Terug
Gepubliceerd op 12/05/2021

2021_CBS_00499 - OMV - Vergunning - Wijvestraat 14 - Halveweg 13 - 2021/00049 - Goedkeuring

College van burgemeester en schepenen
di 04/05/2021 - 13:30 raadzaal
Goedgekeurd

Samenstelling

Aanwezig

Johny De Raeve, burgemeester; Bram De Raeve, 1ste schepen; Frederick Vandeput, 2de schepen; Johan Vanhoyland, 3de schepen; Frank Vandebeek, 4de schepen; Johan Schraepen, 5de schepen; Ria Hendrikx, voorzitter BCSD; Bart Telen, Algemeen directeur

Secretaris

Bart Telen, Algemeen directeur
2021_CBS_00499 - OMV - Vergunning - Wijvestraat 14 - Halveweg 13 - 2021/00049 - Goedkeuring 2021_CBS_00499 - OMV - Vergunning - Wijvestraat 14 - Halveweg 13 - 2021/00049 - Goedkeuring

Motivering

Feiten context en argumentatie

STEDENBOUWKUNDIG EN MILIEUTECHNISCH advies - verslag GEMEENTELIJKE omgevingsambtenaar

De aanvraag betreft het verplaatsen van een hoogspanningscabine t.o.v. de vergunde locatie.

De aanvraag werd op 15/02/2021 ontvangen en op 05/03/2021 ontvankelijk en volledig verklaard.

De vereenvoudigde vergunningsprocedure wordt gevolgd.

Er werd geen openbaar onderzoek gehouden.

GEGEVENS VAN HET BEDRIJF 

De activiteiten van het bedrijf zijn de volgende: groothandel in doe-het-zelfartikelen. 

Huidige aanvraag omvat een verandering van rubriek 12.2.1° (klasse 3).

HISTORIEK VAN HET EIGENDOM WAAROP DE AANVRAAG BETREKKING HEEFT

Stedenbouwkundig

  • 1948/00058: bouwvergunning op 29/09/1948 voor het bouwen van een werkplaats (Wijvestraat 14);
  • 1953/00082: bouwvergunning op 19/02/1953 voor het bouwen van een woonhuis (Halveweg 15);
  • 1954/00097: bouwvergunning op 09/06/1954 voor het bouwen van een woonhuis (Halveweg 13); 
  • 1959/00109: weigering op 06/07/1959 voor burelen, werkplaats, eet- en wasplaats, sanitair en magazijnen (Wijvestraat 14);
  • 1959/00135: bouwvergunning op 27/08/1959 voor het bouwen van een duivenhok en garage (Halveweg 15);
  • 1960/00046: bouwvergunning op 13/04/1960 voor burelen, werkplaats, eet- en wasplaats, sanitair en magazijnen (Wijvestraat 14);
  • 1960/00091: bouwvergunning op 20/07/1960 voor het bouwen van een woon- en handelshuis (Wijvestraat 20);
  • 1962/00075: bouwvergunning op 25/07/1962 voor uitbreiding bestaande werkplaatsen (Wijvestraat 14);
  • 1963/00114: bouwvergunning op 18/06/1963 voor het bouwen van garages (Halveweg zn);
  • 1963/00216: bouwvergunning op 19/11/1963 voor uitbreiding burelen (Wijvestraat 14);
  • 1977/00253: weigering op 29/12/1977 voor het bijbouwen van een opslagplaats (Wijvestraat 14);
  • 1983/00008: bouwvergunning op 03/02/1983 voor een telefooncel (Wijvestraat 14);
  • 1986/00037: bouwvergunning op 28/04/1986 voor de uitbreiding van een industriehal (Wijvestraat 14);
  • 1989/00067: weigering op 16/11/1995 voor de aanleg van parking en verharden opslagruimte, afgeleverd door de Vlaamse Regering (Wijvestraat 14);
  • 1989/00082: weigering op 19/06/1989 voor aanleg parking en verharden opslagruimte (Wijvestraat 14);
  • 1990/00101: weigering op 16/11/1995 voor het uitbreiden van een industrieel gebouw, door de Vlaamse Regering (Wijvestraat 14);
  • 1996/07391: weigering op 09/07/1996 voor de regularisatie van bedrijfsgebouwen (Wijvestraat 14); 
  • 1998/07977: bouwvergunning op 29/06/1999 voor de herbestemmingsaanvraag van werkplaatsen in verkoopsruimte, conciërgewoning, opslagruimte met parkings (Wijvestraat 14);
  • 2001/08559: bouwvergunning op 26/03/2001 voor het regulariseren van een stapelplaats en garage (Halveweg 15);
  • 2001/08673: bouwvergunning op 19/06/2001 voor het wijzigen van ramen voorgevel, aanbrengen hellend dak en bestemmingswijzigingen (Wijvestraat 20);
  • 2002/09086: bouwvergunning op 17/02/2003 voor het verbouwen en uitbreiden van de stapelruimte en regularisatie van opslagplaatsen (Wijvestraat 14);
  • 2003/09454: bouwvergunning op 02/02/2004 voor het plaatsen van reclameborden tegen de gevels Wijvestraat 14 en Halveweg 15;
  • 2004/09456: bouwvergunning op 08/03/2004 voor het uitbreiden van de winkel met een sprinklerinstallatie (Wijvestraat 14);
  • 2004/09485: bouwvergunning op 08/03/2004 voor het verbouwen van een ééngezinswoning tot 2 appartementen en 1 studio (Halveweg 15 en 15 1+2);
  • 2004/09753: weigering op 06/12/2004 voor het inrichten van 4 lofts in een bestaande loods en het oprichten van 4 carports (Wijvestraat 14);
  • 2004/09759: bouwvergunning op 06/06/2005 voor het aanleggen van een sprinklerinstallatie en het uitbreiden van parking (Wijvestraat 14);
  • 2005/09852: bouwvergunning op 04/07/2005 voor de herinrichting van de inkom (Wijvestraat 14);
  • 2005/10027: bouwvergunning op 22/08/2005 voor het regulariseren van een dagverblijf, garage, carport, tuinhuisje en de verharding van de inrit (Halveweg 13);
  • 2008/11141: Weigering op 20/04/2009 – in beroep door de deputatie vergund op 19/11/2009 voor het bouwen van een meergezinswoning met 9 wooneenheden (Halveweg 15A, 17, 19, …)
  • 2009/11376: bouwvergunning op 28/09/2009 voor de renovatie van gevels en het bouwen van een open loods (Wijvestraat 14);
  • 2011/12017: Onvolledig verklaarde aanvraag voor het aanleggen van de parkeerruimte, buitenverkoopruimte, buitenopslag en buffers (Wijvestraat 14);
  • 2011/12196: bouwvergunning op 12/07/2012 voor het aanleggen van een parkeerruimte + buitenverkoopruimte + buitenopslagruimte + buffers (Wijvestraat 14) door de Deputatie;
  • 2012/00003/K: bouwvergunning op 07/05/2012 voor het splitsen van een woning (Wijvestraat 20-20A)
  • 2019/00053: verbouwen van een handelsruimte met bijhorende terreinaanleg – aanvraag ingetrokken.
  • 2019/00196: verbouwen handelsruimte met bijhorende terreinaanleg – onvolledig verklaard
  • 2019/00310: omgevingsvergunning op 31/03/2020 voor het slopen van 5 bestaande woningen met bijgebouwen, het verbouwen van een handelsruimte met terreinaanleg, het plaatsen van een tijdelijke constructie en de aanvraag van een omgevingsvergunning klasse 2.

