STEDENBOUWKUNDIG EN MILIEUTECHNISCH advies - verslag GEMEENTELIJKE omgevingsambtenaar
De aanvraag betreft het kappen van 2 bomen.
De aanvraag werd op 29/03/2021 ontvangen en op 28/04/2021 ontvankelijk en volledig verklaard.
De vereenvoudigde vergunningsprocedure wordt gevolgd.
Er werd geen openbaar onderzoek gehouden.
HISTORIEK VAN HET EIGENDOM WAAROP DE AANVRAAG BETREKKING HEEFT
Stedenbouwkundig
Uit de gegevens waarover de gemeente beschikt, blijkt niet dat voor het voorwerp van de aanvraag een PV is opgesteld noch dat een meerwaarde werd opgelegd of dat op het goed een vonnis of arrest rust. Er zijn ook geen geschriften bekend waaruit zou blijken dat er wederrechtelijke werken werden uitgevoerd.
Uit de gegevens waarover de gemeente beschikt (luchtfoto…) blijkt dat op het perceel van de aanvraag constructies werden opgericht/aanwezig zijn, waarvoor geen vergunning verleend werd. Het betreft minimum een vrijstaand bijgebouw (dat volgens de beschikbare gegevens niet voldoet aan het vrijstellingsbesluit) en meerdere verhardingen.
Deze wederrechtelijk opgerichte constructies/ uitgevoerde handelingen werden niet opgenomen in de huidige aanvraag als te regulariseren/ te verwijderen.
OPENBAAR ONDERZOEK
Overeenkomstig artikel 17 van het decreet betreffende de omgevingsvergunning en hoofdstuk 3 Toepassingsgebied van de gewone en vereenvoudigde procedure, artikels 11 t.e.m. 14 van het besluit tot uitvoering van het decreet betreffende de omgevingsvergunning, werd dit dossier volgens de vereenvoudigde procedure behandeld.
Er werd bijgevolg geen openbaar onderzoek gehouden.
ADVIEZEN
Dienst Facilitair Management
MILIEUEFFECTENRAPPORTAGE
De aanvraag valt niet onder het toepassingsgebied van bijlage I, II en III van het besluit inzake projectmilieueffectrapportage van 10 december 2004 en latere wijzigingen.
STEDENBOUWKUNDIG ADVIES
TOETSING AAN DE REGELGEVING EN VOORSCHRIFTEN
OVEREENSTEMMING MET BESTEMMINGS- EN STEDENBOUWKUNDIGE VOORSCHRIFTEN
Gewestplan
De aanvraag is volgens het geldende gewestplan Hasselt - Genk, goedgekeurd bij Koninklijk besluit op 3 april 1979, gelegen in woongebied met landelijk karakter, woongebied, woonuitbreidingsgebied. De werken situeren zich binnen het woongebied en/of woonuitbreidingsgebied.
“De woongebieden zijn bestemd voor wonen, alsmede voor handel, dienstverlening, ambacht en kleinbedrijf voor zover deze taken van bedrijf om redenen van een goede ruimtelijke ordening niet in een daartoe aangewezen gebied moeten worden afgezonderd, voor groene ruimten, voor sociaal-culturele inrichtingen, voor openbare nutsvoorzieningen, voor toeristische voorzieningen, voor agrarische bedrijven voor zover ze verenigbaar zijn met de onmiddellijke omgeving (artikel 5 van het Koninklijk besluit van 28 december 1972 betreffende de inrichting en de toepassing van de ontwerpgewestplannen en de gewestplannen en latere wijzigingen).”
“De woonuitbreidingsgebieden zijn uitsluitend bestemd voor groepswoningbouw zolang de bevoegde overheid over de ordening van het gebied niet heeft beslist, en zolang, volgens het geval, ofwel de overheid geen besluit tot vaststelling van de uitgaven voor de voorziening heeft genomen, ofwel omtrent deze voorzieningen geen met waarborgen omklede verbintenis is aangegaan door de promotor.”
Bijzonder plan van aanleg
Het goed is gelegen binnen het BPA "Halveweg-Beskensstraat herziening 2", goedgekeurd op 15 juni 2006.
Het goed kreeg als bestemming: semi-publieke voortuinstrook, zone voor open bebouwing.
De aanvraag voldoet principieel aan de geldende bestemmingsvoorschriften en de stedenbouwkundige voorschriften van het bijzonder plan van aanleg.
Stedenbouwkundige verordeningen
Hemelwater
De aanvraag valt niet onder de toepassing van het besluit van de Vlaamse regering van 5 juli 2013 en latere wijzigingen, houdende vaststelling van een gewestelijke stedenbouwkundige verordening inzake hemelwaterputten, infiltratievoorzieningen, buffervoorzieningen en gescheiden lozing van afvalwater en hemelwater.
Watertoets
Het decreet betreffende het integraal waterbeleid van 18 juli 2003, gewijzigd door het wijzigingsdecreet Integraal Waterbeleid van 19 juli 2013,verplicht de vergunningverlenende overheid om de watertoets uit te voeren bij elke aanvraag tot omgevingsvergunning. Dit decreet vormt het juridisch kader voor het integraal waterbeleid in Vlaanderen. Het decreet bevat ook de omzetting van de kaderrichtlijn Water en de Overstromingsrichtlijn.
Het voorliggende project heeft geen enkele invloed op het watersysteem, zodat in alle redelijkheid dient geoordeeld te worden dat er geen schadelijk effect wordt veroorzaakt. Er dienen dan ook geen voorwaarden of maatregelen te worden opgelegd. Het ontwerp is verenigbaar met de doelstellingen van artikel 5 van het decreet integraal waterbeleid.
De aanvraag doorstaat de watertoets.
