Terug
Gepubliceerd op 12/09/2023

2023_GR_00146 - Aanvaarding rooilijn - project rendierjagerspad - Goedkeuring

Gemeenteraad
ma 11/09/2023 - 20:00 raadzaal
Goedgekeurd

Samenstelling

Aanwezig

Sofie Vanoppen, voorzitter ; Johny De Raeve, burgemeester; Bram De Raeve, 1ste schepen; Frederick Vandeput, 2de schepen; Johan Vanhoyland, 3de schepen; Frank Vandebeek, 4de schepen; Johan Schraepen, 5de schepen; Ria Hendrikx, voorzitter BCSD; Yannick Aerts; Pol Bos; Jean-Paul Briers; Nathalie Claes; Libera Crescente; Bart Heleven; Katrien Hoebers; Lennert Kippers; Kris Knuts; Sven Lieten; Steven Reynders; Céderique Schellis; Karen Schillebeeks; Dominic Tholen; Lieve Vandeput; Bart Vanhorenbeek, raadsleden; Bart Telen, algemeen directeur

Afwezig

Inge Becks

Verontschuldigd

Johny Lenskens; Martin Vandereyt

Secretaris

Bart Telen, algemeen directeur
2023_GR_00146 - Aanvaarding rooilijn - project rendierjagerspad - Goedkeuring 2023_GR_00146 - Aanvaarding rooilijn - project rendierjagerspad - Goedkeuring

Motivering

Verwijzingsdocumenten

Het Omgevingsvergunningsdecreet bepaalt in artikel 31 in het bijzonder de exclusieve bevoegdheid van de gemeenteraad om zich uit te spreken over de beoogde wijzigingen aan het lokaal wegennet die, overeenkomstig artikel 12, §2, van het Decreet Gemeentewegen, door het gevoegde rooilijnplan bij de omgevingsvergunningsaanvraag voorzien worden.

Artikel 31, §1, van het Omgevingsvergunningsdecreet bepaalt als volgt:

“§ 1. Als de aanvraag de aanleg, wijziging, verplaatsing of opheffing van een gemeenteweg omvat, roept het college van burgemeester en schepenen, in voorkomend geval op verzoek van de bevoegde overheid, vermeld in artikel 15, de gemeenteraad samen om te beslissen over de aanleg, wijziging, verplaatsing of opheffing van de gemeenteweg.

De gemeenteraad spreekt zich uit over de ligging, de breedte en de uitrusting van de gemeenteweg, en over de eventuele opname in het openbaar domein. Hierbij wordt rekening gehouden met de doelstellingen en principes, vermeld in artikel 3 en 4 van het decreet van 3 mei 2019 houdende de gemeentewegen, en in voorkomend geval met het gemeentelijk beleidskader en afwegingskader, vermeld in artikel 6 van het decreet van 3 mei 2019 houdende de gemeentewegen. De gemeenteraad kan daarbij voorwaarden opleggen en lasten verbinden, die de bevoegde overheid in de eventuele vergunning opneemt.

§ 2. Als het college van burgemeester en schepenen niet de bevoegde overheid is die in eerste aanleg over de aanvraag beslist, dan bezorgt de gemeente de beslissing van de gemeenteraad over de aanleg, wijziging, verplaatsing of opheffing van de gemeenteweg binnen zestig dagen na het verzoek aan de bevoegde overheid, vermeld in artikel 15.”

De gemeenteraad is bij haar beoordeling op grond van artikel 31 van het Omgevingsvergunningsdecreet ertoe gehouden om de ingediende bezwaren met betrekking tot de “zaak van de wegen” te behandelen, en dit overeenkomstig artikel 47 van het Omgevingsvergunningsbesluit.

Het omgevingsvergunningsbesluit bepaalt in artikel 47 het volgende:

“Als de vergunningsaanvraag wegenwerken omvat waarvoor de gemeenteraad beslissingsbevoegdheid heeft, neemt de gemeenteraad daarover een besluit. De gemeenteraad neemt daarbij kennis van de standpunten, opmerkingen en bezwaren die zijn ingediend tijdens het openbaar onderzoek. Uiterlijk tien dagen na de gemeenteraadszitting stelt de gemeente de gemeenteraadsbeslissing ter beschikking hetzij van de bevoegde omgevingsvergunningscommissie als die advies moet verlenen, hetzij van het bevoegde bestuur als geen advies van een omgevingsvergunningscommissie vereist is.”

Uit de parlementaire toelichting bij zowel het Omgevingsvergunningsdecreet als bij het Omgevingsvergunningsbesluit blijken volgende krachtlijnen aanwezig te zijn betreffende de “zaak van de wegen” waarvoor de gemeenteraad bevoegd is.

Samenvattend stellen beide toelichtingen dat: 

  • Het Omgevingsvergunningsdecreet voorziet in de mogelijkheid van het tussenkomen van de gemeenteraad inzake de “zaak van de wegen”, waarbij de gemeenteraad bevoegd is om zich uit te spreken over de wijzigingen die aangebracht worden aan het lokaal wegennet, zonder echter zich te mogen uitspreken over de omgevingsvergunningsaanvraag;
  • Een ongunstige beslissing inzake de “zaak van de wegen” heeft tot gevolg dat de vergunningverlenende overheid de omgevingsvergunning niet kan verlenen, ook niet in graad van beroep;
  • Indien de vergunningverlenende overheid van oordeel is dat een vergunning verleend kan worden, zal een beslissing betreffende de “zaak van de wegen” gevraagd worden aan de gemeenteraad. Bijgevolg kan een beslissing aangaande de “zaak van de wegen” terzijde geschoven worden indien de vergunningverlenende overheid oordeelt dat een rechtstreekse weigering zich opdringt;
  • De regeling inzake de “zaak van de wegen” en de bevoegdheid van de gemeenteraad hiertoe bestaat voor zowel omgevingsvergunningsaanvragen met betrekking tot stedenbouwkundige handelingen alsook voor omgevingsvergunningsaanvragen tot het verkavelen van gronden;

Met de inwerkingtreding van het Decreet Gemeentewegen op 1 september 2019 werden tevens aanpassingen aangebracht aan de bestaande regeling in het Omgevingsvergunningsdecreet aangaande de “zaak van de wegen”. Uit de parlementaire voorbereiding hiertoe blijken volgende krachtlijnen:

  • Indien een aanvraag wegeniswerkzaamheden bevat, dient de gemeenteraad – ongeacht de vergunbaarheid van de vergunning – hierover een beslissing te nemen, waarbij de rechtstreekse weigering niet langer voorzien wordt in het thans geldende artikel 31 van het Omgevingsvergunningsdecreet;
  • De geïntegreerde mogelijkheid waarbij op basis van artikel 31 van het Decreet Gemeentewegen een beslissing inzake de “zaak van de wegen” genomen kan worden door de gemeenteraad is thans slechts mogelijks indien aan de omgevingsvergunningsaanvraag een rooilijnplan gehecht is dat voldoet aan de vereisten van artikel 16, §§2-3 van het Decreet Gemeentewegen;
  • Betreffende de rechtsbescherming inzake beslissingen van de gemeenteraad betreffende de “zaak van de wegen” is een beroepsmogelijkheid gecreëerd in hoofde van de Vlaamse regering tot het behandelen van administratieve beroepen tegen de gemeenteraadsbeslissingen inzake de zaak van de wegen. De Vlaamse regering beschikt hiertoe, conform artikel 31/1, §5, van het Omgevingsvergunningsdecreet over een beperkt toetsingskader;
  • Tot slot dient de beslissing van de gemeenteraad inzake de “zaak van de wegen” in overeenstemming te zijn met de principes en doelstellingen van de artikelen 3, 4 en 6 van het Decreet Gemeentewegen;

Feiten context en argumentatie

Er werd een aanvraag voor een omgevingsvergunning ingediend door Johny De Raeve, Bart Telen, Petra Kiepkowski en Guido Pirotte dewelke voorliggend behandeld wordt conform de gewone procedure van het Omgevingsvergunningsdecreet. De omgevingsvergunningsaanvraag draagt het kenmerk OMV_2022143790 (met intern nummer: 2023/00101.)

De vergunningsaanvragers hebben de voorliggende omgevingsvergunningsaanvraag in eerste instantie ingediend bij de Provincie Limburg op 8 mei 2023. Vervolgens werd door de Provincie Limburg een dossier opgestart op 8 mei 2023, waarna de deputatie van de Provincie Limburg de omgevingsvergunningsaanvraag doorverwezen heeft naar de gemeente Zonhoven, en dit op 17 mei 2023 onder volgende motivering:

“De deputatie is, in toepassing van artikel 15/1 van het Omgevingsvergunningsdecreet, niet de bevoegde overheid voor dit project.”

De vergunningsaanvragers hebben de projectinhoud van de omgevingsvergunningsaanvraag tweemaal gewijzigd: een eerste maal op 1 juni 2023 en een tweede maal op 8 juni 2023. Finaal werd de omgevingsvergunningsaanvraag ontvankelijk en volledig verklaard op 8 juni 2023.

De omgevingsvergunningsaanvraag heeft betrekking op de aanleg van een rendierjaagpad, parking en bijhorende interactie objecten in het natuurlandschap. De volgende stedenbouwkundige handelingen worden aangevraagd: 

  • Het aanmerkelijk wijzigen van het reliëf van de bodem;
  • het opbreken van een bestaande parking en een weg die het projectgebied doorkruist; 
  • de aanleg van een belevingsroute in de vorm van een rolstoelvriendelijk halfverhard pad waarlangs verscheidene interactie objecten worden geplaatst; 
  • de aanleg van een nieuwe onthaalparking aan de rand van het projectgebied.  

De omgevingsvergunningsaanvraag heeft betrekking op de percelen kadastraal gekend as zijnde Zonhoven, Tweede Afdeling, sectie D, nummers 0082/00G009, 0082/00T008, 0082/00B010, 0124/00E024, 0082/00Z008, 0082/00D009, 0082/00H009, 0083/00K000, 0124/00D024, 0084/00E000, 0082/00A009, 0082/00Y008, 0083/00L000, 0083/00H000 .

Het projectgebied van de omgevingsvergunningsaanvraag is gelegen binnen het gewestplan “Hasselt-Genk” van 23 mei 1979, waarbij de gronden bestemd zijn tot natuurgebied, agrarisch gebied en recreatiegebied. Binnen het projectgebied is geen BPA noch RUP van kracht. Het projectgebied bevindt zich in een Habitatrichtlijngebied, nl de valleien van de Laambeek, Zonderikbeek, Slangebeek en Roosterbeek met vijvergebieden en heiden (BE2200031), en in Natura 2000 gebied nl Droge Europese Heide en Dwerghaver-verbond.

Ook is het gebied gelegen in een VEN-gebied, nl. ‘De Teut-Tenhaagdoornheide’ (gebiedsnr 434), (datum van invoegetreding: 31/10/2003).

Het projectgebied wordt op heden in het noordelijke gedeelte gekruist door de Holsteenweg en de Hengelhoefseweg, beiden gemeentewegen van het lokale type III. Het projectgebied wordt tevens gekenmerkt door talrijke natuurbezienswaardigheden alsook recreatieve voorzieningen, waarbij ter hoogte van de kruising tussen de Holsteenweg en de Hengelhoefseweg een hondenlosloopweide aanwezig is, met aan noordelijke zijde van het projectgebied tevens de Camping en cafetaria Holsteenbron, met dan in zuidelijke richting het natuurgebied waar de Holsteen te vinden is, met een rendierpark als recreatieve invulling.

Langs westelijke zijde wordt het projectgebied begrensd door woninglintbebouwing langsheen de Kapelbergweg.

Het aanvraagdossier omvat een rooilijnplan voor de wijziging aan de Holsteenweg bestaande in de aanleg van een parking, zoals opgesteld door landmeter-expert Raoul Creemers. 

Binnen voorliggende omgevingsvergunningsaanvraagprocedure werd een openbaar onderzoek georganiseerd van 18 juni 2023 tot en met 17 juli 2023 waarbij in totaal twee bezwaarschriften ontvangen werden.

 Overeenkomstig artikel 47 van het Omgevingsvergunningsbesluit is de gemeenteraad gehouden om de ingediende bezwaren die betrekking hebben op de “zaak van de wegen” te behandelen in haar beraadslaging, waarbij het niet toekomt aan de gemeenteraad om zich uit te spreken over elementen die ruimtelijke ordening raken en behoren tot de bevoegdheid van het vergunningverlenend orgaan.