Huidige aanvraag omvat een wijziging van de inplanting van de hoogspanningscabine die binnen het gebouw vergund werd en thans extern voorzien wordt op de parkingzone aan de Halveweg.

  • 2020/00240: weigering omgevingsaanvraag op 02/02/2021 voor het wijzigen van de locatie van de elektriciteitscabine t.o.v. de vergunde locatie.
  • GEB/2017/00002: beslissing gebouwdossier CBS 18/07/2017 om de eengezinswoning, gelegen Wijvestraat 18, met als kadastrale gegevens afdeling 1, sectie B  nr. 1014T4 op te nemen in het vergunningenregister als “vergund geacht”.

De eventuele vergunningsplichtige handelingen uitgevoerd na 1970 kunnen niet worden beschouwd als zijnde vergund.;

  • SEV: beslissing van 21/02/2011 tot afleveren van een socio-economische vergunning voor een doe-het-zelfzaak met een netto handelsoppervlakte van 6.192 m² aan de Wijvestraat 14 in Zonhoven. Alhoewel in de aanvraag 2019/00310 wordt vermeld dat de werkelijke netto handelsoppervlakte 7.696 m² bedraagt, wordt er voor die doe-het-zelfzaak slechts een uitbreiding gevraagd tot 6.321 m², m.a.w. met 129 m².  Dat is minder dan 20% en ook minder dan 300 m² (niet vergunningsplichtig).

Volgende bouwmisdrijven werden vastgesteld op de betrokken percelen:

  • 1969/0001 (Wijvestraat 23); 
  • 1977/0008 (Wijvestraat 14) – Datum PV 18/11/1977 voor het bouwen van een opslaghal, zonder vereiste machtiging of vergunning;
  • 2002/0023 (Wijvestraat 14) - Datum PV 08/10/2002 voor het ontbreken van beplanting en oprichten van bergruimten;
  • 2005/0006 (Wijvestraat 14);
  • 2011/0002 (Wijvestraat 14) – Datum vaststelling 08/03/2011 voor het aanleggen van bufferzones niet conform de vergunning, oprichten / inrichten buitenverkoopruimte en buitenopslagplaats.

Binnen dossier 2019/00310 werden alle aanhorigheden op de betrokken percelen aangevraagd als te verwijderen, ook eventuele niet vergunde constructies.

Milieu

Volgende vergunningen werden afgeleverd:

  • Machtiging d.d. 20/04/1961 voor de oprichting van een werkhuis voor metaalconstructie, een tranfopost en een opslagplaats voor mazout, gas in flessen;
  • Arab-vergunning te Wijvestraat 14 d.d. 24/03/1996, voor de opslag van 4.000 liter benzine in een ondergrondse metalen houder; 
  • Arab-vergunning d.d. 05/03/1975 voor de uitbreiding met de opslag van 1500 liter vloeibaar zuur;
  • Arab-vergunning d.d. 15/07/1975 voor de uitbreiding en omvorming van de constructiewerkplaats;
  • Arab-vergunning d.d. 04/04/1984 voor de uitbreiding, omvormen en verdere exploitatie van de gasopslag;
  • Arab-vergunning d.d. 09/12/1985 een uitbreiding en wijziging van metaalbewerking;
  • Arab-vergunning d.d. 01/04/1996 voor de verdere exploitatie van metaalbewerking
  • Klasse 1 milieuvergunning op proef voor metaalconstructie bedrijf, d.d. 13/07/1995, toegekend door de Raad van State; 
  • Klasse 2 milieuvergunning d.d. 12/03/1999 voor een doe-het-zelfzaak, met als einddatum 20.05.2019; voor de rubrieken 3.3; 12.2.1; 15.1; 17.3.3.1; 17.3.4.1; 17.3.5.1; 17.3.6.1.; 17.3.9.1; 17.4; 43.1.2; 

Met volgende voorwaarden: Te voldoen aan het verslag van de brandweer; De vrijgekomen afvalstoffen maximaal recycleren; Scheiden van hemelwater en afvalwater waarbij het hemelwater wordt afgevoerd naar de gracht. Opvang en gebruik van hemelwater binnen het bedrijf volgens de BBT maximaal moet toegepast worden voor het reinigen van gebouwen en voertuigen en binnen het sanitair.

