeft bezwaarindiener geen belang bij dit argument aangezien hij tijdens het openbaar onderzoek opnieuw de kans heeft gekregen om de bewijsstukken voor te leggen waaruit blijkt dat hij eigenaar zou zijn van de eerste vijf meter voor zijn woning.

Het bezwaar nr. 10 wordt bijgevolg niet weerhouden.

 

Bezwaarschrift 11

Gelet op bezwaar nr. 11 van 21 oktober 2021 dat als volgt beschreven werd (geanonimiseerd waar nodig):

“De ondergetekenden […] eigenaars van het perceel gelegen aan de Genkerbaan met als kadastrale omschrijving afdeling 3, sectie E, 64/C3 hebben de eer bij deze bezwaar aan te tekenen tegen de voorgestelde wijziging rooilijn deel van de gemeenteweg Genkerbaan.

Uit het door landmeter-expert Alain BuIen opgesteld ontwerp van rooilijnplan blijkt dat de gemeente van oordeel is dat zij momenteel reeds eigenaar zou zijn van de voor(tuin)stroken van 19 percelen grenzend aan de Genkerbaan en dat de gemeente anderzijds nog de voor(tuin)stroken van 21 percelen wenst te verwerven.

Volgens de gemeente loopt de huidige rooilijn blijkbaar t.a.v. 19 percelen tot tegen de gevels van die percelen en t.a.v. 21 percelen tot ongeveer 5 meter voor de gevels van die percelen (met uitzondering van de onbebouwde percelen).

De gemeente is hierbij blijkbaar van mening dat alle percelen wiens oppervlakte volgens de laatste aankoopakte even groot is als de oppervlakte in het Kadasterplan, reeds eigendom zijn van de gemeente, zijnde de 19 voormelde percelen waarvan sprake.

Het feit dat de gemeente zich baseert op het Kadasterplan om zich bepaalde eigendommen toe te eigenen is echter niet correct aangezien de gegevens van het Kadaster enkel kunnen dienen als vermoeden van eigendom.

Volgens de rechtspraak en rechtsleer heeft het Kadasterplan immers geen enkele juridische waarde.

Het is dan ook zeer vreemd at de gemeente zich baseert op het Kadasterplan om zich enerzijds de voorstroken van 19 percelen toe te eigenen en anderzijds de onteigening van de voorstroken van 21 percelen te voorzien.

Volgens de ondergetekenden strekken alle gronden van de eigendommen gelegen aan het eerste deel van de Genkerbaan zich uit tot 5 meter voor de woningen, waar zich oorspronkelijk de voortuinen bevonden en de gemeente werd hiervan in het verleden reeds verschillendek eren in kennis gesteld.

Destijds is er door de eigenaars van de respectievelijke percelen immers enkel mee ingestemd dat de gemeente de voorstroken zou inrichten als voetpad en parkeergelegenheid, zonder dat er afstand werd gedaan van de eigendom van deze voorstroken.

Dit blijkt trouwens ook duidelijk uit het uittreksel uit de kadastrale schets daterend van 1987 en door de Inspecteur van het Kadaster overgemaakt op 10 december 2004 (zie bijlage 1 ).

Behoudens vergissing en tegenbewijs vanwege de gemeente, hebben de eigenaars ten aanzien van de gemeente nooit op enigerlei wijze afstand gedaan van hun eigendomsrechten op de voorstroken van hun eigendommen, zodat alle eigenaars nog steeds eigenaar zijn van de stroken grond van 5 meter die zich vóór de woningen/handelspanden bevinden.

Deze eigendomskwestie werd door verschillende eigenaars ook reeds aangehaald in de bezwaarschriften die op 14 augustus 2005 werden ingediend tegen de vroegere bouwaanvraag met de plannen voor de fameuze 'Ramblas’.

Bovendien hebben verschillende eigenaars gereageerd op de brief van de gemeente Zonhoven dd. 15 april 2009, waarin gevraagd werd om te bewijzen dat zij eigenaar zijn van de voorstroken.

Door verschillende eigenaars werd op dat ogenblik (o.a. bij officiële brieven van 29 april 2009) bevestigd dat zij nog steeds eigenaar zijn van de voorstroken van 5 meter gelegen voor de woningen/handelspanden en dit werd aangetoond aan de hand van bewijsstukken.

De gemeente Zonhoven heeft op deze briefwisseling nooit geantwoord, waaruit dient afgeleid te worden dat de gemeente aanvaardt dat alle eigenaars nog steeds eigenaar zijn van de voorstroken voor hun woningen/handelspanden.

Wat het perceel van ondergetekenden in het bijzonder betreft, wordt op basis van verschillende bewijsstukken aangetoond dat de voorstrook gelegen voor hun woning nog steeds hun eigendom is.

Mogen wij u verzoeken rekening te houden met onze bezwaren, en ons bovendien in kennis te stellen van het gevolg dat aan de aanvraag en aan deze bezwaren zal worden verleend.

In afwachting behouden de ondergetekenden zich alle rechten voor, inclusief het ontwikkelen van bijkomende argumenten in het verder verloop van de procedure.”

De gemeenteraad neemt volgend gemotiveerd standpunt in voor bezwaar nr. 11:

Het kadaster kan gelden als vermoeden of inlichting van eigendom. Artikel 141 Hypotheekwet bepaalt dat notarissen de kadastrale beschrijving van het goed dienen op te nemen in de akte. De gemeente heeft deze objectieve gegevens als uitgangspunt genomen bij de voorlopige vaststelling van de rooilijn. Dit vermoeden is een weerlegbaar vermoeden dat kan worden weerlegd aan de hand van bewijsstukken, waarmee bij de definitieve vastlegging van de rooilijn rekening wordt gehouden.

Het plan waarnaar de bezwaarindiener verwijst om te bewijzen dat de voorstrook nog steeds zijn eigendom is, is een uittreksel uit de kadastrale schets uit 1987. Deze schets is niet toegevoegd, maar verwijzend naar andere bezwaarschriften, merkt de gemeente op dat uit deze slecht leesbare schets enkel kan worden afgeleid dat de percelen in 1987 zich op basis van het kadastrale plan uitstrekten tot een beperkte strook voor de gevels, dewelke overeen kan komen met vijf meter zoals herhaaldelijk in het bezwaarschrift te lezen. Een kadastrale schets uit 1987 toont echter niet aan wat de situatie vandaag is, laat staan wat betreft dit individueel geval. Bovendien spreekt de bezwaarindiener zichzelf tegen daar deze eerder in diens bezwaar beweert dat een Kadasterplan geen enkele juridische waarde heeft. Vanzelfsprekend primeert het kadastrale plan van vandaag in ieder geval op dat van een willekeurige datum van meer dan 30 jaar geleden. De bezwaarindiener reikt geen enkel element aan waaruit zou blijken dat deze vandaag noch in het verleden in het bezit is of was van een perceel dewelke zich verder uitstrekt dan diens voorgevel.

Bij gebrek aan eender welk element aangeleverd door de bezwaarindiener waaruit het tegendeel blijkt, is er geen enkele reden om te twijfelen aan de juistheid van het kadasterplan van vandaag. Bovendien impliceert bezwaarindiener in diens schrijven dat in diens (notariële) aankoopakte een oppervlakte vermeld staat even groot zoals gekend in het kadaster van vandaag, dus te rekenen vanaf de gevel: "De gemeente is hierbij blijkbaar van mening dat alle percelen wiens oppervlakte volgens de laatste aankoopakte even groot is als de oppervlakte in het Kadasterplan, reeds eigendom zijn van de gemeente, zijnde de 19 voormelde percelen waarvan sprake". Het perceel van bezwaarindiener behoort tot die 19 percelen waarnaar deze zelf verwijst, waardoor bezwaarindiener dus te kennen geeft dat diens aankoopakte niet verschilt met de gegevens te vinden in het kadaster.

Tot slot verwijst bezwaarindiener nog naar de bouwaanvraag van 2005 en het schrijven van de gemeente van meer dan tien jaar geleden, waarbij destijds reeds een poging werd ondernomen om de Genkerbaan heraan te leggen. De huidige procedure tot vaststelling van de rooilijn staat hier los van. Bovendien heeft bezwaarindiener geen belang bij dit argument aangezien hij tijdens het openbaar onderzoek opnieuw de kans heeft gekregen om de bewijsstukken voor te leggen waaruit blijkt dat hij eigenaar zou zijn van de eerste vijf meter voor zijn woning.

Het bezwaar nr. 11 wordt bijgevolg niet weerhouden.

 

Bezwaarschrift 12

Gelet op bezwaar nr. 12 van 25 oktober 2021, ontvangen per mail op 25 oktober 2021 en per aangetekend schrijven op 26 oktober 2021, dat als volgt beschreven werd (geanonimiseerd waar nodig):

“Bezwaar indienende partij merkt vooreerst op dat op geen enkele wijze wordt aangetoond waarom de gewijzigde rooilijn tot tegen de huizen dient te lopen.

Bezwaar indienende partij merkt verder op dat niet wordt aangetoond op welke wijze bij een wijziging van de rooilijn rekening wordt gehouden met een veilige aantakking van de Genkerbaan op de Dorpstraat, hetwelk een gewestweg betreft.

Nochtans moet u als gemeente overeenkomstig artikel 4 van het Decreet Gemeentewegen om de doelstellingen, vermeld in artikel 3, te realiseren bij beslissingen over wijzigingen van het gemeentelijk wegennet rekening houden met een aantal algemene principes.

Die principes vormen het algemene kader voor het geïntegreerde beleid:

1° wijzigingen aan het gemeentelijk wegennet staan steeds ten dienste van het algemeen belang;

2° een wijziging, verplaatsing of opheffing van een gemeenteweg is een uitzonderingsmaatregel, die afdoende gemotiveerd wordt;

3° de verkeersveiligheid wordt steeds in acht genomen, waarbij bijvoorbeeld gevaarlijke hoeken of hellingen moeten vermeden worden;

4° wijzigingen aan het wegennet worden zo nodig beoordeeld in een gemeentegrensoverschrijdend perspectief. Gemeentewegen die deel uitmaken van een bestaand of potentieel wandel- of fietsknooppuntennetwerk, worden maximaal behouden;

5° duurzaamheid speelt een belangrijke rol.

Bij de afweging van wijzigingen van het wegennet moet verplicht rekening gehouden worden met de actuele functie van de gemeenteweg, zonder daarbij de behoeften van de toekomstige generaties in het gedrang te brengen. Daarbij worden de ruimtelijke behoeften van de verschillende maatschappelijke activiteiten gelijktijdig tegen elkaar afgewogen. Op die manier wordt gestreefd naar een optimale ruimtelijke ordening en ruimtelijke kwaliteit.

Er werd bij de voorlopige vaststelling van de rooilijn alvast nergens onderzocht en rekening gehouden met artikel 4, 3° van het Decreet Gemeentewegen waarbij de Genkerbaan aantakt op de Dorpstraat (Gewestweg).

