STEDENBOUWKUNDIG EN MILIEUTECHNISCH advies - verslag GEMEENTELIJKE omgevingsambtenaar
De aanvraag betreft het bouwen van een turnhal en de exploitatie ervan.
De aanvraag werd op 24/12/2021 ontvangen.
Op 21/01/2022 werd aanvullende informatie opgevraagd.
Op 21/01/2022 werd de gevraagde aanvullende informatie aangeleverd.
Op 16/02/2022 werd de aanvraag ontvankelijk en volledig verklaard.
De gewone vergunningsprocedure wordt gevolgd.
Er werd een openbaar onderzoek gehouden, lopende van 26/02/2022 tot en met 27/03/2022, gesloten met 0 bezwaarschriften.
GEGEVENS VAN HET BEDRIJF
De activiteiten van het bedrijf zijn de volgende: uitbaten van een turnhal voor diverse disciplines.
Huidige aanvraag behelst een nieuwe aanvraag.
HISTORIEK VAN HET EIGENDOM WAAROP DE AANVRAAG BETREKKING HEEFT
Stedenbouwkundig
Omgevingsvergunningen
Uit de gegevens waarover de gemeente beschikt, blijkt niet dat voor het voorwerp van de aanvraag een PV is opgesteld noch dat een meerwaarde werd opgelegd of dat op het goed een vonnis of arrest rust. Er zijn ook geen geschriften bekend waaruit zou blijken dat er wederrechtelijke werken werden uitgevoerd.
Milieu
Volgende milieuvergunningen werd afgeleverd op volgende percelen:
OPENBAAR ONDERZOEK
Overeenkomstig artikel 17 van het decreet betreffende de omgevingsvergunning en hoofdstuk 3 Toepassingsgebied van de gewone en vereenvoudigde procedure, artikels 11 t.e.m. 14 van het besluit tot uitvoering van het decreet betreffende de omgevingsvergunning, werd dit dossier volgens de gewone procedure behandeld. Er werd bijgevolg een openbaar onderzoek gehouden. Het openbaar onderzoek werd georganiseerd van 26/02/2022 tot en met 27/03/2022.
Er werden geen bezwaren ingediend.
ADVIEZEN
Brandweer Hulpverleningszone Zuid-West Limburg
De Watergroep
Provinciale dienst Water & Domeinen
Inter
Fluvius
Dienst Patrimonium
Dienst Contractmanagement
Dienst Facilitair Management
Proximus
FOD Binnenlandse Zaken – Astrid veiligheidscommissie
MILIEUEFFECTENRAPPORTAGE
Het project komt voor op bijlage III van het project-mer-besluit wat maakt dat een project MER opgemaakt moet worden, tenzij de initiatiefnemer via een project-m.e.r.-screening kan aantonen dat het project geen aanzienlijke milieueffecten zal veroorzaken. Er werd een project-m.e.r.-screening bij de aanvraag gevoegd. De effecten op milieu en omgeving werden voldoende omschreven en uit de screening bleek dat de mogelijke milieueffecten van het project niet aanzienlijk zijn.
STEDENBOUWKUNDIG ADVIES
TOETSING AAN DE REGELGEVING EN VOORSCHRIFTEN
OVEREENSTEMMING MET BESTEMMINGS- EN STEDENBOUWKUNDIGE VOORSCHRIFTEN
Gewestplan
De aanvraag is volgens het geldende gewestplan Hasselt - Genk, goedgekeurd bij Koninklijk besluit op 3 april 1979, gelegen in gebied voor dagrecreatie.
De recreatiegebieden zijn bestemd voor het aanbrengen van recreatieve en toeristische accommodatie, al dan niet met inbegrip van de verblijfsaccommodatie. In deze gebieden kunnen de handelingen en werken aan beperkingen worden onderworpen teneinde het recreatief karakter van de gebieden te bewaren (artikel 16 van het Koninklijk besluit van 28 december 1972 betreffende de inrichting en de toepassing van de ontwerp-gewestplannen en de gewestplannen). De gebieden voor dagrecreatie bevatten enkel de recreatieve en toeristische accommodatie, bij uitsluiting van alle verblijfsaccommodatie.
Bijzonder plan van aanleg of verkaveling
De aanvraag is niet gelegen in een bijzonder plan van aanleg, noch in een behoorlijk vergunde en niet vervallen verkaveling.
Gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan
Het goed is gelegen binnen de omschrijving van het gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan “Afbakening regionaal stedelijk gebied Hasselt - Genk” dat op 20 juni 2014 definitief werd vastgesteld door de Vlaamse Regering. Er is geen bestemmingswijziging ten opzichte van het gewestplan voorzien voor dit perceel.
De aanvraag voldoet principieel aan de geldende bestemmingsvoorschriften.
Stedenbouwkundige verordeningen
Hemelwater
De aanvraag valt onder de toepassing van het besluit van de Vlaamse regering van 5 juli 2013 en latere wijzigingen, houdende vaststelling van een gewestelijke stedenbouwkundige verordening inzake hemelwaterputten, infiltratievoorzieningen, buffervoorzieningen en gescheiden lozing van afvalwater en hemelwater.
