Het college van burgemeester en schepenen neemt kennis van het schrijven van de provincie Limburg van 11 april 2022, nl.:
“Hierbij deel ik u mee dat het beroep van de heer Patrick Hufkens, ingesteld tegen de beslissing d.d. 24 februari 2022 van het schepencollege van Zonhoven waarbij een omgevingsvergunning werd geweigerd voor het verbouwen van 5 appartementen tot een tweewoonst, het uitbreiden van het gelijkvloers en het voorzien van een terras op verdiepingsniveau, te Zonhoven ter plaatse Molenweg 51, als administratief volledig en ontvankelijk wordt beschouwd. Het onderzoek van het beroep wordt heden gestart.
Dit beroep werd ingediend via het omgevingsloket.
Het college van burgemeester en schepenen wordt verzocht om advies uit te brengen over het ingediende beroep binnen een termijn van 30 dagen
De beroepinsteller diende volgend beroepschrift in bij de deputatie:
“Op de beslissing van het College van Burgemeester en Schepenen van de gemeente Zonhoven, mij meegedeeld in het schrijven dd 24.02.2022, werd de stedenbouwkundige vergunning geweigerd.
Ik teken bijgevolg binnen de wettelijke termijn beroep aan tegen deze beslissing, en wel om de volgende redenen:
Ruimtegebruik
- Naastliggende perceel
- Destijds werd aan de bouwheer opgelegd het aanpalende restperceel te kopen als voorwaarde voor het verkrijgen van een vergunning. Dit perceel werd uiteindelijk door de bouwheer met zijn schaarse middelen aangekocht. Hierdoor hoeven de bewoners niet over de openbare weg van de parkeerplaatsen naar de appartementen.
- Op het gedwongen aangekochte perceel staan nochtans een verlichtingspaal en verkeersborden.
- Carport en tuinbergplaats
- Omwille van de precaire financiële situatie werd beslist voorlopig gene carports met tuinberging te voorzien. Deze kunnen achteraf nog perfect geplaatst worden in het vrijstellingsbesluit.
- Indien gewenst kan het inplantingsplan en de plannen aangevuld/aangepast worden met een tuin/fietsenberging.
- Inpandig terras
- De weigering vermeldt: “Links vooraan de woning wordt een inpandig terras gecreëerd. Dit terras heeft een oppervlakte van ±12m². Er kan wel niet echt gesproken worden van een volwaardige buitenruimte. Dit terras biedt te weinig kwaliteiten om als buitenruimte voldoende gebruiksgenot te creëren voor het 2de appartement.”
- Dit klopt niet. Weinig nieuwe vergunde appartementen hebben een terrasoppervlakte van meer dan 10m². Het voorziene terras kan bij gevolg zeker als volwaardig gezien worden. Het inpandig voorzien van dit terras kan niet gezien worden als een kwaliteitsverlies. In vele nieuwe projecten in Zonhoven verschijnen dergelijke oplossingen voor terrassen. Door het inpandig voorzien, wordt de privacy van geen van de bewoners geschaad en blijft het bouwvolume intact.
Zoals de wet mij toelaat, verzoek ik gehoord te worden in tegenwoordigheid van mijn architect en/of advocaat.”
Advies dienst:
Het college van burgemeester en schepenen besliste op 24 februari 2022 de omgevingsaanvraag te weigeren omwille van onder meer volgende redenen:
- het terras van het appartement op de eerste verdieping biedt onvoldoende kwaliteit
Links vooraan de woning wordt een inpandig terras gecreëerd. Dit terras heeft een oppervlakte van ± 12m². De raamopeningen van het inpandig terras zijn eerder aan de kleine kant, waardoor daglicht zeer beperkt via het terras tot in de leefruimtes zal geraken. Er kan wel niet echt gesproken worden van een volwaardige buitenruimte. Dit terras biedt te weinig kwaliteiten om als buitenruimte voldoende gebruiksgenot te creëren voor het 2de appartement. - er wordt geen tuinberging en fietsenstalling voorzien
Het ontwerp voorziet geen tuinberging en fietsenstalling. Bijgevolg wordt er geen mogelijkheid geboden om tuinmateriaal of fietsen te stallen. Bij meergezinswoningen dient een overdekte fietsenstalling voorzien te worden. Deze fietsenstalling dient voldoende ruim te zijn zodat er minstens 1 fiets gestald kan worden per voorziene hoofdkussen. Voor het huidige project dient er dus een fietsenstalling voorzien te worden voor minstens 6 fietsen.
Het college van burgemeester en schepenen blijft bij haar eerder ingenomen ongunstig standpunt.