GR 26/03/2018 betreffende de goedkeuring "Protocolakkoord bestuurlijke handhaving criminaliteit en onveiligheid";
Belastingreglement voor de bestuurlijke inbeslagname en de stalling van voertuigen;
Addendum bij Protocolakkoord bestuurlijke handhaving criminaliteit en onveiligheid;
Omstandige uitleg procedure, zoals toegevoegd als bijlage.
Context
Meer en meer gemeenten worden geconfronteerd met bestuurders die al dan niet voor het plezier de openbare weg onveilig maken: veel te hard rijden, met opzet slippen en driften, e.d. Andere weggebruikers worden geconfronteerd met acute gevaarsituaties en omwonenden klagen over overlast en onveiligheid. Als gevolg hiervan ontstaan, naast een algemeen gevoel van onveiligheid, op bepaalde ogenblikken situaties van acuut gevaar.
De maatregel die in deze omstandigheden door het parket kan worden opgelegd, namelijk de onmiddellijke intrekking van het rijbewijs, wordt als onvoldoende effectief ervaren. Ook bestaat er een reëel risico dat de bestuurder in kwestie, ondanks de intrekking van zijn rijbewijs, toch opnieuw zijn voertuig zal besturen, en dit op dezelfde gevaarlijke manier. Omdat, omwille van het rijgedrag zelf, de pakkans klein is, is het risico op herhaling reëel. Een manier om dat te voorkomen en de omgeving te beveiligen is de bestuurlijke inbeslagname van het voertuig. Door samen te werken kunnen parket en bestuur tot een gezamenlijke aanpak komen waarbij beveiliging en vervolging hand in hand gaan.
Evenwicht en vrijwaring van de verschillende doelstellingen van vervolging en beveiliging zijn daarbij belangrijk. Het doel van bestuurlijk beslag is beveiliging. Bestraffing hoort bij vervolging. Gedrag waarbij overlast en acuut gevaar wordt veroorzaakt moet onmiddellijk worden gestopt, terwijl de mogelijkheid om achteraf strafrechtelijk te vervolgen, moet worden gewaarborgd. Het zal immers steeds gaan om inbreuken waarvoor het parket systematisch vervolgt. Dat betekent dat bestuurlijk zal worden ingegrepen zonder echt sanctionerend op te treden. De bestuurlijke maatregel bestaat uit het loutere beslag, en de vrijgave van het voertuig mag niet afhankelijk worden gesteld van andere voorwaarden dan de betaling van de aan dat beslag verbonden kosten.
Deze gezamenlijke aanpak komt tot stand via informatiedeling: het bestuurlijk beslag is immers gebaseerd op feiten die door de politie worden vastgesteld en opgenomen in een proces-verbaal. Opdat deze vaststellingen zouden kunnen worden gebruikt om over te gaan tot bestuurlijk beslag, moet er toelating zijn van het parket om deze informatie, die gerechtelijk van aard is, te delen. In overeenstemming met de omzendbrief BH 10/2017 en met het Protocolakkoord Bestuurlijke Handhaving wordt in deze richtlijn bepaald in welke gevallen de informatie mag worden gedeeld en op welke voorwaarden dit mag gebeuren.
Toepassingsgebied
1 Algemene voorwaarden
Informatie uit de processen-verbaal zoals omschreven in de volgende rubrieken wordt enkel gedeeld indien aan de volgende voorwaarden is voldaan :
• de gemeente heeft de uitbreiding van het basisprotocol Bestuurlijke Handhaving met de materie van ‘verkeersveiligheid’ goedgekeurd;
• de gemeente heeft een retributiereglement of belastingreglement goedgekeurd;
2 Dossiergebonden voorwaarden :
Bovendien moeten per dossier de volgende drie voorwaarden zijn vervuld :
• het gaat om een situatie van acuut gevaar;
• er is geen grond voor beslag wegens niet-verzekering;
• er is geen grond voor immobilisatie;
3 Wanneer is er sprake van acuut gevaar?
Het moet gaan om manifest en eerder uitzonderlijk gevaarlijk rijgedrag waarbij duidelijk gevaar wordt gecreëerd voor andere weggebruikers en omwonenden. Men moet hierbij denken aan rijgedrag dat verder gaat dan de gebruikelijke ‘onachtzaamheidsmisdrijven’ in het verkeer. Het gaat dus niet om gevallen waarin men ‘per ongeluk’ te hard rijdt maar om doelbewust hard en gevaarlijk rijden met miskenning van elke verantwoordelijkheid voor de veiligheid van de andere weggebruikers. Loutere snelheidsovertredingen, hoewel belangrijkste oorzaak van ongevallen, geven niet per definitie aanleiding tot bestuurlijk beslag. Acuut gevaar moet duidelijk uit de vaststellingen blijken. Anders zou in principe elke overtreding waarvoor het rijbewijs kan worden ingetrokken ook automatisch leiden tot bestuurlijk beslag. Dit laatste is niet de bedoeling.
