Terug
Gepubliceerd op 05/10/2023

Notulen  College van burgemeester en schepenen

di 26/09/2023 - 13:30 schepenzaal

Samenstelling

Aanwezig

Johny De Raeve, burgemeester; Bram De Raeve, 1ste schepen; Frederick Vandeput, 2de schepen; Johan Vanhoyland, 3de schepen; Frank Vandebeek, 4de schepen; Johan Schraepen, 5de schepen; Ria Hendrikx, voorzitter BCSD; Bart Telen, Algemeen directeur

Secretaris

Bart Telen, Algemeen directeur

Agendapunten

1.

2023_CBS_00968 - Notulen vorige zitting - Goedkeuring

Goedgekeurd
1.

2023_CBS_00968 - Notulen vorige zitting - Goedkeuring

2023_CBS_00968 - Notulen vorige zitting - Goedkeuring
2.

2023_CBS_00970 - Omzendbrief betreffende beslissingen tijdens het jaar van de gemeenteraads-, stadsdistrictsraads-, provincieraadsverkiezingen en de verkiezingen van de RMW tot aan de installatie van de nieuwe raden en het gebruik van informatiemiddelen tijdens de hele bestuursperiode - Kennisneming

Kennis genomen

Samenstelling

Aanwezig
Johny De Raeve, burgemeester; Bram De Raeve, 1ste schepen; Frederick Vandeput, 2de schepen; Johan Vanhoyland, 3de schepen; Frank Vandebeek, 4de schepen; Johan Schraepen, 5de schepen; Ria Hendrikx, voorzitter BCSD; Bart Telen, Algemeen directeur
Secretaris
Bart Telen, Algemeen directeur
2.

2023_CBS_00970 - Omzendbrief betreffende beslissingen tijdens het jaar van de gemeenteraads-, stadsdistrictsraads-, provincieraadsverkiezingen en de verkiezingen van de RMW tot aan de installatie van de nieuwe raden en het gebruik van informatiemiddelen tijdens de hele bestuursperiode - Kennisneming

2023_CBS_00970 - Omzendbrief betreffende beslissingen tijdens het jaar van de gemeenteraads-, stadsdistrictsraads-, provincieraadsverkiezingen en de verkiezingen van de RMW tot aan de installatie van de nieuwe raden en het gebruik van informatiemiddelen tijdens de hele bestuursperiode - Kennisneming

Motivering

Feiten context en argumentatie

Minister Somers verzoekt de lokale en provinciale overheden om in het jaar van de verkiezingen tot aan de installatie van de nieuwe raden met de nodige omzichtigheid op te treden en in extremis geen beslissingen te nemen die het beleid van de nieuwe raden of de toekomstige ontwikkeling van de financiën nodeloos zouden verstoren.

Daarnaast vraagt de minister de lokale en provinciale overheden met aandrang om in de lokale en provinciale informatiebladen of in andere publicaties van het bestuur de nodige kiesheid aan de dag te leggen. Dat geldt ook voor de informatie die elektronisch ter beschikking wordt gesteld.
De informatiekanalen hebben tot doel de bevolking op een neutrale en objectieve wijze te informeren over de organisatie en de werking van de diensten en over de lokale of provinciale activiteiten. Het zijn officiële publicaties van de overheid en niet van een zittende meerderheid. De lokale en provinciale informatiebladen, of andere publicaties die verspreid worden met de steun van het bestuur, mogen dus niet politiek gekleurd zijn.
Een verstandig bestuur legt, volgens de minister, zichzelf ter zake uit eigen beweging strenge regels op. Een deontologisch correcte houding is bepalend voor het imago van het bestuur, zijn mandatarissen en voor de overheid in het algemeen. Het is in elk geval volgens hem niet aanvaardbaar dat de leden van het college of van de deputatie in het jaar van de verkiezingen, of in een ander jaar, de informatiekanalen gebruiken om hun verwezenlijkingen van de lopende bestuursperiode op een rijtje te zetten. Dat wordt niet beschouwd als een onafhankelijke redactionele bijdrage. Officiële overheidsinformatie mag geen blijk geven van partijdigheid.

Besluit

Het college van burgemeester en schepenen beslist:

Artikel 1

Het college van burgemeester en schepenen neemt kennis van de omzendbrief van Vlaams minister Somers betreffende beslissingen tijdens het jaar van de gemeenteraads-, stadsdistrictsraads-, provincieraadsverkiezingen en de verkiezingen van de RMW tot aan de installatie van de nieuwe raden en het gebruik van informatiemiddelen tijdens de hele bestuursperiode.

3.

2023_CBS_00971 - Goedkeuring bestelbons - Goedkeuring

Goedgekeurd

Samenstelling

Aanwezig
Johny De Raeve, burgemeester; Bram De Raeve, 1ste schepen; Frederick Vandeput, 2de schepen; Johan Vanhoyland, 3de schepen; Frank Vandebeek, 4de schepen; Johan Schraepen, 5de schepen; Ria Hendrikx, voorzitter BCSD; Bart Telen, Algemeen directeur
Secretaris
Bart Telen, Algemeen directeur
3.

2023_CBS_00971 - Goedkeuring bestelbons - Goedkeuring

2023_CBS_00971 - Goedkeuring bestelbons - Goedkeuring

Motivering

Feiten context en argumentatie

Het college van burgemeester en schepenen keurt de lijst van de bestelbons goed.

Besluit

Het college van burgemeester en schepenen beslist:

Artikel 1

Het college van burgemeester en schepenen keurt de lijst van bestelbons van 2023 goed voor een bedrag van € 32.201,04.


