Terug
Gepubliceerd op 02/09/2021

2021_CBS_00905 - OMV - Vergunning - Herestraat 176-176A - 2021/00177 - Goedkeuring

College van burgemeester en schepenen
di 17/08/2021 - 13:30 schepenzaal
Goedgekeurd

Samenstelling

Aanwezig

Johny De Raeve, burgemeester; Bram De Raeve, 1ste schepen; Frederick Vandeput, 2de schepen; Johan Vanhoyland, 3de schepen; Frank Vandebeek, 4de schepen; Johan Schraepen, 5de schepen; Ria Hendrikx, voorzitter BCSD; Stijn Ooms, Adjunct-algemeendirecteur

Verontschuldigd

Bart Telen, Algemeen directeur

Secretaris

Stijn Ooms, Adjunct-algemeendirecteur
2021_CBS_00905 - OMV - Vergunning - Herestraat 176-176A - 2021/00177 - Goedkeuring 2021_CBS_00905 - OMV - Vergunning - Herestraat 176-176A - 2021/00177 - Goedkeuring

Motivering

Feiten context en argumentatie

STEDENBOUWKUNDIG EN MILIEUTECHNISCH ADVIES – verslag GEMEENTELIJKE omgevingsambtenaar

De aanvraag betreft het regulariseren van het rooien van een eik.

De aanvraag werd op 28 mei 2021 ontvangen en op 24 juni 2021 ontvankelijk en volledig verklaard.

De vereenvoudigde vergunningsprocedure wordt gevolgd.

Er werd geen openbaar onderzoek gehouden.

HISTORIEK VAN HET EIGENDOM WAAROP DE AANVRAAG BETREKKING HEEFT

Stedenbouwkundig

Op 28 juli 2020 werd er een weigering afgeleverd, voor het slopen van de bestaande bebouwing, het kappen van een boom en het bouwen van een tweewoonst. (2020/00084)

Op 2 maart 2021 werd een omgevingsvergunning afgeleverd voor het slopen van de bestaande bebouwing, het kappen van bomen en het bouwen van twee halfopen eengezinswoningen.  (2020/00269)

Uit de gegevens waarover de gemeente beschikt, blijkt niet dat voor het voorwerp van de aanvraag een PV is opgesteld noch dat een meerwaarde werd opgelegd of dat op het goed een vonnis of arrest rust. Er zijn ook geen geschriften bekend waaruit zou blijken dat er wederrechtelijke werken werden uitgevoerd.

Uit het aanvraagdossier / de gegevens waarover de gemeente beschikt (luchtfoto…) blijkt dat op het perceel van de aanvraag een eik werd gerooid zonder vergunning.  Deze wederrechtelijk uitgevoerde handeling werd opgenomen in de huidige aanvraag als te regulariseren.

Milieu

Het perceel is niet opgenomen in het Grondeninformatieregister.

OPENBAAR ONDERZOEK

Overeenkomstig artikel 17 van het decreet betreffende de omgevingsvergunning en hoofdstuk 3 Toepassingsgebied van de gewone en vereenvoudigde procedure, artikels 11 t.e.m. 14 van het besluit tot uitvoering van het decreet betreffende de omgevingsvergunning, werd dit dossier volgens de vereenvoudigde procedure behandeld.

Er werd bijgevolg geen openbaar onderzoek gehouden.

ADVIEZEN

Dienst Facilitair Management

MILIEUEFFECTENRAPPORTAGE

De aanvraag valt niet onder het toepassingsgebied van bijlage I, II en III van het besluit inzake projectmilieueffectrapportage van 10 december 2004 en latere wijzigingen.

STEDENBOUWKUNDIG ADVIES

TOETSING AAN DE REGELGEVING EN VOORSCHRIFTEN

OVEREENSTEMMING MET BESTEMMINGS- EN STEDENBOUWKUNDIGE VOORSCHRIFTEN

Gewestplan

De aanvraag is volgens het geldende gewestplan Hasselt - Genk, goedgekeurd bij Koninklijk besluit op 3 april 1979, gelegen in woongebied.