Archeologienota
Conform het Onroerenderfgoeddecreet de dato 12 juli 2013 en latere wijzigingen is geen bekrachtigde archeologienota verplicht voor de aanvraag gezien de perceelsoppervlakte kleiner is dan 3 000m².
Indien men niet verplicht is tot het opstellen van een archeologienota en tijdens de uitvoering komen er toch archeologische sporen of vondsten aan het licht, dan dient de bouwheer dit te melden binnen de 3 dagen aan het agentschap Onroerend Erfgoed (www.onroerenderfgoed.be).
De aanvraag is verenigbaar met de regelgeving.
Toetsing AAN DE goede ruimtelijke ordening
OMSCHRIJVING VAN DE FEITELIJKE AANVRAAG
De aanvraag betreft het kappen van 2 bomen.
BEOORDELING VAN DE GOEDE RUIMTELIJKE ORDENING
De aanvraag is gelegen in een gebied dat geordend wordt door een BPA waarvan niet afgeweken wordt. Dit plan bevat voorschriften die de aandachtspunten, vermeld in art. 4.3.1 §2 1° van de Vlaamse Codex ruimtelijke ordening, behandelen en regelen. Deze voorschriften worden geacht de criteria van de goede ruimtelijke ordening weer te geven.
Gezien deze voorschriften het kappen van bomen zoals mogelijk gemaakt door het vrijstellingsbesluit niet verruimen, is het kappen van bomen die niet voldoen aan de voorwaarden uit dit vrijstellingsbesluit vergunningsplichtig. Het kappen van de bomen binnen de aanvraag is niet vrijgesteld van vergunning.
Uit het voorschrift behorende bij de zone voor open bebouwing binnen het BPA “De onbebouwde delen voor een perceel gelegen in de zone voor wonen zijn enkel bestemd voor tuinen en koeren. Hierin staat het behoud en de versterking van de bestaande rest- KLE (houtwallen, solitairen,…) voorop.” blijkt dat er binnen het BPA belang wordt gehecht aan het behoud van de bestaande bomen.
Uit de aanvraag en het advies van de dienst Facilitair Management (zie verder) blijkt dat er geen gegronde motivatie bestaat voor het kappen van deze bomen. Gezien bomen waardevolle elementen betreffen in onze leefomgeving kan het kappen van gezonde bomen zonder reden niet gunstig worden beoordeeld.
De aanvraag voldoet niet aan de criteria voor de goede ruimtelijke ordening in de onmiddellijke en ruime omgeving.
BESPREKING ADVIEZEN
Het advies van 29/04/2021 van de dienst Facilitair Management is ongunstig:
“Ongunstig advies voor het rooien van de 2 bomen zoals aangevraagd in de aanvraag zoals als overgemaakt.
Ongunstig advies en wel om volgende redenen:
- aanwezige bomen zijn allemaal in goede gezondheid, zeker deze waarvoor de aanvraag werd overgemaakt,
- motivatie voor het rooien van de bomen is ondermaats, motivatie voor rooien van bomen moet steeds gestoeld zijn op objectieve criteria. Het argument 'is hinderlijk voor de omgeving' is vnl. een subjectief argument en zal bijgevolg nooit aanvaard worden als reden om een gezonde boom te rooien.
- geen plan bijgevoegd waarop de te rooien bomen zijn op aangeduid.
- aanvraag betreft het rooien van 2 bomen, terwijl er in de motivatie slechts over één boom, Els met stamomtrek van 1 m wordt gesproken.
Onduidelijkheid over aantal te rooien bomen, de locatie van deze bomen en de ontoereikende motivatie maakt dat we niet anders kunnen dan deze aanvraag negatief te adviseren.
We merken ook op dat er wat klimop in de bomen aan het groeien is, deze dient uit de boom verwijderd te worden alvorens deze de hele kruin overwoekerd.
De aanwezige bomen moeten wel geregeld gecontroleerd worden en wanneer nodig dient er een onderhoudssnoei te worden uitgevoerd.
Onderhoudssnoei houdt volgende in:
- verwijderen van dood hout,
- zorgen dat de vrije doorrijhoogte t.h.v. de rijweg steeds 4 meter is,
- geen snoeiwonden maken groter dan 10 cm in diameter,
- niet meer dan 10 % van het kroonvolume verwijderen,
- verwijderen van plakoksels,
- vermijden dat er dubbele kronen ontstaan,
-...”
De gemeentelijke omgevingsambtenaren sluiten zich aan bij dit advies.
De voorwaarden en opmerkingen gesteld in het advies zoals hoger aangehaald, dienen gevolgd te worden.
Uit de bovenstaande motivering blijkt dat de voorgenomen werken zich onvoldoende ruimtelijk inpassen in de omgeving. De aanvraag is niet verenigbaar met de goede ruimtelijke ordening zoals hoger gemotiveerd.
EINDADVIES
Uit bovenstaande motiveringen blijkt dat de aanvraag in overeenstemming is met de wettelijke bepalingen inzake milieu en ruimtelijke ordening, maar dat het voorgestelde ontwerp niet verenigbaar is met de goede plaatselijke ordening en met zijn onmiddellijke omgeving.
De aanvraag is niet vatbaar voor een omgevingsvergunning voor het kappen van 2 bomen.
Bijgevolg adviseert de omgevingsambtenaar het dossier ongunstig voor het kappen van 2 bomen zoals voorgesteld op het voorgebrachte plan dat als bijlage aan de aanvraag is verbonden.
Het college van burgemeester en schepenen volgt integraal het advies van de gemeentelijk omgevingsambtenaar van 09/06/2021 tot het weigeren van de omgevingsaanvraag.
Het college van burgemeester en schepenen beslist tot het weigeren van de omgevingsaanvraag voor het kappen van 2 bomen zoals weergegeven op het ingediende plan.