4.

2023_CBS_00972 - Kerkraad : notulen - Kennisneming

Kennis genomen

Samenstelling

Aanwezig
Johny De Raeve, burgemeester; Bram De Raeve, 1ste schepen; Frederick Vandeput, 2de schepen; Johan Vanhoyland, 3de schepen; Frank Vandebeek, 4de schepen; Johan Schraepen, 5de schepen; Ria Hendrikx, voorzitter BCSD; Bart Telen, Algemeen directeur
Secretaris
Bart Telen, Algemeen directeur
4.

2023_CBS_00972 - Kerkraad : notulen - Kennisneming

2023_CBS_00972 - Kerkraad : notulen - Kennisneming

Motivering

Feiten context en argumentatie

Alle kennisgevingen of verzendingen tussen de kerkfabriek en de toezichthoudende overheid en tussen het centraal kerkbestuur en de toezichthoudende overheid gebeuren op de wijze, bepaald door de Vlaamse Regering.
Het college van burgemeester en schepenen kan, bij een gemotiveerd besluit, de uitvoering schorsen van een besluit waarbij de kerkraad of het centraal kerkbestuur het gemeentelijke belang en, inzonderheid, de financiële belangen van de gemeente schaadt.
Het schorsingsbesluit moet aan de kerkfabriek en het centraal kerkbestuur worden verstuurd binnen een termijn van dertig dagen, die ingaat op de dag nadat de notulen bij de gemeenteoverheid zijn ingekomen.
Van de schorsing wordt in de notulen melding gemaakt in de rand van het desbetreffende besluit.
Van het schorsingsbesluit wordt door het college van burgemeester en schepenen dadelijk kennisgegeven aan de provinciegouverneur, het erkend representatief orgaan en de Vlaamse regering.
Het regelmatig geschorste besluit kan worden ingetrokken.
De kerkraad of het centraal kerkbestuur, naar gelang van het geval, kan het geschorste besluit gemotiveerd handhaven binnen een termijn van honderd dagen die ingaat op de dag na het versturen van het schorsingsbesluit. In dit geval wordt het handhavingsbesluit, op straffe van nietigheid van het geschorste besluit, uiterlijk de laatste dag van die termijn naar de Vlaamse regering gestuurd met een afschrift aan het college van burgemeester en schepenen, de provinciegouverneur en het erkend representatief orgaan.
De termijn waarin de overheden, vermeld in artikel 58 en 59, een besluit van de kerkraad of van het centraal kerkbestuur kunnen schorsen of vernietigen, wordt gestuit als de toezichthoudende overheid het dossier over dat besluit bij de kerkfabriek of het centraal kerkbestuur opvraagt of aanvullende inlichtingen vraagt. Als de toezichthoudende overheid een klacht ontvangt, stuit dat ook de termijn, op voorwaarde dat die klacht verstuurd wordt op de wijze die de Vlaamse Regering bepaalt.
De dag nadat de toezichthoudende overheid het dossier of de aanvullende inlichtingen heeft ontvangen, begint een nieuwe termijn van dertig dagen.

Besluit

Het college van burgemeester en schepenen beslist:

Artikel 1

Het college van burgemeester en schepenen neemt kennis van de notulen van de kerkraad St-Quintinus van 6 september 2023.

5.

2023_CBS_00974 - Notarisinfo - artikel 5.2.2 - 2023/00034/SPLITSING - Wijvestraat 53 - inlichtingen notariële splitsing

Goedgekeurd

Samenstelling

Aanwezig
Johny De Raeve, burgemeester; Bram De Raeve, 1ste schepen; Frederick Vandeput, 2de schepen; Johan Vanhoyland, 3de schepen; Frank Vandebeek, 4de schepen; Johan Schraepen, 5de schepen; Ria Hendrikx, voorzitter BCSD; Bart Telen, Algemeen directeur
Secretaris
Bart Telen, Algemeen directeur
5.

2023_CBS_00974 - Notarisinfo - artikel 5.2.2 - 2023/00034/SPLITSING - Wijvestraat 53 - inlichtingen notariële splitsing

2023_CBS_00974 - Notarisinfo - artikel 5.2.2 - 2023/00034/SPLITSING - Wijvestraat 53 - inlichtingen notariële splitsing

Motivering

Feiten context en argumentatie

Het perceel is kadastraal gekend als afdeling 1, sectie B, nummers 952C41/deel en 952D38/deel.

De delen van de percelen 952C41 en 952D38, weergegeven als lot 2 op het bijgevoegd plan met een oppervlakte van 6a22ca worden verkocht volgens de oprichting van de woning Wijvestraat 53.

De percelen zijn volgens het gewestplan gelegen in woongebied landelijk karakter (eerste 50 meter) en woonuitbreidingsgebied (achterliggend deel).

De percelen zijn gedeeltelijk gelegen binnen het BPA Boomsteeg in de zone voor open en halfopen bebouwing.

De huidige bestemming, halfopen bebouwing, dient behouden te blijven.

Besluit

Het college van burgemeester en schepenen beslist:

Artikel 1

Het college van burgemeester en schepenen gaat akkoord met de verkoop van een deel van het perceel afdeling 1, sectie B, nummer 592C41 en de verkoop van een deel van het perceel afdeling 1, sectie B, nummer 592D38, weergegeven als lot 2 op het opmetingsplan van 8 december 2022, opgesteld door landmeter-expert Bart Cleuren, met een oppervlakte van 6a22ca.

7.