De woongebieden zijn bestemd voor wonen, alsmede voor handel, dienstverlening, ambacht en kleinbedrijf voor zover deze taken van bedrijf om redenen van een goede ruimtelijke ordening niet in een daartoe aangewezen gebied moeten worden afgezonderd, voor groene ruimten, voor sociaal-culturele inrichtingen, voor openbare nutsvoorzieningen, voor toeristische voorzieningen, voor agrarische bedrijven voor zover ze verenigbaar zijn met de onmiddellijke omgeving (artikel 5 van het Koninklijk besluit van 28 december 1972 betreffende de inrichting en de toepassing van de ontwerpgewestplannen en de gewestplannen en latere wijzigingen).

Gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan

Het goed is gelegen binnen de omschrijving van het gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan “Afbakening regionaal stedelijk gebied Hasselt - Genk” dat op 20 juni 2014 definitief werd vastgesteld door de Vlaamse Regering.

Er is geen bestemmingswijziging ten opzichte van het gewestplan voorzien voor dit perceel. 

De aanvraag voldoet principieel aan de geldende bestemmingsvoorschriften.

Stedenbouwkundige verordeningen

Hemelwater

De aanvraag valt niet onder de toepassing van het besluit van de Vlaamse regering van 5 juli 2013 en latere wijzigingen, houdende vaststelling van een gewestelijke stedenbouwkundige verordening inzake hemelwaterputten, infiltratievoorzieningen, buffervoorzieningen en gescheiden lozing van afvalwater en hemelwater.

Watertoets

Het decreet betreffende het integraal waterbeleid van 18 juli 2003, gewijzigd door het wijzigingsdecreet Integraal Waterbeleid van 19 juli 2013,verplicht de vergunningverlenende overheid om de watertoets uit te voeren bij elke aanvraag tot omgevingsvergunning. Dit decreet vormt het juridisch kader voor het integraal waterbeleid in Vlaanderen. Het decreet bevat ook de omzetting van de kaderrichtlijn Water en de Overstromingsrichtlijn.

Het voorliggende bouwproject heeft geen omvangrijke oppervlakte en ligt niet in een recent overstroomd gebied of een risicozone voor overstromingen, zodat in alle redelijkheid dient geoordeeld te worden dat het schadelijk effect beperkt is. Enkel wordt door de toename van de verharde oppervlakte de infiltratie van het hemelwater in de bodem plaatselijk beperkt. Voor het betrokken project werd de watertoets uitgevoerd volgens de richtlijnen van het uitvoeringsbesluit van 20 juli 2006. Dit Watertoetsbesluit werd gewijzigd bij Besluit van de Vlaamse Regering van 14 oktober 2011. Dit besluit is in werking getreden op 1 maart 2012.

Daaruit volgt dat een positieve uitspraak mogelijk is indien de gewestelijke stedenbouwkundige verordening hemelwater wordt nageleefd.  Zoals hoger aangehaald valt de aanvraag niet onder toepassing van deze verordening. Het ontwerp is verenigbaar met de doelstellingen van artikel 5 van het decreet integraal waterbeleid.

De aanvraag doorstaat de watertoets.

Archeologienota

Conform het Onroerenderfgoeddecreet de dato 12 juli 2013 en latere wijzigingen is geen bekrachtigde archeologienota verplicht voor de aanvraag gezien de perceelsoppervlakte kleiner is dan 3 000m².

Indien men niet verplicht is tot het opstellen van een archeologienota en tijdens de uitvoering komen er toch archeologische sporen of vondsten aan het licht, dan dient de bouwheer dit te melden binnen de 3 dagen aan het agentschap Onroerend Erfgoed (www.onroerenderfgoed.be).

Overige regelgeving

Grondverzet

Uit het ingediende dossier blijkt niet dat een grondverzet  (met aanvoer/ afvoer) van meer dan 250m³ zal plaatsvinden. De regelgeving omtrent grondverzet is niet van toepassing.

De aanvraag is verenigbaar met de regelgeving.

Toetsing AAN DE goede ruimtelijke ordening

OMSCHRIJVING VAN DE FEITELIJKE AANVRAAG

De aanvraag betreft het regulariseren van het rooien van een eik.

