Terug
Gepubliceerd op 07/12/2021

2021_CBS_01285 - OMV - Vergunning - Herestraat 124 - 2021/00265 - Goedkeuring

College van burgemeester en schepenen
di 30/11/2021 - 13:30 schepenzaal
Goedgekeurd

Samenstelling

Aanwezig

Johny De Raeve, burgemeester; Bram De Raeve, 1ste schepen; Frederick Vandeput, 2de schepen; Johan Vanhoyland, 3de schepen; Frank Vandebeek, 4de schepen; Johan Schraepen, 5de schepen; Ria Hendrikx, voorzitter BCSD; Bart Telen, Algemeen directeur

Secretaris

Bart Telen, Algemeen directeur
2021_CBS_01285 - OMV - Vergunning - Herestraat 124 - 2021/00265 - Goedkeuring 2021_CBS_01285 - OMV - Vergunning - Herestraat 124 - 2021/00265 - Goedkeuring

Motivering

Feiten context en argumentatie

STEDENBOUWKUNDIG EN MILIEUTECHNISCH advies - verslag GEMEENTELIJKE omgevingsambtenaar

De aanvraag betreft het bouwen van een gebouw met kleedkamers, kantine en tribune, het rooien van 2 bomen en een nieuwe grondwaterwinning.

De aanvraag werd op 05/09/2021ontvangen en op 04/10/2021 ontvankelijk en volledig verklaard.

De gewone vergunningsprocedure wordt gevolgd.

Er werd een openbaar onderzoek gehouden, lopende van 14/10/2021 tot en met 12/11/2021, gesloten met 0 bezwaarschriften.

GEGEVENS VAN HET BEDRIJF

De activiteiten van het bedrijf/ de vereniging zonder winstoogmerk zijn de volgende: voetbalclub “Zonhoven United FC”.

Huidige aanvraag behelst een verandering, zijnde het boren van 1 grondwaterwinningput met een diepte van 45 meter op een locatie waar het dieptecriterium 73 meter bedraagt en minder dan 5000 m³/jaar grondwater zal opgepompt worden. Het betreft de beregening van 2,5 voetbalvelden gedurende +/- 5 maanden via een computergestuurd programma (enkel 's nachts beregening) voor een debiet van 4500 m³/jaar – rubriek 53.8.1°a).

HISTORIEK VAN HET EIGENDOM WAAROP DE AANVRAAG BETREKKING HEEFT

Stedenbouwkundig

  • 1958/00144: WEIGERING van de bouwaanvraag op 14/05/1958 voor het bouwen van een woonhuis;
  • 1980/00046: bouwvergunning op 23/06/1980 voor het bouwen van een tennislokaal, centraal gebouw, voetballokaal;
  • 1992/00034: bouwvergunning op 24/03/1992 voor het bijbouwen van een berging tennisgebouw Basvelden;
  • 1997/07686: bouwvergunning op 12/09/1997 voor het bouwen van een afdak aan het tennisgebouw;
  • 1998/07817: bouwvergunning op 30/04/1998 voor de aanleg van een skatepark;
  • 1998/07897: bouwvergunning op 02/09/1998 voor het verbouwen van de voetbalkantine;
  • 2004/09538: stedenbouwkundige vergunning op 19/08/2004 voor het bouwen van een centraal gebouw op de sportvelden Basvelden;
  • 2005/09872: stedenbouwkundige vergunning op 24/05/2005 voor het uitbreiden van de voetbalkantine;
  • 2006/10340: stedenbouwkundige vergunning op 31/07/2006 voor het bouwen van een telecommunicatiestation met monotube pyloon van 30m, voorzien van 3 paneelantennes en terreinverlichting, een bijhorend technisch lokaal en een omheining van 2m rond het geheel;
  • 2007/10834: stedenbouwkundige aanvraag voor het plaatsen van een hob-unit  - geen tijdige beslissing stedenbouw;
  • 2009/11296: stedenbouwkundige vergunning op 28/04/2009 voor het aanleggen van een vloerplaat in ongewapend beton met plaatsing van prefab betonnen skatetoestellen;
  • 2009/11522: stedenbouwkundige vergunning op 21/12/2009 voor het aanleggen en inrichten van een voetbalterrein op het openluchtsportcentrum Basvelden;
  • 2014/00180: stedenbouwkundige vergunning op 25/02/2015 voor het regulariseren, heraanleggen en uitbreiden van een parking en het aanleggen van een infiltratiebekken;
  • 2017/00094: stedenbouwkundige vergunning op 01/08/2017 voor het kappen van 3 berken;
  • 2017/00095: WEIGERING van de stedenbouwkundige aanvraag op 01/08/2017 voor het kappen van 1 acacia;
  • 2018/00270: omgevingsvergunning op 26/02/2019 voor het kappen van een boom;
  • 2020/00029: omgevingsvergunning op 08/05/2020 voor de plaatsing van een nieuw telecommunicatiestation;
  • 2021/00062: omgevingsvergunning op 11/05/2021 voor het slopen van de voetbalkantine “Basvelden”.
  • 2020/00297: weigering omgevingsvergunning op 22/06/2021 voor het bouwen van een gebouw met kleedkamers, kantine en tribune, het rooien van 2 bomen en een nieuwe grondwaterwinning;
  • 2017/00005/SPLITSING: aanvraag tot splitsing van percelen 3/E/323A, 269D, 323C, 338D en 328S in het kader van recht van opstal (lot 1), goedgekeurd op 21/03/2017.

Huidige aanvraag betreft een gewijzigde aanvraag tov de geweigerde aanvraag 2020/00297. Er werden de nodige aanpassingen doorgevoerd om een gebouw aan te vragen dat volledig voldoet aan de toegankelijkheidsvereisten.

De aanvraag werd in overleg gebracht met de gemeentelijke administratie november/ december 2020 voor wat betreft het oprichten van een nieuwe voetbalkantine (VB_2014_133). Hierbij werd aangegeven dat gemeente Zonhoven zal instaan voor de aanvraag tot slopen van het bestaande gebouw.

Uit de gegevens waarover de gemeente beschikt, blijkt niet dat voor het voorwerp van de aanvraag een PV is opgesteld noch dat een meerwaarde werd opgelegd of dat op het goed een vonnis of arrest rust. Er zijn ook geen geschriften bekend waaruit zou blijken dat er wederrechtelijke werken werden uitgevoerd.

Milieu

Volgende milieuvergunningen / meldingen werden afgeleverd op volgende percelen:

  • 3/E/269D – 2006/14 – grondwaterwinning, beregening voetbalvelden (MIL/753.2/VL1/sp);
  • 3/E/269B, 269D – 2010/90 – transformator tot max. 1000 kVA – rubriek 12.2.1° - beslissing gunstig 28/09/2006 (752.4-646);
  • 3/E/269D – 2013/20 – grondwaterwinning, gunstig (752.2-165);
  • 3/E/269D – 2017/53 – grondwaterwinning voor beregening van 2 voetbalvelden en 1 duiveltjesveld op de sportterreinen Basvelden – rubriek53.8.1°a) -  aktename 09/01/2018 (752.4-944).

Het perceel is niet opgenomen in het Grondeninformatieregister.

OPENBAAR ONDERZOEK

Overeenkomstig artikel 17 van het decreet betreffende de omgevingsvergunning en hoofdstuk 3 Toepassingsgebied van de gewone en vereenvoudigde procedure, artikels 11 t.e.m. 14 van het besluit tot uitvoering van het decreet betreffende de omgevingsvergunning, werd dit dossier volgens de gewone procedure behandeld.