De bevoegdheid van de gemeenteraad is beperkt tot de ligging, breedte en uitrusting van de gemeentewegen, waarbij zij acht dient te hebben op de mobiliteitseffecten, waterhuishouding alsook ontsluiting en verkeersveiligheid, dewelke allen aspecten zijn die tevens bij de behandeling van de bezwaren aan bod kan komen.

Behandeling van de bezwaren

Het eerste bezwaarschrift, ontvangen op 22 juni 2023:

Overwegende dat het eerste ontvangen bezwaarschrift betrekking heeft op een gedeelte van de route, zijnde de lus langs de open weide aan de rechterzijde van het projectgebied, ter hoogte van de grondbroeders (Leeuweriken, Nachtzwaluwen, ...), waarbij de bezwaarindiener deze “lus” uit het routenetwerk wenst te behouden.

Behandeling:

Overwegende dat de verplichting van de gemeenteraad om de ingediende bezwaren te behandelen gelegen is in artikel 47 van het Omgevingsvergunningsbesluit in zoverre het bezwaar betrekking heeft op de “zaak der wegen”.

Echter behoort het gedeelte waarover de bezwaarindiener een opmerking/bezwaar uit niet tot de “zaak van de wegen” gelet voorliggende beslissing gekaderd wordt door het gevoegde rooilijnplan, houdende als onderwerp de parking die voorzien zal worden ter hoogte van de Holsteenweg en de percelen kadastraal gekend als zijnde Zonhoven, Tweede Afdeling, Sectie D, nrs. 82G9, 82H9 en 82Y8.

Het bezwaar van de bezwaarindiener valt als zodanig buiten de beoordeling van de gemeenteraad aangaande de “zaak van de wegen”. Bijgevolg kan de gemeenteraad zich hierover niet uitspreken.

Het tweede bezwaarschrift, ontvangen op 30 juni 2023:

 Overwegende dat de bezwaarindiener samenvattend stelt dat er hinder ondervonden zal worden door de toekomstige aanleg van de parking te Holsteenweg, waarbij tevens bedenkingen geuit worden of de Holsteenweg geschikt is om de toename in verkeer af te wikkelen. 

Behandeling:

Overwegende dat in eerste instantie bezwaarindiener verwijst naar hinderaspecten die ondervonden zouden worden door de inrichting van de parking, zoals de verkeersbewegingen die gemaakt zullen worden om het rendierjagerspad te bereiken. 

De gemeenteraad wenst erop te wijzen dat dergelijke aspecten eigen zijn aan het aanleggen van een vergrote parking, waarbij de bezwaarindiener geenszins verduidelijkt noch concretiseert in welke mate er enige hinder ondervonden zou worden door verkeersbewegingen.

Het enige wat de bezwaarindiener hierover aanbrengt, gelet de bezwaarindiener doelt op gevolgen voor de mobiliteit en de verkeersafwikkeling, is dat de Holsteenweg te smal zou zijn met een breedte van drie meter.  Deze stelling gaat uit van een feitelijke miskenning van de breedte van de Holsteenweg, gelet deze in realiteit ca. 4,61 meter bedraagt. 

Bovendien zullen het aantal verkeersbewegingen weliswaar toenemen, gelet een vergroting van de parkeercapaciteit beoogd wordt, doch zijn deze niet van een zodanige grootorde dat de Holsteenweg dit niet zou aankunnen. Het betreft een degelijk uitgeruste weg met een verharde breedte van 4,61 meter en twee éénrichtingsrijstroken, waarbij de voorziene parkeerontsluiting opgevat wordt als een lusbeweging. Bijgevolg zal de ontsluiting en verkeersafwikkeling van de parking vlot verlopen.

Door de parking in te richten als een éénrichtingscirculatie, waarbij auto’s niet langer doorheen het natuurlandschap of voorbij de ingang van de camping hoeven te rijden, zal er net voor zorgen dat de hinder – voor zoverre er in dit gedeelte reeds in dergelijke zin sprake zou zijn – verdwijnt, hetgeen de beperking van verkeersconflicten ten goede komt.

Ter overvloede wordt ook nog opgemerkt dat gelet er 60 parkeerplaatsen voorzien worden, waarbij in dit gedeelte van de Holsteenweg een toename zal plaatsvinden van 40 parkeerplaatsen, waarbij deze aantallen niet van zodanige grootorde zijn om de verkeersafwikkeling van de Holsteenweg in het gedrang te brengen, noch van de omringende gemeentewegen. Immers is er maximaal sprake van een pae/uur van 120 (60 vertrekkende en 60 toekomende voertuigbewegingen per uur), hetgeen niet van die orde is om de verkeersafwikkeling in het gedrang te brengen gelet op de inrichting van de Holsteenweg als lokale weg van type III.

Het bezwaar is aldus ongegrond

Voor zover in het bezwaar verder kritiek uitgeoefend wordt op aspecten aangaande de vergunningverlening (bevoegdheid college burgemeester en schepenen, onvolledigheid dossier, de toereikendheid van de milieueffectenscreening, de natuurtoets, de passende beoordeling, de goede ruimtelijke ordening) dient opgemerkt te worden dat de beoordeling daarvan aan de vergunningverlenende overheid toekomt.

Het komt niet aan de gemeenteraad toe om zich hierover uit te spreken. De gemeenteraad kan enkel uitspraak doen over de zaak van wegen, zonder zich over de vergunningsaspecten te mogen buigen. 

Adviezen in voorliggende omgevingsvergunningsaanvraag die relevant zijn betreffende de “zaak van de wegen

Het gunstig advies van het Departement Landbouw en Visserij van 12/06/2023 dat als volgt beschreven werd:

 Het Departement Landbouw en Visserij heeft uw in het onderwerp vermelde adviesaanvraag vanuit landbouwkundig standpunt onderzocht en formuleert er om de volgende redenen een gunstig advies bij.

De betreffende percelen zijn hoofdzakelijk gelegen binnen natuurgebied en in minder mate binnen recreatiegebied en landschappelijk waardevol agrarisch gebied.

Voorliggende aanvraag heeft betrekking op:

  • het opbreken van een bestaande parking en een weg die het projectgebied doorkruist;
  • de aanleg van een belevingsroute in de vorm van een rolstoelvriendelijk halfverhard pad waarlangs verscheidene interactie objecten worden geplaatst;
  • de aanleg van een nieuwe onthaalparking aan de rand van het projectgebied.