  • 2019/00310 (OMV_2019133668) voorwaardelijke omgevingsvergunning klasse 2 dd. 31/03/2020, onbepaalde duur. De aanvraag betreft een nieuwe inrichting en houdt de uitbating van een doe-het-zelf zaak in met volgende rubrieken: 5.3.1.°a)  Opslag van pesticides, zijnde 1 ton – klasse 3; 12.2.1° Transformator met een individueel nominaal vermogen van 173 kVA – klasse 3; 15.1.1° Het stallen van voertuigen zijnde 3 gasheftrucks en 1 camionette – klasse 3; 16.3.2°a) 2 Compressoren van elk 1,5 kW en 1 warmtepomp van 7kW voor een totale hoeveelheid van 10 kW – klasse 3; 17.1.1.1° Gevaarlijke stoffen - de opslag van aërosolen, bedoeld voor verkoop met een totale hoeveelheid van 1000 liter – klasse 3; 17.1.2.1.2° Gevaarlijke stoffen – de opslag van gassen in verplaatsbare recipiënten zijnde 260 liter propaan in verplaatsbare flessen van 13 liter voor de gasheftrucks, 1140 liter gassen in verplaatsbare recipiënten bedoeld voor verkoop, voor een totale hoeveelheid van 1400 liter – klasse 2; 17.3.2.1.2.1° Gevaarlijke stoffen – de opslag van ontvlambare vloeistoffen categorie 3, bedoeld voor verkoop, voor een totale hoeveelheid van 3,2 ton – klasse 3; 17.3.2.2.2°c) Gevaarlijke stoffen – de opslag van gevaarlijke stoffen van categorie 1 en 2 in verplaatsbare recipiënten, bedoeld voor verkoop, voor een totale hoeveelheid van 2,5 ton – klasse 2; 17.3.4.2.b°) Gevaarlijke stoffen – de opslag van corrosieve vloeistoffen en vaste stoffen, bedoeld voor verkoop, voor een totale hoeveelheid van 55 ton – klasse 2; 17.3.6.2°b) Gevaarlijke stoffen – de opslag van schadelijke vloeistoffen en vaste stoffen bedoeld voor verkoop, voor een totale hoeveelheid van 55 ton – klasse 2; 17.3.7.2°b) Gevaarlijke stoffen – de opslag van op lange termijn gezondheidsgevaarlijke vloeistoffen en vaste stoffen, bedoeld voor verkoop, voor een totale hoeveelheid van 9 ton – klasse 2; 17.3.8.2° Gevaarlijke stoffen – de opslag van voor het aquatisch milieu gevaarlijke stoffen en vaste stoffen, bedoeld voor verkoop, voor een totale hoeveelheid van 3 ton – klasse 2; 19.3.1°b) inrichting voor het mechanisch behandelen en vervaardigen van artikelen uit hout zijnde 2 zaagmachines van elk 3 kW voor een totale hoeveelheid van 6 kW – klasse 3; 19.6.2°a) Binnenopslagplaats van hout (hout voor de zagerij, turf, boomschors en riet-bamboematten) voor een hoeveelheid van 198 m³ - klasse 3; 28.2.a)3° Opslag van dierlijke meststoffen, bestemd voor verkoop, voor een totale hoeveelheid van 210 m³ - klasse 2; 28.4.a)2° Opslag van andere dan dierlijke meststoffen, bestemd voor verkoop, voor een totale hoeveelheid van 90 m³; 431.1°b) Stookinstallatie – 6 warmteluchtblazers van elk 60 kW, verspreid in de winkel, voor een totaal vermogen van 360 kW – klasse 3;

Gunstig onder volgende voorwaarden: 

  • Laad- en loszone, van toepassing op zowel de tijdelijke als definitieve opstellen:
    • Laden en lossen van goederen is niet toegestaan tijdens zon- en feestdagen (ongeacht of de winkel geopend is).  De overige dagen gebeurt het laden- en lossen tijdens de openingsuren van de winkel, van 09.00 – 18.30 uur. 
    • Tijdens het laden en lossen van goederen ligt de motor van de vrachtwagen stil en de eventuele aandrijving van de koelgroepen waarmee het voertuig is uitgerust, tenzij de koelgroep aangesloten zijn op het elektriciteitsnet. Radio’s zijn uitgeschakeld.
    • De exploitant treft de nodige maatregelen met toepassing van de best beschikbare technieken om het geluid voortgebracht door laad- en losverrichtingen, te beperken en te verhinderen zodoende dat het geluid, voortgebracht door laad- en losverrichtingen geen bron van hinder is voor de omgeving.  
  • Een akoestisch onderzoek wordt uitgevoerd door een erkende deskundige geluid.  Alle voor de omgeving (Halveweg, Schelstraat en Wijvestraat) potentieel hinderlijke geluidsbronnen (o.a. laad- en loskade, zagerij met afzuiging) worden hierbij in kaart gebracht, en afgetoetst aan de geldende normen.  Het onderzoek bevat een overzicht van maatregelen (BBT) die genomen moeten worden om de hinder voor de omwonenden tot een minimum te beperken.   Dit rapport wordt overgemaakt aan de dienst milieubeleid, gemeente Zonhoven.  Een akoestisch onderzoek wordt verricht binnen de 6 maanden nadat de winkel operationeel is, zoals de huidige aanvraag omvat.  
  • Gelet op hoofdstuk 4.6 van Vlarem II: het gebruik en de intensiteit van lichtbronnen in open lucht zijn beperkt tot de noodwendigheden inzake uitbating en veiligheid.  Niet-functionele lichtoverdracht naar de omgeving wordt maximaal beperkt. Klemtoonverlichting wordt gericht op de inrichting of onderdelen ervan.  

Lichtreclame mag de normale intensiteit van de openbare verlichting niet overtreffen. 

  • Het bedrijf dient zich te houden aan de sorteerplicht volgens het Vlarema, art. 4.3.2.
  • Alle bouw-, sloop- en infrastructuurwerken in open lucht dienen te gebeuren conform o.a. de bepalingen van Vlarem II, hoofdstuk 6.12 Beheersing van stofemissies tijdens bouw- , sloop- en infrastructuurwerken”.  
  • Het verwijderen van asbest dient te gebeuren conform de bepalingen van Vlarem II Beheersing van asbest, hoofdstuk 6.4.

Er werden echter GEEN ingedeelde inrichtingen gekoppeld aan de tijdelijke constructies, wel aan de vaste gebouwen na de verbouwingswerken. Dit houdt in dat in de tenten diverse goederen zoals pesticiden, meststoffen ed aangeboden kunnen worden voor verkoop, maar dat dit steeds onder indelingsgrens van Vlarem moet liggen.

Huidige aanvraag omvat een verandering van rubriek 12.2.1° nl. de verplaatsing van de hoogspanningscabine van binnen het gebouw naar een apart technisch gebouw.