Er werd bijgevolg een openbaar onderzoek gehouden.

Het openbaar onderzoek werd georganiseerd van 14/10/2021 tot en met 12/11/2021.

Er werden geen bezwaren ingediend.

ADVIEZEN

Brandweer Hulpverleningszone Zuid-West Limburg

Inter Vlaanderen

Fluvius

Dienst Patrimonium 

Dienst Contractmanagement

Dienst Facilitair Management

MILIEUEFFECTENRAPPORTAGE

Het project komt voor op bijlage III van het project-mer-besluit wat maakt dat een project MER opgemaakt moet worden, tenzij de initiatiefnemer via een project-m.e.r.-screeningsnota kan aantonen dat het project geen aanzienlijke milieueffecten zal veroorzaken.  Er werd een project-m.e.r.-screeningsnota bij de aanvraag gevoegd.

Bijlage III - Rubriek 10. j) werken voor het onttrekken of kunstmatig aanvullen van grondwater, die niet zijn opgenomen in bijlage I of II.

De mer-screeningsnota heeft volgende conclusie: geen aanzienlijke effecten.

Deze conclusie kan bijgetreden worden.

STEDENBOUWKUNDIG ADVIES

TOETSING AAN DE REGELGEVING EN VOORSCHRIFTEN

OVEREENSTEMMING MET BESTEMMINGS- EN STEDENBOUWKUNDIGE VOORSCHRIFTEN

Gewestplan

Het perceel van de aanvraag is volgens het geldende gewestplan Hasselt - Genk, goedgekeurd bij Koninklijk besluit op 3 april 1979, deels gelegen in woongebied en grotendeels gelegen in recreatiegebied. De voorgestelde werken bevinden zich volledig in het recreatiegebied.

De recreatiegebieden zijn bestemd voor het aanbrengen van recreatieve en toeristische accommodatie, al dan niet met inbegrip van de verblijfsaccommodatie. In deze gebieden kunnen de handelingen en werken aan beperkingen worden onderworpen teneinde het recreatief karakter van de gebieden te bewaren (artikel 16 van het Koninklijk besluit van 28 december 1972 betreffende de inrichting en de toepassing van de ontwerp-gewestplannen en de gewestplannen).

De aanvraag is niet gelegen in een bijzonder plan van aanleg, noch in een behoorlijk vergunde en niet vervallen verkaveling.

Gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan

Het goed is gelegen binnen de omschrijving van het gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan “Afbakening regionaal stedelijk gebied Hasselt - Genk” dat op 20 juni 2014 definitief werd vastgesteld door de Vlaamse Regering.  Er is geen bestemmingswijziging ten opzichte van het gewestplan voorzien voor dit perceel. 

De aanvraag voldoet principieel aan de geldende bestemmingsvoorschriften.

Stedenbouwkundige verordeningen

Hemelwater

De aanvraag valt onder de toepassing van het besluit van de Vlaamse regering van 5 juli 2013 en latere wijzigingen, houdende vaststelling van een gewestelijke stedenbouwkundige verordening inzake hemelwaterputten, infiltratievoorzieningen, buffervoorzieningen en gescheiden lozing van afvalwater en hemelwater.

De plannen geven aan dat voor het nieuw op te richten gebouw met een horizontale dakoppervlakte van 960,74m² 2 hemelwaterputten worden voorzien met elk een inhoud van 20.000 liter en recuperatie van het hemelwater voor het sanitair gebruik, wasmachines en buitenkranen. De overloop van de hemelwaterput wordt aangesloten op een overloopsysteem naar een bestaand bufferbekken/ infiltratiebekken door middel van infiltratiebuizen die een opvangcapaciteit hebben van 5.317 liter en een infiltratieoppervlakte van 76,14m².

De aanstiplijst hemelwater geeft aan dat de horizontale dakoppervlakte 957,55m² bedraagt, dit is slechts een beperkte afwijking t.o.v. de plannen en heeft geen impact op het eindresultaat.

Afwijking verordening:

De minimale inhoud van de hemelwaterput bedraagt 10.000 liter. De aanvraag voorziet de plaatsing van 2 hemelwaterputten met elk een inhoud van 20.000 liter. 

Om de waterkwaliteit te bewaren dient een groter hergebruik dan standaard gemotiveerd te worden.

De motivatienota geeft aan dat het hemelwater hergebruikt zal worden voor een totaal van 12 toiletten en 15 urinoirs, 2 wasmachines voor reiniging van de kledij, 4 buitenkranen die mogelijk ook voor beregening van de speelvelden gebruikt kunnen worden. Een verbruik van 2000 liter/ dag is te verwachten (wanneer het gebouw gebruikt wordt weliswaar).

Volgens de rekentool mag een dakoppervlakte van 867,18m² in mindering gebracht worden voor berekening van de infiltratievoorziening (= min. 2260 liter, min. 3,61m²).

De voorziene opvangcapaciteit en infiltratieoppervlakte van de infiltratiebuizen voldoet ruimschoots aan de vereisten.

De verhardingen worden niet uitgebreid.

De aanvraag voldoet aan deze stedenbouwkundige verordening.

Riolering

Het perceel is op het zoneringplan voor riolering, goedgekeurd bij Ministerieel besluit de dato 19 september 2008, gelegen in “centraal gebied”. 

Volgens de gekende gegevens is nog een gemengd rioleringsstelsel aanwezig.

Met betrekking tot de riolering en afwijking hemelwater werd de aanvraag voor advies voorgelegd aan rioleringsbeheerder Fluvius.

Het advies van 20/10/2021 van Fluvius is voorwaardelijk gunstig.

“Naar aanleiding van uw brief/mail van 5-10-2021 over de stedenbouwkundige vergunning voor bovenvermeld project, afdeling 3, sectie E, nummer(s) 269D, kunnen we een voorwaardelijk gunstig advies geven, op voorwaarde dat voldaan wordt aan de hierna volgende opmerkingen.

Het dossier mag voorwaardelijk gunstig geadviseerd worden mits volgende opmerkingen:

In uw gemeente is Fluvius actief voor volgende disciplines:

Aardgas, Elektriciteit, Openbare verlichting, Kabeldistributie, Riolering.

De initiatiefnemer dient te voldoen aan alle voorwaarden van Fluvius zoals opgenomen in het 

"Reglement voor verkavelingen en bouwprojecten", meer bepaald inzake capaciteitsbeslag en mogelijke netuitbreidingen en/of netaanpassingen om de nieuwe units aansluitbaar te maken. 

Dit reglement is terug te vinden op onze website www.fluvius.be.

Afhankelijk van de grootte van het project zal in overleg met de projectontwikkelaar bepaald worden of er zal gewerkt worden met gemeenschappelijke tellerlokalen of met ringleidingen op het terrein.

Het is ook mogelijk bij grote vermogens dat de bouwheer een ruimte voor een elektriciteitscabine ter beschikking moet stellen. Deze ruimte heeft altijd minimale binnenafmetingen van 5m x 3.70m, dient zich op het gelijkvloers te bevinden en moet rechtstreeks toegankelijk zijn. De bereikbaarheid en bouwkundige voorwaarden dienen steeds vooraf besproken te worden met Fluvius.

Een gedetailleerde aansluitstudie zal dit uitwijzen. Fluvius maakt deze studie na ontvangst van de aansluitingsaanvraag waarbij de benodigde vermogens worden opgegeven. Hiertoe dient de initiatiefnemer tijdig, en dit vóór het uitvoeren van zijn stedenbouwkundige vergunning, een offerte te vragen aan Fluvius aan de hand van het aanvraagformulier "Studie- en offerteaanvraag voor verkavelingen & bouwprojecten" welke beschikbaar is op de website van Fluvius (www.fluvius.be).