2023_CBS_00976 - Notarisinfo - artikel 5.2.2 - 2023/00035/SPLITSING - Beringersteenweg 14 - inlichtingen notariële splitsing

Goedgekeurd

Samenstelling

Aanwezig
Johny De Raeve, burgemeester; Bram De Raeve, 1ste schepen; Frederick Vandeput, 2de schepen; Johan Vanhoyland, 3de schepen; Frank Vandebeek, 4de schepen; Johan Schraepen, 5de schepen; Ria Hendrikx, voorzitter BCSD; Bart Telen, Algemeen directeur
Secretaris
Bart Telen, Algemeen directeur
7.

2023_CBS_00976 - Notarisinfo - artikel 5.2.2 - 2023/00035/SPLITSING - Beringersteenweg 14 - inlichtingen notariële splitsing

2023_CBS_00976 - Notarisinfo - artikel 5.2.2 - 2023/00035/SPLITSING - Beringersteenweg 14 - inlichtingen notariële splitsing

Motivering

Feiten context en argumentatie

Het perceel is kadastraal gekend als afdeling 3 sectie F, nummer 592L4.
Een deel van het perceel 592L4, weergegeven als lot 1 op het opmetingsplan van 21 januari 2021, opgesteld door landmeter-expert Johan Paquay, met een oppervlakte van 5a84ca, wordt verkocht waarbij de koper lot 1 bestemt als woongelegenheid.
Het resterende lot 2 met een oppervlakte van 3a21ca krijgt als bestemming magazijn.
Het perceel 592L4 ligt volgens het gewestplan in woongebied.
Het perceel 592L4 is niet gelegen binnen een BPA/RUP en niet binnen een verkaveling.
Lot 1 krijgt als bestemming woongelegenheid.
Lot 2 krijgt als bestemming magazijn.
Op het perceel 592L4 werden volgende relevante vergunningen afgeleverd:

  • Stedenbouwkundige vergunning voor het bouwen van een werkhuis d.d. 01/04/1968.
  • Verbouwing van een woonhuis d.d. 04/08/1972.
  • Een weigering voor de regularisatie van de werkplaats-schrijnwerkerij.

Een afsplitsing van het werkhuis (magazijn) wordt ongunstig beoordeeld. Dit werd zo reeds gecommuniceerd per e-mail aan de architect in naam van de eigenaar op d.d. 14/10/2020.
Het bijgebouw dient gebruikt te worden in functie van de voorliggende woning (vb garage, werkplaats,..).
Op het af te splitsen lot 2 werden verhardingen aangebracht zonder de nodige stedenbouwkundige vergunning.

Besluit

Het college van burgemeester en schepenen beslist:

Artikel 1

Het college van burgemeester en schepenen heeft  aangaande de verkoop van een deel van het perceel afdeling 3, sectie F, nummer 592L4, weergegeven als lot 1 op het opmetingsplan van 21 januari 2021, opgesteld door landmeter-expert Johan Paquay, met een oppervlakte van 5a84ca, gelegen aan Beringersteenweg 14 met bestemming woongelegenheid volgende opmerkingen: 

- Een afsplitsing van het werkhuis (magazijn) wordt ongunstig beoordeeld. Het bijgebouw dient gebruikt te worden in functie van de voorliggende woning (vb garage, werkplaats,..).
- Op het af te splitsen lot 2 werden verhardingen aangebracht zonder de nodige stedenbouwkundige vergunningen.

8.

2023_CBS_00977 - OMV - Vergunning - Sparrenweg 18 - 2023/00139 - Goedkeuring

Goedgekeurd

Samenstelling

Aanwezig
Johny De Raeve, burgemeester; Bram De Raeve, 1ste schepen; Frederick Vandeput, 2de schepen; Johan Vanhoyland, 3de schepen; Frank Vandebeek, 4de schepen; Johan Schraepen, 5de schepen; Ria Hendrikx, voorzitter BCSD; Bart Telen, Algemeen directeur
Secretaris
Bart Telen, Algemeen directeur
8.

2023_CBS_00977 - OMV - Vergunning - Sparrenweg 18 - 2023/00139 - Goedkeuring

2023_CBS_00977 - OMV - Vergunning - Sparrenweg 18 - 2023/00139 - Goedkeuring

Motivering

Feiten context en argumentatie

VERSLAG GEMEENTELIJKE OMGEVINGSAMBTENAAR

Dossiernummer:    2023/00139
Referentie omgevingsloket:    OMV_2023095587

De aanvraag, ingediend door mevrouw Catherine Leroy wonende te Th. De Baisieuxstraat 156 te 1020 Brussel en Ignace  Dewaele wonende te Th. De Baisieuxstraat 156 te 1020 BRUSSEL, werd ontvangen op 20/07/2023 en op 17/08/2023 ontvankelijk en volledig verklaard.

De aanvraag gaat over een terrein, gelegen Sparrenweg 18, kadastraal gekend als afdeling 2 sectie D nr. 132G96.

De aanvraag gaat over het verbouwen en uitbreiden van een eengezinswoning met een tuinberging tot op de perceelsgrens, terreinaanleg en een kleine reliëfwijziging.

De aanvraag omvat stedenbouwkundige handelingen.

De gemeentelijke omgevingsambtenaar heeft deze aanvraag onderzocht, rekening houdend met de geldende wettelijke bepalingen, (in het bijzonder met het decreet van 25 april 2014 betreffende de omgevingsvergunning, het decreet houdende Algemene Bepalingen inzake Milieubeleid, de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening (VCRO), het decreet Integraal Handelsvestigingsbeleid, het decreet Natuurbehoud en hun uitvoeringsbesluiten).