Het perceel 920E4 is opgenomen in het Grondeninformatieregister.  Een beschrijvend bodemonderzoek werd op 15/07/1999 uitgevoerd door Lisec waarbij geoordeeld werd dat er geen bodemsanering moet uitgevoerd worden. Het laatste bodemattest dateert van 19/09/2019.

OPENBAAR ONDERZOEK

Overeenkomstig artikel 17 van het decreet betreffende de omgevingsvergunning en hoofdstuk 3 Toepassingsgebied van de gewone en vereenvoudigde procedure, artikels 11 t.e.m. 14 van het besluit tot uitvoering van het decreet betreffende de omgevingsvergunning, werd dit dossier volgens de vereenvoudigde procedure behandeld.

Er werd bijgevolg geen openbaar onderzoek gehouden.

ADVIEZEN

Agentschap Wegen en Verkeer

Brandweer Hulpverleningszone Zuid-West Limburg

Fluvius

MILIEUEFFECTENRAPPORTAGE

De aanvraag valt niet onder het toepassingsgebied van bijlage I, II en III van het besluit inzake projectmilieueffectrapportage van 10 december 2004 en latere wijzigingen.

STEDENBOUWKUNDIG ADVIES

TOETSING AAN DE REGELGEVING EN VOORSCHRIFTEN

OVEREENSTEMMING MET BESTEMMINGS- EN STEDENBOUWKUNDIGE VOORSCHRIFTEN

Gewestplan

De aanvraag is volgens het geldende gewestplan Hasselt - Genk, goedgekeurd bij Koninklijk besluit op 3 april 1979, gelegen in woongebied.

De woongebieden zijn bestemd voor wonen, alsmede voor handel, dienstverlening, ambacht en kleinbedrijf voor zover deze taken van bedrijf om redenen van een goede ruimtelijke ordening niet in een daartoe aangewezen gebied moeten worden afgezonderd, voor groene ruimten, voor sociaal-culturele inrichtingen, voor openbare nutsvoorzieningen, voor toeristische voorzieningen, voor agrarische bedrijven voor zover ze verenigbaar zijn met de onmiddellijke omgeving (artikel 5 van het Koninklijk besluit van 28 december 1972 betreffende de inrichting en de toepassing van de ontwerpgewestplannen en de gewestplannen en latere wijzigingen).

De aanvraag is niet gelegen in een bijzonder plan van aanleg, noch in een ruimtelijk uitvoeringsplan, noch in een behoorlijk vergunde en niet vervallen verkaveling.

De aanvraag voldoet principieel aan de geldende bestemmingsvoorschriften.

Stedenbouwkundige verordeningen

Hemelwater

Het besluit van de Vlaamse regering van 5 juli 2013 houdende vaststelling van een gewestelijke stedenbouwkundige verordening inzake hemelwaterputten, infiltratievoorzieningen, buffervoorzieningen en gescheiden lozing van afvalwater en hemelwater is niet van toepassing omdat het gebouw kleiner is dan 40m², namelijk 8,95m².

Het gebouw maakt echter deel uit van een ruimer project dat wel valt onder toepassing van de verordening. Het gebouw wordt ingeplant binnen een zone waar een parkeerplaats in waterpasserende klinkers vergund werd.

Bijgevolg wordt opgelegd dat het hemelwater van de constructie op natuurlijke wijze dient te infiltreren in de omringende groenzone.

De aanvraag voldoet aan deze stedenbouwkundige verordening.

Watertoets

Het decreet betreffende het integraal waterbeleid van 18 juli 2003, gewijzigd door het wijzigingsdecreet Integraal Waterbeleid van 19 juli 2013,verplicht de vergunningverlenende overheid om de watertoets uit te voeren bij elke aanvraag tot omgevingsvergunning. Dit decreet vormt het juridisch kader voor het integraal waterbeleid in Vlaanderen. Het decreet bevat ook de omzetting van de kaderrichtlijn Water en de Overstromingsrichtlijn.

Het voorliggende bouwproject heeft geen omvangrijke oppervlakte en ligt niet in een recent overstroomd gebied of een risicozone voor overstromingen, zodat in alle redelijkheid dient geoordeeld te worden dat het schadelijk effect beperkt is. Enkel wordt door de toename van de verharde oppervlakte de infiltratie van het hemelwater in de bodem plaatselijk beperkt. Voor het betrokken project werd de watertoets uitgevoerd volgens de richtlijnen van het uitvoeringsbesluit van 20 juli 2006. Dit Watertoetsbesluit werd gewijzigd bij Besluit van de Vlaamse Regering van 14 oktober 2011. Dit besluit is in werking getreden op 1 maart 2012.

Daaruit volgt dat een positieve uitspraak mogelijk is indien de gewestelijke stedenbouwkundige verordening hemelwater wordt nageleefd. 

Zoals hoger aangehaald valt de aanvraag niet onder toepassing van deze verordening. Het ontwerp is verenigbaar met de doelstellingen van artikel 5 van het decreet integraal waterbeleid.

De aanvraag doorstaat de watertoets.

Decretale beoordelingselementen

Artikel 4.3.8. Rooilijnplan

§ 1. Onverminderd andersluidende wettelijke, decretale of reglementaire bepalingen, kan geen vergunning verleend worden voor het bouwen, verbouwen, herbouwen of uitbreiden van een constructie op een stuk grond dat door een rooilijn of een achteruitbouwstrook is getroffen, met uitzondering van de gevallen waarin voldaan is aan een van volgende voorwaarden:

1° de aanvraag heeft louter betrekking op onderhouds- of stabiliteitswerken aan een vergunde of vergund geachte constructie;
2° de aanvraag heeft louter betrekking op sloop- of aanpassingswerken die tot gevolg hebben dat de constructie aan de rooilijn of achteruitbouwstrook wordt aangepast;
3° de aanvraag heeft betrekking op de verbouwing van een monument dat bij een decreet definitief of voorlopig beschermd is, of een constructie die deel uitmaakt van een stads- of dorpsgezicht of een cultuurhistorisch landschap dat bij een decreet definitief of voorlopig beschermd is;
 4° de aanvraag heeft louter betrekking op het aanbrengen van gevelisolatie aan een bestaande vergunde of vergund geachte constructie, met een overschrijding van ten hoogste veertien centimeter.