De plannen geven aan dat voor de nieuw opgerichte turnhal met een horizontale dakoppervlakte van 1.788m² een hemelwaterput wordt voorzien met een inhoud van 20 000 liter en recuperatie van het hemelwater voor het sanitair gebruik en een buitenkraan. De overloop van de hemelwaterput wordt aangesloten op een infiltratievoorziening waarvan de oppervlakte 100m² en het volume 30.000 liter bedraagt. Uit het voorwaardelijk gunstig van 22/03/2022 van de provinciale dienst Water en Domeinen blijkt dat het buffervolume van de infiltratievoorziening minimaal 44.700 liter moet bedragen voor een aangesloten verharde oppervlakte van 1.788 m². De infiltratie-oppervlakte moet minimaal 71,5 m² bedragen. Dit volume moet worden gerealiseerd onder het niveau van de noodoverloop van de infiltratievoorziening. Het infiltratieveld moet bovengronds worden uitgevoerd in de vorm van een verlaagd grasveld, waar de overloop van de hemelwaterputten op wordt aangesloten. Deze voorwaarden zullen opgenomen worden bij het afleveren van de omgevingsvergunning.
De verhardingen worden niet uitgebreid.
De aanvraag voldoet aan deze stedenbouwkundige verordening mits naleving van bovenstaande voorwaarden.
Riolering
Het perceel is op het zoneringplan voor riolering, goedgekeurd bij Ministerieel besluit de dato 19 september 2008, gelegen in “centraal gebied”.
Volgens de gekende gegevens is nog een gemengd rioleringsstelsel aanwezig.
Met betrekking tot de riolering werd de aanvraag voor advies voorgelegd aan rioleringsbeheerder Fluvius. Er werd geen advies geformuleerd door Fluvius binnen de gestelde adviestermijn. Er kan bijgevolg van uitgegaan worden dat aan het advies voorbijgegaan kan worden. Na onderzoek kunnen evenwel volgende opmerkingen en voorwaarden geformuleerd worden:
Algemene bepalingen betreffende riolering en waterafvoer:
We raden aan om:
Keuring privéwaterafvoer
Door het in voege treden van het Algemeen Waterverkoopreglement is de keuring van privéwaterafvoer verplicht vanaf 1 juli 2011. Elke rioleringsaansluiting op het openbaar saneringsnet dient een keuring van de privéwaterafvoer te ondergaan conform artikel 12, §1 van het Algemeen Waterverkoopreglement en dit bij de eerste ingebruikname van de privéwaterafvoer. Enkel de door Fluvius erkende keurders komen hiervoor in aanmerking (een lijst kan u terugvinden op de website van Fluvius: www.fluvius.be).
Toegankelijkheid
De aanvraag valt onder de toepassing van het besluit van de Vlaamse regering van 5 juni 2009 en latere wijzigingen, houdende vaststelling van een gewestelijke stedenbouwkundige verordening inzake toegankelijkheid. Dit besluit trad in werking op 1 maart 2010.
Het betreft art. 3: gebouwen waarbij de totale publiek toegankelijke oppervlakte groter of gelijk is aan 400m². De toegankelijkheidsnormen zijn van toepassing op alle nieuw te bouwen, te verbouwen of uit te breiden publiek toegankelijke delen.
Volgens het advies van Inter Vlaanderen verleend op 05/05/2022 voldoet de aanvraag aan deze stedenbouwkundige verordening mits voldaan wordt aan de opgelegde voorwaarden en opmerkingen:
“4 Normen
4.1 Buitenomgeving
4.1.1 Opvangen niveauverschillen buiten (art. 18-21)
Voorwaarden :
4.2 Het gebouw
4.2.1 Toegangen, deuropeningen en deuren (art. 22-26):
Voorwaarde:
4.2.2 Doucheruimtes (art. 29/2-32):
Voorwaarde:
Bijkomende informatie
Evacuatie bij brand:
De evacuatie van personen met een beperking bij brand dient door de ontwerper besproken met de plaatselijke brandweer en worden voorzien overeenkomstig het wijzigingsbesluit van 12 juli 2012 tot vaststelling van de basisnormen voor de preventie van brand en ontploffing waaraan de nieuwe gebouwen moeten voldoen. Alsook de specifieke voorzieningen bepaald in het BVR van
09 december 2011 inzake brand-veiligheidsnormen waaraan ouderenvoorzieningen en centra voor herstelverblijf moeten voldoen.
Ruimtes voor personeel:
Volgens de bepalingen art. 1 punt 15° en art. 2 §1 vallen de ruimtes die “alleen toegankelijk zijn voor werknemers” niet onder in de hierboven vermelde stedenbouwkundige verordening.
Doch volgens de bepalingen van de codex over het welzijn op het werk (Hoofdstuk 1, art. III. 1-3) is het noodzakelijk van nieuwe arbeidsplaatsen in te richten rekening houdend de eventuele tewerkstelling van werknemers met een handicap.
G – sport:
Aangezien het hier een turnzaal betreft willen we G-sport onder de aandacht brengen. De meeste sportrolstoelen hebben een vrije doorgangsbreedte van 110 cm nodig, enkel tennissportrolstoelen hebben een vrije doorgangsbreedte van 120 cm nodig.”
Watertoets
Het decreet betreffende het integraal waterbeleid van 18 juli 2003, gewijzigd door het wijzigingsdecreet Integraal Waterbeleid van 19 juli 2013, verplicht de vergunningverlenende overheid om de watertoets uit te voeren bij elke aanvraag tot omgevingsvergunning. Dit decreet vormt het juridisch kader voor het integraal waterbeleid in Vlaanderen. Het decreet bevat ook de omzetting van de kaderrichtlijn Water en de Overstromingsrichtlijn.