BEOORDELING VAN DE GOEDE RUIMTELIJKE ORDENING

De overeenstemming met een goede ruimtelijke ordening wordt beoordeeld met inachtneming van volgende beginselen:

1°         het aangevraagde wordt, voor zover noodzakelijk of relevant, beoordeeld aan de hand van aandachtspunten en criteria die betrekking hebben op de functionele inpasbaarheid, de mobiliteitsimpact, de schaal, het ruimtegebruik en de bouwdichtheid, visueel-vormelijke elementen, cultuurhistorische aspecten en het bodemreliëf, en op hinderaspecten, gezondheid, gebruiksgenot en veiligheid in het algemeen, in het bijzonder met inachtneming van de doelstellingen van artikel 1.1.4;

2°         het vergunningverlenende bestuursorgaan houdt bij de beoordeling van het aangevraagde rekening met de in de omgeving bestaande toestand, doch het kan ook beleidsmatig gewenste ontwikkelingen met betrekking tot de aandachtspunten, vermeld in 1°, in rekening brengen;

Omschrijving ligging en omgeving

Het perceel van de aanvraag is gelegen aan de Herestraat, een voldoende uitgeruste gemeenteweg.  De omgeving wordt gekenmerkt door voornamelijk residentiële bebouwing in open en halfopen verband.

Op het perceel werd recent het slopen van de voormalige bebouwing vergund en het bouwen van twee halfopen eengezinswoningen.   De bouwwerken hiervoor zijn reeds gestart.

Omschrijving van de aanvraag

Binnen de vorige aanvraag werd de eik rechts in de voortuin als te behouden aangeduid. Gezien er een inrit werd ingeplant ter hoogte van deze eik werd hieromtrent volgende vergunningsvoorwaarde opgelegd: “2d)De rand van de rechter inrit wordt op minstens 1 meter van de stam van de bestaande boom aangelegd.  Hierbij dient aan de rand van de verharding een wortelwerende plaat (geen worteldoek) geplaatst te worden tot op 1 meter diepte om zo de verharding te beschermen tegen opdrukken door wortels”.  Alsook: “17) De hoogstammige bomen die niet aangegeven zijn op het inplantingsplan als te rooien, dienen behouden te blijven.  18) Enkel de op plan aangegeven bomen mogen gerooid worden.”

De betreffende eik werd echter na het verkrijgen van deze vergunning onvergund gerooid.

Via deze aanvraag wenst men dit te regulariseren.

Beoordeling van de goede ruimtelijke ordening

Volgens de aanvraag was de boom ziek en werd deze gekapt uit voorzorg.  Indien een zieke boom dreigt om te vallen, kan men een aanvraag doen bij de gemeente in het kader van acuut gevaar.  Dit is niet gebeurd.

Indien men vermoedt dat een boom ziek is dient dit vastgesteld te worden door een erkend boomdeskundige en dient men deze motivatie te voegen bij een omgevingsaanvraag tot kappen van de boom.

De boom werd echter onvergund gekapt.

Het ging om een inlandse eik met een zeer grote beeldbepalende waarde in het straatbeeld, alsook een zeer grote waarde op vlak van biodiversiteit.  Het feit dat deze werd gekapt kan niet meer worden teruggedraaid.  Om die reden dient men de boom te compenseren.

De dienst Facilitair Management legt in haar advies de voorwaarde tot heraanplant op van twee bomen in maat 20/25, te kiezen uit een aantal soorten.

In feite is het niet mogelijk een dergelijke oude hoogwaardige boom met jonge bomen te compenseren, om die reden dient de heraanplant reeds voldoende ouderdom/grootte te hebben om zo snel mogelijk de waarde van de gekapte boom te evenaren.  De voorwaarden omschreven in het advies vormen een onvoldoende compensatie.

Er wordt aangegeven dat de boom een diameter van 50 à 60 cm had, dit wil zeggen een omtrek van min. 160cm.  Het is niet mogelijk een boom met een dergelijke omtrek her aan te planten.