 Binnen het terreingedeelte met agrarische gebiedsbestemming wordt een gedeelte van de nieuwe parkeerplaats aangelegd. De nieuwe parking wordt voorzien aansluiting bij de bestaande camping en situeert zich hoofdzakelijk binnen recreatiegebied.

Het gaat hier om een kleinschalig landbouwgebied ingesloten door de camping enerzijds en de bestaande zonevreemde woning nr. 5 anderzijds. Dit terrein is op basis van de beschikbare landbouwgegevens niet in professioneel landbouwgebruik en ligt tevens binnen SBZ-H- gebied.

 Gelet op de planologische ligging en overdrukken, de bestaande ruimtelijke situatie én de afwezigheid van professioneel landbouwgebruik zijn de aangevraagde werken vanuit landbouwkundig oogpunt worden gedoogd. Er ontstaat in wezen geen bijkomend nadeel voor de externe landbouwstructuren.

 Voor de werkzaamheden binnen natuurgebied en recreatiegebied bestaan gelet op de geldende gebiedsbestemmingen geen landbouwkundige bezwaren.

Gelet op bovenstaande overwegingen kan er vanuit het Departement Landbouw en Visserij een gunstig advies worden verleend voor deze aanvraag.

 Het voorwaardelijk gunstig advies van dienst facilitair management van 12/06/2023 dat als volgt beschreven werd:

 Gunstig voor de werken zoals voorgesteld, mits er aan volgende voorwaarden wordt voldaan:

  • Op de nieuw te realiseren bezoekersparking worden de biggenruggen best zo in geplant dat voertuigen er met de wielen tegen rijden, op die manier wordt de achterliggende aanplant maximaal beschermt,
  • De nieuw aan te planten bomen voldoende beschermd worden tegen wildvraat,
  • De nieuw aan te planten bomen aangeplant worden in maten niet groter dan 16-18 om zo de slaagkansen te maximaliseren,
  • De plantvakken van de nieuw aan te planten bomen zodanig aan te leggen dat ze maximaal beschermd worden tegen uitdroging.

 Het voorwaardelijk gunstig advies van Inter van 5/07/2023 dat als volgt beschreven werd:

Voorwaardelijk gedeeltelijk gunstig voor de werken zoals voorgesteld. 

Net zoals voor de architecturale kwaliteiten, bepaalt het gebouwconcept en het concept van de omgevingsaanleg mogelijkheden om toegankelijkheidsoplossingen op een Universal Design wijze te verwerken. De optimalisatie wordt per onderdeel in het verslag opgenomen onder 

  • Knelpunten en advies 
  • Advies integrale toegankelijkheid 

 Er is een vlonderpad voorzien.

Advies integrale toegankelijkheid: 

  • Voor de marge op vergissing in te bouwen is het nuttig om een afrijdbeveiliging te voorzien van 5 cm hoog.
  • Hout kan glad zijn, mogelijks kan er een glad werend middel verwerkt worden.

Omdat houten terrassen, steigers en brugdekken onder natte omstandigheden, door mos vorming en snel in koude periodes spekglad kunnen zijn, moeten er antislip maatregelen getroffen worden.

Enkel groeven in het hout helpen niet! Het gebruik van hout met op regelmatige afstand een antisliplijn is aangewezen. Indien de zwaluwstaartgroeven op regelmatige afstand gevuld worden met een combinatie van polyurethaan en kwartszand kan voldaan worden een de toegankelijkheidsnormen.

Tussen de twee parkeervakken en de parkeerweg is een strook van bolle kasseien voorzien.

Op het grondplan is deze kasseistrook niet aangegeven.

 Advies integrale toegankelijkheid: 

  • Kasseien zijn géén toegankelijke verharding. Op de looproute van de aangepaste en voorbehouden parkeerplaatsen naar het wandelpad mag deze kasseistrook niet voorzien worden.

In het project worden verschillende soorten half-verharding voorzien. Het type half-verharding is niet gespecifieerd.

Knelpunten en advies:

  • Een half-verharding kan als toegankelijke verharding voorzien worden indien ze vast aaneengesloten en onder alle omstandigheden stroef is.

o Kiezel is géén toegankelijke verharding

o Gras of kiezel in een honinggraad profiel is géén toegankelijke verharding.

Een losmateriaal met een kalibratie 0/5 kan gebuikt worden om een toegankelijke verharding te maken. Hiervoor moet de verharding vlak geprofileerd worden en verdicht.

De dwarshelling is max 2%.

De fractie 0 moet voldoende aanwezig zijn omdat deze voor de binding zorgt.

Het voorwaardelijk gunstig advies van de dienst mobiliteit van 31/07/2023 dat als volgt beschreven werd:

Bespreking

  • De Holsteenweg is volgens het mobiliteitsplan ingedeeld als een erftoegangsweg. De huidige inrichting is hiermee in overeenstemming. De locatie van de parking aan de rand van het projectgebied en in de onmiddellijke omgeving van de camping heeft het voordeel dat het natuurgebied zelf bespaard blijft van gemotoriseerd verkeer. Dit creëert een kwalitatievere beleving voor de bezoeker en minder versnippering van het gebied door wegenis. 
  • Een verkennend parkeeronderzoek in de zomerperiode (2022) resulteerde in een maximale bezettingsgraad van 19% van de beschikbare parkeerplaatsen in de omgeving van het projectgebied. De capaciteit van de nieuwe parking met 60 plaatsen is naar verwachting dus ruim voldoende om de gebruikelijke parkeerdruk op te vangen. Ter vergelijking, op de parking gelegen langs de Teutseweg met een capaciteit van 60 wagens werd tijdens de zelfde meetperiode een bezetting tussen 3 en 57% gemeten. Bij grote evenementen is het wenselijk om een mobiliteitsstudie uit te voeren en eventueel overloopparkings te voorzien. Ook dient verder ingezet te worden op het promoten en faciliteren van duurzaam vervoer van en naar het gebied. De aanwezigheid van de fietssnelweg/kolenspoor is een grote troef hierin. 
  • De maatvoering van de parkeerplaatsen, de andersvalidenparkeerplaatsen, en de manoeuvreerruimte is niet gespecifieerd in de plannen: deze dienen in overeenstemming te zijn met de aanbevelingen voor schuine parkeerplaatsen zoals geformuleerd in het vademecum duurzaam parkeerbeleid.
  • De maatvoering van de fietsenstalling is niet gespecifieerd in de plannen. Deze dienen te voldoen aan de aanbevelingen zoals geformuleerd in het vademecum fietsvoorzieningen. Het is aanbevolen rekening te houden met stallingsplaatsen voor buitenmaatse fietsen (richtwaarde = 10% van het totaal aantal plaatsen). Momenteel zijn er 44 plaatsen voorzien. In functie van de ambitie om duurzaam vervoer te faciliteren en dus een toenemend aantal fietsverplaatsingen te genereren naar dit gebied, is mogelijk een verhoging van de stallingscapaciteit noodzakelijk.