Daarnaast merkt bezwaar indienende partij op dat nergens wordt aangetoond op welke wijze de gewijzigde rooilijn en het onteigeningsplan rekening houdt met de goedgekeurde verkaveling nr. 7204.V.92/1 dd. 30 november 2004 waarvan nochtans wel melding wordt gemaakt op het rooilijn- en onteigeningsplan en waardoor de thans ontworpen rooilijn en het onteigeningsplan niet wettig definitief kunnen worden vastgesteld.

Tenslotte merkt bezwaar indienende partij op dat bij de voorgenomen wijziging van de bestaande rooilijn op geen enkele wijze rekening wordt gehouden met het BPA 'Genkerbaan - Grote Hemmenweg' dd. 6 november 1986 en de aldaar vastgestelde rooilijnen, waardoor de thans ontworpen rooilijn alvast niet wettig definitief kan worden vastgesteld.”

De gemeenteraad neemt volgend gemotiveerd standpunt in voor bezwaar nr. 12:

Zoals reeds uit het gemeenteraadsbesluit van 13 september 2021 blijkt, wordt de rooilijn gewijzigd teneinde de Genkerbaan her aan te leggen. De principes zoals bepaald in de artikelen 3 en 4 van het Gemeentewegendecreet werden gerespecteerd en uiteen gezet. 

De Genkerbaan is momenteel van gevel tot gevel ingericht als weg met aanhorigheden. De rijbaan wordt aan beide zijden geflankeerd door parkeerplaatsen en stoep voor voetgangers. De stoep bevindt zich onmiddellijk tegen de gevels. Bij de herinrichting van de Genkerbaan zal deze volledige zone op een kwalitatieve manier worden heraangelegd, met inbegrip van voetpad, fietspad, rijbaan en parkeerplaatsen. Hiervoor is de volledige breedte van de weg nodig, van gevel te gevel, zoals ook nu het geval is. 

Verder werd ook de verkeersveiligheid gemotiveerd in tegenstelling tot hetgeen bezwaarindieners trachten voor te houden. Langs beide zijden van de Genkerbaan wordt momenteel kops geparkeerd. Bij het in- en uitrijden van de kopse parkeerplaatsen is het zicht op de zwakke weggebruikers en op het verkeer beperkt. Ook is de plaats van de fietsers op de rijbaan niet afgebakend. De heraanleg van de Genkerbaan waarbij – zonder vooruit te lopen op de heraanleg zelf – het fietspad zal worden doorgetrokken en het parkeren op een andere wijze zal worden ingericht, draagt bij aan de verkeersveiligheid.

Bij de voorlopige vaststelling van de rooilijn is het niet nodig om voor de aantakking van de Genkerbaan op de Dorpsstraat een afzonderlijk onderzoek te voeren naar de verkeersveiligheid, minstens tonen de bezwaarindieners dit niet aan in hun bezwaar. De rooilijn blijft ter hoogte van de aantakking op de Dorpstraat immers behouden.

De zienswijze van de bezwaarindieners dat de rooilijn en het onteigeningsplan niet definitief zou kunnen worden vastgesteld omwille van de goedgekeurde verkaveling nr. 7204.V.92/1 van 30 november 2004 kan niet worden gevolgd. Dit zou betekenen dat vanaf het moment dat er een omgevingsvergunning voor het verkavelen van gronden zou worden verleend, de rooilijn nooit zou kunnen worden gewijzigd. De bezwaarindieners laten verder ook na om aan te geven waarom de rooilijn en het onteigeningsplan niet definitief zouden kunnen worden vastgesteld. Het volstaat dat de goedgekeurde verkaveling vermeld wordt op het vast te stellen en vastgestelde rooilijnplan, zoals hier ook duidelijk is aangegeven op de plannen. 

Tot slot kunnen de bezwaarindieners ook niet worden gevolgd met betrekking tot de stelling dat de rooilijn niet definitief zou kunnen worden vastgesteld omdat er geen rekening zou zijn gehouden met het BPA ‘Genkerbaan – Grote Hemmenweg’ van 6 november 1986. 

Opnieuw laten de bezwaarindieners na om hun stelling te staven. 

Het BPA strekt zich enkel uit ten aanzien van het noordelijke gedeelte van de Genkerbaan. Het perceel van de bezwaarindieners maakt geen deel uit van het BPA. 

In de mate dat het BPA al een rooilijn zou vastleggen aan de bovenzijde van de Genkerbaan, hetgeen niet het geval is, valt de rooilijn volgens het BPA gelijk met de voorgevels van de private eigendommen.

De vast te stellen rooilijn loopt gelijk met de grens tussen de zone voor gesloten bebouwing (donkerroze) en de wegenis en voetpaden (geel). 

‘Artikel 20. Wegenis’ (gele gedeelte) van de stedenbouwkundige erfdienstbaarheden bepaalt: 

“Deze wegen dienen om het doorgaand verkeer op te vangen. De normale wegkode is hier van toepassing. De overgangen naar andere soorten wegenis moet duidelijk gemerkt worden.”

Het rooilijnenplan is bijgevolg in overeenstemming met het BPA ‘Genkerbaan – Grote Hemmenweg’ van 6 november 1986.

Het bezwaar nr. 12 wordt bijgevolg niet weerhouden.

 

Bezwaarschrift 13

Gelet op bezwaar nr. 13 van 25 oktober 2021, ontvangen per mail op 25 oktober 2021, dat als volgt beschreven werd (geanonimiseerd waar nodig):

“De ondergetekende […], eigenaar van het perceel gelegen aan de Genkerbaan met als kadastrale omschrijving afdeling 3, sectie E, nummer 8/F en1/S/2, thans gekend onder 8/P/3P0000 heeft de eer bij deze bezwaar aan te tekenen tegen de voorgestelde wijziging rooilijn deel van de gemeenteweg Genkerbaan.

Uit het door landmeter-expert Alain Bulen opgesteld ontwerp van rooilijnplan blijkt dat de gemeente van oordeel is dat zij momenteel reeds eigenaar zou zijn van de voor(tuin)stroken van 19 percelen grenzend aan de Genkerbaan en dat de gemeente anderzijds nog de voor(tuin)stroken van 21 percelen wenst te verwerven.

Volgens de gemeente loopt de huidige rooilijn blijkbaar t.a.v. 19 percelen tot tegen de gevels van die percelen en t.a.v. 21 percelen tot ongeveer 5 meter voor de gevels van die percelen (met uitzondering van de onbebouwde percelen).

De gemeente is hierbij blijkbaar van mening dat alle percelen wiens oppervlakte volgens de laatste aankoopakte even groot is als de oppervlakte in het Kadasterplan, reeds eigendom zijn van de gemeente, zijnde de 19 voormelde percelen waarvan sprake.

Het feit dat de gemeente zich baseert op het Kadasterplan om zich bepaalde eigendommen toe te eigenen is echter niet correct aangezien de gegevens van het Kadaster enkel kunnen dienen als vermoeden van eigendom.

Volgens de rechtspraak en rechtsleer heeft het Kadasterplan immers geen enkele juridische waarde.

Het is dan ook zeer vreemd dat de gemeente zich baseert op het Kadasterplan om zich enerzijds de voorstroken van 19 percelen toe te eigenen en anderzijds de onteigening van de voorstroken van 21 percelen te voorzien.

Volgens de ondergetekenden strekken alle gronden van de eigendommen gelegen aan het eerste deel van de Genkerbaan zich uit tot 5 meter voor de woningen, waar zich oorspronkelijk de voortuinen bevonden en de gemeente werd hiervan in het verleden reeds verschillende keren in kennis gesteld.

Destijds is er door de eigenaars van de respectievelijke percelen immers enkel mee ingestemd dat de gemeente de voorstroken zou inrichten als voetpad en parkeergelegenheid, zonder dat er afstand werd gedaan van de eigendom van deze voorstroken.

Dit blijkt trouwens ook duidelijk uit het uittreksel uit de kadastrale schets daterend van 1987 en door de Inspecteur van het Kadaster overgemaakt op 10 december 2004 (zie bijlage 1).

Behoudens vergissing en tegenbewijs vanwege de gemeente, hebben de eigenaars ten aanzien van de gemeente nooit op enigerlei wijze afstand gedaan van hun eigendomsrechten op de voorstroken van hun eigendommen, zodat alle eigenaars nog steeds eigenaar zijn van de stroken grond van 5 meter die zich vóór de woningen/handelspanden bevinden.

Deze eigendomskwestie werd door verschillende eigenaars ook reeds aangehaald in de bezwaarschriften die op 14 augustus 2005 werden ingediend tegen de vroegere bouwaanvraag met de plannen voor de fameuze ‘Ramblas’.

Bovendien hebben verschillende eigenaars gereageerd op de brief van de gemeente Zonhoven dd. 15 april 2009, waarin gevraagd werd om te bewijzen dat zij eigenaar zijn van de voorstroken.

Door verschillende eigenaars werd op dat ogenblik (o.a. bij officiële brieven van 29 april 2009) bevestigd dat zij nog steeds eigenaar zijn van de voorstroken van 5 meter gelegen voor de woningen/handelspanden en dit werd aangetoond aan de hand van bewijsstukken.

De gemeente Zonhoven heeft op deze briefwisseling nooit geantwoord, waaruit dient afgeleid te worden dat de gemeente aanvaardt dat alle eigenaars nog steeds eigenaar zijn van de voorstroken voor hun woningen/handelspanden.

Wat het perceel van ondergetekenden in het bijzonder betreft, wordt op basis van verschillende bewijsstukken aangetoond dat de voorstrook gelegen voor hun woning nog steeds hun eigendom is:

De eigendom is verworven met akte nummer 2019/1505 van 25 oktober 2019, verleden voor notaris Luc Tournier (Beverlo/Beringen).

Volgens de verkopers […], […] en […] hebben hun ouders nooit enige afstand gedaan van grond aan de gemeente. Als bewijs wordt verwezen naar het plan van 22 juni 1972 ondertekend door Eerste adviseur J. Celen, de Griffier van de Provincie K. Van Bockryck en de Gouverneur-Voorzitter A. Claessen van de Bestendige Deputatie van Limburg.

Mogen wij u verzoeken rekening te houden met onze bezwaren, en ons bovendien in kennis te stellen van het gevolg dat aan de aanvraag en aan deze bezwaren zal worden verleend.

In afwachting behouden de ondergetekenden zich alle rechten voor, inclusief het ontwikkelen van bijkomende argumenten in het verder verloop van de procedure.”

De gemeenteraad neemt volgend gemotiveerd standpunt in voor bezwaar nr. 13:

Het kadaster kan gelden als vermoeden of inlichting van eigendom. Artikel 141 Hypotheekwet bepaalt dat notarissen de kadastrale beschrijving van het goed dienen op te nemen in de akte. De gemeente heeft deze objectieve gegevens als uitgangspunt genomen bij de voorlopige vaststelling van de rooilijn. Dit vermoeden is een weerlegbaar vermoeden dat kan worden weerlegd aan de hand van bewijsstukken, waarmee bij de definitieve vastlegging van de rooilijn rekening wordt gehouden.