Indien bij de definitieve aanvraag blijkt dat de gevraagde vermogens buiten de standaardnormen vallen kan onze visie nog wijzigen in functie van de gevraagde vermogens. De kosten voor de eventueel te verplaatsen bestaande leidingen vallen integraal ten laste van de aanvrager.

Algemene voorschriften:

  • Gasafsluiters, elektriciteits-, kabeldistributie- aardgasdistributienetten (boven- en ondergrondse) moeten steeds en makkelijk bereikbaar zijn en vrij blijven van ieder obstakel.
  • Het meterlokaal bevindt zich direct aan de straatzijde en is voldoende ruim bemeten. Er moet voor de meter steeds een vrije doorgang blijven van 80cm ten opzichte van een muur of ander obstakel.
  • Nuttige vrije hoogte van de eventuele tellerlokalen bedraagt minimaal 2m over de ganse vloeroppervlakte.
  • De boven- en onderverluchting van gasmeterlokalen moeten steeds rechtstreeks met de buitenlucht in verbinding staan.

Riolering:

Voor riolering dient voldaan te worden aan de gewestelijke en/of provinciale stedenbouwkundige verordeningen inzake hemelwaterputten, infiltratievoorzieningen, buffervoorzieningen en gescheiden lozing van afvalwater en hemelwater die in uw gemeente van kracht zijn.

Fluvius doet geen nazicht van de bepalingen van deze verordening. Dit advies handelt over de aansluitbaarheid op het openbaar saneringsnetwerk.

1. Algemene bepalingen voor riolering en waterafvoer

  • De aanvrager dient het Algemeen Waterverkoopreglement, de aanvullende voorwaarden en de aanvullende technische voorschriften van Fluvius na te leven. De aanvrager dient ook de voorwaarden zoals bepaald in afdeling 6.2.2. van Vlarem II voor de afvoer van hemel- en afvalwater na te leven.
  • De aanvrager staat in voor de plaatsing van de privériolering voor het bouwproject en is verplicht deze uit te voeren volgens de wettelijke bepalingen ter zake. Zo dient hij onder meer te voldoen aan de Gewestelijke Stedenbouwkundige Verordening inzake hemelwaterputten, infiltratievoorzieningen, buffervoorzieningen en gescheiden lozing van afvalwater en hemelwater (GSV ‘hemelwater’) van 5/07/2013.
  • Als de privériolering niet correct en volledig volgens deze wettelijke bepalingen werd uitgevoerd, zelfs als dit niet expliciet door de stedenbouwkundige vergunning werd opgelegd, behoudt Fluvius zich het recht voor om dit perceel niet aan te sluiten op het openbaar rioleringsstelsel.
  • Als de bouwplannen en meer specifiek het rioleringsplan niet in overeenstemming zijn met deze voorschriften, hebben deze voorschriften voorrang.

2. Specifieke bepalingen voor riolering en waterafvoer voor dit bouwproject

  • Bij de sloop van een pand dient de bestaande huisaansluiting op het openbaar rioleringsstelsel tijdelijk buiten gebruik gesteld te worden door de aanvrager en wel op zo een manier dat de huisaansluiting water- en gronddicht afgesloten wordt en detecteerbaar blijft op eigen terrein.
  • Bij de aanleg van een nieuwe privéwaterafvoer dient de bouwheer de bestaande rioleringsaansluiting te detecteren en te hergebruiken. De nieuwe privéwaterafvoer voor vuilwater en eventueel hemelwater dient ter hoogte van de rooilijn tot aan en niet dieper dan de bestaande huisaansluiting gebracht te worden. Ter hoogte van de bestaande huisaansluiting voorziet de bouwheer aan de rooilijn op het privéterrein aparte controleputjes, één voor de vuilwaterafvoer en één voor de hemelwaterafvoer, indien deze nog niet aanwezig zijn. Dit ontslaat de bouwheer niet van het indienen van een aanvraag tot heraansluiting op het openbaar rioleringsstelsel bij Fluvius. De aanvraag is terug te vinden op www.fluvius.be.
  • Op het rioleringsplan is het verplicht alle aftappunten voor nuttig gebruik van het hemelwater te vermelden cf. de bepalingen van de gewestelijke stedenbouwkundige verordening hemelwater. De plaatsing van een grotere hemelwaterput en het nuttig gebruik voor alle toiletten in dit gebouw, de wasmachine en beregening van de velden leidt hier tot een grotere aftrek in afwaterende oppervlakte(n) voor de dimensionering van de infiltratievoorziening. De vooropgestelde dimensionering is aanvaardbaar in deze opstelling.
  • Volgens de GSV “hemelwater” dient een gescheiden stelsel voorzien te worden: de afvoer van het buitenterras/oprit dient aangesloten te worden op de overloop van de hemelwaterput, op een infiltratievoorziening of dient in de naastliggende groenzones af te wateren.

We raden aan om:

  • Geen sifonputjes te plaatsen op de vuilwaterafvoerleiding(en) aangezien deze putjes vaak verstoppen en in principe alle waterafvoeren in de woning een waterslot/sifon hebben.
  • Het opgeslagen water van de hemelwaterput optimaal te gebruiken voor eventueel het spoelen van de toiletten, een buitenkraan voor het wassen van de auto, het besproeien van de tuin, … en eventueel voor de wasmachine.
  • Een terugslagklep te plaatsen op de overloop van de hemelwaterput om terugstuwing vanuit de riolering te vermijden.
  • Een ontluchting te voorzien op het private vuilwaterafvoerstelsel, eventueel via een ontluchtingspijp door het dak.
  • Het is niet toegestaan om drainageleidingen aan te sluiten op de openbare riolering. Overeenkomstig de milieuwetgeving dient dit op eigen terrein geïnfiltreerd te worden.

3. Keuring privéwaterafvoer

Door het in voege treden van het Algemeen Waterverkoopreglement is de keuring van de privéwaterafvoer verplicht sinds 1 juli 2011. Elke rioleringsaansluiting op het openbaar rioleringsstelsel dient een keuring van de privéwaterafvoer te ondergaan conform artikel 12/1, §1 van het Algemeen Waterverkoopreglement. De keuring dient uitgevoerd te worden vóór de eerste ingebruikname van de privéwaterafvoer.

Enkel de door Fluvius erkende keurders komen voor deze keuring in aanmerking (zie Keuring riolering | Fluvius).

Voor bijkomende informatie kan de bouwheer terecht op de infolijn van Fluvius 078 35 35 34. Gelieve ons advies op te nemen in uw stedenbouwkundig dossier.”

De gemeentelijke omgevingsambtenaren sluiten zich aan bij dit advies. De voorwaarden en opmerkingen gesteld in het advies zoals hoger aangehaald, dienen gevolgd te worden.

Toegankelijkheid

De aanvraag valt onder de toepassing van het besluit van de Vlaamse regering van 5 juni 2009 en latere wijzigingen, houdende vaststelling van een gewestelijke stedenbouwkundige verordening inzake toegankelijkheid. Dit besluit trad in werking op 1 maart 2010.

Het betreft art. 3: gebouwen waarbij de totale publiek toegankelijke oppervlakte groter of gelijk is aan 400m².

De toegankelijkheidsnormen zijn van toepassing op alle nieuw te bouwen, te verbouwen of uit te breiden publiek toegankelijke delen.

