Terug
Gepubliceerd op 11/05/2022

2022_CBS_00478 - Advies ontheffingsnota MER 'bemaling ikv rioleringswerken Kolveren' - Goedkeuring

College van burgemeester en schepenen
di 03/05/2022 - 13:30 schepenzaal
Goedgekeurd

Samenstelling

Aanwezig

Johny De Raeve, burgemeester; Bram De Raeve, 1ste schepen; Frederick Vandeput, 2de schepen; Johan Vanhoyland, 3de schepen; Frank Vandebeek, 4de schepen; Johan Schraepen, 5de schepen; Ria Hendrikx, voorzitter BCSD; Bart Telen, Algemeen directeur

Secretaris

Bart Telen, Algemeen directeur
2022_CBS_00478 - Advies ontheffingsnota MER 'bemaling ikv rioleringswerken Kolveren' - Goedkeuring 2022_CBS_00478 - Advies ontheffingsnota MER 'bemaling ikv rioleringswerken Kolveren' - Goedkeuring

Motivering

Feiten context en argumentatie

Het college van burgemeester en schepenen neemt kennis van de vraag van het departement omgeving, team MER, om een advies te verlenen inzake de ontheffingsnota 'Aquafin - Bemaling ikv project 23.161 Aansluiting Kolveren in Zonhoven'. 

De dienst milieubeleid adviseert volgende: 

" Advies omgevingsambtenaar MER-ontheffing ‘Bemaling i.k.v. project 23.161 Aansluiting Kolveren’ 

Inhoud:

Het projectgebied situeert zich in de wijk Kolveren, in de onmiddellijke omgeving van het habitatrichtlijngebied BE2200031 en vogelrichtlijngebied BE2219312. Doel is om een gescheiden rioleringsstelsel aan te leggen en aan te sluiten op de riolering van de Moverkensstraat, en zo naar de RWZI. Om de rioleringswerken te kunnen realiseren dient een bemaling geplaatst te worden.  Er zullen tevens 3 pompstations gebouwd worden om het water tot in de Moverkensstraat te pompen.

Indiener

De indiener is Aquafin nv, verantwoordelijk voor de aanleg en exploitatie van bovengemeentelijke rioleringsinfrastructuur.  . 

Vraag tot ontheffing:

De werken vallen onder categorie 10.o) van bijlage II van het MER-besluit: “Werken voor het onttrekken of kunstmatig aanvullen van grondwater als het netto onttrokken debiet 2.500m³/dag of meer bedraagt of het onttrokken debiet (bruto) 1.000m³/dag of meer bedraagt en de activiteit gelegen is in of een aanzienlijke invloed kan hebben op bijzonder beschermd gebied.”

Aangezien er een maximaal onttrekkingsdebiet tot 2.500m³/dag geraamd wordt waarbij invloed van de bemaling reikt tot in het habitatrichtlijngebied BE2200031 ‘Valleien van de Laambeek, Zonderikbeek, Slangebeek en Roosterbeek met vijvergebieden en heiden’ en het vogelrichtlijngebied BE2219312 “Het vijvercomplex van Midden-Limburg”, en een maximaal onttrekkingsdebiet van 4.000m³/dag zonder invloed op het bijzonder beschermde gebied is de bemaling milieubeoordelingsplichtig.

Een passende beoordeling en verscherpte natuurtoets werden geïntegreerd in de ontheffingsnota, meer specifiek hoofdstuk 4.3.

Advies:

  • Debiet:

Gedeelte 2.2 vermeldt dat een maximaal jaardebiet van 365.000 m³ wordt verwacht. Verder wordt doorverwezen naar hoofdstuk 4.1. Dit hoofdstuk vermeldt volgende (deel 4.1.2) : “Er wordt bruto een totaal volume grondwater opgepompt van circa 1.687.521m³ gedurende 2 jaar, zijnde maximaal 1.120.430m³/jaar. De gemodelleerde debieten komen overeen met de debieten tijdens de bemalingsproeven.”  Het totale bemalingsdebiet van 1.687.521 m³ wordt bevestigd in de bemalingsnota.  Tegenstrijdigheid uitklaren.

  • 2.3 Juridische en beleidsmatige randvoorwaarden:

Volgende ontbreekt hierin: Hemelwater en droogteplannen - ten tijden van de ontheffingsnota nog niet goedgekeurd, maar wel reeds in opmaak. Goedkeuring verwacht in mei 2022.  

  • De vermelde grondwaterwinning te Vogelzangstraat 72 is geen grondwaterwinning, maar een warmtepomp dmv verticale boringen. Het betreft een gesloten circuit.
  • Bestemming bemalingswater:

De milieuwetgeving stipuleert dat bemalingswater maximaal lokaal geïnfiltreerd moet worden in de bodem om de grondwaterspiegel opnieuw te verrijken.  

Hier wordt niet aan voldaan.

  • 4.1.2.  “Het grondwater zal in het bestaande buizen-grachtenstelsel geloosd worden. Op 4 plaatsen werden grachten aangeduid waar infiltratie minstens zal toegepast worden, indien mogelijk wordt in uitvoering nog meer grachten ingezet. Hiertoe moeten plaatselijk de bestaande grachten geruimd en ev. geherprofileerd worden.”

“Slechts 10 % van het bemalingswater kan via de opgesomde maatregelen via infiltratie terug in de bodem terecht komen.”   Dit is ontoereikend.  Gezien de huidige klimaatveranderingen wordt water beschouwd als een kostbaar goed en moet hier ook naar gehandeld worden.