In afwijking van het eerste lid mag een vergunning worden verleend:
1° die afwijkt van de rooilijn als uit het advies van de wegbeheerder blijkt dat de rooilijn niet binnen vijf jaar na de afgifte van de vergunning zal worden gerealiseerd. Als er na het verstrijken van die termijn wordt onteigend, wordt bij het bepalen van de vergoeding geen rekening gehouden met de waardevermeerdering die uit de vergunde handelingen voortvloeit;
die afwijkt van de achteruitbouwstrook als de wegbeheerder een gunstig advies heeft gegeven.
 Werkzaamheden en handelingen waarvoor geen vergunning is vereist, mogen onder dezelfde voorwaarden als vermeld in het eerste en tweede lid worden uitgevoerd na machtiging van de wegbeheerder.

Het goed is deels gelegen aan een gemeenteweg en deels gelegen aan een gewestweg. De inplanting van de cabine is voorzien aan de gewestweg (N72, Halveweg).

Op de voorliggende weg is een goedgekeurde rooilijn van kracht. 

De aanvraag is niet in strijd met dit rooilijnplan.

De aanvraag werd voor advies voorgelegd aan de wegbeheerder, het agentschap Wegen & Verkeer.

Het advies van 22/03/2021 van het agentschap Wegen en verkeer is voorwaardelijk gunstig:

“INLICHTINGEN EN BEPERKINGEN

1. Vastlegging ten opzichte van de bestaande as van de gewestweg (N0720002 van 2.2 +28 tot 2.2 +76):

  • de grens van het openbaar domein is geschat op 7.35 meter.
  • de rooilijn ligt op 13 meter volgens de vigerende wegnormen.
  • de zone van achteruitbouw bedraagt 8 meter.
  • de minimaal te respecteren bouwlijn ligt op 21 meter volgens .

Publiciteit:

  • geen

2. Constructie voor rooilijn

De parkings op privégrond dienen ingepland te worden achter de voorgeschreven rooilijn.

3. Constructie in zone van achteruitbouw

  • Peil van de dorpels van het gebouw : 31 cm hoger dan het peil van de uiterste rand van de verharding.
  • Regenwaterputten, septische putten , bufferbekkens, een afrit naar een ondergrondse kelder/garage/souterrains, …e.d. dienen achter de bouwlijn te worden ingeplant.
  • De sloopwerken / terreinwerken / kapwerken mogen geen hinder veroorzaken voor de weggebruikers. Eventuele vervuiling op openbaar domein ten gevolge van deze werken dient men dagelijks ten eigen laste te verwijderen.

4. Constructie op of over openbaar domein

Voor elke inname van het openbaar domein zie punt 10 van de algemene voorwaarden.

Er dient voorafgaandelijk aan de werken een afzonderlijke aanvraag aan de diensten van Agentschap Wegen en Verkeer te gebeuren (District Centraal-Limburg, Trekschurenstraat 270, B-3500 Hasselt). Het is niet toegestaan om losse, kleinschalige materialen (zoals dolomiet, grind,…) te gebruiken op het openbaar domein.

5. Toegang

  • Conform de bepalingen dient het perceel aan de perceelgrens onoverrijdbaar te worden afgesloten behoudens vergunde inrit.
  • Insteekparkings langs een gewestweg zijn niet toegestaan omwille van de verkeersveiligheid. Het gebruik van insteekparkings geeft onvoldoende zicht bij het oprijden van de gewestweg, wat een gevaar is voor automobilisten en zwakke weggebruikers.
  • De rechtstreekse toegang tot de gewestweg Halveweg N72 mag enkel voor zwakke weggebruikers, dus niet-gemotoriseerd verkeer worden gebruikt. Om misleiding voor gemotoriseerd verkeer te voorkomen adviseert Agentschap Wegen en Verkeer deze toegang maximaal 2m breed te maken en ontoegankelijk te maken voor gemotoriseerd verkeer door het plaatsen van een paaltje.

6.Mobiliteitsimpact

Er dienen voldoende parkeerplaatsen te worden voorzien op de privégrond. Dit zal anders zoekverkeer en overlast bezorgen aan het openbaar domein wat de verkeersveiligheid in het gedrang brengt.

7. Publiciteit

Zie punt 17 van de algemene voorwaarden.

BESLUIT

Dit advies richt zich enkel tot het gevraagde onderwerp in kwestie zijnde verplaatsing hoogspanningscabine en regulariseert geenszins andere niet-reglementaire aspecten op andere delen op de percelen.

Er wordt een GUNSTIG advies verleend indien de aanvraag in overeenstemming is met hoger vermelde inlichtingen en beperkingen.

Bij de uitvoering van de vergunning dient de aanvrager rekening te houden met de hierna omschreven aandachtspunten.

AANDACHTSPUNTEN GEWESTWEG

In bijlage advies.”

Archeologienota

Conform het Onroerenderfgoeddecreet de dato 12 juli 2013 en latere wijzigingen is geen bekrachtigde archeologienota verplicht voor de aanvraag gezien de bodemingreep kleiner is dan 1 000m². Evenwel blijft de archeologienota met ref. ID11445 d.d. 11/06/2019, gemeld aan het Agentschap Onroerend Erfgoed, en onlosmakelijk verbonden met de omgevingsvergunning d.d. 31/03/2020 (dossier 2019/00310 – OMV_2019133668), van toepassing voor het project en bijgevolg ook op onderhavige wijziging. De bekrachtigde archeologienota en het Onroerenderfgoeddecreet moeten nageleefd worden.  De bekrachtigde archeologienota is bindend. 

De aanvraag is verenigbaar met de regelgeving.

Toetsing AAN DE goede ruimtelijke ordening

OMSCHRIJVING VAN DE FEITELIJKE AANVRAAG

De aanvraag omvat het verplaatsen van een hoogspanningscabine t.o.v. de vergunde locatie  dd. 31/03/2020 (OMG_2019133668 – 2019/00310).

