Het betreft een droogzuiging voor de bouw van 2 appartementsblokken, ondergrondse garage, plaatsing van hemelwater/infiltratieputten en een liftput te Pieter Demuynckstraat, afd 2, sectie C, nrs. 1296C2, 1296B2, 1296H2, 1296G2.
In de aanvraag wordt ten onrechte perceel 1296R2 opgenomen. Dit perceel is onbestaand. Vermoedelijk dient dit 1296G2 zijn.
Voor blokken 2 en 3 wordt 1 gezamenlijke ondergrondse garage gebouwd. Voor de realisatie van deze bouw moet een grondwatertafelverlaging van ca 2,50m bekomen worden. Er zullen 47 aanzuigpunten geplaatst worden voor de kaderbemaling, op een diepte van 10 meter, voor de Blok 2 en 3, met een grootte van 60 m x 17m. Het initiële debiet bedraagt 94 m³/uur gedurende 14 dagen. Na het bereiken van de gewenste verlaging valt het debiet terug naar 55 m³/uur, voor een totale periode van 120 dagen.
Bijkomend wordt voor Blok 1 ter hoogte van de regenwater/infiltratieputten een 5-tal en voor de liftput een 6-tal blokken voorzien. Deze bemaling zal niet samen gebeuren met de kaderbemaling.
Het totale debiet bedraagt 156 000 m³.
Retourbemaling zou volgens het studiebureau niet mogelijk zijn gezien het hoge ijzergehalte in het grondwater. Dit zorgt voor verstoppingen van de infiltratieputten op korte termijn.
Indien er meer dan 10 m³/uur geloosd wordt op een gemengd stelsel, dient op voorhand een toelating bij Aquafin aangevraagd te worden.
Het lozingspunt bevindt zich op de Hemmenbeek. In 2021 werd de Hemmenbeek uitgeschreven uit de Atlas der Waterlopen, op initiatief van de provincie Limburg.
Deze beek is dus niet bestaand en is in feite een gemengd rioleringsstelsel wat maakt dat de Hemmenbeek niet beschouwd kan worden als een lozing op oppervlaktewater. Een toelating moet bekomen worden van Aquafin gezien de lozing op het gemengd stelsel van de Kleine Hemmenweg.
In de onmiddellijk omgeving is er de RWA van de Steentweg. Doch mondt deze streng uit in het gemengd stelsel van de Houthalenseweg wat maakt dat er geen ecologische meerwaarde is om het lozingspunt naar de Steentweg te verleggen.
Door het studiebureau VDC werd een bijkomende nota toegevoegd aangaande de effecten van de bemaling. Hierin worden voorstellen gedaan om het debiet van de bemaling te beperken:
- Starten met hoger dagdebiet kan zorgen dat de vereiste verlaging sneller bereikt wordt en er uiteindelijk netto minder grondwater wordt opgepompt;
- Permanente evaluatie of de bemaling nog vereist is, ook als de werf stilligt;
- Als de constructie al waterdicht is, maar nog niet voldoende zwaar om de opgestuwde kracht te compenseren kan extra ballast worden aangebracht. Dit voorkomt opdrijven van de constructie wanneer de bemaling wordt stopgezet.
Er kan akkoord gegaan worden met punten 2 en 3. Punt 1 is niet verder uitgewerkt, over welke verhoogde debieten dit zou gaan, wat maakt dat dit niet als op te nemen voorwaarden beschouwd wordt.
De aanvraag is realistisch en kan gunstig beoordeeld worden gezien het beperkt debiet en de beperkte tijdsduur.
Gunstig voor een bronbemaling te Pieter Demuynckstraat, 2de afd, sectie C, nrs. 1296C2, 1296B2, 1296H2, 1296G2, voor de realisatie van 2 appartementsblokken, ondergrondse garage, plaatsing van hemelwater/infiltratieputten en een liftput, voor een totaaldebiet van 156 000 m³, mits volgende voorwaarden:
- Een peilgestuurde bemaling wordt ingezet voor de kaderbemaling om de grondwaterverlaging te beperken tot het absolute minimum. Een goede dimensionering en afregeling van de bemaling is essentieel, zeker bij vorst.
Permanente evaluatie of de bemaling nog vereist is, ook als de werf stilligt. - De mogelijkheid tot hergebruik van het grondwater wordt aangeboden aan derden. Dit kan door de plaatsing van een open opvangbak met overloop naar het gemengd stelsel, op de rooilijn. Via de toegestuurde affiche maakt de bouwheer dit kenbaar aan derden met eventueel zijn/haar contactgegevens erbij.
- Een goed functionerende debietsteller moet aanwezig zijn op elke pomp.
- De start en stopdatum van de bemaling wordt gemeld aan de gemeentelijke dienst milieubeleid via leefmilieu@zonhoven.be.
- De sectorale voorwaarden van Vlarem II, hoofdstuk 5.53, moeten nageleefd worden.