Het voorliggende bouwproject heeft geen omvangrijke oppervlakte en ligt niet in een recent overstroomd gebied of een risicozone voor overstromingen, zodat in alle redelijkheid dient geoordeeld te worden dat het schadelijk effect beperkt is. Enkel wordt door de toename van de verharde oppervlakte de infiltratie van het hemelwater in de bodem plaatselijk beperkt. Voor het betrokken project werd de watertoets uitgevoerd volgens de richtlijnen van het uitvoeringsbesluit van 20 juli 2006. Dit Watertoetsbesluit werd gewijzigd bij Besluit van de Vlaamse Regering van 14 oktober 2011. Dit besluit is in werking getreden op 1 maart 2012.
Daaruit volgt dat een positieve uitspraak mogelijk is indien de gewestelijke stedenbouwkundige verordening hemelwater wordt nageleefd. Zoals hoger aangehaald voldoet het voorliggende ontwerp aan deze verordening mits het naleven van de opgelegde voorwaarden. Het ontwerp is verenigbaar met de doelstellingen van artikel 5 van het decreet integraal waterbeleid.
De aanvraag doorstaat de watertoets.
Decretale beoordelingselementen
Art. 4.3.5. Uitgeruste weg
§ 1. Een omgevingsvergunning voor het bouwen van een gebouw met als hoofdfunctie “wonen”, “verblijfsrecreatie”, “dagrecreatie”, met inbegrip van sport, “detailhandel”, “dancing”, “restaurant en café”, “kantoorfunctie”, “dienstverlening”, “vrije beroepen”, “industrie”, “bedrijvigheid”, “gemeenschapsvoorzieningen” of “openbare nutsvoorzieningen”, kan slechts worden verleend op een stuk grond, gelegen aan een voldoende uitgeruste weg, die op het ogenblik van de aanvraag reeds bestaat.
§ 2. Een voldoende uitgeruste weg is ten minste met duurzame materialen verhard en voorzien van een elektriciteitsnet. De Vlaamse Regering kan bepalen in welke gevallen, en onder welke voorwaarden, gelet op de plaatselijke toestand, van deze minimale uitrusting kan worden afgeweken.
De aanvraag voldoet aan deze bepaling.
Archeologienota
Conform het Onroerenderfgoeddecreet de dato 12 juli 2013 en latere wijzigingen is een bekrachtigde archeologienota toegevoegd aan de aanvraag. Op 18/12/2021 nam het Agentschap Onroerend Erfgoed akte van de archeologienota met referentie: https://id.erfgoed.net/archeologie/archeologienotas/20804. Als voorwaarde bij de omgevingsvergunning zal worden opgelegd dat het programma van maatregelen zoals opgenomen in de archeologienota dient te worden nageleefd.
Overige regelgeving
Energiedecreet
De aanvraag dient te voldoen aan het energiedecreet van 8 mei 2009 en het energiebesluit van 19 november 2010 en hun latere aanvullingen en wijzigingen.
Slopen
De afbraak dient te gebeuren tot in de grond en de plaats moet hersteld worden in de vorige toestand. Aan de afbraak is geen milieuvergunningsplicht verbonden, wel dient rekening gehouden te worden met de wettelijke verplichtingen opgenomen in het Vlarem II, omgevingsvergunningsdecreet, het bodemsaneringsdecreet en het materialendecreet. Vooraleer te starten met de afbraakwerken dienen de constructies volledig ontruimd te worden. De afvalstoffen die vrijkomen bij de afbraakwerken dienen selectief ingezameld te worden.
Alle bouw-, sloop- en infrastructuurwerken in open lucht dient te gebeuren conform de bepalingen van Vlarem II, hoofdstuk 6.12 Beheersing van stofemissies tijdens bouw- , sloop- en infrastructuurwerken”, indien deze uitgevoerd worden door een aannemer.
Het verwijderen van asbest dient te gebeuren conform de bepalingen van Vlarem II Beheersing van asbest, hoofdstuk 6.4.
Grondverzet
Uit het ingediende dossier blijkt niet dat een grondverzet (met aanvoer/ afvoer) van meer dan 250m³ zal plaatsvinden. De regelgeving omtrent grondverzet is niet van toepassing.
De aanvraag is verenigbaar met de regelgeving.
Toetsing AAN DE goede ruimtelijke ordening
OMSCHRIJVING VAN DE FEITELIJKE AANVRAAG
De aanvraag omvat het bouwen van een turnhal.
BEOORDELING VAN DE GOEDE RUIMTELIJKE ORDENING
De overeenstemming met een goede ruimtelijke ordening wordt beoordeeld met inachtneming van volgende beginselen:
1° het aangevraagde wordt, voor zover noodzakelijk of relevant, beoordeeld aan de hand van aandachtspunten en criteria die betrekking hebben op de functionele inpasbaarheid, de mobiliteitsimpact, de schaal, het ruimtegebruik en de bouwdichtheid, visueel-vormelijke elementen, cultuurhistorische aspecten en het bodemreliëf, en op hinderaspecten, gezondheid, gebruiksgenot en veiligheid in het algemeen, in het bijzonder met inachtneming van de doelstellingen van artikel 1.1.4;
2° het vergunningverlenende bestuursorgaan houdt bij de beoordeling van het aangevraagde rekening met de in de omgeving bestaande toestand, doch het kan ook beleidsmatig gewenste ontwikkelingen met betrekking tot de aandachtspunten, vermeld in 1°, in rekening brengen;
Omschrijving ligging en omgeving
Het perceel van de aanvraag is gelegen op het recreatiedomein “Basvelden” en wordt ontsloten via de Muizenstraat en de Herestraat, twee gemeentewegen ten zuidoosten van het centrum van Zonhoven. De omgeving wordt gekenmerkt door voornamelijk residentiële bebouwing in open en halfopen verband langsheen de straten die het recreatiegebied omzomen en ten zuiden bevindt zich een ingesloten groengebied. Op het perceel van de aanvraag zelf zijn diverse gebouwen en aangelegde terreinen in functie van sport en recreatie aanwezig. De sportvelden worden door bomenrijen gescheiden van mekaar en worden opgedeeld in ‘groene landschapskamers’. Centraal is er een gebouw met cafetaria, gezamenlijke kleedkamers en bergingen.