BEOORDELING VAN DE GOEDE RUIMTELIJKE ORDENING 

De overeenstemming met een goede ruimtelijke ordening wordt beoordeeld met inachtneming van volgende beginselen:

1°         het aangevraagde wordt, voor zover noodzakelijk of relevant, beoordeeld aan de hand van aandachtspunten en criteria die betrekking hebben op de functionele inpasbaarheid, de mobiliteitsimpact, de schaal, het ruimtegebruik en de bouwdichtheid, visueel-vormelijke elementen, cultuurhistorische aspecten en het bodemreliëf, en op hinderaspecten, gezondheid, gebruiksgenot en veiligheid in het algemeen, in het bijzonder met inachtneming van de doelstellingen van artikel 1.1.4;

2°         het vergunningverlenende bestuursorgaan houdt bij de beoordeling van het aangevraagde rekening met de in de omgeving bestaande toestand, doch het kan ook beleidsmatig gewenste ontwikkelingen met betrekking tot de aandachtspunten, vermeld in 1°, in rekening brengen;

Omschrijving ligging en omgeving

De percelen van de aanvraag zijn gelegen aan de Wijvestraat – Halveweg. De Wijvestraat is een gemeenteweg, de Halveweg is een gewestweg (N72) en ze situeren zich in de kern Halveweg.

De bebouwing en voorkomende functies in de omgeving variëren van residentiële bebouwing, al dan niet in combinatie met kleinschalige handelsfuncties, in open, halfopen en gesloten verband.

De percelen waarop de aanvraag specifiek van toepassing is situeren zich aan de Wijvestraat op de hoek met de Halveweg, nabij de oostelijk gelegen spoorlijn.

Omschrijving van de aanvraag

Voor de ruime projectsite van de bestaande doe-het-zelf-zaak (Hubo) werd recent een omgevingsvergunning afgeleverd (ref. 2019/00310 – OMV_2019133668) voor het slopen van 5 bestaande woningen met bijgebouwen, het verbouwen van een handelsruimte met terreinaanleg, het plaatsen van een tijdelijke constructie en de aanvraag van een omgevingsvergunning klasse 2.

Binnen die aanvraag werd een hoogspanningscabine vergund intern het gebouw, op meer dan 50m afstand tot de wegenis.

Omwille van de plaatsingsvoorwaarden van Fluvius (de SYNEGRID-regels), dient de cabine geplaatst te worden binnen de 20m afstand tot de rooilijn.

De plaatsing binnen het gebouw, meer naar de Wijvestraat toe, is niet haalbaar omwille van de voorziene inrichting van de inkom- en kassazone.

Er werd dan geopteerd om de cabine op de parking te voorzien ter hoogte van de naastliggende woning Halveweg 19, op 21m afstand tot de wegas Halveweg en op 3,83m afstand tot de woning Halveweg 19 en dit met een groene omranding.

Functionele inpasbaarheid in de onmiddellijke en ruime omgeving

De plaatsing van een elektriciteitscabine is nodig voor de werking van de vergunde handelszaak. Ten opzichte van de reeds vergunde toestand wordt deze cabine nu buiten het hoofdgebouw voorzien. De functie is aanvaardbaar, men dient voor de plaatsing wel rekening te houden met de woonomgeving aangezien enige geluidshinder kan voorkomen.

Mobiliteitsimpact

Door de plaatsing van de cabine, extern het hoofdgebouw, dient ruimte ingenomen te worden op de parking. De omvang van de cabine zelf en de vereiste groenomranding zullen leiden tot een vermindering met 5 (standaard) parkeerplaatsen.

De schaal van de voorgenomen werken, het ruimtegebruik en de bouwdichtheid, visueel-vormelijke elementen

De hoogspanningscabine heeft een breedte van 2,70m, een bouwdiepte van 3,40m en een bouwhoogte van 2,47m. Het betreft een vrij standaard cabine met prefab betonnen wanden, een toegangsdeur in staal en gevelroosters in staal.

Gezien het uiterlijk van dergelijke constructies visueel weinig positief is, dient een groene buffer rond het gebouw voorzien te worden.

Bij een eerdere overweging (dossier 2020/00240) om de cabine verder naar achter te plaatsen in navolging van de regelgeving op minstens 21m afstand tot de wegas/ 8m afstand tot de rooilijn, stelden we vast dat een dergelijke inplanting visueel niet aanvaardbaar is omdat deze halfweg de parkeerstrook komt te liggen. Er werd aangegeven dat op het parkeerterrein andere locaties voor de cabine visueel meer aangewezen en praktisch haalbaar zijn. 

Met het huidige voorstel wordt de zone van de rooilijn tot achter de cabine voorzien van een groenbuffer bestaande uit beukenhaag en een krentenboompje. Hierdoor komt de inplanting niet tussen de parkeerplaatsen te liggen en wordt meer groen voorzien wat visueel een betere optie is; weliswaar gaat dit ten koste van 5 parkeerplaatsen.

Er wordt echter gemotiveerd dat de inplanting op andere locatie, gericht naar de Wijvestraat, een te grote impact zou hebben op de zichtbaarheid van het inkomgedeelte. De inplanting beantwoordt aan de eisen van Fluvius (binnen de 20m afstand tot de rooilijn), situeert zich buiten de achteruitbouwstrook van de Halveweg en vormt geen hinder voor de overige parkeerplaatsen en door de groenomranding is de visuele impact zeer beperkt gehouden.

De inplanting van de hoogspanningscabine is dan ook aanvaardbaar.

Bodemreliëf

De aanvraag voorziet geen wijziging van het bodemreliëf ten opzichte van het reeds vergunde niveau. Slechts ter hoogte van de constructie dient men beperkt uit te graven in functie van de funderingen.

Alle overtollige grond die vrijkomt bij het graven van de funderingen, dient verwijderd te worden via een erkende grondwerker of naar een erkende grondreinigingsplaats.

De aanvraag voldoet aan de criteria voor de goede ruimtelijke ordening in de onmiddellijke en ruime omgeving.

BESPREKING ADVIEZEN

  • Het advies van 08/03/2021 van de brandweer Hulpverleningszone Zuid-West Limburg geeft aan geen advies te verlenen omdat het geen gebouw betreft.

De gemeentelijke omgevingsambtenaren sluiten zich aan bij dit advies en beschouwen dit dan ook als zijnde gunstig.

  • Het advies van 22/03/2021 van de wegbeheerder, het agentschap Wegen & Verkeer is voorwaardelijk gunstig zoals reeds hoger aangehaald.

De gemeentelijke omgevingsambtenaren sluiten zich aan bij dit advies.