De omgevingsaanvraag werd voor advies voorgelegd aan Inter Vlaanderen. Op 13/10/2021 werd een gunstig advies verleend door Inter Vlaanderen.

Watertoets

Het decreet betreffende het integraal waterbeleid van 18 juli 2003, gewijzigd door het wijzigingsdecreet Integraal Waterbeleid van 19 juli 2013, verplicht de vergunningverlenende overheid om de watertoets uit te voeren bij elke aanvraag tot omgevingsvergunning. Dit decreet vormt het juridisch kader voor het integraal waterbeleid in Vlaanderen. Het decreet bevat ook de omzetting van de kaderrichtlijn Water en de Overstromingsrichtlijn.

Het voorliggende bouwproject heeft geen omvangrijke oppervlakte en ligt niet in een recent overstroomd gebied of een risicozone voor overstromingen, zodat in alle redelijkheid dient geoordeeld te worden dat het schadelijk effect beperkt is. Enkel wordt door de toename van de verharde oppervlakte de infiltratie van het hemelwater in de bodem plaatselijk beperkt. Voor het betrokken project werd de watertoets uitgevoerd volgens de richtlijnen van het uitvoeringsbesluit van 20 juli 2006. Dit Watertoetsbesluit werd gewijzigd bij Besluit van de Vlaamse Regering van 14 oktober 2011. Dit besluit is in werking getreden op 1 maart 2012.

Daaruit volgt dat een positieve uitspraak mogelijk is indien de gewestelijke stedenbouwkundige verordening hemelwater wordt nageleefd. Zoals hoger aangehaald voldoet het voorliggende ontwerp aan deze verordening. Het ontwerp is verenigbaar met de doelstellingen van artikel 5 van het decreet integraal waterbeleid.

De aanvraag doorstaat de watertoets.

Decretale beoordelingselementen

Art. 4.3.5. Uitgeruste weg

§ 1. Een omgevingsvergunning voor het bouwen van een gebouw met als hoofdfunctie “wonen”, “verblijfsrecreatie”, “dagrecreatie”, met inbegrip van sport, “detailhandel”, “dancing”, “restaurant en café”, “kantoorfunctie”, “dienstverlening”, “vrije beroepen”, “industrie”, “bedrijvigheid”, “gemeenschapsvoorzieningen” of “openbare nutsvoorzieningen”, kan slechts worden verleend op een stuk grond, gelegen aan een voldoende uitgeruste weg, die op het ogenblik van de aanvraag reeds bestaat.

§ 2. Een voldoende uitgeruste weg is ten minste met duurzame materialen verhard en voorzien van een elektriciteitsnet. De Vlaamse Regering kan bepalen in welke gevallen, en onder welke voorwaarden, gelet op de plaatselijke toestand, van deze minimale uitrusting kan worden afgeweken.

§ 4. De voorwaarde, vermeld in § 1, is niet van toepassing:

1° in verkavelingen waar geen of beperktere lasten op het vlak van de weguitrusting zijn opgelegd;

2° voor land- of tuinbouwbedrijven en voor bedrijfswoningen van een land- of tuinbouwbedrijf;

3° op het verbouwen, herbouwen of uitbreiden van bestaande constructies.

De aanvraag voldoet aan deze bepaling.

Archeologienota

Conform het Onroerenderfgoeddecreet de dato 12 juli 2013 en latere wijzigingen is geen archeologienota vereist gezien de bodemingreep kleiner is dan 1.000m².

Indien men niet verplicht is tot het opstellen van een archeologienota en tijdens de uitvoering komen er toch archeologische sporen of vondsten aan het licht, dan dient de bouwheer dit te melden binnen de 3 dagen aan het agentschap Onroerend Erfgoed (www.onroerenderfgoed.be).

Overige regelgeving

Energiedecreet

De aanvraag dient te voldoen aan het energiedecreet van 8 mei 2009 en het energiebesluit van 19 november 2010 en hun latere aanvullingen en wijzigingen.

Grondverzet

Uit het ingediende dossier blijkt niet dat een grondverzet  (met aanvoer/ afvoer) van meer dan 250m³ zal plaatsvinden. De regelgeving omtrent grondverzet is niet van toepassing.

De aanvraag is verenigbaar met de regelgeving.

Toetsing AAN DE goede ruimtelijke ordening

OMSCHRIJVING VAN DE FEITELIJKE AANVRAAG

De aanvraag betreft het bouwen van een gebouw met kleedkamers, kantine en tribune, het rooien van 2 bomen en een nieuwe grondwaterwinning.

BEOORDELING VAN DE GOEDE RUIMTELIJKE ORDENING 

( Deze wordt verderop uitgevoerd )De overeenstemming met een goede ruimtelijke ordening wordt beoordeeld met inachtneming van volgende beginselen:

1°         het aangevraagde wordt, voor zover noodzakelijk of relevant, beoordeeld aan de hand van aandachtspunten en criteria die betrekking hebben op de functionele inpasbaarheid, de mobiliteitsimpact, de schaal, het ruimtegebruik en de bouwdichtheid, visueel-vormelijke elementen, cultuurhistorische aspecten en het bodemreliëf, en op hinderaspecten, gezondheid, gebruiksgenot en veiligheid in het algemeen, in het bijzonder met inachtneming van de doelstellingen van artikel 1.1.4;

2°         het vergunningverlenende bestuursorgaan houdt bij de beoordeling van het aangevraagde rekening met de in de omgeving bestaande toestand, doch het kan ook beleidsmatig gewenste ontwikkelingen met betrekking tot de aandachtspunten, vermeld in 1°, in rekening brengen;

Omschrijving ligging en omgeving

Het perceel van de aanvraag is gelegen aan de Herestraat, een gemeenteweg ten zuidoosten van het centrum van Zonhoven.

De omgeving wordt gekenmerkt door voornamelijk residentiële bebouwing in open en halfopen   verband langsheen de straten die het recreatiegebied omzomen en ten zuiden bevindt zich een ingesloten groengebied.

Op het perceel van de aanvraag zelf zijn diverse gebouwen en aangelegde terreinen in functie van sport en recreatie aanwezig. Op het terrein staat een voetbalkantine ingeplant die gesloopt zal worden.  Deze situeert zich op het noordwestelijke deel van het perceel, tussen 2 voetbalvelden en met een aansluiting naar de parking aan de Herestraat.  Er zijn diverse hoogstambomen en ander groen aanwezig op het terrein.

Omschrijving van de aanvraag

Op de locatie van de bestaande voetbalkantine wordt een nieuwe voetbalaccommodatie opgetrokken.  Het nieuwe gebouw zal zich, meer dan het bestaande gebouw, richten op het bestaande A-plein.  De as van de ontworpen spelerstunnel zal uitkomen op de middellijn van plein A.   Omwille van deze inplanting dienen 2 bestaande eiken gerooid worden.  Binnen het bestaande dossier wordt geen compensatie voor deze kap opgenomen.

Het nieuwe gebouw telt 2 bouwlagen onder een plat dak, met een hoogte van 7,30m boven het maaiveld, en wordt aan de zijde van het A-plein voorzien van een tribune.  De max. breedte van het hoofdgebouw bedraagt 17,94m, de breedte inclusief de tribuneconstructie bedraagt 23,89m.  De max. bouwdiepte bedraagt 39,05m (excl. een trapje i.f.v. de tribune).   

De toegangspaden naar dit gebouw maken in feite geen deel uit van de aanvraag, gezien de gemeente Zonhoven deze zal voorzien, kaderend binnen het grote geheel van site de Basvelden.