De zone tussen het centraal gebouw, het polyvalent terrein en de speeltuin wordt aangeduid als bouwzone. Het terrein bevat de bestaande toegangsweg maar is verder onbebouwd en vlak. Naast de weg staan wat lage struiken en een aantal vrijstaande bomen. Door de reeds aanwezige infrastructuur en de bestaande bebouwing, is de structuur van het gebied bekend.
Omschrijving van de aanvraag
De aanvraag betreft het bouwen van een turnhal. Volgende werkzaamheden gaan hier met gepaard:
De verdere invulling van het recreatiegebied, de aanleg van de wandelpaden, de groenaanleg, de parkeerinfrastructuur en de hieraan gekoppelde mobiliteitsimpact vallen buiten de scope van de aanvraag en zullen, indien vergunningsplichtig, in een volgend dossier worden behandeld. In dit dossier worden dus geen verhardingen voorzien.
Functionele inpasbaarheid in de onmiddellijke en ruime omgeving
De inplanting van een nieuwe turnhal is functioneel inpasbaar op de recreatiesite van de “Basvelden”.
Mobiliteitsimpact
De bezoekers van de turnhal kunnen gebruik maken van de bestaande parking langs de Herestraat, alsook van de bestaande parking aan de Muizenstraat die ook toegang verleent aan de site. De parkings zijn telkens in lussen georganiseerd waardoor het verkeer vlot af te wikkelen is. Op de site is er geen gemotoriseerd verkeer. Gezien de grootte van de site, zal de bijkomende verkeersdruk eerder beperkt zijn. Er wordt geen negatieve impact verwacht op de mobiliteit door voorliggende aanvraag.
De schaal van de voorgenomen werken, het ruimtegebruik en de bouwdichtheid
De site van ‘de Basvelden’ is een uniek recreatieterrein met een hoge dichtheid aan verschillende sportverenigingen. De komst van de turnkring biedt een kans om dit reeds goed gebruikte en interessant gelegen gebied verder op te waarderen. Er wordt bewust gekozen om op de bestaande site verder te intensifiëren in plaats van nieuwe gronden aan te snijden.
Bij de inplanting wordt er voor gezorgd dat het gebouw aansluit bij de reeds aanwezige wegenis en verhardingen zodat deze minimaal moeten worden uitgebreid. De toegang tot het nieuwe gebouw bevindt zich bovenaan op de knoop van de hoofdassen van het terrein en zoekt aansluiting bij die van het centrale gebouw. Aan de achterzijde van het gebouw wordt een poort voorzien voor leveringen van materiaal en onderhoud. Deze toegang is eenvoudig bereikbaar vanaf de parking langs de Herestraat.
De turnhal heeft een oppervlakte van 1.788m² (38,07 meter op 46,97 meter). De site kan de gevraagde oppervlakte dragen. De hoogte van de turnhal wordt afgestemd op zijn gebruik, 10 meter vrije hoogte boven de trampolines (bouwhoogte 11,55 meter t.o.v. het voorliggende maaiveld) en 6.5 meter voor de rest van het gebouw (bouwhoogte 8,95 meter t.o.v. het voorliggende maaiveld). Zo wordt de hoogte ten opzichte van de omgeving enigszins beperkt en aanvaardbaar.
Het ontwerp tracht het groene karakter van de omgeving en de doorwaadbaarheid van het terrein zoveel mogelijk te bewaren door het nieuwe volume los te plaatsen van de bestaande infrastructuur. Bovendien krijgt het volume een hoekverdraaiing ten opzichte van het centrale gebouw waardoor de smalle doorgang zich maximaal opent naar de omgeving. Dit komt zowel de sociale controle als de veiligheid ten goede. Een hernivellering van het terrein maakt integraal deel uit van het ontwerp en geleidt de belangrijkste zachte verkeersstromen rondom de nieuwe turnhal. Ook vormelijk creëren de schuine lijnen van de terrasheuvel een zekere samenhang tussen de verschillende typologieën van het centrale gebouw met zadeldak, de turnhal en het nieuwe tribunegebouw voor de voetbal.
De aanvraag omvat ook het kappen van verschillende bomen. Een deel van deze bomen bevinden zich binnen de bouwzone, één eik net links van de bouwzone. Het is onvermijdbaar deze bomen te kappen. Deze kap dient gecompenseerd te worden door aanplant van 1 nieuwe zomereik en 1 inheemse hoogstam loofboom op het terrein (locatie en soort te bepalen in samenspraak met de dienst Facilitair management), plantmaat 18/20.
Zes van de te kappen bomen, eiken, bevinden zich verder van de bouwzone en maken deel uit van een waardevolle bomenrij. Het is niet noodzakelijk deze bomen te kappen. Gezien de waarde van deze bomen en de bomenrij dienen deze 6 bomen behouden te blijven, alsook beschermd te worden tijdens de werkzaamheden.