  • Het advies van 18/03/2021van Fluvius is voorwaardelijk gunstig:

“Fluvius advies (sloop woningen)

Naar aanleiding van uw brief/mail van 5-03-2021 over de stedenbouwkundige vergunning voor bovenvermeld project, afdeling 1, sectie B, nummer(s) 919A2 - 919B2 - 919R - 919D2/2 - 920E4 - 1014D4 - 1014G5 - 1014T4 , kunnen we een voorwaardelijk gunstig advies geven, op voorwaarde dat voldaan wordt aan de hierna volgende opmerkingen. 

In uw gemeente is Fluvius actief voor volgende disciplines: 

Aardgas, Elektriciteit, Openbare verlichting, Kabeldistributie, Riolering.

Indien er in of aan het te slopen pand nog aansluitingen aanwezig zijn van één of meerdere bovenstaande disciplines, dient de initiatiefnemer de nodige aanvragen in te dienen met betrekking tot buitendienst stellen en/of sloop hiervan. Elke aansluiting kan worden weggenomen ingevolge een schriftelijke vraag en op kosten van de distributienetgebruiker, op voorwaarde dat geen enkele distributienetgebruiker er nog gebruik van maakt. Wij verwijzen hiervoor naar de aansluitingsreglementen welke beschikbaar zijn op de website van Fluvius: www.fluvius.be. 

De initiatiefnemer dient tijdig met Fluvius contact op de nemen voor het wegnemen of buiten dienst stellen van de eventuele aansluitingen. De aanvraag dient te gebeuren via de website www.fluvius.be. 

Bij de sloop van een pand dient de bestaande huisaansluiting op het openbaar rioleringsstelsel tijdelijk buiten gebruik gesteld te worden door de aanvrager en wel op zo een manier dat de huisaansluiting water- en gronddicht afgesloten wordt en detecteerbaar blijft op eigen terrein. 

Bij de sloop van dit pand dient de bestaande huisaansluiting tijdelijk of definitief buiten dienst gesteld te worden door de Klant. De huisaansluiting dient hierbij buiten dienst gesteld te worden op dergelijke wijze dat de huisaansluiting water- en gronddicht is afgesloten en detecteerbaar op terrein. Bij aanleg van een nieuwe privéwaterafvoer dient de nieuwe privéwaterafvoer voor regenwater en afvalwater ter hoogte van de rooilijn tot aan en niet dieper dan de bestaande huisaansluiting aangesloten te worden. T.h.v. de bestaande huisaansluiting voorziet de aanvrager aan de rooilijn op privaat domein aparte controleputjes op de eventuele hemelwaterafvoer en op de eventuele vuilwaterafvoer indien dit nog niet aanwezig is. Dit ontslaat de Klant niet van het indienen van een aansluitingsaanvraag bij Fluvius. 

Alvast bedankt om bovenstaande voorwaarden mee op te nemen in de stedenbouwkundige vergunning.”

De gemeentelijke omgevingsambtenaren stellen vast dat het betreffende advies niet handelt over de verplaatsing van de hoogspanningscabine maar over de sloop van woningen die reeds vervat werd in een voorgaande aanvraag (OMV_2019133668). Aangezien de voorwaarden gekoppeld aan de reeds afgeleverde omgevingsvergunning onverminderd van toepassing blijven, is het advies niet relevant voor huidige aanvraag.

Binnen voorgaande aanvraag tot het verplaatsen van de hoogspanningscabine (2020/00240: weigering omgevingsaanvraag op 02/02/2021) werd op14/12/2020 een bericht verzonden door Fluvius waarin aangegeven wordt dat na overleg (betreffende de inplanting) de locatie aangehouden wordt zoals aangeven op plan en dat een kleine verschuiving naar achter (8m ipv 5m private sleuflengte) te verwachten valt. Huidige aanvraag voorziet deze aanpassing naar 8m. Er kan dan ook vanuit gegaan worden dat het advies betreffende de inplanting van de hoogspanningscabine gunstig is.

Uit de bovenstaande motivering blijkt dat de schaal en het uiterlijk van de voorgenomen werken op voldoende wijze ruimtelijk inpassen in de onmiddellijke en ruime omgeving. De aanvraag is verenigbaar met de goede ruimtelijke ordening.

MILIEUTECHNISCH ADVIES

De aanvraag betreft een verandering van de vergunde rubriek 12.2.1° transformator van 173 kVA.  De elektriciteitscabine is vergund dd 31/03/2020.  

Fluvius vraagt de cabine te plaatsen binnen de 20 meter van de rooilijn. Er werd gekozen om de cabine niet in het gebouw te plaatsen, wel als een vrijstaande cabine op de parking. Deze aanvraag omvat louter een gewijzigde locatie van de reeds vergunde elektriciteitscabine. 

Volgende rubriek wordt aangevraagd:

  • 12.2.1° transformator – verplaatsing van de hoogspanningscabine van 173 kVA van binnenin het gebouw naar een apart technische gebouw op de parking – klasse 3. 

De transformator is vrij beperkt van vermogen en gelegen op het uiterst oostelijke punt van de parking, nabij de drukke Halveweg. De cabine staat op 3,80 meter van de perceelsgrens. Het aangrenzend appartementsgebouw te Halveweg is gebouwd tot tegen de perceelsgrens. 

Qua geluidshinder wordt niet meteen hinder verwacht. 

Het gebouw zal rondom een groene buffer krijgen in de vorm van een beukenhaag. Deze moet voldoende hoog zijn zodat het gebouw maximaal gebufferd wordt naar de omgeving. 

vergunningstermijnen

De vergunningstermijn is van onbepaalde duur. 

ADVIES –VOORWAARDEN – DUUR:

Advies – voorwaarden:

Gunstig mits volgende voorwaarden worden opgelegd: 

  • De beukenhaag moet voldoende hoog worden (min. 2,25 meter) zodat de volledige cabine voldoende gebufferd wordt door de haag. 

Duur:

De vergunningsduur kan verleend worden voor onbepaalde duur.

GECOÖRDINEERD EINDADVIES

Uit bovenstaande motiveringen blijkt dat de aanvraag in overeenstemming is met de wettelijke bepalingen inzake milieu en ruimtelijke ordening, en dat het voorgestelde ontwerp verenigbaar en bestaanbaar is met de goede plaatselijke ordening en met zijn onmiddellijke omgeving. 

De aanvraag is vatbaar voor een omgevingsvergunning voor het verplaatsen van een hoogspanningscabine t.o.v. de vergunde locatie.