Het plan waarnaar de bezwaarindiener verwijst om te bewijzen dat de voorstrook nog steeds zijn eigendom is, is een uittreksel uit de kadastrale schets uit 1987. Deze schets is niet toegevoegd, maar verwijzend naar andere bezwaarschriften, merkt de gemeente op dat uit deze slecht leesbare schets enkel kan worden afgeleid dat de percelen in 1987 zich op basis van het kadastrale plan uitstrekten tot een beperkte strook voor de gevels, dewelke overeen kan komen met vijf meter zoals herhaaldelijk in het bezwaarschrift te lezen. Een kadastrale schets uit 1987 toont echter niet aan wat de situatie vandaag is, laat staan wat betreft dit individueel geval. Bovendien spreekt de bezwaarindiener zichzelf tegen daar deze eerder in diens bezwaar beweert dat een Kadasterplan geen enkele juridische waarde heeft. Vanzelfsprekend primeert het kadastrale plan van vandaag in ieder geval op dat van een willekeurige datum van meer dan 30 jaar geleden. De bezwaarindiener reikt geen enkel element aan waaruit zou blijken dat deze vandaag noch in het verleden in het bezit is of was van een perceel dewelke zich verder uitstrekt dan diens voorgevel.

Bij gebrek aan eender welk element aangeleverd door de bezwaarindiener waaruit het tegendeel blijkt, is er geen enkele reden om te twijfelen aan de juistheid van het kadasterplan van vandaag. Bovendien impliceert bezwaarindiener in diens schrijven dat in diens (notariële) aankoopakte een oppervlakte vermeld staat even groot zoals gekend in het kadaster van vandaag, dus te rekenen vanaf de gevel: "De gemeente is hierbij blijkbaar van mening dat alle percelen wiens oppervlakte volgens de laatste aankoopakte even groot is als de oppervlakte in het Kadasterplan, reeds eigendom zijn van de gemeente, zijnde de 19 voormelde percelen waarvan sprake". Het perceel van bezwaarindiener behoort tot die 19 percelen waarnaar deze zelf verwijst, waardoor bezwaarindiener dus te kennen geeft dat diens aankoopakte niet verschilt met de gegevens te vinden in het kadaster.

Tot slot verwijst bezwaarindiener nog naar de bouwaanvraag van 2005 en het schrijven van de gemeente van meer dan tien jaar geleden, waarbij destijds reeds een poging werd ondernomen om de Genkerbaan heraan te leggen. De huidige procedure tot vaststelling van de rooilijn staat hier los van. Bovendien heeft bezwaarindiener geen belang bij dit argument aangezien hij tijdens het openbaar onderzoek opnieuw de kans heeft gekregen om de bewijsstukken voor te leggen waaruit blijkt dat hij eigenaar zou zijn van de eerste vijf meter voor zijn woning.

Het bezwaar nr. 13 wordt bijgevolg niet weerhouden.

 

Bezwaarschrift 14

Gelet op bezwaar nr. 14 van 20 oktober 2021, ontvangen per mail op 26 oktober 2021, dat als volgt beschreven werd (geanonimiseerd waar nodig):

“De ondergetekende(n) […] eigenaar(s) van het perceel gelegen aan de Genkerbaan met als kadastrale omschrijving afdeling 3, sectie E, nummer 13H2 heeft/hebben de eer bij deze bezwaar aan te tekenen tegen de voorgestelde wijziging rooilijn deel van de gemeenteweg Genkerbaan.

Uit het door landmeter-expert Alain Buien opgesteld ontwerp van rooilijnplan blijkt dat de gemeente van oordeel is dat zij momenteel reeds eigenaar zou zijn van de voor(tuin)stroken van 19 percelen grenzend aan de Genkerbaan en dat de gemeente anderzijds nog de voor(tuin)stroken van 21 percelen wenst te verwerven.

Volgens de gemeente loopt de huidige rooilijn blijkbaar t.a.v. 19 percelen tot tegen de gevels van die percelen en t.a.v. 21 percelen tot ongeveer 5 meter voor de gevels van die percelen (met uitzondering van de onbebouwde percelen).

De gemeente is hierbij blijkbaar van mening dat alle percelen wiens oppervlakte volgens de laatste aankoopakte even groot is als de oppervlakte in het Kadasterplan, reeds eigendom zijn van de gemeente, zijnde de 19 voormelde percelen waarvan sprake.

Het feit dat de gemeente zich baseert op het Kadasterplan om zich bepaalde eigendommen toe te eigenen is echter niet correct aangezien de gegevens van het Kadaster enkel kunnen dienen als vermoeden van eigendom.

Volgens de rechtspraak en rechtsleer heeft het Kadasterplan immers geen enkele juridische waarde.

Het is dan ook zeer vreemd dat de gemeente zich baseert op het Kadasterplan om zich enerzijds de voorstroken van 19 percelen toe te eigenen en anderzijds de onteigening van de voorstroken van 21 percelen te voorzien.

Volgens de ondergetekenden strekken alle gronden van de eigendommen gelegen aan het eerste deel van de Genkerbaan zich uit tot 5 meter voor de woningen, waar zich oorspronkelijk de voortuinen bevonden en de gemeente werd hiervan in het verleden reeds verschillende keren in kennis gesteld.

Destijds is er door de eigenaars van de respectievelijke percelen immers enkel mee ingestemd dat de gemeente de voorstroken zou inrichten als voetpad en parkeergelegenheid, zonder dat er afstand werd gedaan van de eigendom van deze voorstroken.

Dit blijkt trouwens ook duidelijk uit het uittreksel uit de kadastrale schets daterend van 1987 en door de Inspecteur van het Kadaster overgemaakt op 10 december 2004 (zie bijlage 1).

Behoudens vergissing en tegenbewijs vanwege de gemeente, hebben de eigenaars ten aanzien van de gemeente nooit op enigerlei wijze afstand gedaan van hun eigendomsrechten op de voorstroken van hun eigendommen, zodat alle eigenaars nog steeds eigenaar zijn van de stroken grond van 5 meter die zich vóór de woningen/handelspanden bevinden.

Deze eigendomskwestie werd door verschillende eigenaars ook reeds aangehaald in de bezwaarschriften die op 14 augustus 2005 werden ingediend tegen de vroegere bouwaanvraag met de plannen voor de fameuze ‘Ramblas’.

Bovendien hebben verschillende eigenaars gereageerd op de brief van de gemeente Zonhoven dd. 15 april 2009, waarin gevraagd werd om te bewijzen dat zij eigenaar zijn van de voorstroken. 

Door verschillende eigenaars werd op dat ogenblik (o.a. bij officiële brieven van 29 april 2009) bevestigd dat zij nog steeds eigenaar zijn van de voorstroken van 5 meter gelegen voor de woningen/handelspanden en dit werd aangetoond aan de hand van bewijsstukken.

De gemeente Zonhoven heeft op deze briefwisseling nooit geantwoord, waaruit dient afgeleid te worden dat de gemeente aanvaardt dat alle eigenaars nog steeds eigenaar zijn van de voorstroken voor hun woningen/handelspanden.

Wat het perceel van ondergetekenden in het bijzonder betreft, wordt op basis van verschillende bewijsstukken aangetoond dat de voorstrook gelegen voor hun woning nog steeds hun eigendom is:

……

 

Mogen wij u verzoeken rekening te houden met onze bezwaren, en ons bovendien in kennis te stellen van het gevolg dat aan de aanvraag en aan deze bezwaren zal worden verleend.

In afwachting behouden de ondergetekenden zich alle rechten voor, inclusief het ontwikkelen van bijkomende argumenten in het verder verloop van de procedure.”

De gemeenteraad neemt volgend gemotiveerd standpunt in voor bezwaar nr. 14:

Het kadaster kan gelden als vermoeden of inlichting van eigendom. Artikel 141 Hypotheekwet bepaalt dat notarissen de kadastrale beschrijving van het goed dienen op te nemen in de akte. De gemeente heeft deze objectieve gegevens als uitgangspunt genomen bij de voorlopige vaststelling van de rooilijn. Dit vermoeden is een weerlegbaar vermoeden dat kan worden weerlegd aan de hand van bewijsstukken, waarmee bij de definitieve vastlegging van de rooilijn rekening wordt gehouden.

Het plan dewelke de bezwaarindiener meestuurt om te bewijzen dat de voorstrook nog steeds zijn eigendom is, is een uittreksel uit de kadastrale schets uit 1987. Deze schets is slecht zicht- en leesbaar maar er kan worden afgeleid dat de percelen in 1987 zich op basis van het kadastrale plan uitstrekten tot een beperkte strook voor de gevels, dewelke overeen kan komen met vijf meter zoals herhaaldelijk in het bezwaarschrift te lezen. Een kadastrale schets uit 1987 toont echter niet aan wat de situatie vandaag is, laat staan wat betreft dit individueel geval. Bovendien spreekt de bezwaarindiener zichzelf tegen daar deze eerder in diens bezwaar beweert dat een Kadasterplan geen enkele juridische waarde heeft. Vanzelfsprekend primeert het kadastrale plan van vandaag in ieder geval op dat van een willekeurige datum van ongeveer 50 jaar geleden. De bezwaarindiener reikt geen enkel element aan waaruit zou blijken dat deze vandaag noch in het verleden in het bezit is of was van een perceel dewelke zich verder uitstrekt dan diens voorgevel.

Bij gebrek aan eender welk element aangeleverd door de bezwaarindiener waaruit het tegendeel blijkt, is er geen enkele reden om te twijfelen aan de juistheid van het kadasterplan van vandaag. Bovendien impliceert bezwaarindiener in diens schrijven dat in diens (notariële) aankoopakte een oppervlakte vermeld staat even groot zoals gekend in het kadaster van vandaag, dus te rekenen vanaf de gevel: "De gemeente is hierbij blijkbaar van mening dat alle percelen wiens oppervlakte volgens de laatste aankoopakte even groot is als de oppervlakte in het Kadasterplan, reeds eigendom zijn van de gemeente, zijnde de 19 voormelde percelen waarvan sprake". Het perceel van bezwaarindiener behoort tot die 19 percelen waarnaar deze zelf verwijst, waardoor bezwaarindiener dus te kennen geeft dat diens aankoopakte niet verschilt met de gegevens te vinden in het kadaster.

Tot slot verwijst bezwaarindiener nog naar de bouwaanvraag van 2005 en het schrijven van de gemeente van meer dan tien jaar geleden, waarbij destijds reeds een poging werd ondernomen om de Genkerbaan heraan te leggen. De huidige procedure tot vaststelling van de rooilijn staat hier los van. Bovendien heeft bezwaarindiener geen belang bij dit argument aangezien hij tijdens het openbaar onderzoek opnieuw de kans heeft gekregen om de bewijsstukken voor te leggen waaruit blijkt dat hij eigenaar zou zijn van de eerste vijf meter voor zijn woning.