1.    STEDENBOUWKUNDIGE BASISGEGEVENS
De locatie van de aanvraag is volgens het Origineel bij Koninklijk besluit goedgekeurd gewestplan op 3 april 1979 gelegen in woongebieden met landelijk karakter.
De locatie van de aanvraag is niet gelegen binnen een bijzonder plan van aanleg.
De locatie van de aanvraag is niet gelegen binnen een ruimtelijk uitvoeringsplan.
De aanvraag is niet gelegen binnen de grenzen van een behoorlijk vergunde en niet vervallen verkaveling.

Volgende verordeningen zijn van kracht:
• algemene bouwverordening inzake wegen voor voetgangersverkeer goedgekeurd op 29 april 1997;
• gewestelijke stedenbouwkundige verordening inzake openluchtrecreatieve verblijven goedgekeurd op 8 juli 2005;
• gewestelijke stedenbouwkundige verordening inzake hemelwaterputten,... goedgekeurd op 23 juni 2006;
• gewestelijke stedenbouwkundige verordening inzake toegankelijkheid goedgekeurd op 5 juni 2009.

2.    HISTORIEK
Volgende dossiers zijn relevant:
• Stedenbouwkundige vergunning (1963/00087) voor bouwen van een woonhuis/bungalow - goedgekeurd op 21/05/1963.

3.    BESCHRIJVING OMGEVING EN AANVRAAG
Beschrijving van de plaats & omgeving
Het perceel bevindt zich aan de Sparrenweg, een gemeenteweg in het gehucht Termolen.
De ruimere omgeving bestaat uit vrijstaande eengezinswoningen en soms meergezinswoningen, gelegen in een woonlint met achterliggend landschappelijk waardevol agrarisch gebied. De bebouwing bestaat uit één tot twee bouwlagen onder variërend hellende en platte daken, en is voornamelijk afgewerkt in een gevelsteen in diverse tinten en texturen.
Op het perceel bevindt zich een split-level bungalow in een rode baksteen met onderaan een boord uit natuursteen en een inrit uit asfalt waarvan de breedte aan de rooilijn 3,8 meter bedraagt. Onder het gelijkvloers bevinden zich verschillende kruipkelders.
De woning werd zonder aktename uitgebreid en er werden onvergunde stabiliteitswerken uitgevoerd aan de rechter zijgevel. Verder zijn er zonder de nodige vergunningen verhardingen en vier constructies geplaatst.
De woning werd ingeplant op 10,25 meter van de rooilijn.
Het terrein ligt ongeveer tussen15 en 25 centimeter onder de as van de Sparrenweg, tussen 36 en 46 onder het maaiveld van de linkerbuur en tussen 19 en 21 centimeter onder het terrein van de rechterbuur.
De verhardingsgraad van de voortuin bedraagt ongeveer 33%.  Het aandeel constructies en verhardingen op het hele perceel ligt op 40%.

Beschrijving van de aangevraagde stedenbouwkundige handelingen
De aanvraag gaat over het verbouwen en uitbreiden van de bestaande eengezinswoning, de heraanleg van de verhardingen op het goed, het uitvoeren van een kleine reliëfwijziging en het bouwen van een vrijstaand bijgebouw.
De woning bestaat uit 2 volume’s waarbij het linkervolume wordt afgebroken, vervangen en uitgebreid en het rechtervolume voor het grootste deel blijft behouden. Het rechterdeel krijgt wel nieuw buitenschrijnwerk waarbij 2 vergunde en 1 onvergunde gevelopeningen in de rechter zijgevel worden dichtgemaakt, en het wordt aan de buitenkant geïsoleerd.
Door de werken wijzigt de inplanting van de woning naar 7,26 meter van de rooilijn. De bouwdiepte van het linkervolume zal vergroten tot 17 meter en die van het rechtervolume door de buitenisolatie tot 13,73 meter.
Na de uitvoering zal de afstand tot de linker perceelsgrens vergroten naar 3,29 meter en die tot de rechter door de buitenisolatie verkleinen naar 2,9 meter.
De kroonlijst- en nokhoogte vergroten tot respectievelijk 5,23 meter en 5,77 meter boven het maaiveld en de hoogte van de dakrand zal maximaal 4,15 meter boven het maaiveld liggen. De aanwezige kruipkelders worden volledig opgevuld.
In de achtertuin worden de 4 onvergunde vrijstaande bijgebouwen gesloopt en wordt er tegen de linkerperceelsgrens en een bestaande constructie op het naastliggende perceel een nieuwe tuinberging opgericht met een oppervlakte van 18m² en een maximale hoogte van 2,9 meter boven het maaiveld.
De verharding in de voortuin wordt aangepast en vervangen door waterdoorlatende klinkers. De verharding in de zij- en achter tuin worden verwijderd. In de achtertuin wordt tegen de achtergevel een nieuw terras uitgevoerd in tegels en een dolomieten looppad geplaatst. Rond de tuinberging wordt ook een looppad in dolomiet voorzien.
Het aandeel verhardingen en constructies op het terrein bedraagt 34% en de verhardingsgraad van de voortuin bedraagt 29,5%.
Het terrein wordt naar de linkerkant van het perceel hellend opgehoogd van 25 centimeter onder de as van de Sparrenweg tot 10 centimeter erboven. Hierdoor zal het langs de linker perceelsgrens ongeveer 15 cm onder het maaiveld van de linkerbuur komen te liggen.
Het metalen dak wordt vervangen door roofing. De gevels worden bekleed met een cementering in gebroken wit. Onderaan blijft er ruimte, doch versmald, voor een boord in natuursteen. De dakrand wordt uitgevoerd in aluminium, net als het buitenschrijnwerk.