Het gelijkvloers wordt ingericht met kleedkamers, technische ruimtes, sanitair, berging en een ehbo-lokaal.  De toegang bevindt zich aan de zijde van de parking langs de Herestraat.

De verdieping wordt voornamelijk ingericht als kantine met aanhorigheden.  Gezien de verdieping niet de volledige footprint van het gelijkvloers inneemt, ontstaat er aan de achterzijde, op het dak van de gelijkvloerse bouwlaag, ruimte voor een terras, aansluitend aan de kantine.  De tribune is toegankelijk via de kantine en het terras.

Het geheel krijgt een strakke vormgeving, afgewerkt in een lichtgrijze gevelsteen en zwart aluminium schrijnwerk, met een dominerende luifel in zwarte stalen sandwichpanelen.  Tegen de voorgevel wordt het logo van de voetbalclub geplaatst.   De lengte van de gelijkvloerse plint van de linker zijgevel wordt gebroken doordat een viertal vlakken van deze gevel volledig met groen begroeid zullen worden.

Op het dak worden zonnepanelen geplaatst.

Functionele inpasbaarheid in de onmiddellijke en ruime omgeving

De inplanting van een nieuwe voetbalaccommodatie is functioneel inpasbaar op de recreatieve site de Basvelden.

Mobiliteitsimpact

Het gaat om een bestaande voetbalclub.  De bezoekers kunnen gebruik maken van de bestaande parking langs de Herestraat, alsook van de bestaande parking aan de Muizenstraat die ook toegang verleent aan de site.  De aanvraag heeft in dat opzicht weinig impact op de mobiliteit.

De schaal van de voorgenomen werken

De hoogte van het gebouw, 2 bouwlagen onder een plat dak, zorgt voor een andere schaal dan de huidige kantine (1 bouwlaag onder een plat dak).  Door de tribune in het gebouw te integreren ontstaat een gebundeld geheel.  Het gebouw wordt op voldoende afstand ingeplant tot de toegang zodat de hoogte aanvaardbaar is op het terrein.

Het gebouw zal een nieuwe, hedendaagse voorgevel vormen voor de site, vanaf de toegang aan de zijde van de Herestraat.

Het ruimtegebruik en de bouwdichtheid

De site van de Basvelden betreft een zeer ruim sportpark, met verschillende aanwezige sporttakken, alsook zeer veel groen.  De site kan de gevraagde oppervlakte dragen.  Het gebouw wordt ingeplant tussen twee bestaande voetbalpleinen wat zorgt voor een efficiënt ruimtegebruik.

De gevraagde inplanting is voor de voetbalclub de enige mogelijke, omwille van diverse redenen, andere scenario’s werden uitgebreid onderzocht maar bleken niet mogelijk te zijn.   Door de gewenste inplanting dienen 2 waardevolle eiken gerooid te worden.  De dienst Facilitair management verleende hieromtrent d.d. 11/10/2021 volgend advies:

“Gunstig mits aan volgende voorwaarden wordt voldaan:

  • Aanplanten van 4 hoogstam bomen in de maat 20/25 ter compensatie van de twee eiken die gerooid worden
  • Voor de heraanplant kan er gekozen worden uit volgende soorten:
    • Quercus robur (zomereik) 
    • Quercus petraea (wintereik)
  • de nieuwe bomen worden best aan de graszone aan de noordzijde van de nieuwbouw heraangeplant, 
  • de bomen dienen te worden aangeplant in het eerste plantseizoen volgend op de afwerking van het gebouw.”

Dit wordt opgelegd als vergunningsvoorwaarde.

Visueel-vormelijke elementen

Op de site bevinden zich diverse sporttakken waarbij ook enkele gebouwen.  Deze gebouwen zijn divers in architectuur en kleur en bevinden zich verspreid over de site.   Het voorziene gebouw integreert zich goed binnen dit geheel, door de vrij eenvoudige vormgeving en materiaalgebruik.   Door de linker zijgevel te laten begroeien met planten ontstaat een (gedeeltelijke) groengevel, in harmonie met de parkomgeving.

Op de gevelplannen zijn de zonnepanelen op het platte dak zichtbaar.  Wanneer deze ook in de realiteit op een dergelijke manier zichtbaar zijn zal dit storend zijn en afbreuk doen aan de architectuur.  De zonnepanelen dienen op een wijze te worden geplaatst (door de afstand tot de dakrand en de hellingsgraad) dat deze zo weinig mogelijk zichtbaar zijn vanaf de site.   Dit wordt opgelegd als vergunningsvoorwaarde.

Cultuurhistorische aspecten

Niet van toepassing.

Bodemreliëf

Aangezien er geen wijzigingen van het terreinniveau voorzien zijn in de aanvraag, dient het bestaande terreinniveau behouden te blijven. Alle overtollige grond die vrijkomt bij het graven van de funderingen, dient verwijderd te worden via een erkende grondwerker of naar een erkende grondreinigingsplaats.

Hinderaspecten met betrekking tot gezondheid, gebruiksgenot en veiligheid in het algemeen

Door het voorzien van dit nieuwe gebouw zal de club beschikken over een hedendaagse accommodatie, aangepast aan de huidige normen van comfort, duurzaamheid, enz.

De aanvraag voldoet aan de criteria voor de goede ruimtelijke ordening in de onmiddellijke en ruime omgeving mits voorwaarden.  

BESPREKING ADVIEZEN

  • Het advies van 05/10/2021 van de dienst Contractmanagement is gunstig.  

De gemeentelijke omgevingsambtenaren sluiten zich aan bij dit advies.

  • Het advies van 12/10/2021 van de dienst Patrimonium is gunstig.  

De gemeentelijke omgevingsambtenaren sluiten zich aan bij dit advies.

  • Het advies van 11/10/2021 van de dienst Facilitair management is voorwaardelijk gunstig, zoals hierboven beschreven.   

De gemeentelijke omgevingsambtenaren sluiten zich aan bij dit advies.

De voorwaarden en opmerkingen gesteld in het advies zoals hoger aangehaald, dienen gevolgd te worden.

  • Het advies van 20/10/2021 van Fluvius is voorwaardelijk gunstig, zoals hierboven beschreven.  

De gemeentelijke omgevingsambtenaren sluiten zich aan bij dit advies.

De voorwaarden en opmerkingen gesteld in het advies zoals hoger aangehaald, dienen gevolgd te worden.

  • Het advies van 14/10/2021 van de brandweer Hulpverleningszone Zuid-West Limburg is voorwaardelijk gunstig. 

De gemeentelijke omgevingsambtenaren sluiten zich aan bij dit advies.

De voorwaarden en opmerkingen gesteld in het advies zoals hoger aangehaald, dienen gevolgd te worden.

  • Het advies van 13/10/2021 van Inter Vlaanderen is gunstig.

De gemeentelijke omgevingsambtenaren sluiten zich aan bij dit advies.

Uit de bovenstaande motivering blijkt dat de schaal en het uiterlijk van de voorgenomen werken op voldoende wijze ruimtelijk inpassen in de onmiddellijke en ruime omgeving. De aanvraag is verenigbaar met de goede ruimtelijke ordening.

MILIEUTECHNISCH ADVIES

De aanvraag betreft een verandering van een vergunde inrichting, zijnde het boren van een nieuwe grondwaterwinning, voor een diepte van 45 meter, voor een totaaldebiet van 4500 m³/jaar. 

Met volgende aangevraagde rubrieken: 

53.8.1°a) Winning van grondwater zijnde het boren van één grondwaterwinningsput met een diepte van 45 meter voor een totaal debiet van 4500 m³/jaar. 