Het bezwaar nr. 14 wordt bijgevolg niet weerhouden.

 

Bezwaarschrift 15

Gelet op bezwaar nr. 15 van 26 oktober 2021, ontvangen per mail op 26 oktober 2021, dat als volgt beschreven werd (geanonimiseerd waar nodig):

“De ondergetekende(n) […] eigenaar(s) van het perceel gelegen aan de Genkerbaan met als kadastrale omschrijving afdeling 3, sectie E, nummer 8L3 heeft/hebben de eer bij deze bezwaar aan te tekenen tegen de voorgestelde wijziging rooilijn deel van de gemeenteweg Genkerbaan.

Uit het door landmeter-expert Alain Buien opgesteld ontwerp van rooilijnplan blijkt dat de gemeente van oordeel is dat zij momenteel reeds eigenaar zou zijn van de voor(tuin)stroken van 19 percelen grenzend aan de Genkerbaan en dat de gemeente anderzijds nog de voor(tuin)stroken van 21 percelen wenst te verwerven.

Volgens de gemeente loopt de huidige rooilijn blijkbaar t.a.v. 19 percelen tot tegen de gevels van die percelen en t.a.v. 21 percelen tot ongeveer 5 meter voor de gevels van die percelen (met uitzondering van de onbebouwde percelen).

De gemeente is hierbij blijkbaar van mening dat alle percelen wiens oppervlakte volgens de laatste aankoopakte even groot is als de oppervlakte in het Kadasterplan, reeds eigendom zijn van de gemeente, zijnde de 19 voormelde percelen waarvan sprake.

Het feit dat de gemeente zich baseert op het Kadasterplan om zich bepaalde eigendommen toe te eigenen is echter niet correct aangezien de gegevens van het Kadaster enkel kunnen dienen als vermoeden van eigendom.

Volgens de rechtspraak en rechtsleer heeft het Kadasterplan immers geen enkele juridische waarde.

Het is dan ook zeer vreemd dat de gemeente zich baseert op het Kadasterplan om zich enerzijds de voorstroken van 19 percelen toe te eigenen en anderzijds de onteigening van de voorstroken van 21 percelen te voorzien.

Volgens de ondergetekenden strekken alle gronden van de eigendommen gelegen aan het eerste deel van de Genkerbaan zich uit tot 5 meter voor de woningen, waar zich oorspronkelijk de voortuinen bevonden en de gemeente werd hiervan in het verleden reeds verschillende keren in kennis gesteld.

Destijds is er door de eigenaars van de respectievelijke percelen immers enkel mee ingestemd dat de gemeente de voorstroken zou inrichten als voetpad en parkeergelegenheid, zonder dat er afstand werd gedaan van de eigendom van deze voorstroken.

Dit blijkt trouwens ook duidelijk uit het uittreksel uit de kadastrale schets daterend van 1987 en door de Inspecteur van het Kadaster overgemaakt op 10 december 2004 (zie bijlage 1).

Behoudens vergissing en tegenbewijs vanwege de gemeente, hebben de eigenaars ten aanzien van de gemeente nooit op enigerlei wijze afstand gedaan van hun eigendomsrechten op de voorstroken van hun eigendommen, zodat alle eigenaars nog steeds eigenaar zijn van de stroken grond van 5 meter die zich vóór de woningen/handelspanden bevinden.

Deze eigendomskwestie werd door verschillende eigenaars ook reeds aangehaald in de bezwaarschriften die op 14 augustus 2005 werden ingediend tegen de vroegere bouwaanvraag met de plannen voor de fameuze ‘Ramblas’.

Bovendien hebben verschillende eigenaars gereageerd op de brief van de gemeente Zonhoven dd. 15 april 2009, waarin gevraagd werd om te bewijzen dat zij eigenaar zijn van de voorstroken. 

Door verschillende eigenaars werd op dat ogenblik (o.a. bij officiële brieven van 29 april 2009) bevestigd dat zij nog steeds eigenaar zijn van de voorstroken van 5 meter gelegen voor de woningen/handelspanden en dit werd aangetoond aan de hand van bewijsstukken.

De gemeente Zonhoven heeft op deze briefwisseling nooit geantwoord, waaruit dient afgeleid te worden dat de gemeente aanvaardt dat alle eigenaars nog steeds eigenaar zijn van de voorstroken voor hun woningen/handelspanden.

Wat het perceel van ondergetekenden in het bijzonder betreft, wordt op basis van verschillende bewijsstukken aangetoond dat de voorstrook gelegen voor hun woning nog steeds hun eigendom is:

……

Mogen wij u verzoeken rekening te houden met onze bezwaren, en ons bovendien in kennis te stellen van het gevolg dat aan de aanvraag en aan deze bezwaren zal worden verleend.

In afwachting behouden de ondergetekenden zich alle rechten voor, inclusief het ontwikkelen van bijkomende argumenten in het verder verloop van de procedure.”

De gemeenteraad neemt volgend gemotiveerd standpunt in voor bezwaar nr. 15:

Het kadaster kan gelden als vermoeden of inlichting van eigendom. Artikel 141 Hypotheekwet bepaalt dat notarissen de kadastrale beschrijving van het goed dienen op te nemen in de akte. De gemeente heeft deze objectieve gegevens als uitgangspunt genomen bij de voorlopige vaststelling van de rooilijn. Dit vermoeden is een weerlegbaar vermoeden dat kan worden weerlegd aan de hand van bewijsstukken, waarmee bij de definitieve vastlegging van de rooilijn rekening wordt gehouden.

Het plan waarnaar de bezwaarindiener verwijst om te bewijzen dat de voorstrook nog steeds zijn eigendom is, is een uittreksel uit de kadastrale schets uit 1987. Deze schets is niet toegevoegd, maar verwijzend naar andere bezwaarschriften, merkt de gemeente op dat uit deze slecht leesbare schets enkel kan worden afgeleid dat de percelen in 1987 zich op basis van het kadastrale plan uitstrekten tot een beperkte strook voor de gevels, dewelke overeen kan komen met vijf meter zoals herhaaldelijk in het bezwaarschrift te lezen. Een kadastrale schets uit 1987 toont echter niet aan wat de situatie vandaag is, laat staan wat betreft dit individueel geval. Bovendien spreekt de bezwaarindiener zichzelf tegen daar deze eerder in diens bezwaar beweert dat een Kadasterplan geen enkele juridische waarde heeft. Vanzelfsprekend primeert het kadastrale plan van vandaag in ieder geval op dat van een willekeurige datum van ongeveer 50 jaar geleden. De bezwaarindiener reikt geen enkel element aan waaruit zou blijken dat deze vandaag noch in het verleden in het bezit is of was van een perceel dewelke zich verder uitstrekt dan diens voorgevel.

Bij gebrek aan eender welk element aangeleverd door de bezwaarindiener waaruit het tegendeel blijkt, is er geen enkele reden om te twijfelen aan de juistheid van het kadasterplan van vandaag. Bovendien impliceert bezwaarindiener in diens schrijven dat in diens (notariële) aankoopakte een oppervlakte vermeld staat even groot zoals gekend in het kadaster van vandaag, dus te rekenen vanaf de gevel: "De gemeente is hierbij blijkbaar van mening dat alle percelen wiens oppervlakte volgens de laatste aankoopakte even groot is als de oppervlakte in het Kadasterplan, reeds eigendom zijn van de gemeente, zijnde de 19 voormelde percelen waarvan sprake". Het perceel van bezwaarindiener behoort tot die 19 percelen waarnaar deze zelf verwijst, waardoor bezwaarindiener dus te kennen geeft dat diens aankoopakte niet verschilt met de gegevens te vinden in het kadaster.

Tot slot verwijst bezwaarindiener nog naar de bouwaanvraag van 2005 en het schrijven van de gemeente van meer dan tien jaar geleden, waarbij destijds reeds een poging werd ondernomen om de Genkerbaan heraan te leggen. De huidige procedure tot vaststelling van de rooilijn staat hier los van. Bovendien heeft bezwaarindiener geen belang bij dit argument aangezien hij tijdens het openbaar onderzoek opnieuw de kans heeft gekregen om de bewijsstukken voor te leggen waaruit blijkt dat hij eigenaar is van de eerste vijf meter voor zijn woning.

Het bezwaar nr. 15 wordt bijgevolg niet weerhouden.

 

Bezwaarschrift 16

Gelet op bezwaar nr. 16 van 25 oktober 2021, ontvangen op 26 oktober 2021, dat als volgt beschreven werd (geanonimiseerd waar nodig):

“De ondergetekenden […], eigenaars van het perceel gelegen aan de Genkerbaan met als kadastrale omschrijving afdeling 3, sectie E, nummer 13F2 hebben de eer bij deze bezwaar aan te tekenen tegen de voorgestelde wijziging rooilijn deel van de gemeenteweg Genkerbaan.

Uit het door landmeter-expert Alain Bulen opgesteld ontwerp van rooilijnplan blijkt dat de gemeente van oordeel is dat zij momenteel reeds eigenaar zou zijn van de voor(tuin)stroken van 19 percelen grenzend aan de Genkerbaan en dat de gemeente anderzijds nog de voor(tuin)stroken van 21 percelen wenst te verwerven.

Volgens de gemeente loopt de huidige rooilijn blijkbaar t.a.v. 19 percelen tot tegen de gevels van die percelen en t.a.v. 21 percelen tot ongeveer 5 meter voor de gevels van die percelen (met uitzondering van de onbebouwde percelen).

De gemeente is hierbij blijkbaar van mening dat alle percelen wiens oppervlakte volgens de laatste aankoopakte even groot is als de oppervlakte in het Kadasterplan, reeds eigendom zijn van de gemeente, zijnde de 19 voormelde percelen waarvan sprake.

Het feit dat de gemeente zich baseert op het Kadasterplan om zich bepaalde eigendommen toe te eigenen is echter niet correct aangezien de gegevens van het Kadaster enkel kunnen dienen als vermoeden van eigendom.

Volgens de rechtspraak en rechtsleer heeft het Kadasterplan immers geen enkele juridische waarde.

Het is dan ook zeer vreemd dat de gemeente zich baseert op het Kadasterplan om zich enerzijds de voorstroken van 19 percelen toe te eigenen en anderzijds de onteigening van de voorstroken van 21 percelen te voorzien.

Volgens de ondergetekenden strekken alle gronden van de eigendommen gelegen aan het eerste deel van de Genkerbaan zich uit tot 5 meter voor de woningen, waar zich oorspronkelijk de voortuinen bevonden en de gemeente werd hiervan in het verleden reeds verschillende keren in kennis gesteld.

Destijds is er door de eigenaars van de respectievelijke percelen immers enkel mee ingestemd dat de gemeente de voorstroken zou inrichten als voetpad en parkeergelegenheid, zonder dat er afstand werd gedaan van de eigendom van deze voorstroken.