Advies dienst mobiliteit:

Vanuit de dienst mobiliteit wordt de aanvraag voorwaardelijk gunstig geadviseerd onder de volgende voorwaarden:

  • De maatvoering van de parkeerplaatsen, de andersvalidenparkeerplaatsen, en de manoeuvreerruimte is niet gespecifieerd in de plannen: deze dienen in overeenstemming te zijn met de aanbevelingen voor schuine parkeerplaatsen zoals geformuleerd in het vademecum duurzaam parkeerbeleid.
  • De maatvoering van de fietsenstalling is niet gespecifieerd in de plannen. Deze dienen te voldoen aan de aanbevelingen zoals geformuleerd in het vademecum fietsvoorzieningen. Het is aanbevolen rekening te houden met stallingsplaatsen voor buitenmaatse fietsen (richtwaarde = 10% van het totaal aantal plaatsen).

Evaluatie van de ingediende adviezen met betrekking tot de zaak van de wegen:

-Evaluatie van het gunstig advies van het Departement Landbouw en Visserij:

Overwegende dat de gemeenteraad volgend gemotiveerd standpunt inneemt over het advies van 12/06/2023 vanwege het Departement Landbouw en Visserij:

  • Het advies doorstaat de toetsing aan de grondbeginselen van artikel 3 en 4 van het Decreet Gemeentewegen, waarbij tevens het standpunt bijgetreden wordt dat de aanleg van de parking geen nadelig effect heeft op de exploitatie en aanwezigheid van de landbouwstructuren in de omgeving.

De gemeenteraad volgt het gunstig advies van het Departement Landbouw en Visserij.

-Evaluatie van het advies vanwege de dienst facilitair management:

Overwegende dat de gemeenteraad volgend gemotiveerd standpunt inneemt over het advies van 12/06/2023 vanwege de dienst facilitair management:

  • Het advies doorstaat de toetsing aan de grondbeginselen van artikel 3 en 4 van het Decreet Gemeentewegen, waarbij de aanleg van de biggenruggen behoort tot de uitrusting van de nieuwe gemeenteweg en de gemeenteraad hierover een standpunt dient in te nemen. Gelet dit aspect echter raakt aan het technisch dossier van de wegenis, wordt dit nader besproken in het gekoppelde gemeenteraadsbesluit “2023_GR_000XX – Aanvaarding Wegtracé – Holsteenweg (deel) – Goedkeuring”

De gemeenteraad neemt kennis van dit voorwaardelijk gunstig advies doch neemt hierover in dit gemeenteraadsbesluit geen standpunt in. Het standpunt van de gemeente hierover wordt uiteengezet in het gekoppelde gemeenteraadsbesluit “2023_GR_000XX – Aanvaarding Wegtracé – Holsteenweg (deel) – Goedkeuring”

-Evaluatie van het voorwaardelijk gunstig advies van Inter:

Overwegende dat de gemeenteraad volgend gemotiveerd standpunt inneemt over het advies van 5/07/2023 vanwege Inter Vlaanderen:

  • Het advies doorstaat de toetsing aan de grondbeginselen van artikel 3 en 4 van het Decreet Gemeentewegen, waarbij de gemeenteraad kennisneemt van de inhoud van dit advies en hetgeen betrekking heeft op de toegankelijkheid van de nieuwe parking met betrekking op de verhardingskeuze die gemaakt wordt in voorliggende omgevingsvergunningsaanvraag. Gelet dit advies voorwaarden en opmerkingen uit betreffende de technische aspecten van het wegenisdossier, zijnde de uitrusting van de gemeenteweg, zullen deze verder besproken worden in het gekoppelde gemeenteraadsbesluit “2023_GR_000XX – Aanvaarding Wegtracé – Holsteenweg (deel) – Goedkeuring”

De gemeenteraad neemt bijgevolg geen standpunt in betreffende dit advies en bespreekt dit nader in het gekoppelde gemeenteraadsbesluit “2023_GR_000XX – Aanvaarding Wegtracé – Holsteenweg (deel) – Goedkeuring”

-Evaluatie van het voorwaardelijk gunstig advies van de dienst Mobiliteit:

Overwegende dat de gemeenteraad volgend gemotiveerd standpunt inneemt over het advies van 31/07/2023 vanwege de dienst mobiliteit:

  • Het advies doorstaat de toetsing aan de grondbeginselen van artikel 3 en 4 van het Decreet Gemeentewegen en omvat een beoordeling van de geschiktheid van de voorziene parking om de parkeerdruk op te vangen die ontstaan is in het projectgebied, waaruit blijkt dat de voorziene parking volstaat om deze druk op te vangen. 

Aanvullend wijdt het advies ook nog uit over het gebrek aan maatvoering betreffende de parkeerplaatsen die voorzien worden. Gelet dit aspect betrekking heeft op zowel de uitrusting van de gemeenteweg (het technisch dossier) alsook betrekking heeft op de mobiliteit en de algemene toegankelijkheid van de parking (effecten op de mobiliteit), wenst de gemeenteraad reeds een standpunt in te nemen in dit gemeenteraadsbesluit hierover.

Tot slot nog opgemerkt dat het voorwaardelijk advies ook nog opmerkt dat er geen maatvoering aanwezig is betreffende de fietsplaatsen die voorzien zullen worden ter hoogte van de bestaande cafetaria aan de kruising van de Holsteenweg en de Hengelhoefseweg. Echter zijn dit werkzaamheden die zich beperken binnen de bestaande rooilijnen waardoor de gemeenteraad geen bevoegdheid heeft zich hierover uit te spreken. Als zodanig zal de gemeenteraad hierover dan ook geen standpunt innemen.

De gemeenteraad volgt het advies van de dienst mobiliteit in de gegeven mate en stelt volgende voorwaarden op te nemen in de vergunning: 

  • De maatvoering van de parkeerplaatsen, de andersvalidenparkeerplaatsen, en de manoeuvreerruimte is niet gespecifieerd in de plannen: deze dienen in overeenstemming te zijn met de aanbevelingen voor schuine parkeerplaatsen zoals geformuleerd in het vademecum duurzaam parkeerbeleid.