Er wordt opgelegd dat er 2 nieuwe inlandse eiken dienen te worden aangeplant, 1 in de tuin van iedere woning om de last te spreiden voor de toekomstige nieuwe eigenaars.  Deze eiken dienen te worden aangeplant in de maat 80/90.  

In de voorgaande vergunning werden reeds volgende voorwaarden opgelegd ter compensatie van de destijds aangevraagde en vergunde te kappen bomen:

“1)Er dienen 2 hoogstam bomen ter compensatie van al de bomen die gerooid worden aangeplant te worden.  Er dient dus 1 boom bij elke entiteit aangeplant te worden zodat de compensatie ten laste valt van beide woningen.  Bewijs van aanplant dient aangeleverd te worden bij de dienst vergunningen en handhaving ten laatste 3 maanden na aanplant.

2) Het advies van de dienst facilitair management dient daarnaast nog gevolgd te worden omtrent het volgende:

a) De nieuw aan te planten bomen worden geplant in het plantseizoen (november t.e.m. maart) volgend op het beëindigen van de werken.

b) De bomen dienen een hoogstam boom van minstens 2de grootte te zijn en worden aangeplant in een plantmaat die niet kleiner is dan plantmaat 20/25.

c) Ook dient de eigenaar nodige maatregelen te treffen om deze bomen onder goede omstandigheden te laten uitgroeien tot een volwassen boom. Dit laatste houdt in dat als de bomen binnen de eerste 10 jaar na aanplant zou afsterven, de eigenaar deze opnieuw dient her aan te planten.”

Bewijs van heraanplant werd nog niet aangeleverd, bijgevolg blijven deze voorwaarden van kracht en worden deze herhaald in deze vergunning.

Dit wil zeggen dat er per woning 2 nieuwe bomen (in totaal 4 bomen) dienen te worden aangeplant onder de vernoemde voorwaarden.  De locatie tot heraanplant dient zo gekozen te worden en alle noodzakelijke maatregelen dienen te worden getroffen zodat deze 4 bomen kunnen uitgroeien tot gezonde volwassen bomen.  Toekomstige eigenaars dienen zich te realiseren dat deze bomen steeds beschermd dienen te worden en dat deze deel zullen uitmaken van de betreffende tuinzones.

Indien 1 van de her aan te planten eiken op de locatie van de gekapte eik zou kunnen worden aangeplant, zou dit voor het straatbeeld de beste keuze zijn.  Gezien de beperkte voortuinstrook en de beperkte afstand tot de aanpalende eigendommen is het echter niet zeker of dit haalbaar is.

De aanvraag voldoet niet aan de criteria voor de goede ruimtelijke ordening in de onmiddellijke en ruime omgeving.  Gezien de boom echter reeds gekapt werd dient de regularisatie gunstig te worden beoordeeld, op voorwaarde dat:

  • Er 2 nieuwe inlandse eiken (1 boom bij elke woning) dienen te worden aangeplant met een plantmaat 80/90;
  • Er 2 nieuwe hoogstambomen dienen te worden aangeplant (1 boom bij elke woning) onder de voorwaarden uit de omgevingsvergunning d.d. 02/03/2021.

BESPREKING ADVIEZEN

Het advies van 25/06/2021 van de dienst Facilitair Management is voorwaardelijk gunstig:

“Gunstig voor de werken zoals voorgesteld in de aangeleverde documenten, mits volgende voorwaarden worden vervuld:

Aanplanten van minstens 2 streekeigen hoogstam bomen.

De bomen dienen minstens in de maat 20/25 te worden aangeplant, en er kan gekozen worden uit volgende soorten:

- Quercus robur,

- Quercus petraea,

- Prunus avium,,

- Sorbus aucuparia,

- Tilia platyphylos”

De gemeentelijke omgevingsambtenaren sluiten zich niet aan bij dit advies, zie bovenstaande argumentatie.

Uit de bovenstaande motivering blijkt dat de voorgenomen werken zich onvoldoende ruimtelijk inpassen in de omgeving. De aanvraag is niet verenigbaar met de goede ruimtelijke ordening zoals hoger gemotiveerd.  Gezien de boom echter reeds gekapt werd dient de regularisatie gunstig te worden beoordeeld, op voorwaarde dat:

  • Er 2 nieuwe inlandse eiken (1 boom bij elke woning) worden aangeplant met een plantmaat 80/90;
  • Er 2 nieuwe hoogstambomen worden aangeplant (1 boom bij elke woning) onder de voorwaarden uit de omgevingsvergunning d.d. 02/03/2021.