Dit blijkt trouwens ook duidelijk uit het uittreksel uit de kadastrale schets daterend van 1987 en door de Inspecteur van het Kadaster overgemaakt op 10 december 2004 (zie bijlage 1).

Behoudens vergissing en tegenbewijs vanwege de gemeente, hebben de eigenaars ten aanzien van de gemeente nooit op enigerlei wijze afstand gedaan van hun eigendomsrechten op de voorstroken van hun eigendommen, zodat alle eigenaars nog steeds eigenaar zijn van de stroken grond van 5 meter die zich vóór de woningen/handelspanden bevinden.

Deze eigendomskwestie werd door verschillende eigenaars ook reeds aangehaald in de bezwaarschriften die op 14 augustus 2005 werden ingediend tegen de vroegere bouwaanvraag met de plannen voor de fameuze ‘Ramblas’.

Bovendien hebben verschillende eigenaars gereageerd op de brief van de gemeente Zonhoven dd. 15 april 2009, waarin gevraagd werd om te bewijzen dat zij eigenaar zijn van de voorstroken. 

Door verschillende eigenaars werd op dat ogenblik (o.a. bij officiële brieven van 29 april 2009) bevestigd dat zij nog steeds eigenaar zijn van de voorstroken van 5 meter gelegen voor de woningen/handelspanden en dit werd aangetoond aan de hand van bewijsstukken.

De gemeente Zonhoven heeft op deze briefwisseling nooit geantwoord, waaruit dient afgeleid te worden dat de gemeente aanvaardt dat alle eigenaars nog steeds eigenaar zijn van de voorstroken voor hun woningen/handelspanden.

Wat het perceel van ondergetekenden in het bijzonder betreft, wordt op basis van verschillende bewijsstukken aangetoond dat de voorstrook gelegen voor hun woning nog steeds hun eigendom is:

1° Kopie van de eigendomsakte van ondergetekenden, zijnde de aankoopakte dd. 18 juni 1998 (zie bijlage 2), waaruit blijkt dat de aankoop betrekking heeft op een "Woonhuis met alle aanhorigheden, op en met grond, gelegen aan de Genkerbaan 41, gekadastreerd sectie E, nummer 13/F/2, groot volgens kadaster twee aren negenentachtig centiaren (02a 89ca)."

De grootte van het perceel verwijst enkel naar de grootte die in het Kadaster is opgenomen. De oppervlaktes die in het Kadaster zijn opgenomen zijn enkel richtinggevend en juridisch niet bindend.

Uit het opmetingsplan van landmeters-experten Johan Paquay en Guy Decoutere dd. 15 april 2009 (zie punt 3°) blijkt immers dat het perceel van ondergetekenden 3a25ca groot is in plaats van 2a89ca.

2° Kopie van het situatieplan, deel uitmakend van het bouwplan dd. 21 februari 1957 ingediend door de toenmalige eigenaars (dhr. en mevr. […]) (bijlage 3) :

Uit dit situatieplan blijkt vooreerst dat : 

- het perceel van ondergetekenden lot 4 betreft van 7 loten die aanvankelijk deel uitmaakten van 1 groot perceel dat toebehoorde aan de heer […].

- het perceel van ondergetekenden zich uitstrekt tot enkele meters voor de op te richten woning.

- de afstand tussen de gevel en het midden van de rijbaan 12 meter bedraagt.

De heer […] heeft deze 7 percelen aan zijn kinderen geschonken bij akte van 11 januari 1952 en de visu is op dit situatieplan reeds zichtbaar dat de loten 2 tot en met 7 even groot zijn en dat enkel lot 1, waarop een erfdienstbaarheid van doorgang rust, iets breder en dus groter is.

3° Kopie van het opmetingsplan van landmeters-experten Johan Paquay en Guy Decoutere dd. 15 april 2009 (zie bijlage 4), waaruit blijkt dat het perceel van ondergetekenden zich uitstrekt tot minstens 3m30 voor de gevel van hun woning en dat het perceel van ondergetekenden minstens 2a96ca + 29ca = 3a25ca groot is en dus geen 2a89ca zoals vermeld in de aankoopakte van ondergetekenden.

Bovendien blijkt uit dit opmetingsplan dat het perceel van ondergetekenden dezelfde breedte heeft als de percelen 13G2, 13A2 en 13R, hetgeen een bevestiging betreft van het voormelde situatieplan.

Het is dan ook niet correct dat de gemeente in haar ontwerp van rooilijnplan van oordeel is dat zij nog geen eigenaar is van de voorstroken van de percelen met nummers 13A2 en 13R (op het rooilijnplan vermeld als de loten met nummers 6 en 7, die de gemeente nog zal verwerven door onteigening) en dat de gemeente meent wel reeds eigenaar te zijn van de voorstroken van de percelen met nummers 13C2, 1302, 13H2,13F2 en 13H2.

Zoals hierboven reeds aangehaald maakten deze 7 percelen deel uit van 1 groot perceel en deze 7 percelen strekten zich uiteraard allen uit tot tegen de rijbaan.

4° Kopie van de brieven dd. 15 en 29 april 2009 (zie bijlage 5a. en 5b.) :

In de brief van gemeente Zonhoven dd. 15 april 2009 werd aan ondergetekenden gevraagd om vóór 1 mei 2009 te bewijzen dat wij eigenaar zijn van de voorstrook gelegen tussen de gevel van onze woning en de rijbaan (zie bijlage 5a.).

Ondergetekenden hebben hierop gereageerd bij brief van 29 april 2009 en hebben verschillende bewijsstukken, waaruit onze eigendomsrechten blijken, voorgelegd (zie bijlage 5b.).

De gemeente Zonhoven heeft op deze briefwisseling nooit geantwoord, waaruit kan afgeleid te worden dat de gemeente aanvaard heeft dat wij nog steeds eigenaar zijn van de voorstrook gelegen voor onze woning.

Anderzijds dient opgemerkt te worden dat, voor zover bepaalde eigenaars het bewijs van hun eigendomsaanspraken niet geleverd hebben voor 1 mei 2009, dit niet wil zeggen dat zij geen eigendomsrecht meer kunnen doen gelden. De termijn die in de brief van de gemeente vermeld werd is immers geen juridisch bindende termijn.

5° Foto van de septische put die gelegen is voor de woning van ondergetekenden (zie bijlage 6).

Ondergetekenden hebben het deksel van deze septische put vorig jaar moeten vervangen aangezien deze stuk was gegaan. Enkel het voorliggende putje werd op dat ogenblik door Fluvius hersteld en het deksel werd vervangen, met de mededeling dat het deksel van de septische put door ondergetekenden als eigenaars diende vervangen te worden.

Uit al deze bewijsstukken blijkt duidelijk dat ondergetekenden op dit ogenblik nog steeds eigenaar zijn van de voorstrook gelegen voor hun woning en deze voorstrook maakt deel uit van hun perceel met nr. 13F2.

De gemeente gaat er bijgevolg ten onrechte van uit dat zij eigenaar is van deze voorstrook en de gemeente zal ook deze strook moeten verwerven indien zij de rooilijn wenst te verplaatsen tot tegen de gevel van de woning van ondergetekenden.

In het rooilijnplan wordt er bijgevolg verkeerdelijk van uitgegaan dat de huidige rooilijn reeds tegen de gevel van de woning van ondergetekenden ligt.

Mogen wij u verzoeken rekening te houden met onze bezwaren, en ons bovendien in kennis te stellen van het gevolg dat aan de aanvraag en aan deze bezwaren zal worden verleend.

In afwachting behouden de ondergetekenden zich alle rechten voor, inclusief het ontwikkelen van bijkomende argumenten in het verder verloop van de procedure.”

De gemeenteraad neemt volgend gemotiveerd standpunt in voor bezwaar nr. 16:

Het kadaster kan gelden als vermoeden of inlichting van eigendom. Artikel 141 Hypotheekwet bepaalt dat notarissen de kadastrale beschrijving van het goed dienen op te nemen in de akte. De gemeente heeft deze objectieve gegevens als uitgangspunt genomen bij de voorlopige vaststelling van de rooilijn. Dit vermoeden is een weerlegbaar vermoeden dat kan worden weerlegd aan de hand van bewijsstukken, waarmee bij de definitieve vastlegging van de rooilijn rekening wordt gehouden.

Het plan waarnaar de bezwaarindieners verwijzen om te bewijzen dat de voorstrook nog steeds hun eigendom is, is een uittreksel uit de kadastrale schets uit 1987. Deze schets is slecht zicht- en leesbaar maar er kan worden afgeleid dat de percelen in 1987 zich op basis van het kadastrale plan uitstrekten tot een beperkte strook voor de gevels, dewelke overeen kan komen met vijf meter zoals herhaaldelijk in het bezwaarschrift te lezen. Een kadastrale schets uit 1987 toont echter niet aan wat de situatie vandaag is, laat staan wat betreft dit individueel geval. Bovendien spreken de bezwaarindieners zichzelf tegen daar deze eerder in hun bezwaar beweren dat een Kadasterplan geen enkele juridische waarde heeft. Vanzelfsprekend primeert het kadastrale plan van vandaag in ieder geval op dat van een willekeurige datum van meer dan 30 jaar geleden. 

De bezwaarindieners verwijzen verder naar een aantal bewijsstukken waaruit zou blijken dat zij eigenaar zouden zijn, met name kopie van de eigendomsakte van 18 juni 1998, kopie van het situatieplan van 21 februari 1957, het opmetingsplan van 15 april 2009, kopie van eerdere briefwisseling met de gemeente en een foto van de septische put die volgens Fluvius eigendom zou zijn van de bezwaarindieners.

Uit het opmetingsplan van landmeter-experten Johan Paquay en Guy Decoutere blijkt dat het perceel van bezwaarindieners een oppervlakte heeft van 3a 25 ca in tegenstelling tot de oppervlakte van 2a 89ca zoals vermeld in het kadaster. 

Op basis van dit opmetingsplan kan worden vastgesteld dat de oppervlakte van het perceel van de bezwaarindieners zich inderdaad uitstrekt tot voor de voorgevel van de bezwaarindieners.

Tot slot verwijzen de bezwaarindieners nog naar de bouwaanvraag van 2005 en het schrijven van de gemeente van meer dan tien jaar geleden, waarbij destijds reeds een poging werd ondernomen om de Genkerbaan heraan te leggen. De huidige procedure tot vaststelling van de rooilijn staat hier los van. Bovendien hebben bezwaarindieners geen belang bij dit argument aangezien zij tijdens het openbaar onderzoek opnieuw de kans hebben gekregen om de bewijsstukken voor te leggen waaruit blijkt dat zij eigenaar zijn van de eerste vijf meter voor hun woning.

Het bezwaar nr. 16 wordt weerhouden.