Overwegende dat de gemeenteraad tot slot nog kennis neemt van volgende uitgebrachte adviezen:

  • Het voorwaardelijk gunstig advies van de Hulpverleningszone Zuid-West Limburg van 3 juli 2023;
  • Het voorwaardelijk gunstig advies van het Agentschap Natuur en Bos van 2 augustus 2023;
  • Het gunstig advies van de NMBS van 21 juni 2023;
  • Het gunstig geacht advies van de dienst Contractmanagement;
  • Het gunstig geacht advies van Onroerend Erfgoed Limburg;
  • Het gunstig geacht advies van de Deputatie van de provincie Limburg, afdeling waterbeheer;

De drie laatst vermelde adviezen worden als gunstig geacht aangezien het verzochte advies niet uitgebracht werd binnen de voorziene termijn.

Motivering betreffende de “zaak van de wegen”

  • Rooilijnplan

Overeenkomstig artikel 12, §2 van het Gemeentewegendecreet kan de aanleg van een gemeenteweg met toepassing van artikel 31 van het Omgevingsvergunningsdecreet opgenomen worden in een omgevingsvergunning voor stedenbouwkundige handelingen. Dit op voorwaarde dat een rooilijnplan aan het aanvraagdossier wordt toegevoegd dat voldoet aan de vereisten van artikel 16, §2 van het Gemeentewegendecreet.

De aanvrager maakt gebruik van deze geïntegreerde vergunningsprocedure om naast de stedenbouwkundige handelingen zoals hierboven opgesomd, ook de aanleg van een nieuwe parking te voorzien als wijziging van de bestaande Holsteenweg. De aanleg voorziet thans in een parking met een profielbreedte van 14, 60 meter, waarvan vier meter rijweg uitmaakt en het overige gedeelte ingenomen wordt door parkeerplaatsen en aanhorigheden.

Gezien de betrokken weg en wijziging daaraan kwalificeert als een gemeenteweg in de zin van het Decreet Gemeentewegen, dient de gemeenteraad hierover te oordelen.

Het aanvraagdossier bevat hiertoe een rooilijnplan dat voldoet aan artikel 16, §2 van het Gemeentewegendecreet waarbij de actuele en toekomstige rooilijn opgenomen zijn, waarbij de kadastrale gegevens voldoende duidelijk opgenomen worden in het rooilijnplan. Hoewel het rooilijnplan geen vermelding bevat van de namen van de getroffen eigenaars, blijkt voldoende uit de omgevingsvergunningsaanvraag dat de gemeente eigenaar is van deze gronden.

Zodoende voldoet het rooilijnplan aan de vereisten van het Gemeentewegendecreet en is de voorwaarde om de geïntegreerde procedure te hanteren vervuld.

  • Doelstellingen en principes Gemeentewegendecreet

Niemand kan een gemeenteweg aanleggen, wijzigen, verplaatsen of opheffen zonder voorafgaande goedkeuring van de gemeenteraad. Het is de uitdrukkelijke bevoegdheid van de gemeente om de ligging en de breedte van de gemeentewegen op haar grondgebied vast te leggen in gemeentelijke rooilijnplannen, dit ongeacht de eigenaar van de grond. (RvVb 27 juni 2017, nr. A/1617/0983; RvVb 28 juli 2015, nr. A/2015/0439.)

Vervolgens bepaalt artikel 31 van het Omgevingsvergunningsdecreet dat de gemeenteraad zich uitspreekt over de ligging, breedte en de uitrusting van de gemeenteweg en de eventuele opname in het openbaar domein.

Wanneer de gemeenteraad zich dient uit te spreken over de “zaak der wegen”, spreekt zij zich uit over de ligging, breedte en uitrusting van de gemeenteweg, alsook over de eventuele opname in het openbaar domein. Zij beslist niet enkel over het tracé, maar ook over de keuze van wegverharding en bestrating, weguitrusting en nutsleidingen, aanleg van trottoirs, etc… (MvT, Parl.St. Vl.Parl. 2018-19, nr. 1847/1, 43; RvVb 17 december 2020, nr. A-2021-0433; RvS 7 november 2017, nr. 239.792; RvS 8 maart 2016, nr. 234.080.)

Zij spreekt zich ook uit over de ligging en breedte van de ontworpen weg, de breedte van de verharding, de ontsluitingsgraad en het aantal publieke parkeerplaatsen, riolering en de waterhuishouding op het openbaar domein.

Verwezen wordt in artikel 31 van het Omgevingsvergunningsdecreet naar de principes en doelstellingen uit het Decreet Gemeentewegen die gelden voor iedere wijziging aan het gemeentelijk wegennet:

“Artikel 3 

Dit decreet heeft tot doel om de structuur, de samenhang en de toegankelijkheid van de gemeentewegen te vrijwaren en te verbeteren, in het bijzonder om aan de huidige en toekomstige behoeften aan zachte mobiliteit te voldoen. Om de doelstelling, vermeld in het eerste lid, te realiseren voeren de gemeenten een geïntegreerd beleid, dat onder meer gericht is op: 

1° de uitbouw van een veilig wegennet op lokaal niveau; 

2° de herwaardering en bescherming van een fijnmazig netwerk van trage wegen, zowel op recreatief als op functioneel vlak. 

Artikel 4 

Bij beslissingen over wijzigingen van het gemeentelijk wegennet wordt minimaal rekening gehouden met de volgende principes: 

1° wijzigingen van het gemeentelijk wegennet staan steeds ten dienste van het algemeen belang; 

2° een wijziging, verplaatsing of afschaffing van een gemeenteweg is een uitzonderingsmaatregel die afdoende wordt gemotiveerd; 

3° de verkeersveiligheid en de ontsluiting van aangrenzende percelen worden steeds in acht genomen; 

4° wijzigingen aan het wegennet worden zo nodig beoordeeld in een gemeentegrensoverschrijdend perspectief;

5° bij de afweging voor wijzigingen aan het wegennet wordt rekening gehouden met de actuele functie van de gemeenteweg, zonder daarbij de behoeften van de toekomstige generaties in het gedrang te brengen. Daarbij worden de ruimtelijke behoeften van de verschillende maatschappelijke activiteiten gelijktijdig tegen elkaar afgewogen."