GRONDWATERWINNINGEN

De voetbalclub vraagt volgende grondwaterwinningen aan, voor de toepassing: beregening van  2,5 voetbalvelden (2 volwaardige pleinen en 1 duiveltjesveld), gedurende +/- 5 maanden.  Er wordt enkel ’s nachts beregend. 

Momenteel is een grondwaterwinning aanwezig, voor hetzelfde debiet en diepte. Doch door de afbraak van de bestaande kantine en bouw van de nieuwe, zou de oude put onder het gebouw komen te liggen (onder kleedkamer 11). Gezien dit niet wenselijk is, wordt ervoor gekozen om een nieuwe put te boren, naast de nieuwe kantine, ten zuiden van de hemelwaterputten. 

Artikel 5.53.2.3 Vlarem II voorziet een vrijstelling voor het herboren van een grondwaterwinningsput maar voor deze aanvraag wordt niet voldaan aan de voorwaarden van deze vrijstelling (niet binnen de 10 meter van de bestaande put) waardoor inderdaad een verandering van de vergunde grondwaterwinning moet aangevraagd worden. 

Een vermoedelijke boorstaat werd toegevoegd door de boorfirma Aqua Vrijsen, waarbij de waterwinning op 45 m diepte staat aan een uurdebiet van 15 m³.  

In de aanvraag is er onduidelijkheid over het maximaal aangevraagde debiet.  De aanvraag vermeldt 3 verschillende debieten: 4500 m³/jaar, minder dan 5000 m³/jaar en maximaal 5000 m³/jaar.  

Het dieptecriterium op deze locatie is 73 meter.   Wanneer meer dan 5000 m³ op jaarbasis wordt opgepompt, is een klasse 2 noodzakelijk. Vandaar het belang dat duidelijk is hoeveel op jaarbasis opgepompt wordt.  Geadviseerd wordt om dit vast te leggen op maximaal 4500 m³/jaar, het laagst doorgegeven debiet in de aanvraag. 

Medio 2021 besliste de VMM, dienst grondwater, om haar advisering naar grondwaterwinningen te wijzigen.  Zij adviseren om een termijn van 10 jaar op te leggen, voor grondwaterwinningen voor laagwaardige toepassingen.  Gelet op het gewijzigde klimaat en de onzekere gevolgen hiervan op termijn voor de grondwatervoorraad, verdient het de voorkeur om laagwaardige toepassingen (zoals beregening) te beperken tot maximaal 10 jaar.  De omgevingsambtenaar adviseert om deze voorwaarde op te nemen voor voorliggende aanvraag. 

De vergunning wordt niet verleend voor onbepaalde duur, maar voor een periode van 10 jaar. 

Een milieumelding werd op 9 januari 2018 afgeleverd door het college van burgemeester en schepenen voor een grondwaterwinning op 45 meter diepte, voor minder dan 5000 m³/jaar.  Een einddatum werd niet vermeld op de melding. 

Volgende voorwaarden worden opgelegd: 

  • De sectorale voorwaarden van Vlarem II worden nageleefd.
  • Een registratieplicht is van toepassing (art. 5.53.3.3.§9 Vlarem II): “De stand van iedere debietmeter wordt genoteerd in een register op de laatste kalenderdag van elk jaar waarin grondwater werd opgepompt en telkens wanneer, om welke reden ook, de debietsmeter verwijderd of herplaatst wordt.” 

In de maand januari van elk jaar geeft de voetbalclub spontaan de meterstand van de debietsteller door aan de dienst milieubeleid van de gemeente Zonhoven.

  • De oude grondwaterwinningsput wordt onmiddellijk na de ingebruikname van de nieuwe, buiten gebruik gesteld volgens de code van goede praktijk (bijlage 5.53.1 Vlarem II).  Een bewijs van buitengebruik stelling wordt onmiddellijk overgemaakt aan de dienst leefmilieu (leefmilieu@zonhoven.be) evenals de definitieve boorstaat van de nieuwe winning. 

MEET- EN REGISTRATIEVERPLICHTINGEN

Het bedrijf moet voldoen aan de meet- en registratieverplichtingen vallende onder 53 . 

Zijnde een meetinrichting voor het opgepompte grondwater in de vorm van een debietsmeter. 

vergunningstermijnen

Het omgevingsproject vraagt een omgevingsvergunning van onbepaalde duur.  

Gelet op het gewijzigde klimaat en de onzekere gevolgen hiervan op termijn voor de grondwatervoorraad, adviseert de omgevingsambtenaar om laagwaardige toepassingen (zoals beregening) te beperken tot maximaal 10 jaar.  

ADVIES –VOORWAARDEN – DUUR:

Advies – voorwaarden:

Gelet op het onderzoek dat ingesteld werd door de gemeentelijke omgevingsambtenaar, gebaseerd op de gegevens die beschikbaar werden gesteld door de bedrijfsleiding binnen het omgevingsproject wordt volgende geadviseerd:

Gunstig mits volgende voorwaarden worden opgelegd, voor een termijn van 10 jaar

  • De sectorale voorwaarden van Vlarem II worden nageleefd.
  • Een registratieplicht is van toepassing (art. 5.53.3.3.§9 Vlarem II): “De stand van iedere debietmeter wordt genoteerd in een register op de laatste kalenderdag van elk jaar waarin grondwater werd opgepompt en telkens wanneer, om welke reden ook, de debietsmeter verwijderd of herplaatst wordt.” 

In de maand januari van elk jaar geeft de voetbalclub spontaan de meterstand van de debietsteller door aan de dienst milieubeleid van de gemeente Zonhoven.

  • De oude grondwaterwinningsput wordt onmiddellijk na de ingebruikname van de nieuwe, buitengebruik gesteld volgens de code van goede praktijk (bijlage 5.53.1 Vlarem II).  Een bewijs van buitengebruik stelling wordt onmiddellijk overgemaakt aan de dienst leefmilieu (leefmilieu@zonhoven.be) evenals de definitieve boorstaat van de nieuwe winning. 

GECOÖRDINEERD EINDADVIES

Uit bovenstaande motiveringen blijkt dat de aanvraag in overeenstemming is met de wettelijke bepalingen inzake milieu en ruimtelijke ordening, en dat het voorgestelde ontwerp verenigbaar is met de goede plaatselijke ordening en met zijn onmiddellijke omgeving.  De aanvraag is vatbaar voor een omgevingsvergunning voor het bouwen van een gebouw met kleedkamers, kantine en tribune en het rooien van 2 bomen mits het opleggen van voorwaarden.

Alsook voor een nieuwe grondwaterwinning voor een jaardebiet van 4500 m³, op een diepte van 45 meter, voor een vergunningstermijn van 10 jaar, met volgende rubriek:

53.8.1°a) Winning van grondwater zijnde het boren van één grondwaterwinningsput met een diepte van 45 meter voor een totaal debiet van 4500 m³/jaar

mits het opleggen van voorwaarden.

Bijgevolg adviseert de omgevingsambtenaar het dossier voorwaardelijk gunstig voor het bouwen van een gebouw met kleedkamers, kantine en tribune en het rooien van 2 bomen zoals voorgesteld op de voorgebrachte plannen die als bijlage aan de aanvraag zijn verbonden en voor zover rekening gehouden wordt met de gestelde voorwaarden.