 

Bezwaarschrift 17

Gelet op bezwaar nr. 17 van 25 oktober 2021, ontvangen op 26 oktober 2021, dat als volgt beschreven werd (geanonimiseerd waar nodig):

“De ondergetekende Frieda Eben, eigenares van het perceel gelegen aan de Genkerbaan met als kadastrale omschrijving afdeling 3, sectie E, nummer 13G2 hebben de eer bij deze bezwaar aan te tekenen tegen de voorgestelde wijziging rooilijn deel van de gemeenteweg Genkerbaan.

Uit het door landmeter-expert Alain Bulen opgesteld ontwerp van rooilijnplan blijkt dat de gemeente van oordeel is dat zij momenteel reeds eigenaar zou zijn van de voor(tuin)stroken van 19 percelen grenzend aan de Genkerbaan en dat de gemeente anderzijds nog de voor(tuin)stroken van 21 percelen wenst te verwerven.

Volgens de gemeente loopt de huidige rooilijn blijkbaar t.a.v. 19 percelen tot tegen de gevels van die percelen en t.a.v. 21 percelen tot ongeveer 5 meter voor de gevels van die percelen (met uitzondering van de onbebouwde percelen).

De gemeente is hierbij blijkbaar van mening dat alle percelen wiens oppervlakte volgens de laatste aankoopakte even groot is als de oppervlakte in het Kadasterplan, reeds eigendom zijn van de gemeente, zijnde de 19 voormelde percelen waarvan sprake.

Het feit dat de gemeente zich baseert op het Kadasterplan om zich bepaalde eigendommen toe te eigenen is echter niet correct aangezien de gegevens van het Kadaster enkel kunnen dienen als vermoeden van eigendom.

Volgens de rechtspraak en rechtsleer heeft het Kadasterplan immers geen enkele juridische waarde.

Het is dan ook zeer vreemd dat de gemeente zich baseert op het Kadasterplan om zich enerzijds de voorstroken van 19 percelen toe te eigenen en anderzijds de onteigening van de voorstroken van 21 percelen te voorzien.

Volgens de ondergetekenden strekken alle gronden van de eigendommen gelegen aan het eerste deel van de Genkerbaan zich uit tot 5 meter voor de woningen, waar zich oorspronkelijk de voortuinen bevonden en de gemeente werd hiervan in het verleden reeds verschillende keren in kennis gesteld.

Destijds is er door de eigenaars van de respectievelijke percelen immers enkel mee ingestemd dat de gemeente de voorstroken zou inrichten als voetpad en parkeergelegenheid, zonder dat er afstand werd gedaan van de eigendom van deze voorstroken.

Dit blijkt trouwens ook duidelijk uit het uittreksel uit de kadastrale schets daterend van 1987 en door de Inspecteur van het Kadaster overgemaakt op 10 december 2004 (zie bijlage 1).

Behoudens vergissing en tegenbewijs vanwege de gemeente, hebben de eigenaars ten aanzien van de gemeente nooit op enigerlei wijze afstand gedaan van hun eigendomsrechten op de voorstroken van hun eigendommen, zodat alle eigenaars nog steeds eigenaar zijn van de stroken grond van 5 meter die zich vóór de woningen/handelspanden bevinden.

Deze eigendomskwestie werd door verschillende eigenaars ook reeds aangehaald in de bezwaarschriften die op 14 augustus 2005 werden ingediend tegen de vroegere bouwaanvraag met de plannen voor de fameuze ‘Ramblas’.

Bovendien hebben verschillende eigenaars gereageerd op de brief van de gemeente Zonhoven dd. 15 april 2009, waarin gevraagd werd om te bewijzen dat zij eigenaar zijn van de voorstroken. 

Door verschillende eigenaars werd op dat ogenblik (o.a. bij officiële brieven van 29 april 2009) bevestigd dat zij nog steeds eigenaar zijn van de voorstroken van 5 meter gelegen voor de woningen/handelspanden en dit werd aangetoond aan de hand van bewijsstukken.

De gemeente Zonhoven heeft op deze briefwisseling nooit geantwoord, waaruit dient afgeleid te worden dat de gemeente aanvaardt dat alle eigenaars nog steeds eigenaar zijn van de voorstroken voor hun woningen/handelspanden.

Wat het perceel van ondergetekenden in het bijzonder betreft, wordt op basis van verschillende bewijsstukken aangetoond dat de voorstrook gelegen voor hun woning nog steeds hun eigendom is:

1 ° Kopie van de eigendomsakte van ondergetekende, zijnde de aankoopakte dd. 26 november 2003 (zie bijlage 2), waaruit blijkt dat de aankoop betrekking heeft op een "Een woonhuis op en met grond en alle verdere aanhorigheden, gelegen Genkerbaan 43, de grond gekadastreerd volgens titel sectie E deel van nummer 13/H, groot volgens meting in titel drie are negentien centiare, thans ten kadaster bekend sectie E nummer 13/G/2, voor een oppervlakte van twee are drieëntachtig centiare."

Uit deze akte blijkt duidelijk dat het perceel van ondergetekende 3a 19ca groot is en volgens het kadaster zou de oppervlakte slechts 2a83ca bedragen. De oppervlaktes die in het Kadaster zijn opgenomen zijn echter enkel richtinggevend en juridisch niet bindend.

Voorts blijkt uit deze akte dat het perceel van ondergetekende lot 5 betreft van 7 loten die aanvankelijk deel uitmaakten van 1 groot perceel dat toebehoorde aan de heer […] en dat het perceel ingevolge akte verleden voor notaris Emile Jageneau op 11 januari 1952 geschonken werd aan zijn dochter […].

2° Kopie van het situatieplan, deel uitmakend van het bouwplan dd. 14 februari 1956 ingediend door de toenmalige eigenaars (dhr. en mevr. […]) (bijlage 3) :

Uit dit situatieplan blijkt heel duidelijk dat het perceel van ondergetekende 8,83 meter breed is en dat de te bouwen woning op 5 meter van de rijbaan zal opgericht worden. 

Bovendien blijkt uit de kopie van het opmetingsplan van landmetersexperten Johan Paquay en Guy Decoutere dd. 15 april 2009 betreffende het perceel met nr. 13F2 (Genkerbaan 41 - zie bijlage 4) dat het perceel van ondergetekende dezelfde breedte heeft als de percelen 13F2, 13A2 en 13R, hetgeen een bevestiging betreft van het voormelde situatieplan.

Het is dan ook niet correct dat de gemeente in haar ontwerp van rooilijnplan van oordeel is dat zij nog geen eigenaar is van de voorstroken van de percelen met nummers 13A2 en 13R (op het rooilijnplan vermeld als de loten met nummers 6 en 7, die de gemeente nog zal verwerven door onteigening) en dat de gemeente meent wel reeds eigenaar te zijn van de voorstroken van de percelen met nummers 13C2, 13D2, 13H2, 13F2 en 13H2.

Zoals hierboven reeds werd aangehaald, maakten deze 7 percelen deel uit van 1 groot perceel dat eigendom was van de heer […], die dit perceel verdeeld heeft in 7 percelen en deze vervolgens aan zijn dochters heeft geschonken bij akte van 11 januari 1952. En deze 7 percelen strekten zich uiteraard allen uit tot tegen de rijbaan.

3° Kopie van de brieven dd. 15 en 29 april 2009 (zie bijlage 5a. en 5b.) :

In de brief van gemeente Zonhoven dd. 15 april 2009 werd aan ondergetekende gevraagd om vóór 1 mei 2009 te bewijzen dat zij eigenaar is van de voorstrook gelegen tussen de gevel van onze woning en de rijbaan (zie bijlage 5a.).

Ondergetekende en haar overleden echtgenoot de heer […]) hebben hierop gereageerd bij brief van 29 april 2009 en hebben verschillende bewijsstukken, waaruit haar eigendomsrechten blijken, voorgelegd (zie bijlage 5b.).

De gemeente Zonhoven heeft op deze briefwisseling nooit geantwoord, waaruit kan afgeleid te worden dat de gemeente aanvaard heeft dat wij nog steeds eigenaar zijn van de voorstrook gelegen voor onze woning.

Anderzijds dient opgemerkt te worden dat, voor zover bepaalde eigenaars het bewijs van hun eigendomsaanspraken niet geleverd hebben voor 1 mei 2009, dit niet wil zeggen dat zij geen eigendomsrecht meer kunnen doen gelden. De termijn die in de brief van de gemeente vermeld werd is immers geen juridisch bindende termijn.

Uit al deze bewijsstukken blijkt duidelijk dat ondergetekende op dit ogenblik nog steeds eigenaar zijn van de voorstrook gelegen voor hun woning en deze voorstrook maakt deel uit van haar perceel met nr. 13G2. 

De gemeente gaat er bijgevolg ten onrechte van uit dat zij eigenaar is van deze voorstrook en de gemeente zal ook deze strook moeten verwerven indien zij de rooilijn wenst te verplaatsen tot tegen de gevel van de woning van ondergetekenden.

In het rooilijnplan wordt er bijgevolg verkeerdelijk van uitgegaan dat de huidige rooilijn reeds tegen de gevel van de woning van ondergetekende ligt.

Mogen wij u verzoeken rekening te houden met onze bezwaren, en ons bovendien in kennis te stellen van het gevolg dat aan de aanvraag en aan deze bezwaren zal worden verleend.

In afwachting behouden de ondergetekenden zich alle rechten voor, inclusief het ontwikkelen van bijkomende argumenten in het verder verloop van de procedure.”

De gemeenteraad neemt volgend gemotiveerd standpunt in voor bezwaar nr. 17:

Het kadaster kan gelden als vermoeden of inlichting van eigendom. Artikel 141 Hypotheekwet bepaalt dat notarissen de kadastrale beschrijving van het goed dienen op te nemen in de akte. De gemeente heeft deze objectieve gegevens als uitgangspunt genomen bij de voorlopige vaststelling van de rooilijn. Dit vermoeden is een weerlegbaar vermoeden dat kan worden weerlegd aan de hand van bewijsstukken, waarmee bij de definitieve vastlegging van de rooilijn rekening wordt gehouden.

Het plan waarnaar de bezwaarindieners verwijzen om te bewijzen dat de voorstrook nog steeds hun eigendom is, is een uittreksel uit de kadastrale schets uit 1987. Deze schets is slecht zicht- en leesbaar maar er kan worden afgeleid dat de percelen in 1987 zich op basis van het kadastrale plan uitstrekten tot een beperkte strook voor de gevels, dewelke overeen kan komen met vijf meter zoals herhaaldelijk in het bezwaarschrift te lezen. Een kadastrale schets uit 1987 toont echter niet aan wat de situatie vandaag is, laat staan wat betreft dit individueel geval. Bovendien spreken de bezwaarindieners zichzelf tegen daar deze eerder in hun bezwaar beweren dat een Kadasterplan geen enkele juridische waarde heeft. Vanzelfsprekend primeert het kadastrale plan van vandaag in ieder geval op dat van een willekeurige datum van meer dan 30 jaar geleden. 

