Alle nijverheids-, handels en landbouwondernemingen zijn de belasting van € 12,50 per kilowatt verschuldigd op de motoren, die zij gebruikten voor de uitbating van de zetel of exploitatie-eenheid van de onderneming. Dit bedrag wordt niet geïndexeerd. De belasting wordt gevestigd op grond van belastbare motoren geplaatst of gebruikt tijdens het jaar dat onmiddellijk voorafging aan het jaar waarop de belasting slaat. Indien het belastingbedrag na de berekeningsformule, opgenomen in het reglement, kleiner is dan € 10, dan wordt dit bedrag niet ingekohierd en ook niet geïnd. Voor de belasting geldt een aangifteplicht. De belastingplichtigen ontvangen jaarlijks een aangifteformulier, dat binnen een welbepaalde datum op de dienst moet binnen komen. Bij gebrek aan aangifte, of in geval van onjuiste, onvolledige of onnauwkeurige aangifte vanwege de belastingplichtige, kan de belasting ambtshalve gevestigd worden met een vastgelegde boete tot gevolg.
Het college van burgemeester en schepenen stelt de gemeentelijke belastingrol op de drijfkracht der motoren voor het dienstjaar 2021 - toestand 2020 vast ten bedrage van € 134.664,12 (vorig jaar was dit 126.038,09) In het meerjarenplan is voor 2021 een bedrag € 116.500,00 ingeschreven. Het college van burgemeester en schepenen beslist deze rol uitvoerbaar te verklaren en over te maken aan de financieel directeur.