Terug
Gepubliceerd op 10/11/2021

2021_CBS_01194 - OMV - Gunstig advies beroep tegen de omgevingsvergunning voor het verbouwen en uitbreiden van een eengezinswoning en aanpassen van de terreinverharding (2021/00111) - Kleine Hemmenweg 53 - Goedkeuring

College van burgemeester en schepenen
di 26/10/2021 - 13:30 schepenzaal
Goedgekeurd

Samenstelling

Aanwezig

Johny De Raeve, burgemeester; Bram De Raeve, 1ste schepen; Frederick Vandeput, 2de schepen; Johan Vanhoyland, 3de schepen; Frank Vandebeek, 4de schepen; Johan Schraepen, 5de schepen; Ria Hendrikx, voorzitter BCSD; Bart Telen, Algemeen directeur

Secretaris

Bart Telen, Algemeen directeur
2021_CBS_01194 - OMV - Gunstig advies beroep tegen de omgevingsvergunning voor het verbouwen en uitbreiden van een eengezinswoning en aanpassen van de terreinverharding (2021/00111) - Kleine Hemmenweg 53 - Goedkeuring 2021_CBS_01194 - OMV - Gunstig advies beroep tegen de omgevingsvergunning voor het verbouwen en uitbreiden van een eengezinswoning en aanpassen van de terreinverharding (2021/00111) - Kleine Hemmenweg 53 - Goedkeuring

Motivering

Feiten context en argumentatie

Afdeling PLANNING EN VERGUNNINGEN – omgevingsproject

Afleveren van een gunstig advies omtrent het ingediende beroep tegen de beslissing van 03/08/2021 van het college van burgemeester en schepenen waarbij een omgevingsaanvraag werd geweigerd.  Volgende personen zijn in het omgevingsloket gekend als beroepsindiener, als ondersteuner van de beroepsindiener en/of hebben het beroepschrift op analoge wijze medeondertekend én hebben een dossiervergoeding van 100 euro, cfr. artikel 12 van het Omgevingsvergunningsdecreet betaald: Dominic Tholen namens Adhadene Ishak. 

Het college van burgemeester en schepen weigerde de aanvraag voor het verbouwen en uitbreiden van een eengezinswoning en aanpassen van de terreinverharding.

De weigering werd afgeleverd aan Adhadene Ishak, op het perceel afdeling 2, sectie C nr. 367G, gelegen langs de Kleine Hemmenweg 53.

Feiten context en argumentatie

Het college van burgemeester en schepenen neemt kennis van het schrijven van de provincie Limburg van 29/09/2021, nl.:

“Hierbij deel ik u mee dat het beroep van De heer Dominic Tholen namens Ishak Adhadene, ingesteld tegen de beslissing d.d. 3 augustus 2021 van het schepencollege van Zonhoven waarbij een omgevingsvergunning werd geweigerd voor het verbouwen en uitbreiden van een eengezinswoning en aanpassen van de terreinverharding, te Zonhoven ter plaatse Kleine Hemmenweg 53, als administratief volledig en ontvankelijk wordt beschouwd. Het onderzoek van het beroep wordt heden gestart.

Dit beroep werd ingediend en opgeladen via het omgevingsloket.

Het college van burgemeester en schepenen wordt verzocht om advies uit te brengen over het ingediende beroep binnen een termijn van 30 dagen.”

Volgende argumentatie werd gevoegd bij het beroepsdossier:

Geachte heer gouverneur 

Geachte leden van de Bestendige Deputatie 

Op de beslissing van het College van Burgemeester en Schepenen van de stad Zonhoven, mij via het omgevingsloket op 04.08.2021, werd de omgevingsvergunning geweigerd. 

Ik teken bijgevolg binnen de wettelijke termijn van 30 dagen na ontvangst beroep aan tegen deze beslissing, en wel om de volgende redenen : 

In zijn beslissing geeft de gemeente aan dat de bestaande verharding in asfalt niet waterdoorlatend en niet vergund is. De bestaande verhardingen zijn duidelijk historische verhardingen. De juiste datum kan niet bepaald worden, maar uit de luchtfoto van 2000-2003 te vinden op geopunt, blijkt duidelijk dat deze verharding aanwezig was voor de huidige eigenaars de woning kochten. Op de foto’s bij de aanvraag blijkt ook heel duidelijk dat deze verhardingen reeds ettelijke jaren ligt.

Desalniettemin wil de aanvrager de bestaande verharding sterk verminderen tot het strikt noodzakelijke om de bestaande en vergunde opslagplaats te kunnen bereiken. Dit is opgenomen in de huidige aanvraag. De bestaande verharding naar de opslagplaats wordt ingeperkt, zodat het water ook effectief in de onverharde delen naast het asfalt kunnen infiltreren. De verharding langs de opslagplaats wordt vervangen door grasdallen om aldus het hemelwater van de opslagplaats te kunnen infiltreren , maar ook om de achterzijde bereikbaar te houden. 