4 Gerechtelijke bewarende maatregelen (beslag en immobilisatie) krijgen voorrang
Indien tijdens de vaststellingen blijkt dat het voertuig waarmee de feiten werden gepleegd in aanmerking komt voor beslag wegens niet-verzekering of immobilisatie wegens inbreuken op rijbewijs en verval, dan moet hier voorrang aan worden gegeven. Uitzondering is de situatie waarin het voertuig kan worden geïmmobiliseerd op grond van inbreuken op rijbewijs en verval doch de bestuurder niet de eigenaar is van het voertuig.
Concreet :
Indien bij vaststellingen van manifest gevaarlijk rijgedrag waarbij acuut gevaar wordt gecreëerd voor andere weggebruikers en omwonenden, tevens wordt vastgesteld :
• Dat het voertuig niet verzekerd is : beslag wegens niet verzekering gaat voor.
• Dat de bestuurder stuurt spijts verval/proeven/OIRB/zonder houder te zijn van een RB :
o Bestuurder is eigenaar van het voertuig : immobilisatie gaat voor.
o Bestuurder is geen eigenaar : bestuurlijk beslag is mogelijk.
Procedure
Delen van de informatie d.m.v. een bestuurlijk verslag
Bestuurlijk beslag op basis van strafrechtelijke vaststellingen kan enkel indien er toelating is voor het delen van de informatie uit de vaststellingen. Deze toelating wordt globaal verleend indien voldaan is aan de voorwaarden onder 2.1 en 2.2. :
• de gemeente heeft de uitbreiding van het basisprotocol Bestuurlijke Handhaving met de materie van ‘verkeersveiligheid’ goedgekeurd;
• de gemeente heeft een retributiereglement of belastingreglement goedgekeurd;
• het gaat om een situatie van acuut gevaar;
• er is geen grond voor beslag wegens niet-verzekering;
• er is geen grond voor immobilisatie;
Indien aan deze voorwaarden is voldaan en men wil overgaan tot bestuurlijk beslag, dan stelt de politie, conform het protocolakkoord, een bestuurlijk verslag op voor de bestuurlijke overheid. In dit bestuurlijk verslag worden de vaststellingen opgenomen die kunnen worden gedeeld.
Dit bestuurlijk verslag zal worden overgemaakt aan de betreffende gemeente, t.a.v. de burgemeester. Aan de hand van een burgemeesterbesluit, op basis van het bestuurlijk verslag en na een (verplichte) hoorzitting met de betrokkene, zal besloten worden om de inbeslagname te bevestigen dan wel deze inbeslagname te beëindigen.
Na afloop van de periode tot inbeslagname, 15 dagen, dient de betrokkene de retributie of belasting zoals bepaald in het retributie- of belastingreglement te betalen, waarna deze diens voertuig kan afhalen bij de door de gemeente aangestelde takeldienst.
In bijlage is een omstandige en uitgebreide uitleg toegevoegd met betrekking tot de gehele procedure.
Argumentatie belastingreglement
Er wordt een belastingreglement voor de bestuurlijke inbeslagname en de stalling van voertuigen aangenomen wegens de financiële toestand van de gemeente.
Het belastingreglement kadert tevens in het project rond verkeershandhaving en bestuurlijke aanpak van criminaliteit. In het verkeer worden regelmatig onveilige verkeerssituaties vastgesteld zoals hierboven alreeds uiteengezet.
De kosten die door deze bestuurlijk maatregel gegenereerd worden, moeten ook gerecupereerd kunnen worden.
Er wordt gekozen voor een contantbelasting, zodat de belasting onmiddellijk verschuldigd is op het ogenblik van het ophalen van het voertuig ten gevolge de bestuurlijke inbeslagname. Ingeval van niet-betaling zal de belasting ingekohierd worden.
De tarieven die in het reglement opgenomen zijn, zijn gebaseerd op de werkelijke kosten die door het takelbedrijf aangerekend worden. De contantbelasting bestaat uit een forfaitair bedrag voor de inbeslagname van het voertuig en een bewaarkost per kalenderdag. Aangezien het takelen en stallen van zwaardere voertuigen (boven de 3.500kg maximaal toegelaten massa (MTM)) duurder is, wordt er een differentiatie gemaakt naargelang de zwaarte van het voertuig.
De belasting is hoofdelijk en solidair verschuldigd door de bestuurder of gebruiker van het voertuig op het moment van de feiten die aanleiding gaven tot de inbeslagname van het voertuig, de houder van de kentekenplaat en/of de eigenaar, dan wel bezitter, van het voertuig.
De gemeenteraad beslist het addendum tot het protocolakkoord bestuurlijke handhaving criminaliteit en onveiligheid, zoals toegevoegd in bijlage, goed te keuren.
Artikel 2
De gemeenteraad beslist het belastingreglement voor de bestuurlijke inbeslagname en de stalling van voertuigen, zoals toegevoegd in bijlage, goed te keuren.