Visueel-vormelijke elementen
Op de site bevinden zich diverse sporttakken waarbij ook enkele gebouwen. Deze gebouwen zijn divers in architectuur en kleur en bevinden zich verspreid over de site. Het voorziene gebouw integreert zich goed binnen dit geheel, door de vrij eenvoudige vormgeving en materiaalgebruik.
Het gebouw wordt immers geconcipieerd als een massieve sokkel in beton met een uitkragende, transparante bovenbouw in plaatmateriaal, glas en metaal. Deze sterke geleding in de gevel reduceert gevoelsmatig de bouwhoogte van de turnhal.
Bodemreliëf
Aan de noord- en westzijde van de turnhal wordt een ophoging van het terrein voorzien in de vorm van hellingen. De maximale ophoging bedraagt 3,10 meter t.o.v. het oorspronkelijke maaiveld. De reliëfwijziging helpt mee om het gebouw op een natuurlijke manier terug af te bouwen naar de omgeving toe en sluit naadloos aan met de omliggende sportterreinen. Op de helling worden zitelementen voorzien, die bij mooi weer een aangename ontmoetingsplek kunnen vormen voor sporters, supporters en wandelaars. De voorgestelde reliëfwijziging is ruimtelijk aanvaardbaar.
Hinderaspecten met betrekking tot gezondheid, gebruiksgenot en veiligheid in het algemeen
Door het voorzien van dit nieuwe gebouw zal de club beschikken over een hedendaagse accommodatie, aangepast aan de huidige normen van comfort, duurzaamheid, enz. Er wordt geen hinder verwacht met betrekking tot de gezondheid, het gebruiksgenot en de veiligheid in het algemeen door voorliggende aanvraag.
De aanvraag voldoet aan de criteria voor de goede ruimtelijke ordening in de onmiddellijke en ruime omgeving mits voorwaarden.
De 6 eiken het verst verwijderd van de bouwzone, die deel uitmaken van een bomenrij, mogen niet worden gekapt.
BESPREKING ADVIEZEN
1.- Het advies van 22/03/2022 van de provinciale dienst Water en Domeinen is voorwaardelijk gunstig:
“Hierbij kan ik u meedelen dat het dossier in het kader van de watertoets voorwaardelijk gunstig beoordeeld werd. Ik verzoek u evenwel de voorwaarden in de omgevingsvergunning op te nemen zoals ze geformuleerd werden in het bijgaand advies.
DEEL 1 INLICHTINGENFICHE
Ligging van het perceel:
• kadaster: gemeente Zonhoven, afdeling 3, sectie E, nr. 269E
• adres: Muizenstraat 32B
• niet gelegen in een overstromingsgevoelig gebied
Documenten
• aanstiplijst bij stedenbouwkundige verordening: niet bijgevoegd
Waterloop en machtiging
• stroomgebied van de onbevaarbare waterlopen: SLANGBEEK, nummer 211, categorie: 2de - ROOSTERBEEK, nummer 43, categorie: 2de
• watering: neen
DEEL 2 WATERADVIES I.V.M. DE WATERTOETS
(art. 1.3.1.1 van het decreet van 18 juli 2003 betreffende het integraal waterbeleid, gecoördineerd op 15 juni 2018)
1 Beschrijving van het watersysteem
• Het betreft een activiteit binnen het stroomgebied van een onbevaarbare waterloop van 2de resp. 2de categorie.
• Het perceel is volgens het gewestplan gelegen in recreatiegebied;
• Het perceel is daarenboven gelegen in:
o het bekken van de Demer
o het deelbekken Midden-Demer
2 Waterplannen
Het stroomgebiedbeheerplan van de Schelde is van toepassing.
3 Toetsen aan de doelstellingen decreet integraal waterbeheer, gecoördineerd op 15 juni 2018 – artikel 1.2.2
De adviesvraag handelt over de richtlijn gewijzigd afstromingsregime.
Vanaf een verharde oppervlakte van meer dan 1 000 m² moet door de vergunningverlenende instantie advies worden gevraagd aan de waterbeheerder met betrekking tot mogelijke schadelijke effecten op de toestand van het oppervlaktewater. In het kader daarvan moet voldaan worden aan de volgende voorwaarden:
Het volume van de open infiltratievoorziening moet minimaal 250 m³/ha verharde oppervlakte bedragen (los van de aanwezige hemelwaterputten en verhoogd hergebruik), de infiltratieoppervlakte moet minimaal 4 % van de verharde oppervlakte bedragen. Indien een infiltratieproef wordt uitgevoerd kan de dimensionering van de infiltratievoorziening aangepast worden aan de infiltratieoppervlakte en de infiltratiecapaciteit (rekening houdend met een terugkeerperiode van 20 jaar). Richtwaarden in dat verband zijn terug te vinden in onderstaande tabel. De infiltratiegracht/bekken moet minimaal 30 cm dekking behouden boven de hoogste grondwaterstand (aan te tonen), en moet vlak of in tegenhelling worden aangelegd. Bodem en wanden moeten in waterdoorlatende materialen worden uitgevoerd en ingezaaid met gras. De infiltratiegracht/bekken kan niet worden beplant met verlandingsvegetatie (bv. riet).
infiltratiecap. | infiltratiecap. minimale dimensioneringsvoorwaarden | of |
20-50 mm/h (fijn zand)
| 400 m³/ha verharde oppervlakte (v.o.), inf.opp. van min. 4 % vd v.o.
| 250 m³/ha vo en 20 % inf.opp.
|
50-100 | 350 m³/ha vo en 4 % inf.opp..
| 250 m³/ha vo en 10 % inf.opp |
>100 | 250 m³/ha vo en 4 % inf.opp.
|
|
Infiltratievoorziening:
Zie tekening bij advies.