4.    RAADPLEGING EIGENAARS AANPALENDE PERCELEN
Het dossier werd volgens de vereenvoudigde procedure behandeld.
Er werd bijgevolg geen openbaar onderzoek gehouden.
Aangezien de aanvraag gaat over de oprichting, uitbreiding of afbraak van scheidingsmuren of muren die in aanmerking komen voor gemene eigendom, werden de betrokken aanpalende eigenaars aangeschreven per beveiligde zending met de vraag hun standpunt kenbaar te maken binnen de 30 dagen.

5.    ADVIEZEN
    Er zijn geen adviezen vereist.

6.    PROJECT-MER
    De aanvraag valt niet onder het toepassingsgebied van bijlage I, II en III van het besluit inzake projectmilieueffectrapportage van 10 december 2004 en latere wijzigingen.

7.    INHOUDELIJKE BEOORDELING
Decretale beoordelingselementen
In toepassing op de artikelen 4.3.5. tot en met 4.3.8. van de VCRO kan gesteld worden dat de Sparrenweg een voldoende uitgeruste openbare weg is.
De aanvraag gaat niet over de oprichting van een bedrijfswoning.
De aanvraag ligt niet in een reservatiestrook.
Verder is het goed niet getroffen door een rooilijn.

Zonering
Het perceel is volgens het zoneringsplan voor riolering, van de Vlaamse Milieumaatschappij (VMM), gelegen in centraal gebied. Er is al geruime tijd riolering aanwezig en die is aangesloten op een waterzuivering. Er moet geen septische put voorzien worden.

Waterparagraaf
Het decreet over het integraal waterbeleid van 18 juli 2003, gewijzigd door het wijzigingsdecreet Integraal Waterbeleid van 19 juli 2013, legt bepaalde verplichtingen op, die de watertoets genoemd worden. Deze watertoets schat de eventuele schadelijke effecten in ten koste van de watersystemen bij de inname van ruimte.
Sedert de inwerkingtreding van omzendbrief OMG/2022/1 d.d. 15/12/2022 dient de vergunningverlenende overheid de watertoets op een gewijzigde manier uit te voeren bij dossiers ingediend vanaf 01/01/2023. De watertoetsprocedure werd geoptimaliseerd, er werden aandachtspunten en richtlijnen geformuleerd en het kaartmateriaal inzake overstromingsgevoelige gebieden werd aangepast.
Het voorliggende bouwproject heeft geen omvangrijke oppervlakte en ligt noch in een pluviaal, noch in een fluviaal overstromingsgebied. Het terrein is logischerwijze evenmin in een gebied voor zeeoverstromingen gesitueerd.
Daarom moet in alle redelijkheid geoordeeld worden dat het schadelijk effect beperkt is. Enkel door de toename van de verharde oppervlakte wordt de infiltratie van het hemelwater in de bodem plaatselijk beperkt. Dit moet gecompenseerd worden overeenkomstig de normen vastgelegd in de geldende gewestelijke hemelwaterverordening.
De plannen geven aan dat voor de uitbreiding van de bestaande woning met een horizontale dakoppervlakte van 35 m² een hemelwaterput voorzien wordt met een inhoud van 5000 liter en recuperatie van het hemelwater voor het toilet en de tuin. De overloop van de hemelwaterput wordt aangesloten op een infiltratievoorziening waarvan de oppervlakte en het volume niet voldoen aan de verordening.
De verordening is van toepassing op een gedeelte van de voorziene verhardingen. Een deel van het hemelwater dat op de verharding valt, wordt namelijk opgevangen en afgevoerd.
Er wordt niet voldaan aan de hemelwaterverordening, hierdoor doorstaat de aanvraag de watertoets niet. Overeenkomstig artikel 4.3.1.§1, 4° van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening kan geen vergunning afgeleverd worden indien niet voldaan wordt aan de minimale vereisten zoals bepaald in de hemelwaterverordening mits het opleggen van een voorwaarde.

Natuurtoets
Het perceel is niet gelegen binnen of grenzend aan een speciaal beschermingsgebied. Omwille van de ligging, de aard van het project en de afstand tot de waardevolle natuurgebieden wordt gesteld dat er geen impact is van de projectaanvraag op de natuurwaarden.

Erfgoed- & Archeologietoets
Het perceel is niet gelegen binnen een beschermd stads- of dorpsgezicht. Er zijn geen monumenten in de omgeving. 
Conform het Onroerenderfgoeddecreet d.d. 12/07/2013 en latere wijzigingen is geen bekrachtigde archeologienota verplicht voor de aanvraag gezien de oppervlakte van het perceel kleiner is dan 3000 m² en het goed zich niet in een beschermde archeologische site en ook niet in een vastgestelde archeologische zone bevindt.

Beoordeling van de goede ruimtelijke ordening
Functionele inpasbaarheid
De bestaande woonfunctie blijft behouden en is functioneel inpasbaar op deze locatie, nl. het gehucht Termolen.

Mobiliteitsimpact
De gemeente Zonhoven hanteert volgende parkeernorm voor een woning: 1,5 autostaanplaatsen/wooneenheid.
De aanvraag komt hieraan tegemoet, want er wordt een inpandige garage voorzien voor de bewoners en de bezoekers hebben voldoende parkeerruimte op de inrit.