De aanvraag omvat de heraanvraag van een eerdere vervallen vergunning van 11 oktober 2010 voor de verbouwing van de woning. De enige wijziging ten opzichte van de plannen van 2010 is het beperkte overdekt terras. De gemeente geeft ook aan dat aanvraag voor de verbouwing van de woning in overeenstemming is met de goede ruimtelijke ordening. 

In 2010 werd de opslagplaats niet vergund. Hiervoor werd een heraanvraag gedaan in 2011 met beperkte verbouwingen. De bestaande opslagplaats moet als vergund geacht worden op basis van de reeds bijgevoegde kadastrale schets van 1970. De loods maakte destijds deel uit van de bedrijfsgebouwen van de firma Martens Wegenbouw. Er was met andere woorden destijds bedrijfsactiviteit. Huidige eigenaar voert geen bedrijfsactiviteit uit in de opslagplaats. Deze wordt enkel gebruikt voor het stallen voertuigen en gereedschap. De bedrijfsactiviteit van de eigenaar is gevestigd op een andere locatie.

Gezien er geen bedrijfsactiviteit is, dienen er hiervoor ook geen extra parkeerplaatsen te worden voorzien. 

De gemeente trekt de juistheid van de schetsen in twijfel op basis van afwijkede maten, deze zijn echter zeer beperkt en waarschijnlijk te wijten aan de onnauwkeurigheid van de kadastrale schetsen van 1970 (zijgevel 19,70 ten opzichte 19,83 en achtergevel 8,85 ten opzichte van 8,89 in werkelijkheid. Het zelfde geldt eveneens voor de woning, ook hier zijn beperkte afwijkingen. We kunnen er dus wel effectief van uitgaan dat de bestaande opslagplaats vergund is, en verder ook niet dient behandelt te worden in huidige aanvraag. 

De gemeente twijfelt aan de intentie van de bouwheer om de bestaande bijgebouwen af te breken, omdat deze nog steeds niet zijn afgebroken overeenkomstig de eerdere vergunning van 2010. Er werden echter geen werken van deze vergunning uitgevoerd, ook niet de sloopwerken. Het is zeker de intentie van de eigenaar om de sloop uit te voeren om aldus een kwalitatieve buitenruimte te krijgen en aldus een plaats voor een klein groentetuintje. 

Omwille van deze redenen teken ik dan ook beroep aan tegen de beslissing van de gemeente. 

Zoals de wet mij toelaat, verzoek ik gehoord te worden in tegenwoordigheid van mijn architect en/of advocaat.

Advies dienst:

In antwoord op het schrijven n.a.v. het beroep van de heer Dominic Tholen namens de heer Ishak Ahdadene tegen de beslissing van het college van burgemeester en schepenen van Zonhoven, waarbij aan de heer Ishak Ahdadene een omgevingsvergunning werd geweigerd voor het verbouwen en uitbreiden van een eengezinswoning en aanpassen van de terreinverharding, te Zonhoven ter plaatse Kleine Hemmenweg 53 – kan gesteld worden dat het beroepschrift voldoende bijkomende informatie bevat om alsnog akkoord te kunnen gaan met voorliggende aanvraag.

Meer specifiek blijkt uit het beroepschrift dat huidige eigenaar geen bedrijfsactiviteit uitvoert in de opslagloods op voorliggende eigendom. Deze wordt enkel gebruikt voor het stallen voertuigen en gereedschap. De bedrijfsactiviteit van de eigenaar is gevestigd op een andere locatie. De weigeringsgrond m.b.t. de functie van de opslagloods en de mogelijke hinderaspecten komt hierbij te vervallen.

Ook stelt de beroepsindiener dat de aanwezige verharding op het terrein reeds ettelijke jaren aanwezig is op het terrein en voegt hierbij een luchtfoto van 2000 – 2003 bij waarop de verharding duidelijk zichtbaar is. Dit bewijsmiddel is evenwel niet oud genoeg om toepassing te kunnen maken van de regelgeving omtrent het vermoeden van vergunning. Het geldende gewestplan Hasselt - Genk, werd immers goedgekeurd bij Koninklijk besluit op 3 april 1979.

Artikel 4.2.14. V.C.R.O. stelt hieromtrent het volgende:

“§ 1. Bestaande constructies waarvan door enig rechtens toegelaten bewijsmiddel wordt aangetoond dat ze gebouwd werden vóór 22 april 1962, worden voor de toepassing van deze codex te allen tijde geacht te zijn vergund.

§ 2. Bestaande constructies waarvan door enig rechtens toegelaten bewijsmiddel wordt aangetoond dat ze gebouwd werden in de periode vanaf 22 april 1962 tot de eerste inwerkingtreding van het gewestplan waarbinnen zij gelegen zijn, worden voor de toepassing van deze codex geacht te zijn vergund, tenzij het vergund karakter wordt tegengesproken middels een proces-verbaal of een niet anoniem bezwaarschrift, telkens opgesteld binnen een termijn van vijf jaar na het optrekken of plaatsen van de constructie.