De nota focust zich voornamelijk op infiltratie van het bemalingswater in de directe omgeving van SBZ-gebieden (fasen 1, 2, 6, 8).

Er is niet het aanvoelen dat voor de andere fasen voldoende onderzocht werd welke bestaande grachten (niet behorende bij het huidige rioleringsstelsel) gebruikt kunnen worden om het bemalingswater in te infiltreren. Zo kan het water van fase 4 (Nieuwstraat) geloosd worden in de zuidelijke gracht.

Tussen de woningen Hulsbergweg-Vogelzangstraat ligt een gracht die eveneens gebruikt kan worden om het bemalingswater in te infiltreren.

Advies: Er dient maximaal ingezet te worden op het lozen van het bemalingswater in bestaande grachtenstelsels ter infiltratie. Hiertoe wordt overleg gepleegd met de gemeentelijke diensten, plaatsbezoeken worden afgelegd en ook hier wordt (indien nodig) de bestaande grachten geruimd en geherprofileerd.  Teniet gedane lozingspunten, onderbrekingen, etc. moeten hersteld worden zodat maximaal kan ingezet worden op het vermijden van het lozen in het gemengd stelsel.  Indien nodig wordt extra darm/pomp ingezet om hierin te lozen.

Vraag om duidelijk aan te geven welke grachten worden ingezet voor de fases in de nabijheid van SBZ-zone. Over welke grachten gaat dit, hoeveel m³ wordt waar geloosd.

Voorstel tot het opstellen van een schema waar aangegeven wordt welke bemalingsstreng per fase, in welke gracht geloosd wordt en voor welk debiet.  

  • 2.6 “Er wordt getracht maximaal te werken met open grachten voor de RWA-afvoer. Maar door de aanleg van fietspaden is er niet overal voldoende ruimte. Als alternatief wordt gewerkt met poreuze betonbuizen.”

Dit strookt niet met het gemeentelijk hemelwater en droogteplan.  Binnen dit rioleringsproject moet maximaal gebruik gemaakt worden van het bestaande grachtenstelsel (niet noodzakelijk gelegen naast de baan) om de RWA-leiding in te laten uitmonden. Dit zorgt immers voor een maximale infiltratie van het hemelwater en verhoogde biodiversiteit in deze gebieden waar opnieuw water doorheen de grachten stroomt.

  • Grondverzet:

1/5 Van het grondverzet van 68.000 m³ wordt gestockeerd op een TOP. Het overige wordt afgevoerd. Een duidelijk overzicht van de afvoerlocaties van de ontvangende grond wordt overgemaakt en de hoeveelheden. Dit kan toegevoegd worden bij de omgevingsaanvraag.

  • De provincie heeft een procedure opgestart om een gedeelte van de Voortbeek af te schaffen. Het is onduidelijk, aan de hand van de ontheffingsnota, of in de Voortbeek effectief rechtstreeks geloosd wordt en zo ja, waar.  Indien neen, bijkomende informatie via welke weg het water in de Voortbeek terecht komt.
  • Gekende grondwaterwinningen: Er dient rekening gehouden te worden met het feit dat het merendeel van de tuinen beschikt over een, hetzij beperkte, grondwaterwinning voor hoofdzakelijk beregening van de tuin. Het is niet duidelijk in welke mate deze bemaling invloed zal hebben op deze kleine grondwaterwinningen.
  • Herprofilering grachten De Drij Dreven (deel 4.3.2.):

Is het herprofileren langsheen dit gedeelte De Drij Dreven mogelijk gezien de aanwezige bomen, vlak naast de gracht? Ondervinden de bomen negatieve invloed van de herprofilering en de waterlozing? Onduidelijk of dit voldoende onderzocht werd.

Ten noorden van PS2 zal een gracht van 4 meter breed en max. 2 m diep de overloop van de RWA ontvangen.   Pagina 19 vermeldt volgende: “Het grondwaterpeil nabij het projectgebied werd tijdens het voorontwerp van het project opgevolgd d.m.v. 13 peilbuizen verspreid over het ganse traject (Bijlage 1 – Figuur 1.2). De grondwatertafel fluctueert tussen 0,4 – 1,5m-mv (Bijlage 1 – Figuur 2.4). De lager gelegen zones (De Drij Dreven, Nachtegalenstraat en Krielstraat thv PS2) worden gekenmerkt door een hoge grondwaterstand:  gemiddeld 0,50m-mv. De hoger gelegen zones worden gekenmerkt door een gemiddelde grondwaterstand van 1,00m-mv tot 1,50m-mv.”

In hoeverre zal deze brede gracht geen drainerend effect hebben gezien de zeer hoge grondwaterstand?

Algemeen:

De invloed van een bemaling waarbij een totaal debiet van max. 1.687.521m³ wordt opgepompt op habitatrichtlijngebied is onvoldoende onderzocht.  Compenseert een infiltratie van 10% van het totale debiet? Wat met de ondergrondse grondwaterstromen die beïnvloed worden door de bemaling? Bevindt de SBZ hier nadelige invloed van?  Is het oppompen van dergelijk debiet nog te verantwoorden in tijden dat de grondwatertafel onvoldoende wordt aangevuld. Werden alle mogelijke alternatieven onderzocht om dit debiet tot het absolute minimum te beperken? In hoeverre worden de richtlijnen en aanbevelingen, in de bemalingsnota, allemaal uitgevoerd?  Er zijn nog veel onduidelijkheden in de ontheffingsnota."

Besluit

Het college van burgemeester en schepenen beslist:

Artikel 1

Het college van burgemeester en schepenen gaat akkoord met het advies van de dienst milieubeleid en maakt dit over aan de dienst MER.