MILIEUTECHNISCH ADVIES

Niet van toepassing.

GECOÖRDINEERD EINDADVIES

Uit bovenstaande motiveringen blijkt dat de aanvraag in overeenstemming is met de wettelijke bepalingen inzake milieu en ruimtelijke ordening, maar dat het voorgestelde ontwerp in principe niet verenigbaar is met de goede plaatselijke ordening en met zijn onmiddellijke omgeving.  Gezien de boom echter reeds gekapt werd dient de regularisatie gunstig te worden beoordeeld onder strikte voorwaarden.

Bijgevolg adviseert de omgevingsambtenaar het dossier voorwaardelijk gunstig voor het regulariseren van het rooien van een eik zoals voorgesteld op de voorgebrachte plannen die als bijlage aan de aanvraag zijn verbonden en voor zover rekening gehouden wordt met de gestelde voorwaarden:

1. Er dienen 2 nieuwe inlandse eiken (1 boom bij elke woning) te worden aangeplant, met elk een plantmaat 80/90. Deze nieuw aan te planten bomen worden geplant in het plantseizoen (november t.e.m. maart) volgend op het beëindigen van de werken. Bewijs van aanplant dient aangeleverd te worden bij de dienst vergunningen en handhaving ten laatste 3 maanden na aanplant.

De eigenaar moet alle nodige maatregelen treffen en de juiste locatie kiezen om deze bomen onder goede omstandigheden te laten uitgroeien tot een volwassen boom. Dit houdt ook in dat als de bomen binnen de eerste 10 jaar na aanplant zou afsterven, de eigenaar deze opnieuw dient her aan te planten.

2. Volgende vergunningsvoorwaarden uit de omgevingsvergunning d.d. 02/03/2021 blijven van kracht en worden herhaald:

  • Er dienen 2 hoogstam bomen ter compensatie van al de bomen die gerooid worden aangeplant te worden. Er dient dus 1 boom bij elke entiteit aangeplant te worden zodat de compensatie ten laste valt van beide woningen. Bewijs van aanplant dient aangeleverd te worden bij de dienst vergunningen en handhaving ten laatste 3 maanden na aanplant.
  • Het advies van de dienst facilitair management dient daarnaast nog gevolgd te worden omtrent het volgende:

a) De nieuw aan te planten bomen worden geplant in het plantseizoen (november t.e.m. maart) volgend op het beëindigen van de werken.

b) De bomen dienen een hoogstam boom van minstens 2de grootte te zijn en worden aangeplant in een plantmaat die niet kleiner is dan plantmaat 20/25.

c) Ook dient de eigenaar nodige maatregelen te treffen om deze bomen onder goede omstandigheden te laten uitgroeien tot een volwassen boom. Dit laatste houdt in dat als de bomen binnen de eerste 10 jaar na aanplant zou afsterven, de eigenaar deze opnieuw dient her aan te planten.

3. Ook de overige relevante vergunningsvoorwaarden uit de omgevingsvergunning 2020/00269 blijven van kracht.

Terrein en gelijkgrondse berm:

4. De hoogstammige bomen die niet aangegeven zijn op het inplantingsplan als te rooien, dienen behouden te blijven. De werkelijke inplanting van de te behouden bomen dient bij uitpaling van de woning gecontroleerd te worden. Bij niet correct aangeduide inplanting van de bomen, en hinder om het perceel te betreden, dient een nieuwe omgevingsvergunning aangevraagd te worden rekening houdend met de juiste inplanting en het maximale behoud van de groenelementen;

5. Enkel de op plan aangegeven bomen mogen gerooid worden. Het rooien van de bomen mag niet gebeuren tijdens het broedseizoen van 15 maart tot 30 juni;

6. Voor de aanplant van bomen, hagen… nabij perceelscheidingen, dient rekening gehouden te worden met de bepalingen van het Veldwetboek.