De bezwaarindiener verwijst verder naar een aantal bewijsstukken waaruit zou blijken dat zij eigenaar zou zijn, met name kopie van de aankoopakte van 26 november 2003, kopie van het situatieplan van 21 februari 1957, het opmetingsplan van 15 april 2009 en een kopie van eerdere briefwisseling met de gemeente.

De eigendomsakte van 26 november 2003 vermeldt een oppervlakte van 3a19ca volgens meeting. Het kadaster vermeldt een oppervlakte van 2a 83ca. De oppervlakte zoals vermeld in de meest recente akte is bijgevolg groter dan het kadaster. Deze oppervlakte kan overeenkomen met de grond gelegen voor de voorgevel van de woning.

Tot slot verwijst de bezwaarindiener nog naar de bouwaanvraag van 2005 en het schrijven van de gemeente van meer dan tien jaar geleden, waarbij destijds reeds een poging werd ondernomen om de Genkerbaan heraan te leggen. De huidige procedure tot vaststelling van de rooilijn staat hier los van. Bovendien heeft bezwaarindiener geen belang bij dit argument aangezien zij tijdens het openbaar onderzoek opnieuw de kans heeft gekregen om de bewijsstukken voor te leggen waaruit blijkt dat zij eigenaar is van de eerste vijf meter voor haar woning.

Het bezwaar nr. 17 wordt weerhouden.

 

Bezwaarschrift 18

Gelet op bezwaar nr. 18 van 26 oktober 2021 dat als volgt beschreven werd (geanonimiseerd waar nodig):

“De ondergetekende […] eigenaar van het perceel gelegen aan de Genkerbaan met als kadastrale omschrijving afdeling 3, sectie E, nummer 64A3 heeft de eer bij deze bezwaar aan te tekenen tegen de voorgestelde wijziging rooilijn deel van de gemeenteweg Genkerbaan.

Uit het door landmeter-expert Alain Bulen opgesteld ontwerp van rooilijnplan blijkt dat de gemeente van oordeel is dat zij momenteel reeds eigenaar zou zijn van de voor(tuin)stroken van 19 percelen grenzend aan de Genkerbaan en dat de gemeente anderzijds nog de voor(tuin)stroken van 21 percelen wenst te verwerven.

Volgens de gemeente loopt de huidige rooilijn blijkbaar t.a.v. 19 percelen tot tegen de gevels van die percelen en t.a.v. 21 percelen tot ongeveer 5 meter voor de gevels van die percelen (met uitzondering van de onbebouwde percelen).

De gemeente is hierbij blijkbaar van mening dat alle percelen wiens oppervlakte volgens de laatste aankoopakte even groot is als de oppervlakte in het Kadasterplan, reeds eigendom zijn van de gemeente, zijnde de 19 voormelde percelen waarvan sprake.

Het feit dat de gemeente zich baseert op het Kadasterplan om zich bepaalde eigendommen toe te eigenen is echter niet correct aangezien de gegevens van het Kadaster enkel kunnen dienen als vermoeden van eigendom.

Volgens de rechtspraak en rechtsleer heeft het Kadasterplan immers geen enkele juridische waarde.

Het is dan ook zeer vreemd dat de gemeente zich baseert op het Kadasterplan om zich enerzijds de voorstroken van 19 percelen toe te eigenen en anderzijds de onteigening van de voorstroken van 21 percelen te voorzien.

Volgens de ondergetekenden strekken alle gronden van de eigendommen gelegen aan het eerste deel van de Genkerbaan zich uit tot 5 meter voor de woningen, waar zich oorspronkelijk de voortuinen bevonden en de gemeente werd hiervan in het verleden reeds verschillende keren in kennis gesteld.

Destijds is er door de eigenaars van de respectievelijke percelen immers enkel mee ingestemd dat de gemeente de voorstroken zou inrichten als voetpad en parkeergelegenheid, zonder dat er afstand werd gedaan van de eigendom van deze voorstroken.

Dit blijkt trouwens ook duidelijk uit het uittreksel uit de kadastrale schets daterend van 1987 en door de Inspecteur van het Kadaster overgemaakt op 10 december 2004 (zie bijlage 1).

Behoudens vergissing en tegenbewijs vanwege de gemeente, hebben de eigenaars ten aanzien van de gemeente  nooit op enigerlei wijze afstand gedaan van hun eigendomsrechten op de voorstroken van hun eigendommen, zodat alle eigenaars nog steeds eigenaar zijn van de stroken grond van 5 meter die zich vóór de woningen/handelspanden bevinden.

Deze eigendomskwestie werd door verschillende eigenaars ook reeds aangehaald in de bezwaarschriften die op 14 augustus 2005 werden ingediend tegen de vroegere bouwaanvraag met de plannen voor de fameuze ‘Ramblas’.

Bovendien hebben verschillende eigenaars gereageerd op de brief van de gemeente Zonhoven dd. 15 april 2009, waarin gevraagd werd om te bewijzen dat zij eigenaar zijn van de voorstroken.

Door verschillende eigenaars werd op dat ogenblik (o.a. bij officiële brieven van 29 april 2009) bevestigd dat zij nog steeds eigenaar zijn van de voorstroken van 5 meter gelegen voor de woningen/handelspanden en dit werd aangetoond aan de hand van bewijsstukken.

De gemeente Zonhoven heeft op deze briefwisseling nooit geantwoord, waaruit dient afgeleid te worden dat de gemeente aanvaardt dat alle eigenaars nog steeds eigenaar zijn van de voorstroken voor hun woningen/handelspanden.

Mag ik u verzoeken rekening te houden met de bezwaren, en mij bovendien in kennis te stellen van het gevolg dat aan de aanvraag en aan dit bezwaar zal worden verleend.

 

In afwachting behoudt de ondergetekende zich alle rechten voor, inclusief het ontwikkelen van bijkomende argumenten in het verder verloop van de procedure.”

De gemeenteraad neemt volgend gemotiveerd standpunt in voor bezwaar nr. 18:

Het kadaster kan gelden als vermoeden of inlichting van eigendom. Artikel 141 Hypotheekwet bepaalt dat notarissen de kadastrale beschrijving van het goed dienen op te nemen in de akte. De gemeente heeft deze objectieve gegevens als uitgangspunt genomen bij de voorlopige vaststelling van de rooilijn. Dit vermoeden is een weerlegbaar vermoeden dat kan worden weerlegd aan de hand van bewijsstukken, waarmee bij de definitieve vastlegging van de rooilijn rekening wordt gehouden.

Het plan waarnaar de bezwaarindiener verwijst om te bewijzen dat de voorstrook nog steeds zijn eigendom is, is een uittreksel uit de kadastrale schets uit 1987. Deze schets is niet toegevoegd, maar verwijzend naar andere bezwaarschriften, merkt de gemeente op dat uit deze slecht leesbare schets enkel kan worden afgeleid dat de percelen in 1987 zich op basis van het kadastrale plan uitstrekten tot een beperkte strook voor de gevels, dewelke overeen kan komen met vijf meter zoals herhaaldelijk in het bezwaarschrift te lezen. Een kadastrale schets uit 1987 toont echter niet aan wat de situatie vandaag is, laat staan wat betreft dit individueel geval. Bovendien spreekt de bezwaarindiener zichzelf tegen daar deze eerder in diens bezwaar beweert dat een Kadasterplan geen enkele juridische waarde heeft. Vanzelfsprekend primeert het kadastrale plan van vandaag in ieder geval op dat van een willekeurige datum van meer dan 30 jaar geleden. De bezwaarindiener reikt geen enkel element aan waaruit zou blijken dat deze vandaag noch in het verleden in het bezit is of was van een perceel dewelke zich verder uitstrekt dan diens voorgevel.

Bij gebrek aan eender welk element aangeleverd door de bezwaarindiener waaruit het tegendeel blijkt, is er geen enkele reden om te twijfelen aan de juistheid van het kadasterplan van vandaag. Bovendien impliceert bezwaarindiener in diens schrijven dat in diens (notariële) aankoopakte een oppervlakte vermeld staat even groot zoals gekend in het kadaster van vandaag, dus te rekenen vanaf de gevel: "De gemeente is hierbij blijkbaar van mening dat alle percelen wiens oppervlakte volgens de laatste aankoopakte even groot is als de oppervlakte in het Kadasterplan, reeds eigendom zijn van de gemeente, zijnde de 19 voormelde percelen waarvan sprake". Het perceel van bezwaarindiener behoort tot die 19 percelen waarnaar deze zelf verwijst, waardoor bezwaarindiener dus te kennen geeft dat diens aankoopakte niet verschilt met de gegevens te vinden in het kadaster.

Tot slot verwijst bezwaarindiener nog naar de bouwaanvraag van 2005 en het schrijven van de gemeente van meer dan tien jaar geleden, waarbij destijds reeds een poging werd ondernomen om de Genkerbaan heraan te leggen. De huidige procedure tot vaststelling van de rooilijn staat hier los van. Bovendien heeft bezwaarindiener geen belang bij dit argument aangezien hij tijdens het openbaar onderzoek opnieuw de kans heeft gekregen om de bewijsstukken voor te leggen waaruit blijkt dat hij eigenaar zou zijn van de eerste vijf meter voor zijn woning.

Het bezwaar nr. 18 wordt bijgevolg niet weerhouden.

 

Bezwaarschrift 19

Gelet op bezwaar nr. 19 van 24 oktober 2021, ontvangen op 27 oktober 2021 en bijgevolg laattijdig, dat als volgt beschreven werd (geanonimiseerd waar nodig):

“De ondergetekende […] eigenaar van het perceel gelegen aan de Genkerbaan met als kadastrale omschrijving afdeling 3, sectie E, nummer 64Z2 heeft de eer bij deze bezwaar aan te tekenen tegen de voorgestelde wijziging rooilijn deel van de gemeenteweg Genkerbaan.

Uit het door landmeter-expert Alain Bulen opgesteld ontwerp van rooilijnplan blijkt dat de gemeente van oordeel is dat zij momenteel reeds eigenaar zou zijn van de voor(tuin)stroken van 19 percelen grenzend aan de Genkerbaan en dat de gemeente anderzijds nog de voor(tuin)stroken van 21 percelen wenst te verwerven.

Volgens de gemeente loopt de huidige rooilijn blijkbaar t.a.v. 19 percelen tot tegen de gevels van die percelen en t.a.v. 21 percelen tot ongeveer 5 meter voor de gevels van die percelen (met uitzondering van de onbebouwde percelen).

De gemeente is hierbij blijkbaar van mening dat alle percelen wiens oppervlakte volgens de laatste aankoopakte even groot is als de oppervlakte in het Kadasterplan, reeds eigendom zijn van de gemeente, zijnde de 19 voormelde percelen waarvan sprake.

Het feit dat de gemeente zich baseert op het Kadasterplan om zich bepaalde eigendommen toe te eigenen is echter niet correct aangezien de gegevens van het Kadaster enkel kunnen dienen als vermoeden van eigendom.

Volgens de rechtspraak en rechtsleer heeft het Kadasterplan immers geen enkele juridische waarde.

