Terug
Gepubliceerd op 12/01/2022

2021_CBS_01354 - Bestuurlijke inbeslagname voertuigen wegens gevaarlijk rijgedrag - Principiële Goedkeuring

College van burgemeester en schepenen
di 21/12/2021 - 13:30 schepenzaal
Goedgekeurd

Samenstelling

Aanwezig

Johny De Raeve, burgemeester; Bram De Raeve, 1ste schepen; Frederick Vandeput, 2de schepen; Johan Vanhoyland, 3de schepen; Frank Vandebeek, 4de schepen; Johan Schraepen, 5de schepen; Ria Hendrikx, voorzitter BCSD; Bart Telen, Algemeen directeur

Secretaris

Bart Telen, Algemeen directeur
2021_CBS_01354 - Bestuurlijke inbeslagname voertuigen wegens gevaarlijk rijgedrag - Principiële Goedkeuring 2021_CBS_01354 - Bestuurlijke inbeslagname voertuigen wegens gevaarlijk rijgedrag - Principiële Goedkeuring

Motivering

Verwijzingsdocumenten

GR 26/03/2018 betreffende de goedkeuring "Protocolakkoord bestuurlijke handhaving criminaliteit en onveiligheid";

Bijlage: Model-retributiereglement;

Bijlage: Model addendum bij Protocolakkoord bestuurlijke handhaving criminaliteit en onveiligheid;

Feiten context en argumentatie

1 CONTEXT

Meer en meer gemeenten worden geconfronteerd met bestuurders die al dan niet voor het plezier de openbare weg onveilig maken: veel te hard rijden, met opzet slippen en driften, e.d. Andere weggebruikers worden geconfronteerd met acute gevaarsituaties en omwonenden klagen over overlast en onveiligheid. Als gevolg hiervan ontstaan, naast een algemeen gevoel van onveiligheid, op bepaalde ogenblikken situaties van acuut gevaar.

De maatregel die in deze omstandigheden door het parket kan worden opgelegd, namelijk de onmiddellijke intrekking van het rijbewijs, wordt als onvoldoende effectief ervaren. Ook bestaat er een reëel risico dat de bestuurder in kwestie, ondanks de intrekking van zijn rijbewijs, toch opnieuw zijn voertuig zal besturen, en dit op dezelfde gevaarlijke manier. Omdat, omwille van het rijgedrag zelf, de pakkans klein is, is het risico op herhaling reëel. Een manier om dat te voorkomen en de omgeving te beveiligen is de bestuurlijke inbeslagname van het voertuig. Door samen te werken kunnen parket en bestuur tot een gezamenlijke aanpak komen waarbij beveiliging en vervolging hand in hand gaan.

Evenwicht en vrijwaring van de verschillende doelstellingen van vervolging en beveiliging zijn daarbij belangrijk. Het doel van bestuurlijk beslag is beveiliging. Bestraffing hoort bij vervolging. Gedrag waarbij overlast en acuut gevaar wordt veroorzaakt moet onmiddellijk worden gestopt, terwijl de mogelijkheid om achteraf strafrechtelijk te vervolgen, moet worden gewaarborgd. Het zal immers steeds gaan om inbreuken waarvoor het parket systematisch vervolgt. Dat betekent dat bestuurlijk zal worden ingegrepen zonder echt sanctionerend op te treden. De bestuurlijke maatregel bestaat uit het loutere beslag, en de vrijgave van het voertuig mag niet afhankelijk worden gesteld van andere voorwaarden dan de betaling van de aan dat beslag verbonden kosten.

Deze gezamenlijke aanpak komt tot stand via informatiedeling: het bestuurlijk beslag is immers gebaseerd op feiten die door de politie worden vastgesteld en opgenomen in een proces-verbaal. Opdat deze vaststellingen zouden kunnen worden gebruikt om over te gaan tot bestuurlijk beslag, moet er toelating zijn van het parket om deze informatie, die gerechtelijk van aard is, te delen. In overeenstemming met de omzendbrief BH 10/2017 en met het Protocolakkoord Bestuurlijke Handhaving wordt in deze richtlijn bepaald in welke gevallen de informatie mag worden gedeeld en op welke voorwaarden dit mag gebeuren.