Andere voorwaarden:

7. De bouwheer dient, conform artikel 8 van het decreet op het archeologisch patrimonium de dato 30 juni 1993 en zijn latere wijzigingen, elk roerend of onroerend goed dat hij vindt of vermoedt gevonden te hebben, te melden binnen de 3 dagen aan het Onroerend Erfgoed Limburg, Hendrik Van Veldekegebouw, Koningin Astridlaan 50 bus 1 te 3500 Hasselt (www.onroerenderfgoed.be/een-vondst-melden);

8. Indien vastgesteld wordt dat er straatmeubilair en/of laanbeplanting aanwezig is die dienen verplaatst en/of verwijderd te worden voor de uitvoering van deze vergunning, of bij de ingebruikname van het project, en er voor aanvang van de werken geen toelating bekomen wordt tot het verplaatsen van het straatmeubilair, moet er een gewijzigde vergunning aangevraagd worden die rekening houdt met het straatmeubilair en/of de laanbeplanting.

Deze vergunning stelt de aanvrager niet vrij van het aanvragen en verkrijgen van eventuele andere vergunningen of machtigingen.

Besluit

Het college van burgemeester en schepenen beslist:

Artikel 1

Het college van burgemeester en schepenen volgt het advies van de gemeentelijk omgevingsambtenaar van 04/08/2021 tot het afleveren van een omgevingsvergunning met voorwaarden aan de aanvrager gedeeltelijk.

Het college van burgemeester en schepenen beslist om de plantmaat van de 2 nieuw aan te planten inlandse eiken (1 boom bij elke woning) te verlagen van 80/90 naar 40/45. Deze eiken dienen in de achtertuin te worden aangeplant. Er wordt ook opgelegd dat men bijkomend 2 nieuwe bomen (1 boom bij elke woning) plantmaat 20/25 dient te voorzien in de voortuin, keuze uit volgende lijst:

  • Pyrus calleryana ‘Chanticleer’
  • Acer campestre 'Elsrijk'
  • Carpinus betulus 'Frans Fontaine'
  • Magnolia kobus
  • Liquidambar styraciflua 'Oakville Highlight'
  • Liquidambar styraciflua 'Moraine'
  • Tilia cordata 'Rancho'

Artikel 2

Het college van burgemeester en schepenen beslist tot het afleveren van een omgevingsvergunning met voorwaarden aan de aanvrager.

De omgevingsvergunning omvat het regulariseren van het rooien van een eik zoals voorgesteld op de voorgebrachte plannen die als bijlage aan deze omgevingsaanvraag zijn verbonden en voor zover rekening gehouden wordt met de gestelde voorwaarden.

Artikel 3

Volgende voorwaarden dienen strikt nageleefd te worden:

1. Er dienen 2 nieuwe inlandse eiken plantmaat 40/45 (1 boom bij elke woning) te worden aangeplant in de achtertuin. Bijkomend dienen 2 nieuwe bomen plantmaat 20/25 (1 boom bij elke woning) te worden aangeplant in de voortuin, keuze uit volgende lijst: Pyrus calleryana ‘Chanticleer’, Acer campestre 'Elsrijk', Carpinus betulus 'Frans Fontaine', Magnolia kobus, Liquidambar styraciflua 'Oakville Highlight', Liquidambar styraciflua 'Moraine', Tilia cordata 'Rancho'.

Deze nieuw aan te planten bomen worden geplant in het plantseizoen (november t.e.m. maart) volgend op het beëindigen van de werken. Bewijs van aanplant dient aangeleverd te worden bij de dienst vergunningen en handhaving ten laatste 3 maanden na aanplant. De eigenaar moet alle nodige maatregelen treffen en de juiste locatie kiezen om deze bomen onder goede omstandigheden te laten uitgroeien tot een volwassen boom. Dit houdt ook in dat als de bomen binnen de eerste 10 jaar na aanplant zouden afsterven, de eigenaar deze opnieuw dient her aan te planten.