Alsook voor een nieuwe grondwaterwinning voor een jaardebiet van 4500 m³, op een diepte van 45 meter, voor een vergunningstermijn van 10 jaar, met volgende rubriek:

53.8.1°a) Winning van grondwater zijnde het boren van één grondwaterwinningsput met een diepte van 45 meter voor een totaal debiet van 4500 m³/jaar

zoals voorgesteld op de voorgebrachte plannen die als bijlage aan de aanvraag zijn verbonden en voor zover rekening gehouden wordt met de gestelde voorwaarden.

Volgende voorwaarden worden opgelegd:

  1. De zonnepanelen dienen op zo een wijze te worden geplaatst (door de afstand tot de dakrand en de hellingsgraad) dat deze zo weinig mogelijk zichtbaar zijn vanaf de site;
  2. Het advies van de dienst Facilitair management dient integraal gevolgd te worden:
    - Aanplanten van 4 hoogstam bomen in de maat 20/25 ter compensatie van de twee eiken die gerooid worden
    - Voor de heraanplant kan er gekozen worden uit volgende soorten:
        - Quercus robur (zomereik)
        - Quercus petraea (wintereik)

    - de nieuwe bomen worden best aan de graszone aan de noordzijde van de nieuwbouw heraangeplant,
    - de bomen dienen te worden aangeplant in het eerste plantseizoen volgend op de afwerking van het gebouw
    Bewijs (foto’s en factuur) van deze aanplant dient te worden aangeleverd aan de dienst Vergunningen en handhaving en dit ten laatste 3 maanden na de aanplant.
    De nodige maatregelen dienen te worden genomen om deze bomen te beschermen zodat ze kunnen uitgroeien tot gezonde volwassen bomen.
    Indien de bomen zouden afsterven dient de aanplant het eerstvolgende plantseizoen herhaald te worden (en dit steeds tot de aanplant aanslaat).
    Riolering:
  3. Er dient voldaan te worden aan de voorwaarden en aanbevelingen opgelegd in het advies van Fluvius, zoals gevoegd in bijlage;
  4. De initiatiefnemer handelt volgens en voldoet aan de reglementering van de nutsmaatschappijen en draagt alle kosten die noodzakelijk zijn voor aansluiting op de nutsleidingen;
  5. Bij het gebruik van een droogzuiging voor het realiseren van de werken, dient voldaan te worden aan de Vlarem meldingsplicht via de gemeentelijke dienst Milieu & Duurzaamheid.  Niet verontreinigd bemalingswater moet bij voorkeur opnieuw in de bodem gebracht worden. Wanneer dit redelijkerwijze niet mogelijk is, moet geloosd worden in een oppervlaktewater, een kunstmatige afvoerweg voor hemelwater of een leiding voor het hemelwater. Indien de droogzuiging aangesloten moet worden op de openbare riolering dient hiervoor een toelating bekomen te worden. Indien een gescheiden rioleringsstelsel aanwezig is in de straat kan, indien niet anders mogelijk, de tijdelijke aansluiting enkel op het RWA-riool . De droogzuiging dient daarenboven beperkt te worden in tijd tot het hoogstnoodzakelijke; 
  6. Aanpassingen aan inrichtingen, constructies of beplantingen op het openbaar domein naar aanleiding van deze of toekomstige aanvraag voor een omgevingsvergunning zijn steeds ten laste van de aanvrager. Alle kosten naar aanleiding van een heraanplanting en/ of herstelwerken op/ aan het openbaar domein, uitgevoerd naar aanleiding van een omgevingsaanvraag van een particulier, blijven ten laste van de aanvrager.
    Terrein en gelijkgrondse berm:
  7. Aangezien er geen wijzigingen van het terreinniveau voorzien zijn in de aanvraag, dient het bestaande terreinniveau behouden te blijven. Alle overtollige grond die vrijkomt bij het graven van de funderingen, dient verwijderd te worden via een erkende grondwerker of naar een erkende grondreinigingsplaats;
    Milieu:
  8. De sectorale voorwaarden van Vlarem II worden nageleefd.
  9. Een registratieplicht is van toepassing (art. 5.53.3.3.§9 Vlarem II): “De stand van iedere debietmeter wordt genoteerd in een register op de laatste kalenderdag van elk jaar waarin grondwater werd opgepompt en telkens wanneer, om welke reden ook, de debietsmeter verwijderd of herplaatst wordt.”
    In de maand januari van elk jaar geeft de voetbalclub spontaan de meterstand van de debietsteller door aan de dienst milieubeleid van de gemeente Zonhoven.
  10. De oude grondwaterwinningsput wordt onmiddellijk na de ingebruikname van de nieuwe, buitengebruik gesteld volgens de code van goede praktijk (bijlage 5.53.1 Vlarem II).  Een bewijs van buitengebruik stelling wordt onmiddellijk overgemaakt aan de dienst leefmilieu (leefmilieu@zonhoven.be) evenals de definitieve boorstaat van de nieuwe winning.
    Andere voorwaarden:
  11. Bij de uitvoering van de bouwwerken moet rekening gehouden worden met het energiedecreet van 8 mei 2009 en het energiebesluit van 19 november 2010 en hun latere wijzigingen;
  12. De bouwheer dient, conform artikel 8 van het decreet op het archeologisch patrimonium de dato 30 juni 1993 en zijn latere wijzigingen, elk roerend of onroerend goed dat hij vindt of vermoedt gevonden te hebben, te melden binnen de 3 dagen aan het Onroerend Erfgoed Limburg, Hendrik Van Veldekegebouw, Koningin Astridlaan 50 bus 1 te 3500 Hasselt (www.onroerenderfgoed.be/een-vondst-melden);
  13. Het advies van de brandweer Hulpverleningszone Zuid-West Limburg, zoals als bijlage hierbij gevoegd, dient integraal gevolgd te worden.
    Op het ogenblik van de beëindiging der werken, en vóór de ingebruikname van het pand, zal de aanvrager de brandweer Hulpverleningszone Zuid-West Limburg hiervan in kennis stellen, ten einde de burgemeester op de hoogte te kunnen brengen van het feit of er al dan niet aan de opgelegde brandvoorzorgsmaatregelen gevolg werd gegeven.
  14. Er dient voldaan te worden aan het besluit van 5 juni 2009 van de Vlaamse Regering en latere wijzigingen, tot vaststelling van een gewestelijke stedenbouwkundige verordening inzake toegankelijkheid, van toepassing op het bouwen, herbouwen, verbouwen of uitbreiden van constructies of delen ervan, die publiek toegankelijk zijn. 
  15. Indien vastgesteld wordt dat er straatmeubilair en/of laanbeplanting aanwezig is die dienen verplaatst en/of verwijderd te worden voor de uitvoering van deze vergunning, of bij de ingebruikname van het project, en er voor aanvang van de werken geen toelating bekomen wordt tot het verplaatsen van het straatmeubilair, moet er een gewijzigde vergunning aangevraagd worden die rekening houdt met het straatmeubilair en/of de laanbeplanting;
  16. De aanvrager is ertoe verplicht het college van burgemeester en schepenen op de hoogte te brengen van het begin van de stedenbouwkundige handelingen en/of exploitatie(s).

Besluit

Het college van burgemeester en schepenen beslist:

Artikel 1

Het college van burgemeester en schepenen volgt integraal het advies van de gemeentelijk omgevingsambtenaar van 23/11/2021 omtrent het sluiten van het openbaar onderzoek en

tot het afleveren van een omgevingsvergunning met voorwaarden aan de aanvrager.

Artikel 2

Het college van burgemeester en schepenen beslist tot het afleveren van een omgevingsvergunning met voorwaarden aan de aanvrager.