Het tegenbewijs, vermeld in het eerste lid, kan niet meer worden geleverd eens de constructie één jaar als vergund geacht opgenomen is in het vergunningenregister. 1 september 2009 geldt als eerste mogelijke startdatum voor deze termijn van één jaar. Deze regeling geldt niet indien de constructie gelegen is in een ruimtelijk kwetsbaar gebied.

§ 3. Indien met betrekking tot een vergund geachte constructie handelingen zijn verricht die niet aan de voorwaarden van § 1 en § 2, eerste lid, voldoen, worden deze handelingen niet door de vermoedens, vermeld in dit artikel, gedekt.

§ 4. Dit artikel heeft nimmer voor gevolg dat teruggekomen wordt op in kracht van gewijsde gegane rechterlijke beslissingen die het vergund karakter van een constructie tegenspreken.”

Echter bij het vergelijken van de luchtfoto van 1970 (beschikbaar op geopunt.be), de luchtfoto van 2000 – 2003 en de luchtfoto van 2021 (beschikbaar op geopunt.be) kan er vastgesteld worden dat de terreinverharding (alsook de loods) op het terrein reeds aanwezig was voor goedkeuring van het gewestplan Hasselt - Genk, goedgekeurd bij Koninklijk besluit op 3 april 1979. De verhardingsgraad betreft een historisch gegeven waar de aanvrager bij voorliggende aanvraag deze wil reduceren, hetzij wil vervangen door waterdoorlatende verharding. De weigeringsgrond waarin aangehaald wordt dat de totale bebouwings- en verhardingsgraad te hoog is (70%), komt gelet op het geacht vergund karakter van de constructies, hierbij te vervallen.

Het advies van de dienst is aldus voorwaardelijk gunstig voor het verbouwen en uitbreiden van een eengezinswoning en aanpassen van de terreinverharding. 

Volgende voorwaarden wensen wij op te leggen bij het afleveren van een eventuele omgevingsvergunning:

  • De nodige maatregelen dienen te worden getroffen zodat het hemelwater dat op de constructies en de verhardingen valt op eigen terrein wordt opgevangen. 
  • Er mag geen bedrijfsactiviteit plaatsvinden in de opslagloods.
  • De constructies aangeduid als te verwijderen dienen effectief te worden verwijderd.
  • De gesloten afsluiting in de voortuinstrook mag maximaal een hoogte hebben van 1 meter.
  • Uitgezonderd de inrit met een breedte van 3 meter, dient het perceel ter hoogte van de rooilijn/ voorste perceelgrens, ontoegankelijk te worden gemaakt voor voertuigen. Het hemelwater van de inrit dient opgevangen te worden op eigen terrein en mag niet afgevoerd worden naar de openbare weg. Naast de inrit dient een ruimte beschikbaar te zijn voor een mogelijk groenzone en infiltratie van het afvloeiend hemelwater.
  • De verharding van de inrit moet, in de gelijkgrondse berm, uitgevoerd worden in een vast, kleinschalig materiaal, waterdoorlatend aangelegd (geen gebroken steenslag). De gelijkgrondse berm moet terug omgevormd worden naar groenzone behoudens de toegestane inrit. Het verhogen van de gelijkgrondse berm is altijd verboden.


Besluit

Het college van burgemeester en schepenen beslist:

Artikel 1

Het college van burgemeester en schepenen beslist het ingediende beroep voorwaardelijk positief te beoordelen en wijzigt het standpunt van 03/08/2021.  

Het college van burgemeester en schepenen wenst aldus een voorwaardelijk gunstig advies af te leveren voor het verbouwen en uitbreiden van een eengezinswoning en aanpassen van de terreinverharding. 

Artikel 2

Volgende voorwaarden wenst het college van burgemeester en schepenen op te leggen bij het afleveren van een eventuele omgevingsvergunning:

  • De nodige maatregelen dienen te worden getroffen zodat het hemelwater dat op de constructies en de verhardingen valt op eigen terrein wordt opgevangen. 
  • Er mag geen bedrijfsactiviteit plaatsvinden in de opslagloods.
  • De constructies aangeduid als te verwijderen dienen effectief te worden verwijderd.
  • De gesloten afsluiting in de voortuinstrook mag maximaal een hoogte hebben van 1 meter.
  • Uitgezonderd de inrit met een breedte van 3 meter, dient het perceel ter hoogte van de rooilijn/ voorste perceelgrens, ontoegankelijk te worden gemaakt voor voertuigen. Het hemelwater van de inrit dient opgevangen te worden op eigen terrein en mag niet afgevoerd worden naar de openbare weg. Naast de inrit dient een ruimte beschikbaar te zijn voor een mogelijk groenzone en infiltratie van het afvloeiend hemelwater.
  • De verharding van de inrit moet, in de gelijkgrondse berm, uitgevoerd worden in een vast, kleinschalig materiaal, waterdoorlatend aangelegd (geen gebroken steenslag). De gelijkgrondse berm moet terug omgevormd worden naar groenzone behoudens de toegestane inrit. Het verhogen van de gelijkgrondse berm is altijd verboden.