Schaal
De hoogte van zowel de dakrand als de nok- en de kroonlijst vallen binnen de visie van de gemeente Zonhoven. Door de werken zal de woning nagenoeg dezelfde breedte behouden maar minimaal dichter bij de rechter perceelsgrens liggen. Iets dichter dan normaal binnen de gemeente toegestaan wordt. Het gaat echter om aanvaardbare versmalling van de zichtas naar de achterliggende tuin ten gevolge van het isoleren van de buitenkant van de bestaande vleugel.
De bouwdiepte van de rechtervleugel vergroot enkel ten gevolge van de buitenisolatie waardoor de bestaande diepte van zowel het gelijkvloers als de verdieping nagenoeg dezelfde blijven.
Aan de linkerzijde vergroot de bouwdiepte van de bouwlaag onder een plat dak aanzienlijk. Aangezien deze diepte gedeeltelijk wordt opgevangen door deze vleugel dichter bij de rooilijn in te planten, de bouwdiepte ook het gevolg is van een inpandige terras tegen de achtergevel dat geen zicht biedt naar de linkerbuur en er geen verdieping op deze vleugel wordt gebouwd, is dit aanvaardbaar.
De gewijzigde inplanting zorgt er ook voor dat de voorgevellijn beter overeen zal komen met die van de linkerbuur terwijl de verbinding naar de rechterbuur behouden blijft.

Ruimtegebruik en bouwdichtheid
De bouwdichtheid blijft ongewijzigd en bijgevolg aanvaardbaar.
Door de naar voren gerichte inplanting zal de verhardingsgraad van de voortuin minimaal verhogen.  Het aandeel aan constructies en verhardingen op het perceel zal aanzienlijk verlagen. Beide waarden blijven ruim binnen de visie van de gemeente.

Visueel-vormelijke elementen
Door het behouden van de vorm van de rechtervleugel blijft het karakter na de verbouwing verbonden met de bestaande architecturale typologie. De vernieuwde linkervleugel maakt dan weer de link met moderne blokvormige woningen waarvan de start in de straat en door de linkerbuur reeds gemaakt is.
Ook de gebruikte materialen zijn aanvaardbaar gezien de diversiteit van het materialengebruik in het straatbeeld.

Cultuurhistorische aspecten
Het perceel is niet gelegen in of nabij een beschermd dorpsgezicht. De aanvraag is niet gelegen in een beschermde archeologische site. De aanvraag is, bekeken vanuit de erfgoedaspecten, aanvaardbaar.

Bodemreliëf
Het maaiveld wordt beperkt gewijzigd in functie van de inplanting van de woning. Het terrein wordt aan de linkerzijde opgehoogd maar blijft na de werken nog steeds onder het maaiveld van de naastliggenden en onder de as van de Sparrenweg liggen. Betreffende de waterhuishouding zal de ophoging dan ook geen hinder veroorzaken naar de buren.

Hinderaspecten, gezondheid, gebruiksgenot en veiligheid in het algemeen
Mede door het ondertekend akkoord met de linker buur dat aan het dossier werd toegevoegd en dat er daarover, i.k.v. art. 83 van het Omgevingsvergunningsbesluit, geen bezwaren werden ingediend betreffende de inplanting van de tuinberging vormen de werken geen bijkomende hinder op het vlak van privacy of gebruiksgenot van de buren. Door het verwijderen van de onvergunde gevelopening op de eerste verdieping in de rechter zijgevel verbetert de situatie zelfs.
Er is bij de aanvraag niet aangegeven hoe hoog de haag langs de rooilijn zal worden na de werken.  Ten aanzien van de verkeersveiligheid bij het verlaten van het perceel is het wenselijk om de maximale hoogte ervan vast te leggen op 1 meter ten opzichte van het maaiveld.

Resultaten van de raadpleging van de eigenaars van de aanpalende percelen
Er werd geen reactie ontvangen van de eigenaars van de aanpalende percelen. 

Bespreking van de adviezen
De aanvraag werd getoetst aan de criteria van artikels 24-26 van het Decreet betreffende de omgevingsvergunning van 25/04/2014 en de criteria van artikels 30-38 van het Besluit van de Vlaamse Regering tot uitvoering van het decreet van 25 april 2014 betreffende de omgevingsvergunning.
Er dienden geen adviezen gevraagd te worden.

8.    ADVIES GEMEENTELIJKE OMGEVINGSAMBTENAAR
Uit bovenstaande motivering blijkt dat de aanvraag in overeenstemming is met de wettelijke bepalingen, en dat het gevraagde verenigbaar is met een goede ruimtelijke ordening, mits het opleggen van voorwaarden.

De gemeentelijke omgevingsambtenaar adviseert volgende voorwaarden op te leggen:
Stedenbouwkundige voorwaarden
• Om te voldoen een de hemelwaterverordening moet er een infiltratievoorziening geplaatst worden met een minimaal volume van 4564,5 liter en een minimale oppervlakte van 7,3m².
• Binnen een afstand van 5 meter van de rooilijn mag de hoogte van gesloten afsluitingen, al dan niet gevormd door beplanting, maximaal 1 meter bedragen.

Besluit

Het college van burgemeester en schepenen beslist:

Artikel 1

Het college van burgemeester en schepenen neemt kennis van het advies van de gemeentelijke omgevingsambtenaar d.d. 19/09/2023 en volgt dit standpunt integraal.

Artikel 2

Het college van burgemeester en schepenen beslist tot het voorwaardelijk afleveren van de omgevingsvergunning aan mevrouw Catherine Leroy wonende te Th. De Baisieuxstraat 156 te 1020 Brussel en Ignace  Dewaele wonende te Th. De Baisieuxstraat 156 te 1020 BRUSSEL voor het verbouwen en uitbreiden van een eengezinswoning met een tuinberging tot op de perceelsgrens, terreinaanleg en een kleine reliëfwijziging, gelegen te Sparrenweg 18 kadastraal gekend als afdeling 2 sectie D nr. 132G96.