Navolgend wordt de voorziene aanleg van een gemeenteweg met groenzone getoetst aan deze principes en doelstellingen.

  • Algemeen belang

Overeenkomstig art. 4, 1° Decreet Gemeentewegen dienen wijzigingen van het gemeentelijk wegennet steeds ten dienste te staan van het algemeen belang. Daarbij dient aandacht uit te gaan naar de uitbouw van een veilig wegennet op lokaal niveau en een fijnmazig netwerk van trage wegen.

De beoogde aanleg van de nieuwe parking is enerzijds ingegeven vanuit de verkeersveiligheid om het aantal conflictsituaties tussen zwakke weggebruikers en gemotoriseerd verkeer uit te sluiten. De Holsteen, en het rendierjaagpad, zijn immers populaire culturele en sociale/recreatieve wandel– en fietspaden, waardoor conflicten met gemotoriseerd verkeer uitgesloten moeten worden. Tevens komen ook veel kinderen het cultureel erfgoed, en de recreatieve installaties, bezoeken waardoor de verkeersveiligheid een absolute prioriteit is.

Vandaar dat een lusbeweging ingericht zal worden met betrekking tot de parking, zodanig elk gemotoriseerd verkeerd geweerd wordt uit het recreatieve gebied. Er zal echter wel nog een beperkt gemotoriseerd verkeer voorkomen, gelet in het verlengde van de Holsteenweg een toegang voorzien wordt naar de naastgelegen camping, doch verloopt deze ontsluiting afzonderlijk van de wandel- en fietspaden waardoor er geen conflicten zullen voorvallen.

Bovendien is de nieuwe parking ook bedoeld om de mobiliteit en de parkeernoodzaak in het projectgebied te garanderen, door de parking te bundelen op één plaats met een voldoende aantal parkeerplaatsen (60, waarvan 4 mindervalide). Het huidige aantal bedraagt immers 20 parkeerplaatsen, waardoor deze toename zal volstaan om de huidige en toekomstige parkeerdruk te ondervangen, zoals ook duidelijk blijkt uit het advies van de dienst Mobiliteit.

Tot slot is de heraanleg en voorziening van de parking gekaderd binnen de doelstelling om de Holsteen in te richten als cultureel, sociaal en recreatief gebied waarbij aandacht uitgaat naar de belevingservaring van de bezoekers, het ten toon stellen, soms interactief, van het cultureel en onroerend erfgoed van de streek met tevens het voorzien van een recreatieve beleving. De aanleg van de parking vormt hierbij een noodzakelijk onderdeel om laatstvermelde doelstelling te kunnen realiseren op een veilige en, vanuit het lokaal wegennet, doordachte manier.

Bovendien wordt met voorliggende omgevingsvergunningsaanvraag voorzien in een herwaardering van de parkeerplaatsen, het vermeerderen en bundelen van de parkeerplaatsen zodanig te komen tot een logischer en beter doordacht lokaal wegennet.

Het rooilijnplan dient bijgevolg enerzijds een verkeersveilige ontsluiting van dit gebied mogelijk te maken, zodanig de culturele, sociale, recreatieve en interactieve ervaring van de Holsteen gegarandeerd kan worden. Zodoende wordt de toegankelijkheid, ontsluiting en verkeersveiligheid van het projectgebied verbeterd.

Zodoende draagt de aanvraag, wat de voorziene wegenissen betreft, bij aan de uitbouw van een veilig weggenet en het trage wegennetwerk. En staat de beoogde aanleg ten dienste van het algemeen belang.

  • Uitzonderingskarakter wijzigingen

Overeenkomstig art. 4, 2° Decreet Gemeentewegen is elke wijziging, verplaatsing of afschaffing van een gemeenteweg een uitzondering, die gemotiveerd dient te worden.

Blijkens de memorie van toelichting bij het Decreet Gemeentewegen werd deze motiveringsverplichting in het leven geroepen, met het oog op de bescherming van de trage wegen, d.w.z. de wegen niet hoofdzakelijk bestemd voor gemotoriseerd verkeer, in het bijzonder de oude voetwegen opgenomen in de atlas der buurtwegen.

Hierbij wenste de decreetgever de ondoordachte opheffing van zulke trage wegen tegen te gaan, gezien hun belangrijke maatschappelijke en mobiliteitsfunctie.

In voorliggend geval moet echter worden vastgesteld dat hoewel de voorliggende omgevingsvergunningsaanvraag voorziet in de wijziging van de Holsteenweg, deze wijziging, zoals reeds uiteengezet, absoluut noodzakelijk is om de verkeersveiligheid en de culturele/sociale functie van het projectgebied te kunnen garanderen.

Bovendien wordt er niet geraakt aan de bestaande trage wegen en wordt er zelfs een bescherming gerealiseerd, doordat het gemotoriseerd verkeer gebundeld wordt ter hoogte van de nieuwe parking zodanig de bestaande trage wegen gevrijwaard worden van enige conflictsituaties met gemotoriseerd verkeer.

Als zodanig is het uitzonderlijk en noodzakelijk karakter van de wijziging voldoende gemotiveerd.

  • Verkeersveiligheid & ontsluiting

Overeenkomstig artikel 4, 3° van het Gemeentewegendecreet dienen bij de beslissingen omtrent de wijzigingen aan het gemeentelijk wegennet steeds de verkeersveiligheid in aanmerking te worden genomen. 

Betreffende de verkeersveiligheid wordt vooreerst verwezen naar hetgeen dienaangaande reeds uiteen werd gezet onder de titel ‘algemeen belang’. Hieruit is reeds gebleken dat voorliggend rooilijnplan dat voorziet in de aanleg van een parking juist zal bijdragen tot de verkeersveiligheid en verkeersleefbaarheid. 

Uit de stukken van de omgevingsvergunningsaanvraag blijkt duidelijk dat de aanleg van de parking ingegeven is om het gemotoriseerd verkeer te weren en te bundelen buiten het natuur- en recreatiegebied zodanig verkeersconflicten uit de weg gegaan worden.

Bovendien wordt de parking voorzien als een éénrichtingslus, zodanig er ook geen tweerichtingsverkeer kan plaatsvinden op de parking, hetgeen de verkeersveiligheid verbetert. Bovendien wordt het bestaande wandelpad behouden, doch wordt dit afgescheiden aangelegd doorheen het midden van de parking, zodanig de zwakke weggebruikers gescheiden worden van het gemotoriseerd verkeer.