Er moet een dwarsprofiel van het open bufferbekken bijgebracht worden met het niveau van de verschillende inloopleidingen en noodoverloop. Het volume dat voor nuttige buffering instaat is het volume onder de overloop.
Aan deze voorwaarden is niet voldaan: het buffervolume moet minimaal 44700 liter voor een aangesloten verharde oppervlakte van 1788 m². De infiltratie-oppervlakte moet minimaal 71,5 m² bedragen.
DEEL 3 CONCLUSIES ONDERZOEK WATERBEHEERDER
Uit de toepassing van de nadere regels voor de toepassing van de watertoets bij besluit van de Vlaamse Regering van 20 juli 2006, en latere wijzigingen, is gebleken dat het bouwen van een turnzaal een verandering van de toestand van watersystemen (of bestanddelen ervan) tot gevolg heeft. Deze verandering heeft geen betekenisvol schadelijk effect op het milieu voor zover de volgende voorwaarden worden opgenomen in de vergunning:
Het wateradvies is dan ook voorwaardelijk gunstig.”
De gemeentelijke omgevingsambtenaren sluiten zich aan bij dit advies. De voorwaarden en opmerkingen gesteld in het advies zoals hoger aangehaald, dienen gevolgd te worden.
2.- Het advies van 13/05/2022 van de brandweer Hulpverleningszone Zuid-West Limburg is voorwaardelijk gunstig.
“De hulpverleningszone Zuid-West Limburg geeft een GUNSTIG brandweeradvies mits het naleving van hogervermelde voorwaarden en opmerkingen.
Op het ogenblik van de beëindiging van de werken, dient de aanvrager de preventieafgevaardigde van de betreffende brandweerpost hiervan in te lichten, ten einde de burgemeester op de hoogte te kunnen brengen van het feit of er al dan niet aan de opgelegde brandvoorkomingsmaatregelen gevolg werd gegeven. Gelieve bij elke correspondentie de nummering onder “ons kenmerk” te vermelden.”
3.- Het advies van 23/02/2022 van Proximus is gunstig:
“Met aandacht hebben wij uw adviesvraag onderzocht. Proximus voorziet geen uitbreidingen voor de aansluiting van dit project. Aanvragen tot aansluiting op het Proximus netwerk kunnen door de aanvrager gericht worden naar onze klantendienst via het nummer 0800 22 800. In functie van de beschikbare capaciteit van onze infrastructuur op dat moment, bekijken we de mogelijkheden om een aansluiting te voorzien.”
De gemeentelijke omgevingsambtenaren sluiten zich aan bij dit advies.
4.- Het advies van 05/05/2022 van Inter is voorwaardelijk gunstig zoals hierboven reeds weergegeven.
De gemeentelijke omgevingsambtenaren sluiten zich aan bij dit advies. De voorwaarden en opmerkingen gesteld in het advies zoals hoger aangehaald, dienen gevolgd te worden.
5.- Het advies van 22/02/2022 van FOD Binnenlandse Zaken – Astrid veiligheidscommissie is voorwaardelijk gunstig:
“Gezien de mogelijke gelijktijdige publieke toegankelijkheid het criterium van 150 personen ruim overschrijdt, heeft de commissie besloten dat er indoordekking dient aanwezig te zijn.”
De gemeentelijke omgevingsambtenaren sluiten zich aan bij dit advies. De voorwaarden en opmerkingen gesteld in het advies zoals hoger aangehaald, dienen gevolgd te worden.
6.- Het advies van 01/03/2022 van De Watergroep is voorwaardelijk gunstig:
“Advies Aftakkingen en Aansluitingen
Gedeeltelijk gunstig advies met voorwaarden
Er is geen uitbreiding/verzwaring van het drinkwaternet noodzakelijk.
De plaats van de watermeter(s) dient te beantwoorden aan de voorschriften van De Watergroep. Het meterlokaal moet aangepast zijn aan de diameter van de aftakking.
In het meterlokaal moet een werkput voorzien worden van 1 x 1 x 1,2m. Vanuit deze put tot buiten het gebouw moet een wachtbuis van minstens 150mm geplaatst worden.
Bij het ontwerp moet rekening gehouden worden met het volgende:
Het is niet toegelaten om een automatische brandblusinstallatie zoals bv een sprinklerinstallatie rechtstreeks aan te sluiten op het drinkwaternet. De sprinkler moet aangesloten worden via een drukloos voorraadvat.
De Watergroep zet alle passende middelen in om de continuïteit van de waterlevering op elk moment te verzekeren. De Watergroep levert water onder normale druk op straatniveau. De klant moet zelf de nodige maatregelen treffen om de door hem gewenste druk en het door hem gewenste debiet te garanderen op de aftappunten (ook deze voor brandbestrijding).
De diameter van de aftakking wordt door De Watergroep bepaald op basis van het effectieve verbruik (hierbij wordt geen rekening gehouden met bluswater).
De Watergroep plaats geen hydranten op privaat terrein.
De kosten van de nieuwe aftakkingen zijn ten laste van de aanvragers.
De Watergroep heeft een belangrijke leiding in erfdienstbaarheid op het terrein waarvoor een adviesaanvraag is gedaan.