Artikel 3

Volgende voorwaarden worden opgelegd:
Stedenbouwkundige voorwaarden

  • Om te voldoen een de hemelwaterverordening moet er een infiltratievoorziening geplaatst worden met een minimaal volume van 4564,5 liter en een minimale oppervlakte van 7,3m².
  • Binnen een afstand van 5 meter van de rooilijn mag de hoogte van gesloten afsluitingen, al dan niet gevormd door beplanting, maximaal 1 meter bedragen.
9.

2023_CBS_00978 - OMV - Vergunning - Sparrenweg 46 - 2023/00095 - Goedkeuring

Goedgekeurd

Samenstelling

Aanwezig
Johny De Raeve, burgemeester; Bram De Raeve, 1ste schepen; Frederick Vandeput, 2de schepen; Johan Vanhoyland, 3de schepen; Frank Vandebeek, 4de schepen; Johan Schraepen, 5de schepen; Ria Hendrikx, voorzitter BCSD; Bart Telen, Algemeen directeur
Secretaris
Bart Telen, Algemeen directeur
9.

2023_CBS_00978 - OMV - Vergunning - Sparrenweg 46 - 2023/00095 - Goedkeuring

2023_CBS_00978 - OMV - Vergunning - Sparrenweg 46 - 2023/00095 - Goedkeuring

Motivering

Feiten context en argumentatie

VERSLAG GEMEENTELIJKE OMGEVINGSAMBTENAAR

Dossiernummer:    2023/00095

Referentie omgevingsloket:    OMV_2023055998

De aanvraag, ingediend door mevrouw Dagmar Bielen wonende te Sparrenweg 46 te 3520 Zonhoven, werd ontvangen op 09/05/2023 en op 19/06/2023 ontvankelijk en volledig verklaard.

De aanvraag gaat over een terrein, gelegen Sparrenweg 46, kadastraal gekend als afdeling 2 sectie D nr. 133V.

De aanvraag gaat over het slopen van een veranda en het bouwen van een nieuwe veranda, het slopen van een tuinberging, het regulariseren van een bijgebouw en een zwembad en het herinrichting van het terrein.

De aanvraag omvat stedenbouwkundige handelingen.

De gemeentelijke omgevingsambtenaar heeft deze aanvraag onderzocht, rekening houdend met de geldende wettelijke bepalingen, (in het bijzonder met het decreet van 25 april 2014 betreffende de omgevingsvergunning, het decreet houdende Algemene Bepalingen inzake Milieubeleid, de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening (VCRO), het decreet Integraal Handelsvestigingsbeleid, het decreet Natuurbehoud en hun uitvoeringsbesluiten).

1.    STEDENBOUWKUNDIGE BASISGEGEVENS

De locatie van de aanvraag is volgens het Origineel bij Koninklijk besluit goedgekeurd gewestplan op 3 april 1979 gelegen in woongebieden met landelijk karakter.

De locatie van de aanvraag is niet gelegen binnen een bijzonder plan van aanleg.

De locatie van de aanvraag is niet gelegen binnen een ruimtelijk uitvoeringsplan.

Het project maakt deel uit van de goedgekeurde verkaveling 7204.V.95 goedgekeurd op 22 december 1964, het betreft lot 8.

De verkaveling ouder is dan 15 jaar.  Daarom vormen de verkavelingsvoorschriften niet langer een weigeringsgrond en moet er een toetsing gebeuren van de goede ruimtelijke ordening.

Volgende verordeningen zijn van kracht:

•    algemene bouwverordening inzake wegen voor voetgangersverkeer goedgekeurd op 29 april 1997;

•    gewestelijke stedenbouwkundige verordening inzake openluchtrecreatieve verblijven goedgekeurd op 8 juli 2005;

•    gewestelijke stedenbouwkundige verordening inzake hemelwaterputten,... goedgekeurd op 23 juni 2006;

•    gewestelijke stedenbouwkundige verordening inzake toegankelijkheid goedgekeurd op 5 juni 2009.

2.    HISTORIEK

Volgende dossiers zijn relevant: 

•    Stedenbouwkundige vergunning (1994/00163) voor het bouwen van een woonhuis - goedgekeurd op 19/09/1994.

•    Stedenbouwkundige vergunning (2000/08303) voor het bouwen van een tuinhuisje. - goedgekeurd op 03/07/2000.

•    Stedenbouwkundige vergunning (2007/10877) voor het plaatsen van 31m² solarinstallatie zonnepanelen schuco 170w  1600 x 820 - goedgekeurd op 17/12/2007.

•    Verkavelingsvergunning (7204.V.95) voor het verkavelen van een grond in 25 loten - goedgekeurd op 22/12/1964.

3.    BESCHRIJVING OMGEVING EN AANVRAAG

Beschrijving van de plaats & omgeving

Het perceel bevindt zich aan de Sparrenweg, een gemeenteweg.

De omgeving bestaat hoofdzakelijk uit vrijstaande en halfopen eengezinswoningen.

Het straatbeeld wordt gevormd door een zeer gevarieerde bebouwing.  De bebouwing varieert qua inplanting, bouwhoogte, dakprofiel alsook materiaalgebruik.

Het perceel is bebouwd met een vrijstaande eengezinswoning en 2 bijgebouwen.

Het bijgebouw ingeplant tegen de linker perceelgrens fungeert als tuinberging en overdekt terras.