Het is dan ook zeer vreemd dat de gemeente zich baseert op het Kadasterplan om zich enerzijds de voorstroken van 19 percelen toe te eigenen en anderzijds de onteigening van de voorstroken van 21 percelen te voorzien.

Volgens de ondergetekenden strekken alle gronden van de eigendommen gelegen aan het eerste deel van de Genkerbaan zich uit tot 5 meter voor de woningen, waar zich oorspronkelijk de voortuinen bevonden en de gemeente werd hiervan in het verleden reeds verschillende keren in kennis gesteld.

Destijds is er door de eigenaars van de respectievelijke percelen immers enkel mee ingestemd dat de gemeente de voorstroken zou inrichten als voetpad en parkeergelegenheid, zonder dat er afstand werd gedaan van de eigendom van deze voorstroken.

Dit blijkt trouwens ook duidelijk uit het uittreksel uit de kadastrale schets daterend van 1987 en door de Inspecteur van het Kadaster overgemaakt op 10 december 2004 (zie bijlage 1).

Behoudens vergissing en tegenbewijs vanwege de gemeente, hebben de eigenaars ten aanzien van de gemeente  nooit op enigerlei wijze afstand gedaan van hun eigendomsrechten op de voorstroken van hun eigendommen, zodat alle eigenaars nog steeds eigenaar zijn van de stroken grond van 5 meter die zich vóór de woningen/handelspanden bevinden.

Deze eigendomskwestie werd door verschillende eigenaars ook reeds aangehaald in de bezwaarschriften die op 14 augustus 2005 werden ingediend tegen de vroegere bouwaanvraag met de plannen voor de fameuze ‘Ramblas’.

Bovendien hebben verschillende eigenaars gereageerd op de brief van de gemeente Zonhoven dd. 15 april 2009, waarin gevraagd werd om te bewijzen dat zij eigenaar zijn van de voorstroken.

Door verschillende eigenaars werd op dat ogenblik (o.a. bij officiële brieven van 29 april 2009) bevestigd dat zij nog steeds eigenaar zijn van de voorstroken van 5 meter gelegen voor de woningen/handelspanden en dit werd aangetoond aan de hand van bewijsstukken.

De gemeente Zonhoven heeft op deze briefwisseling nooit geantwoord, waaruit dient afgeleid te worden dat de gemeente aanvaardt dat alle eigenaars nog steeds eigenaar zijn van de voorstroken voor hun woningen/handelspanden.

Wat het perceel van ondergetekenden in het bijzonder betreft, wordt op basis van verschillende bewijsstukken aangetoond dat de voorstrook gelegen voor hun woning nog steeds hun eigendom :

…..

Mogen wij u verzoeken rekening te houden met onze bezwaren, en ons bovendien in kennis te stellen van het gevolg dat aan de aanvraag en aan dit bezwaar zal worden verleend.

In afwachting behouden de ondergetekenden zich alle rechten voor, inclusief het ontwikkelen van bijkomende argumenten in het verder verloop van de procedure.”

De gemeenteraad neemt volgend gemotiveerd standpunt in voor bezwaar nr. 19:

Het bezwaar is laattijdig. 

Niettemin merkt de gemeenteraad op dat het kadaster kan gelden als vermoeden of inlichting van eigendom. Artikel 141 Hypotheekwet bepaalt dat notarissen de kadastrale beschrijving van het goed dienen op te nemen in de akte. De gemeente heeft deze objectieve gegevens als uitgangspunt genomen bij de voorlopige vaststelling van de rooilijn. Dit vermoeden is een weerlegbaar vermoeden dat kan worden weerlegd aan de hand van bewijsstukken, waarmee bij de definitieve vastlegging van de rooilijn rekening wordt gehouden.

Het plan waarnaar de bezwaarindiener verwijst om te bewijzen dat de voorstrook nog steeds zijn eigendom is, is een uittreksel uit de kadastrale schets uit 1987. Deze schets is niet toegevoegd, maar verwijzend naar andere bezwaarschriften, merkt de gemeente op dat uit deze slecht leesbare schets enkel kan worden afgeleid dat de percelen in 1987 zich op basis van het kadastrale plan uitstrekten tot een beperkte strook voor de gevels, dewelke overeen kan komen met vijf meter zoals herhaaldelijk in het bezwaarschrift te lezen. Een kadastrale schets uit 1987 toont echter niet aan wat de situatie vandaag is, laat staan wat betreft dit individueel geval. Bovendien spreekt de bezwaarindiener zichzelf tegen daar deze eerder in diens bezwaar beweert dat een Kadasterplan geen enkele juridische waarde heeft. Vanzelfsprekend primeert het kadastrale plan van vandaag in ieder geval op dat van een willekeurige datum van meer dan 30 jaar geleden. De bezwaarindiener reikt geen enkel element aan waaruit zou blijken dat deze vandaag noch in het verleden in het bezit is of was van een perceel dewelke zich verder uitstrekt dan diens voorgevel.

Bij gebrek aan eender welk element aangeleverd door de bezwaarindiener waaruit het tegendeel blijkt, is er geen enkele reden om te twijfelen aan de juistheid van het kadasterplan van vandaag. Bovendien impliceert bezwaarindiener in diens schrijven dat in diens (notariële) aankoopakte een oppervlakte vermeld staat even groot zoals gekend in het kadaster van vandaag, dus te rekenen vanaf de gevel: "De gemeente is hierbij blijkbaar van mening dat alle percelen wiens oppervlakte volgens de laatste aankoopakte even groot is als de oppervlakte in het Kadasterplan, reeds eigendom zijn van de gemeente, zijnde de 19 voormelde percelen waarvan sprake". Het perceel van bezwaarindiener behoort tot die 19 percelen waarnaar deze zelf verwijst, waardoor bezwaarindiener dus te kennen geeft dat diens aankoopakte niet verschilt met de gegevens te vinden in het kadaster.

Tot slot verwijst bezwaarindiener nog naar de bouwaanvraag van 2005 en het schrijven van de gemeente van meer dan tien jaar geleden, waarbij destijds reeds een poging werd ondernomen om de Genkerbaan heraan te leggen. De huidige procedure tot vaststelling van de rooilijn staat hier los van. Bovendien heeft bezwaarindiener geen belang bij dit argument aangezien hij tijdens het openbaar onderzoek opnieuw de kans heeft gekregen om de bewijsstukken voor te leggen waaruit blijkt dat hij eigenaar zou zijn van de eerste vijf meter voor zijn woning.

Het laattijdig bezwaar nr. 19 wordt bijgevolg niet weerhouden.

 

Adviesinstantie 1: Provincie

Het advies van adviesinstantie 1, de deputatie van de provincie, dat als volgt beschreven werd:

“We hebben uw vraag voor advies over de voorlopige vaststelling van de rooilijnplannen van de Genkerbaan bestudeerd.  

Het dossier zal niet voorgelegd worden aan de deputatie, aangezien wegens de wijziging in de wetgeving rond gemeentewegen, de deputatie geen beslissingsbevoegdheid heeft terzake en wegens te hoge dossierlast, binnen ons bestuur, enkel nog adviesdossiers geagendeerd worden die relevant zijn voor (het behoud van) de trage mobiliteit. De dossiers hebben geen impact op het trage wegennetwerk in de nabije omgeving, noch betrekking op de verplaatsing of opheffing van een gemeenteweg. 

Gelieve deze kennisgeving op te nemen in uw besprekende notulen van de gemeenteraad bij de definitieve vaststelling van het rooilijnplan.

Overeenkomstig de bepalingen van artikel 18, derde lid en artikel 22, derde lid van het decreet houdende de gemeentewegen van 3 mei 2019 is uw college belast met de taak om het rooilijnplan of het grafisch plan samen met het besluit van de gemeenteraad tot definitieve vaststelling met een beveiligde zending te bezorgen aan het departement en aan de deputatie. We vragen u dan ook om ons het rooilijnplan of grafisch plan en de definitieve beslissing van de gemeenteraad zo spoedig mogelijk toe te sturen.” 

De gemeenteraad neemt volgend gemotiveerd standpunt in voor advies nr. 1:

Geen standpunt noodzakelijk daar de provincie heeft besloten geen advies uit te brengen.

Adviesinstantie 2: De Lijn

Het advies van adviesinstantie 2, De Lijn, dat als volgt beschreven werd:

De Lijn heeft geen bezwaren met betrekking tot bovengenoemde aanvraag.

Onze halte Zonhoven Genkerbaan ligt net buiten het plangebied. 

Er zal dus geen hinder verwacht worden voor onze exploitatie.”

 

De gemeenteraad, op basis van de tijdens het openbaar onderzoek ingediende bezwaren en adviezen, wenst volgende aanpassingen aan het dossier te doen:

Het onteigeningsplan wordt als volgt aangepast: voor de percelen 8D3, 8G3, 13F2, 13G2, 64B3 en 64Y2 zal een inneming worden voorzien. 

De bezwaren nr. 3, 4, 7, 9, 16 en 17 worden ingewilligd. 

Het aanvaarden van deze bezwaren en adviezen geeft uitvoering aan artikel 3 (doelstellingen) en aan artikel 4 (principes) van het Decreet houdende de gemeentewegen van 3 mei 2019 en de bezwaren werden aan deze artikels, zoals hierboven uiteengezet hoe deze concreet ingevuld worden, getoetst;

Het volgens de aanvaarde bezwaren en adviezen aangepaste ontwerp van rooilijnplan, opgemaakt door landmeter-expert Alain Bulen van 30 november 2021 waaruit duidelijk de actuele en de toekomstige rooilijn van de gemeenteweg blijkt, wordt hierbij definitief vastgesteld.

Besluit

De gemeenteraad beslist:

Artikel 1

De gemeenteraad beslist het rooilijnplan dd. 30/11/2021 zoals toegevoegd in bijlage definitief vast te stellen.

Artikel 2

De gemeenteraad beslist het college van burgemeester en schepenen te gelasten met de uitvoering van dit besluit overeenkomstig art. 18 en 19 van het Decreet houdende de Gemeentewegen van 3 mei 2019, en behoudens administratief beroep, met de realisatie van de (gewijzigde) gemeenteweg, overeenkomstig de artikelen 26, 27, 28 en 29 van het aangehaalde decreet. 

Artikel 3

De gemeenteraad beslist dat deze beslissing wordt bekend gemaakt overeenkomstig artikel 18 van het decreet van 3 mei 2019 houdende de gemeentewegen.

Artikel 4

De gemeenteraad beslist dat het rooilijnplan samen met het besluit van de gemeenteraad tot definitieve vaststelling van het gemeentelijk rooilijnplan wordt bezorgd aan het departement Mobiliteit en Openbare Werken en aan de deputatie van de provincie Limburg.

Artikel 5

Tegen deze beslissing kan binnen een termijn van 30 dagen een opschortend administratief beroep worden ingesteld bij de Vlaamse Overheid, overeenkomstig art. 24 en 25 van het Decreet houdende de Gemeentewegen van 3 mei 2019.