2 TOEPASSINGSGEBIED

2.1 Algemene voorwaarden

Informatie uit de processen-verbaal zoals omschreven in de volgende rubrieken wordt enkel gedeeld indien aan de volgende voorwaarden is voldaan :

    •     de gemeente heeft de uitbreiding van het basisprotocol Bestuurlijke Handhaving met de materie van ‘verkeersveiligheid’ goedgekeurd;

    •     de gemeente heeft een retributiereglement goedgekeurd;

2.2 Dossiergebonden voorwaarden :

Bovendien moeten per dossier de volgende drie voorwaarden zijn vervuld :

    • het gaat om een situatie van acuut gevaar;

    • er is geen grond voor beslag wegens niet-verzekering;

    • er is geen grond voor immobilisatie;

2.3 Wanneer is er sprake van acuut gevaar?

Het moet gaan om manifest en eerder uitzonderlijk gevaarlijk rijgedrag waarbij duidelijk gevaar wordt gecreëerd voor andere weggebruikers en omwonenden. Men moet hierbij denken aan rijgedrag dat verder gaat dan de gebruikelijke ‘onachtzaamheidsmisdrijven’ in het verkeer. Het gaat dus niet om gevallen waarin men ‘per ongeluk’ te hard rijdt maar om doelbewust hard en gevaarlijk rijden met miskenning van elke verantwoordelijkheid voor de veiligheid van de andere weggebruikers. Loutere snelheidsovertredingen, hoewel belangrijkste oorzaak van ongevallen, geven niet per definitie aanleiding tot bestuurlijk beslag. Acuut gevaar moet duidelijk uit de vaststellingen blijken. Anders zou in principe elke overtreding waarvoor het rijbewijs kan worden ingetrokken ook automatisch leiden tot bestuurlijk beslag. Dit laatste is niet de bedoeling.

2.4 Gerechtelijke bewarende maatregelen (beslag en immobilisatie) krijgen voorrang

Indien tijdens de vaststellingen blijkt dat het voertuig waarmee de feiten werden gepleegd in aanmerking komt voor beslag wegens niet-verzekering of immobilisatie wegens inbreuken op rijbewijs en verval, dan moet hier voorrang aan worden gegeven. Uitzondering is de situatie waarin het voertuig kan worden geïmmobiliseerd op grond van inbreuken op rijbewijs en verval doch de bestuurder niet de eigenaar is van het voertuig.

Concreet :

Indien bij vaststellingen van manifest gevaarlijk rijgedrag waarbij acuut gevaar wordt gecreëerd voor andere weggebruikers en omwonenden, tevens wordt vastgesteld :

    • Dat het voertuig niet verzekerd is : beslag wegens niet verzekering gaat voor.

    • Dat de bestuurder stuurt spijts verval/proeven/OIRB/zonder houder te zijn van een RB :

        o Bestuurder is eigenaar van het voertuig : immobilisatie gaat voor.

        o Bestuurder is geen eigenaar : bestuurlijk beslag is mogelijk.

3 PROCEDURE

3.1 Delen van de informatie d.m.v. een bestuurlijk verslag

Bestuurlijk beslag op basis van strafrechtelijke vaststellingen kan enkel indien er toelating is voor het delen van de informatie uit de vaststellingen. Deze toelating wordt globaal verleend indien voldaan is aan de voorwaarden onder 2.1 en 2.2. :

    • de gemeente heeft de uitbreiding van het basisprotocol Bestuurlijke Handhaving met de materie van ‘verkeersveiligheid’ goedgekeurd;

    • de gemeente heeft een retributiereglement goedgekeurd;

    • het gaat om een situatie van acuut gevaar;

    • er is geen grond voor beslag wegens niet-verzekering;

    • er is geen grond voor immobilisatie;

Indien aan deze voorwaarden is voldaan en men wil overgaan tot bestuurlijk beslag, dan stelt de politie, conform het protocolakkoord, een ‘bestuurlijk verslag’ op voor de bestuurlijke overheid. In dit bestuurlijk verslag worden de vaststellingen opgenomen die kunnen worden gedeeld.

Dit bestuurlijk verslag zal worden overgemaakt aan de betreffende gemeente, t.a.v. de burgemeester. Aan de hand van een burgemeesterbesluit, op basis van het bestuurlijk verslag en na een (verplichte) hoorzitting met de betrokenne, zal besloten worden om de inbeslagname te bevestigen dan wel deze inbeslagname te beëindigen.

Na afloop van de periode tot inbeslagname, 15 dagen, dient de betrokkene de retributie zoals bepaald in het retributiereglement te betalen, waarna deze diens voertuig kan afhalen bij de door de gemeente aangestelde takeldienst.

Over de exacte bewoordingen en modaliteiten van het retributiereglement dienen nog de laatste afstemmingen gemaakt worden tussen de politiezone en de gemeentes behorende tot politiezone LRH. Dit dient, net zoals de goedkeuring van het addendum, goedgekeurd worden door de gemeenteraad.

Besluit

Het college van burgemeester en schepenen beslist:

Artikel 1

Het college van burgemeester en schepenen beslist principieel het addendum bij Protocolakkoord bestuurlijke handhaving criminaliteit en onveiligheid goed te keuren en ter goedkeuring voor te leggen aan de gemeenteraad.