Bijgevolg adviseert de omgevingsambtenaar het dossier voorwaardelijk gunstig voor het verplaatsen van een hoogspanningscabine t.o.v. de vergunde locatie, zoals voorgesteld op de voorgebrachte plannen die als bijlage aan de aanvraag zijn verbonden en voor zover rekening gehouden wordt met de gestelde voorwaarden:

  1. De beukenhaag moet voldoende hoog worden (min. 2,25 meter) zodat de volledige cabine voldoende gebufferd wordt door de haag;
  2. De archeologienota met ref. ID11445 d.d. 11/06/2019, gemeld aan het Agentschap Onroerend Erfgoed, en onlosmakelijk verbonden met de omgevingsvergunning d.d. 31/03/2020 (dossier 2019/00310 – OMV_2019133668), blijft van toepassing voor het project en bijgevolg ook op onderhavige wijziging. De bekrachtigde archeologienota en het Onroerenderfgoeddecreet moeten nageleefd worden;
  3. Aanpassingen aan inrichtingen, constructies of beplantingen op het openbaar domein naar aanleiding van deze of toekomstige aanvraag voor een omgevingsvergunning zijn steeds ten laste van de aanvrager. Alle kosten naar aanleiding van een heraanplanting en/ of herstelwerken op/ aan het openbaar domein, uitgevoerd naar aanleiding van een omgevingsaanvraag van een particulier, blijven ten laste van de aanvrager.
  4. Aangezien er geen wijzigingen van het terreinniveau voorzien zijn in de aanvraag, dient het bestaande terreinniveau behouden te blijven. Alle overtollige grond die vrijkomt bij het graven van de funderingen, dient verwijderd te worden via een erkende grondwerker of naar een erkende grondreinigingsplaats;
  5. Voor de aanplant van bomen, hagen… nabij perceelscheidingen, dient rekening gehouden te worden met de bepalingen van het Veldwetboek;
  6. Het advies van het agentschap Wegen en Verkeer, omvattende de algemene en bijzondere voorwaarden, zoals als bijlage hierbij gevoegd wordt, dient integraal gevolgd te worden;
  7. Indien vastgesteld wordt dat er straatmeubilair en/of laanbeplanting aanwezig is die dienen verplaatst en/of verwijderd te worden voor de uitvoering van deze vergunning, of bij de ingebruikname van het project, en er voor aanvang van de werken geen toelating bekomen wordt tot het verplaatsen van het straatmeubilair, moet er een gewijzigde vergunning aangevraagd worden die rekening houdt met het straatmeubilair en/of de laanbeplanting;
  8. De aanvrager is ertoe verplicht het college van burgemeester en schepenen op de hoogte te brengen van het begin van de stedenbouwkundige handelingen en/of exploitatie(s);

Deze vergunning stelt de aanvrager niet vrij van het aanvragen en verkrijgen van eventuele andere vergunningen of machtigingen.

Besluit

Het college van burgemeester en schepenen beslist:

Artikel 1

Het college van burgemeester en schepenen volgt integraal het advies van de gemeentelijk omgevingsambtenaar van 28/04/2021 tot het afleveren van een omgevingsvergunning met voorwaarden aan de aanvrager.

Artikel 2

Het college van burgemeester en schepenen beslist tot het afleveren van een omgevingsvergunning met voorwaarden aan de aanvrager.

De omgevingsvergunning omvat het verplaatsen van een hoogspanningscabine t.o.v. de vergunde locatie, zoals voorgesteld op de voorgebrachte plannen die als bijlage aan deze omgevingsaanvraag zijn verbonden en voor zover rekening gehouden wordt met de gestelde voorwaarden.

Artikel 3

De omgevingsvergunning wordt aldus afgegeven onder volgende voorwaarden:

  1. De beukenhaag moet voldoende hoog worden (min. 2,25 meter) zodat de volledige cabine voldoende gebufferd wordt door de haag;
  2. De archeologienota met ref. ID11445 d.d. 11/06/2019, gemeld aan het Agentschap Onroerend Erfgoed, en onlosmakelijk verbonden met de omgevingsvergunning d.d. 31/03/2020 (dossier 2019/00310 – OMV_2019133668), blijft van toepassing voor het project en bijgevolg ook op onderhavige wijziging. De bekrachtigde archeologienota en het Onroerenderfgoeddecreet moeten nageleefd worden;
  3. Aanpassingen aan inrichtingen, constructies of beplantingen op het openbaar domein naar aanleiding van deze of toekomstige aanvraag voor een omgevingsvergunning zijn steeds ten laste van de aanvrager. Alle kosten naar aanleiding van een heraanplanting en/ of herstelwerken op/ aan het openbaar domein, uitgevoerd naar aanleiding van een omgevingsaanvraag van een particulier, blijven ten laste van de aanvrager.
  4. Aangezien er geen wijzigingen van het terreinniveau voorzien zijn in de aanvraag, dient het bestaande terreinniveau behouden te blijven. Alle overtollige grond die vrijkomt bij het graven van de funderingen, dient verwijderd te worden via een erkende grondwerker of naar een erkende grondreinigingsplaats;
  5. Voor de aanplant van bomen, hagen… nabij perceelscheidingen, dient rekening gehouden te worden met de bepalingen van het Veldwetboek;
  6. Het advies van het agentschap Wegen en Verkeer, omvattende de algemene en bijzondere voorwaarden, zoals als bijlage hierbij gevoegd wordt, dient integraal gevolgd te worden;
  7. Indien vastgesteld wordt dat er straatmeubilair en/of laanbeplanting aanwezig is die dienen verplaatst en/of verwijderd te worden voor de uitvoering van deze vergunning, of bij de ingebruikname van het project, en er voor aanvang van de werken geen toelating bekomen wordt tot het verplaatsen van het straatmeubilair, moet er een gewijzigde vergunning aangevraagd worden die rekening houdt met het straatmeubilair en/of de laanbeplanting;
  8. De aanvrager is ertoe verplicht het college van burgemeester en schepenen op de hoogte te brengen van het begin van de stedenbouwkundige handelingen en/of exploitatie(s);

Deze vergunning stelt de aanvrager niet vrij van het aanvragen en verkrijgen van eventuele andere vergunningen of machtigingen.