De toegang en doorgang op het terrein moet permanent en zonder de minste hinder mogelijk blijven: 24 uur op 24, 7 dagen op 7, onmiddellijk, veilig en zonder tussenkomst van derden. Deze geldt voor de personeelsleden, aannemers en/of onderaannemers die werken voor De Watergroepen voor al het benodigd materiaal en vervoersmiddelen
De toegang tot het perceel moet ook bij stroomonderbreking mogelijk zijn. Toegang via elektrische poorten, toegangscodes, badges, enz. is dan ook niet toegestaan.
Binnen deze zone van erfdienstbaarheden mag niet overgegaan worden tot:
De Watergroep heeft in het kader van deze erfdienstbaarheid het recht na voorafgaande ingebrekestelling bij aangetekend schrijven om de plaats in haar vroegere toestand te herstellen op kosten van de overtreders onverminderd de schadevergoedingen waartoe deze overtredingen aanleiding zouden kunnen geven.
De bedekking boven bedoelde erfdienstbaarheidszone moet met normale mechanische handwerktuigen kunnen worden verwijderd en nadien teruggeplaatst zodat deze in haar oorspronkelijke staat kan hersteld worden op kosten van de Eigenaar. Monoliete verharding (bitumen, beton) is niet toegestaan en de kosten ten gevolge van een eventuele herstelling hiervan zullen evenmin worden gedragen door De Watergroep.
De bouwheer moet ervoor instaan dat alle toestellen, brandkranen en/of merktekens, zichtbaar, bereikbaar en in stand gehouden worden.”
De gemeentelijke omgevingsambtenaren sluiten zich aan bij dit advies. De voorwaarden en opmerkingen gesteld in het advies zoals hoger aangehaald, dienen gevolgd te worden.
7.- Het advies van 25/02/2022 van Dienst Facilitair Management is voorwaardelijk gunstig:
“Gunstig mits voldaan wordt aan volgende voorwaarden:
aanleg van het infiltratieveld moet op een dusdanige manier gebeuren dat het onopvallend deel uit maakt van het landschap. Dus best uitvoeren over een zo groot mogelijke oppervlakte, met zo zacht mogelijke hellingen. De zone van het infiltratieveld moet ook, als het droog is, als speelruimte en/of gebruiksruimte kunnen gebruikt worden.”
De gemeentelijke omgevingsambtenaren sluiten zich aan bij dit advies. De voorwaarden en opmerkingen gesteld in het advies zoals hoger aangehaald, dienen gevolgd te worden. Omtrent het kappen van de bomen worden door de gemeentelijke omgevingsambtenaren bijkomende voorwaarden opgelegd, zoals eerder in dit verslag aangehaald.
8.- Het advies van 25/02/2022 van Dienst Patrimonium is gunstig:
De gemeentelijke omgevingsambtenaren sluiten zich aan bij dit advies.
9.- Het advies van 23/02/2022 van Dienst Contractmanagement is voorwaardelijk gunstig:
“Gunstig onder de voorwaarde van het bekomen van een recht van opstal of recht van erfpacht van de gemeente Zonhoven op de gronden gebruikt voor de bouw van het gebouw. De landmeter-expert zal aangesteld worden ná het bekomen van de omgevingsvergunning aangezien de grenzen van het gebouw dan pas met zekerheid bepaald kunnen worden. Hierna kan pas de notariële akte opgemaakt worden.”
De gemeentelijke omgevingsambtenaren sluiten zich aan bij dit advies. De voorwaarden en opmerkingen gesteld in het advies zoals hoger aangehaald, dienen gevolgd te worden.
10. Het advies van Fluvius werd niet binnen de wettelijk opgelegde termijn ontvangen. Er wordt bijgevolg aan de adviesvereiste voorbij gegaan.
Uit de bovenstaande motivering blijkt dat de schaal en het uiterlijk van de voorgenomen werken op voldoende wijze ruimtelijk inpassen in de onmiddellijke en ruime omgeving, dat de ruimtelijke draagkracht van het gebied niet wordt overschreden en dat de voorziene verweving van functies de aanwezige of te realiseren bestemmingen in de onmiddellijke omgeving niet in het gedrang brengen noch verstoren. De aanvraag is verenigbaar met de goede ruimtelijke ordening.
De 6 eiken het verst verwijderd van de bouwzone, die deel uitmaken van een bomenrij, mogen niet worden gekapt.
MILIEUTECHNISCH ADVIES
De aanvraag betreft een nieuwe inrichting voor de uitbating van een turnhal.
Met volgende aangevraagde rubrieken:
Ligging ten opzichte van de buurt
De inrichting is volgens het gewestplan in recreatiegebied.
BODEM
Geen risico-inrichting.
GELUIDSHINDER
Door de aard van de activiteiten van het bedrijf kan geluidshinder waar te nemen buiten het bedrijf: warmtepompen en ventilatiegroep.
Het bedrijf neemt reeds volgende maatregelen: De ventilatiegroepen worden in het gebouw opgesteld in een daarvoor bestemd lokaal. Het luchtkanaalnet van de hygiënische ventilatie wordt voorzien van geluiddempers om de akoestiek in het gebouw te verbeteren en de effecten op de omgeving te beperken. Alle technische installaties die trillingen kunnen veroorzaken, worden gemonteerd op sokkels met trillingsdempers of trillingsisolatie. Bij de selectie van de toestellen wordt rekening gehouden met VLAREM.
LUCHTVERONTREINIGING
De verwarming van de gebouwen gebeurt met : warmtepomp. Geen effecten te verwachten.