2. Volgende vergunningsvoorwaarden uit de omgevingsvergunning d.d. 02/03/2021 blijven van kracht en worden herhaald:

    • Er dienen 2 hoogstam bomen ter compensatie van al de bomen die gerooid worden aangeplant te worden.  Er dient dus 1 boom bij elke entiteit aangeplant te worden zodat de compensatie ten laste valt van beide woningen.  Bewijs van aanplant dient aangeleverd te worden bij de dienst vergunningen en handhaving ten laatste 3 maanden na aanplant.
    • Het advies van de dienst facilitair management dient daarnaast nog gevolgd te worden omtrent het volgende:
    • a) De nieuw aan te planten bomen worden geplant in het plantseizoen (november t.e.m. maart) volgend op het beëindigen van de werken.

      b) De bomen dienen een hoogstam boom van minstens 2de grootte te zijn en worden aangeplant in een plantmaat die niet kleiner is dan plantmaat 20/25.

      c) Ook dient de eigenaar nodige maatregelen te treffen om deze bomen onder goede omstandigheden te laten uitgroeien tot een volwassen boom. Dit laatste houdt in dat als de bomen binnen de eerste 10 jaar na aanplant zou afsterven, de eigenaar deze opnieuw dient her aan te planten.

3. In totaal dienen dus 6 nieuwe bomen te worden aangeplant:

  • 2 nieuwe inlandse eiken plantmaat 40/45 (1 boom bij elke woning) in de achtertuin ter compensatie van de gerooide eik;
  • 2 nieuwe bomen plantmaat 20/25 (1 boom bij elke woning)  in de voortuin ter compensatie van de gerooide eik, keuze uit volgende lijst: Pyrus calleryana ‘Chanticleer’, Acer campestre 'Elsrijk', Carpinus betulus 'Frans Fontaine', Magnolia kobus, Liquidambar styraciflua 'Oakville Highlight', Liquidambar styraciflua 'Moraine', Tilia cordata 'Rancho'.
  • 2 nieuwe hoogstambomen (1 boom bij elke woning) onder de voorwaarden uit de omgevingsvergunning d.d. 02/03/2021.

4. Ook de overige relevante vergunningsvoorwaarden uit de omgevingsvergunning 2020/00269 blijven van kracht.

Terrein en gelijkgrondse berm:

5. De hoogstammige bomen die niet aangegeven zijn op het inplantingsplan als te rooien, dienen behouden te blijven. De werkelijke inplanting van de te behouden bomen dient bij uitpaling van de woning gecontroleerd te worden. Bij niet correct aangeduide inplanting van de bomen, en hinder om het perceel te betreden, dient een nieuwe omgevingsvergunning aangevraagd te worden rekening houdend met de juiste inplanting en het maximale behoud van de groenelementen;

6. Enkel de op plan aangegeven bomen mogen gerooid worden. Het rooien van de bomen mag niet gebeuren tijdens het broedseizoen van 15 maart tot 30 juni;

7. Voor de aanplant van bomen, hagen… nabij perceelscheidingen, dient rekening gehouden te worden met de bepalingen van het Veldwetboek.

Andere voorwaarden:

8. De bouwheer dient, conform artikel 8 van het decreet op het archeologisch patrimonium de dato 30 juni 1993 en zijn latere wijzigingen, elk roerend of onroerend goed dat hij vindt of vermoedt gevonden te hebben, te melden binnen de 3 dagen aan het Onroerend Erfgoed Limburg, Hendrik Van Veldekegebouw, Koningin Astridlaan 50 bus 1 te 3500 Hasselt (www.onroerenderfgoed.be/een-vondst-melden);

9. Indien vastgesteld wordt dat er straatmeubilair en/of laanbeplanting aanwezig is die dienen verplaatst en/of verwijderd te worden voor de uitvoering van deze vergunning, of bij de ingebruikname van het project, en er voor aanvang van de werken geen toelating bekomen wordt tot het verplaatsen van het straatmeubilair, moet er een gewijzigde vergunning aangevraagd worden die rekening houdt met het straatmeubilair en/of de laanbeplanting.

Deze vergunning stelt de aanvrager niet vrij van het aanvragen en verkrijgen van eventuele andere vergunningen of machtigingen.