De aansluitingen op de Holsteenweg, de in- en uitrit van de parking, zijn voldoende breed ingericht zodanig dat de weggebruikers een voldoende zichtbaarheid hebben op eventueel aankomend verkeer. Immers is er een beperkt doorrijdend verkeer mogelijk dat wenst aan te sluiten op de camping aan de cafetaria Holsteen, doch is dit gelet op het beperkt karakter van het verkeer en de goede zichtbaarheid geen gevaar voor de verkeersveiligheid.

Tot slot dient ook nog opgemerkt te worden, zoals ook aangebracht bij de behandeling van de ingediende bezwaren, dat de Holsteenweg voldoende uitgerust is om de toename in verkeersbewegingen op te vangen zodanig geen nadelige impact voorzien wordt betreffende de mobiliteitsafwikkeling van het projectgebied. Het aantal verkeersbewegingen van ca. 120 pae/uur (60 oprij – en wegbewegingen) kan immers gedragen worden door de Holsteenweg, Lokale weg Type III, waarbij de verkeersleefbaarheid niet in het gedrang komt.

Tot slot, gelet dit niet geheel onbelangrijk is voor onder meer de verkeersveiligheid, doch ook de algemene ontsluiting van het projectgebied, is dat uit de gevoegde stukken van het omgevingsvergunningsdossier blijkt dat de waterhuishouding voldoende gegarandeerd wordt.

De totale verharde oppervlakte van de nieuwe parkeerplekken en de rijweg bedraagt in totaal 1.680m² en waarbij de parking bestaat uit 60 parkeerplaatsen (waarvan 4 mindervalide), waarbij de afwatering gebeurt naar de langs gelegen zones van de parking, en het hemelwater opgevangen wordt in WADI’s langs de zijkanten van de parking.

De dimensionering van de WADi’s is ruim voldoende om de infiltratie en buffering van het gebied te kunnen voorzien, gelet een infiltratievoorziening vereist is van 42m³ en uiteindelijk 55,68m³ voorzien wordt. De waterhuishouding wordt aldus voldoende gegarandeerd.

De aanleg voorziet thans in een parking met een profielbreedte van 14, 60 meter, waarvan vier meter rijweg uitmaakt en het overige gedeelte ingenomen wordt door parkeerplaatsen en aanhorigheden. De breedte van de rijweg is ruim voldoende om de benodigde parkeerbewegingen toe te laten zonder dat de verkeersmobiliteit in het gedrang komt. Bovendien worden de parkeerplaatsen schuin ingericht, waardoor de parkeerbewegingen en de omvang van de manoeuvres beperkt zal zijn.

De parking voorziet, zoals reeds opgemerkt in dit besluit, in een lusbeweging zonder dat er te scherpe bochten voorzien worden die de zichtbaarheid, en veiligheid, in het gedrang kunnen brengen. De ruimte die voorzien wordt is voldoende om vlot verkeer toe te laten, waarbij de op- en inrit van de parking tevens beperkt verbreed zodanig voldoende ruimte te voorzien voor de oprij- en verlaatbeweging van de parking. De ligging en de breedte van de parking zijn ruim voldoende en geschikt om de verkeersveiligheid te garanderen en de mobiliteit niet in het gedrang te brengen en in tegendeel net zorgt voor een logische verkeerscirculatie.

De verkeersveiligheid en ontsluiting van andere percelen wordt met de voorziene wijziging van de gemeenteweg niet in het gedrang gebracht.

  • Actuele functie – toekomstige generaties

Overeenkomstig artikel 4, 5° van het Gemeentewegendecreet dient rekening te worden gehouden met de actuele functie van de gemeenteweg, zonder hierbij de behoeften van de toekomstige generaties in het gedrang te brengen. Daarbij dienen tevens de ruimtelijke behoeften van de verschillende maatschappelijke activiteiten gelijktijdig tegen elkaar afgewogen te worden. 

De wijziging van de gemeenteweg heeft bijzondere aandacht voor de veiligheid en het comfort van de zwakke weggebruiker, komt tegemoet aan een duurzame ontwikkeling voor toekomstige generaties waarbij verplaatsingen per fiets en te voet gestimuleerd worden, en waarbij de parking voldoende ruim voorzien wordt zodanig de parkeermogelijkheid te garanderen op duurzame wijze.

Deze maatregelen dragen bij aan de realisatie van het projectgebied als recreatief, cultureel en sociaal knooppunt, waarbij de voorliggende wijziging aan het lokaal wegennet deze functies alleen maar bevestigt en garandeert. De Holsteenweg blijft zijn bestaande functie, weze het verbeterd, uitoefenen naar de toekomst toe.

De gemeenteraad stelt voor om te beraadslagen over voorliggende zaak van de wegen voor de aanvraag tot omgevingsvergunning met dossiernummer OMV_2022143790 (intern nummer 2023/00101) op 17/05/2023 ingediend door Johny De Raeve, Bart Telen, Petra Kiepkowski, Guido Pirotte bij de gemeente Zonhoven voor het aanleggen van het terrein (rendierjagerspad) en verhardingen.

Besluit

De gemeenteraad beslist:

Artikel 1

De gemeenteraad keurt de rooilijn van de nieuw aan te leggen gemeenteweg langs de Holsteenweg (deel parking), zoals weergegeven op het ingediende plan van landmeter-expert Raoul Creemers van 4 april 2023 voorwaardelijk goed.

De voorwaarden luiden als volgt:

  • De maatvoering van de parkeerplaatsen, de andersvalidenparkeerplaatsen, en de manoeuvreerruimte is niet gespecifieerd in de plannen: deze dienen in overeenstemming te zijn met de aanbevelingen voor schuine parkeerplaatsen zoals geformuleerd in het vademecum duurzaam parkeerbeleid.

Artikel 2

Het rooilijnplan van landmeter-expert Raoul Creemers van 4 april 2023 wordt als integrerend deel gehecht aan dit besluit.

Artikel 3

Tegen dit besluit van de gemeenteraad kan binnen de 30 dagen in het kader van een schorsend administratief beroep tegen de vergunningsbeslissing een georganiseerd administratief beroep worden ingesteld bij de Vlaamse Regering.

De procedure van dit beroep verloopt volgens art. 31/1 van het Omgevingsvergunningsdecreet.