- Gezien het lozingspunt de Kleine Hemmenweg is en hier geen oppervlaktewater aanwezig is wat maakt dat er een lozing van meer dan 10 m³/uur is op een gemengd rioleringsstelsel, moet de aanvrager op voorhand een toelating bekomen van Aquafin (art. 5.53.6.1.1 van Vlarem II) op www.aquafin.be. Het startvolume van de bronbemaling wordt ook in rekening gebracht bij het bepalen van het uurdebiet.
- De droogzuiging wordt onmiddellijk verwijderd zodra dit bouwtechnisch mogelijk is en wordt beperkt in tijd en debiet tot het absolute, noodzakelijke, minimum.
Als de constructie al waterdicht is, maar nog niet voldoende zwaar om de opgestuwde kracht te compenseren kan extra ballast worden aangebracht. Dit voorkomt opdrijven van de constructie wanneer de bemaling wordt stopgezet. - De lozing van het grondwater mag geen wateroverlast voor derden veroorzaken.
- Indien de stroomgroep geluidshinder vormt voor de omwonenden, moeten onmiddellijk gepaste maatregelen genomen worden om de hinder tot een absoluut minimum te beperken (eventueel overschakelen op een elektrische pomp).
- Indien de opgepompte debieten grondwater hoger zijn dan initieel ingeschat dient door de exploitant een terugvalscenario te worden uitgewerkt (zie richtlijnen bemalingen VMM 2019).
- Indien blijkt dat de bemaling voor schade zorgt aan de openbare riolering, in beheer van Fluvius, dient de aanvrager in te staan voor de kosten van de reiniging/herstel.
Besluit:
Artikel 1
De gemeentelijke omgevingsambtenaar heeft op 11/02/2022 akte genomen van de melding ingediend door Sandra Vekeman namens Matexi, Broekermolenplein 2 te 3500 Hasselt voor de exploitatie van een ingedeelde inrichting of activiteit, zijnde een tijdelijke bemaling voor de realisatie van 2 appartementsblokken (ondergrondse garage) plaatsing van hemelwater/infiltratieputten en een liftput voor een totaaldebiet van 156 000 m³, gelegen aan Pieter Demuynckstraat z/n te 3520 Zonhoven, kadastraal bekend: 2de afd, sectie C, nrs. 1296C2, 1296B2, 1296H2 en 1296G2 met rubriek: 53.2.2°b)1°.
Artikel 2
Volgende voorwaarden moeten worden nageleefd:
- Een peilgestuurde bemaling wordt ingezet voor de kaderbemaling om de grondwaterverlaging te beperken tot het absolute minimum. Een goede dimensionering en afregeling van de bemaling is essentieel, zeker bij vorst.
Permanente evaluatie of de bemaling nog vereist is, ook als de werf stilligt. - De mogelijkheid tot hergebruik van het grondwater wordt aangeboden aan derden. Dit kan door de plaatsing van een open opvangbak met overloop naar het gemengd stelsel, op de rooilijn. Via de toegestuurde affiche maakt de bouwheer dit kenbaar aan derden met eventueel zijn/haar contactgegevens erbij.
- Een goed functionerende debietsteller moet aanwezig zijn op elke pomp.
- De start en stopdatum van de bemaling wordt gemeld aan de gemeentelijke dienst milieubeleid via leefmilieu@zonhoven.be.
- De sectorale voorwaarden van Vlarem II, hoofdstuk 5.53, moeten nageleefd worden.
- Gezien het lozingspunt de Kleine Hemmenweg is en hier geen oppervlaktewater aanwezig is wat maakt dat er een lozing van meer dan 10 m³/uur is op een gemengd rioleringsstelsel, moet de aanvrager op voorhand een toelating bekomen van Aquafin (art. 5.53.6.1.1 van Vlarem II) op www.aquafin.be. Het startvolume van de bronbemaling wordt ook in rekening gebracht bij het bepalen van het uurdebiet.
- De droogzuiging wordt onmiddellijk verwijderd zodra dit bouwtechnisch mogelijk is en wordt beperkt in tijd en debiet tot het absolute, noodzakelijke, minimum.
Als de constructie al waterdicht is, maar nog niet voldoende zwaar om de opgestuwde kracht te compenseren kan extra ballast worden aangebracht. Dit voorkomt opdrijven van de constructie wanneer de bemaling wordt stopgezet. - De lozing van het grondwater mag geen wateroverlast voor derden veroorzaken.
- Indien de stroomgroep geluidshinder vormt voor de omwonenden, moeten onmiddellijk gepaste maatregelen genomen worden om de hinder tot een absoluut minimum te beperken (eventueel overschakelen op een elektrische pomp).
- Indien de opgepompte debieten grondwater hoger zijn dan initieel ingeschat dient door de exploitant een terugvalscenario te worden uitgewerkt (zie richtlijnen bemalingen VMM 2019).
- Indien blijkt dat de bemaling voor schade zorgt aan de openbare riolering, in beheer van Fluvius, dient de aanvrager in te staan voor de kosten van de reiniging/herstel.
Deze aktename stelt de aanvrager niet vrij van het aanvragen en verkrijgen van eventuele andere vergunningen of machtigingen.