LICHTBEHEERSING
Gelet op hoofdstuk 4.6 van Vlarem II: het gebruik en de intensiteit van lichtbronnen in open lucht zijn beperkt tot de noodwendigheden inzake uitbating en veiligheid. Niet-functionele lichtoverdracht naar de omgeving wordt maximaal beperkt. Klemtoonverlichting wordt gericht op de inrichting of onderdelen ervan.
Sectorale voorwaarden
De sectorale voorwaarden van rubriek 32 zijn van toepassing. In deze voorwaarden worden bouwspecificaties opgelegd, met name in artikel 5.32.3.2; 5.32.3.3; 5.32.3.6; 5.32.3.8.
Als bijkomende informatie werd opgevraagd of het ontwerp voldoet aan deze sectorale voorwaarden. De aanvrager heeft een bijkomende nota ingediend waarbij elk wetsartikel getoetst werd aan het ontwerp met als eindconclusie dat de bouw voldoet aan deze voorwaarden.
LOZING VAN AFVALWATER
Volgende waterstromen komen vrij:
HUISHOUDELIJK AFVALWATER
Het huishoudelijk afvalwater is afkomstig van sanitaire bronnen.
De inrichting ligt in een centraal gebied of in een collectief geoptimaliseerd buitengebied wat maakt dat een septische put niet geplaatst moet worden.
Rubriek 3.2 lozen huishoudelijk afvalwater is niet van toepassing omdat er minder dan 600 m³/jaar geloosd wordt.
De overloop van het infiltratieveld wordt aangesloten op de interne riolering wat uitkomt op het gemengd stelsel van de Muizenstraat. Op de terreinen van de Basvelden ligt een intern grachtenstelsel met goed onderhouden, waterdragende grachten. Gelet op het hemelwater en droogteplan waarbij maximaal wordt ingezet op infiltratie ter plaatse, wordt in dit dossier voorgesteld om de overloop van het infiltratieveld aan te sluiten op het intern grachtenstelsel. Een open gracht ligt immers op 125 meter van het infiltratieveld. Onderzocht moet worden of een verbinding gemaakt kan worden tussen het infiltratieveld en deze open gracht om het overtollige water via het intern grachtenstelsel te laten afvoeren, hierbij rekening houdend met het wortelgestel van de aanwezige bomen.
AFVALSTOFFEN
Te voldoen aan de wettelijke bepalingen inzake afvalstoffen van het Vlarema.
LIGGING IN KWETSBAAR GEBIED
Het perceel 296E grenst aan habitatrichtlijngebied. De locatie van de nieuwe turnhal ligt op 275 meter van het habitatrichtlijngebied wat maakt dat hinder niet verwacht wordt.
De voortoets werd bijgevolg niet uitgevoerd.
AANGEVRAAGDE RUBRIEKEN
Volgende onderdelen uit het bedrijf dienen nog voorzien van een omgevingsvergunning :
vergunningstermijnen
Het omgevingsproject vraagt een omgevingsvergunning van onbepaalde duur.
ADVIES –VOORWAARDEN – DUUR:
Advies – voorwaarden:
Gelet op het onderzoek dat ingesteld werd door de gemeentelijke omgevingsambtenaar, gebaseerd op de gegevens die beschikbaar werden gesteld door de bedrijfsleiding binnen het omgevingsproject wordt volgende geadviseerd:
Gunstig mits volgende voorwaarden worden opgelegd:
Duur:
De vergunningsduur kan verleend worden voor onbepaalde duur.
GECOÖRDINEERD EINDADVIES
Uit bovenstaande motiveringen blijkt dat de aanvraag in overeenstemming is met de wettelijke bepalingen inzake milieu en ruimtelijke ordening, en dat het voorgestelde ontwerp verenigbaar is met de goede plaatselijke ordening en met zijn onmiddellijke omgeving.
De aanvraag is vatbaar voor een omgevingsvergunning voor het bouwen van een turnhal en de exploitatie ervan, met volgende aangevraagde rubrieken:
mits het opleggen van voorwaarden.
De 6 eiken het verst verwijderd van de bouwzone, die deel uitmaken van een bomenrij, mogen niet worden gekapt. Deze bomen dienen tijdens de werkzaamheden te allen tijde beschermd te worden.
Bijgevolg adviseert de omgevingsambtenaar het dossier voorwaardelijk gunstig voor het bouwen van een turnhal en de exploitatie ervan met volgende aangevraagde rubrieken:
zoals voorgesteld op de voorgebrachte plannen die als bijlage aan de aanvraag zijn verbonden en voor zover rekening gehouden wordt met de gestelde voorwaarden:
Deze vergunning stelt de aanvrager niet vrij van het aanvragen en verkrijgen van eventuele andere vergunningen of machtigingen.
Het college van burgemeester en schepenen volgt integraal het advies van de gemeentelijk omgevingsambtenaar omtrent het sluiten van het openbaar onderzoek en het afleveren van een omgevingsvergunning met voorwaarden aan de aanvrager.
Het college van burgemeester en schepenen beslist tot het afleveren van een omgevingsvergunning met voorwaarden aan de aanvrager.
De omgevingsvergunning omvat het bouwen van een turnhal en de exploitatie ervan, met volgende aangevraagde rubrieken:
zoals voorgesteld op de voorgebrachte plannen die als bijlage aan deze omgevingsaanvraag zijn verbonden en voor zover rekening gehouden wordt met de gestelde voorwaarden.
De omgevingsvergunning wordt aldus afgegeven onder volgende voorwaarden:
Deze vergunning stelt de aanvrager niet vrij van het aanvragen en verkrijgen van eventuele andere vergunningen of machtigingen.