De omgevingsvergunning omvat het bouwen van een gebouw met kleedkamers, kantine en tribune en het rooien van 2 bomen zoals voorgesteld op de voorgebrachte plannen die als bijlage aan de aanvraag zijn verbonden en voor zover rekening gehouden wordt met de gestelde voorwaarden.

Alsook voor een nieuwe grondwaterwinning voor een jaardebiet van 4500 m³, op een diepte van 45 meter, voor een vergunningstermijn van 10 jaar, met volgende rubriek:

53.8.1°a) Winning van grondwater zijnde het boren van één grondwaterwinningsput met een diepte van 45 meter voor een totaal debiet van 4500 m³/jaar

zoals voorgesteld op de voorgebrachte plannen die als bijlage aan de aanvraag zijn verbonden en voor zover rekening gehouden wordt met de gestelde voorwaarden.

Artikel 3

De omgevingsvergunning wordt aldus afgegeven onder volgende voorwaarden:

  1. De zonnepanelen dienen op zo een wijze te worden geplaatst (door de afstand tot de dakrand en de hellingsgraad) dat deze zo weinig mogelijk zichtbaar zijn vanaf de site;
  2. Het advies van de dienst Facilitair management dient integraal gevolgd te worden:
    - Aanplanten van 4 hoogstam bomen in de maat 20/25 ter compensatie van de twee eiken die gerooid worden
    - Voor de heraanplant kan er gekozen worden uit volgende soorten:
        - Quercus robur (zomereik)
        - Quercus petraea (wintereik)

    - de nieuwe bomen worden best aan de graszone aan de noordzijde van de nieuwbouw heraangeplant,
    - de bomen dienen te worden aangeplant in het eerste plantseizoen volgend op de afwerking van het gebouw
    Bewijs (foto’s en factuur) van deze aanplant dient te worden aangeleverd aan de dienst Vergunningen en handhaving en dit ten laatste 3 maanden na de aanplant.
    De nodige maatregelen dienen te worden genomen om deze bomen te beschermen zodat ze kunnen uitgroeien tot gezonde volwassen bomen.
    Indien de bomen zouden afsterven dient de aanplant het eerstvolgende plantseizoen herhaald te worden (en dit steeds tot de aanplant aanslaat).
    Riolering:
  3. Er dient voldaan te worden aan de voorwaarden en aanbevelingen opgelegd in het advies van Fluvius, zoals gevoegd in bijlage;
  4. De initiatiefnemer handelt volgens en voldoet aan de reglementering van de nutsmaatschappijen en draagt alle kosten die noodzakelijk zijn voor aansluiting op de nutsleidingen;
  5. Bij het gebruik van een droogzuiging voor het realiseren van de werken, dient voldaan te worden aan de Vlarem meldingsplicht via de gemeentelijke dienst Milieu & Duurzaamheid.  Niet verontreinigd bemalingswater moet bij voorkeur opnieuw in de bodem gebracht worden. Wanneer dit redelijkerwijze niet mogelijk is, moet geloosd worden in een oppervlaktewater, een kunstmatige afvoerweg voor hemelwater of een leiding voor het hemelwater. Indien de droogzuiging aangesloten moet worden op de openbare riolering dient hiervoor een toelating bekomen te worden. Indien een gescheiden rioleringsstelsel aanwezig is in de straat kan, indien niet anders mogelijk, de tijdelijke aansluiting enkel op het RWA-riool . De droogzuiging dient daarenboven beperkt te worden in tijd tot het hoogstnoodzakelijke; 
  6. Aanpassingen aan inrichtingen, constructies of beplantingen op het openbaar domein naar aanleiding van deze of toekomstige aanvraag voor een omgevingsvergunning zijn steeds ten laste van de aanvrager. Alle kosten naar aanleiding van een heraanplanting en/ of herstelwerken op/ aan het openbaar domein, uitgevoerd naar aanleiding van een omgevingsaanvraag van een particulier, blijven ten laste van de aanvrager.
    Terrein en gelijkgrondse berm:
  7. Aangezien er geen wijzigingen van het terreinniveau voorzien zijn in de aanvraag, dient het bestaande terreinniveau behouden te blijven. Alle overtollige grond die vrijkomt bij het graven van de funderingen, dient verwijderd te worden via een erkende grondwerker of naar een erkende grondreinigingsplaats;
    Milieu:
  8. De sectorale voorwaarden van Vlarem II worden nageleefd.
  9. Een registratieplicht is van toepassing (art. 5.53.3.3.§9 Vlarem II): “De stand van iedere debietmeter wordt genoteerd in een register op de laatste kalenderdag van elk jaar waarin grondwater werd opgepompt en telkens wanneer, om welke reden ook, de debietsmeter verwijderd of herplaatst wordt.”
    In de maand januari van elk jaar geeft de voetbalclub spontaan de meterstand van de debietsteller door aan de dienst milieubeleid van de gemeente Zonhoven.
  10. De oude grondwaterwinningsput wordt onmiddellijk na de ingebruikname van de nieuwe, buitengebruik gesteld volgens de code van goede praktijk (bijlage 5.53.1 Vlarem II).  Een bewijs van buitengebruik stelling wordt onmiddellijk overgemaakt aan de dienst leefmilieu (leefmilieu@zonhoven.be) evenals de definitieve boorstaat van de nieuwe winning.
    Andere voorwaarden:
  11. Bij de uitvoering van de bouwwerken moet rekening gehouden worden met het energiedecreet van 8 mei 2009 en het energiebesluit van 19 november 2010 en hun latere wijzigingen;
  12. De bouwheer dient, conform artikel 8 van het decreet op het archeologisch patrimonium de dato 30 juni 1993 en zijn latere wijzigingen, elk roerend of onroerend goed dat hij vindt of vermoedt gevonden te hebben, te melden binnen de 3 dagen aan het Onroerend Erfgoed Limburg, Hendrik Van Veldekegebouw, Koningin Astridlaan 50 bus 1 te 3500 Hasselt (www.onroerenderfgoed.be/een-vondst-melden);
  13. Het advies van de brandweer Hulpverleningszone Zuid-West Limburg, zoals als bijlage hierbij gevoegd, dient integraal gevolgd te worden.
    Op het ogenblik van de beëindiging der werken, en vóór de ingebruikname van het pand, zal de aanvrager de brandweer Hulpverleningszone Zuid-West Limburg hiervan in kennis stellen, ten einde de burgemeester op de hoogte te kunnen brengen van het feit of er al dan niet aan de opgelegde brandvoorzorgsmaatregelen gevolg werd gegeven.
  14. Er dient voldaan te worden aan het besluit van 5 juni 2009 van de Vlaamse Regering en latere wijzigingen, tot vaststelling van een gewestelijke stedenbouwkundige verordening inzake toegankelijkheid, van toepassing op het bouwen, herbouwen, verbouwen of uitbreiden van constructies of delen ervan, die publiek toegankelijk zijn. 
  15. Indien vastgesteld wordt dat er straatmeubilair en/of laanbeplanting aanwezig is die dienen verplaatst en/of verwijderd te worden voor de uitvoering van deze vergunning, of bij de ingebruikname van het project, en er voor aanvang van de werken geen toelating bekomen wordt tot het verplaatsen van het straatmeubilair, moet er een gewijzigde vergunning aangevraagd worden die rekening houdt met het straatmeubilair en/of de laanbeplanting;
  16. De aanvrager is ertoe verplicht het college van burgemeester en schepenen op de hoogte te brengen van het begin van de stedenbouwkundige handelingen en/of exploitatie(s).