Het andere bijgebouw, tevens een tuinberging, werd rechts achteraan op het perceel ingeplant.

Beide bijgebouwen werden opgericht zonder vergunning.

Tot slot werd een zwembad aangelegd zonder vergunning.

Beschrijving van de aangevraagde stedenbouwkundige handelingen

De aanvraag gaat over het slopen van een veranda en het bouwen van een nieuwe veranda, het slopen van een tuinberging, het regulariseren van een bijgebouw en een zwembad en het herinrichting van het terrein.

Op het perceel bevindt zich een vrijstaande eengezinswoning die ingeplant is op 6m achter de rooilijn / voorste perceelgrens en op 4m van zowel de linker als de rechter perceelgrens.

De bestaande veranda aan de rechter achterzijde van de woning wordt verwijderd en vervangen door een nieuwe veranda.

De nieuwe veranda heeft dezelfde afmetingen als de bestaande, nl. een breedte van maximaal 2,21m en een bouwdiepte van 7,33m.

Zowel de bouwdiepte, bouwbreedte alsook de inplanting van de woning blijven bijgevolg ongewijzigd.

De nieuwe veranda wordt voorzien van een plat dak.  De dakrandhoogte is gelegen op 3m.

In de achtertuin bevindt zich een niet-vergund bijgebouw, nl. een tuinberging.

De tuinberging is ingeplant op 0,90m van de achterste perceelgrens en 1,05m van de rechter perceelgrens.

De tuinberging heeft een oppervlakte van 7,70m² (2,50m x 3,08m).

De niet-vergunde tuinberging wordt gesloopt.

Op 1,44m achter de achtergevel van de woning en tegen de linker perceelgrens is een bijgebouw opgericht dat fungeert als tuinberging en overdekt terras.

Het bijgebouw heeft een bouwdiepte van 9,48m en een bouwbreedte van 3m.

De kroonlijsthoogte is gelegen op 2,20m en de nokhoogte op 3,50m ten opzichte van het maaiveld.

Het bijgebouw werd opgetrokken in een gele gevelsteen (idem woning) en de dakbedekking werd uitgevoerd in zwarte pannen.

Gezien het bijgebouw werd opgetrokken zonder vergunning omvat de huidige aanvraag de regularisatie hiervan.

In de achtertuin werd tevens een zwembad aangelegd zonder vergunning.  De aanvrager wenst dit zwembad dan ook te regulariseren.

Het zwembad is ingeplant op ca. 4,50m achter de achtergevel van de woning en op 2,77m van de achterste perceelgrens.

Het zwembad heeft een diameter van 5,50m en een diepte van 1,35m.

Tot slot omvat de aanvraag het herinrichten van het terrein.

In de voortuin bevindt zich een inrit met een breedte van 6,60m.  Zowel aan de linker als aan de rechterzijde van de inrit werd kiezel/grindverharding aangelegd.  In de zijtuinstroken werden tuinpaden aangelegd in klinkerverharding.

Aan de linker achterzijde werd een niet-overdekt terras aangelegd dat aansluit op het overdekte terras van het bijgebouw.

Aan de achterzijde van de woning werd een klinkerverharding aangelegd net als rond het zwembad.

Uit de plannen blijkt dat in de voortuin de kiezel/grindverharding verwijderd wordt.  In de achtertuin wordt de klinkerverharding rond het zwembad verwijderd.

4.    OPENBAAR ONDERZOEK 

Overeenkomstig de criteria van artikels 11 t.e.m. 14 van het Besluit van de Vlaamse Regering tot uitvoering van het decreet van 25 april 2014 betreffende de omgevingsvergunning is de gewone procedure van toepassing en moet de aanvraag openbaar gemaakt worden.

Het openbaar onderzoek werd georganiseerd van 29 juni 2023 t.e.m. 28 juli 2023.

5.    ADVIEZEN

Er zijn geen adviezen vereist.

6.    PROJECT-MER

 De aanvraag valt niet onder het toepassingsgebied van bijlage I, II en III van het besluit inzake projectmilieueffectrapportage van 10 december 2004 en latere wijzigingen.

7.    INHOUDELIJKE BEOORDELING

Decretale beoordelingselementen

In toepassing op de artikelen 4.3.5. tot en met 4.3.8. van de VCRO kan gesteld worden dat de Sparrenweg een voldoende uitgeruste openbare weg is.

De aanvraag gaat niet over de oprichting van een bedrijfswoning.

De aanvraag ligt niet in een reservatiestrook.

Verder is het goed niet getroffen door een rooilijn.

Zonering

Het perceel is volgens het zoneringsplan voor riolering, van de Vlaamse Milieumaatschappij (VMM), gelegen in centraal gebied. Er is al geruime tijd riolering aanwezig en die is aangesloten op een waterzuivering. Er moet geen septische put voorzien worden.

Waterparagraaf

Het decreet over het integraal waterbeleid van 18 juli 2003, gewijzigd door het wijzigingsdecreet Integraal Waterbeleid van 19 juli 2013, legt bepaalde verplichtingen op, die de watertoets genoemd worden. Deze watertoets schat de eventuele schadelijke effecten in ten koste van de watersystemen bij de inname van ruimte.

Het voorliggende project heeft geen enkele invloed op het watersysteem, zodat in alle redelijkheid geoordeeld moet worden dat er geen schadelijk effect veroorzaakt wordt. Er moeten dan ook geen voorwaarden of maatregelen opgelegd worden.

Natuurtoets

Het perceel is niet gelegen binnen of grenzend aan een speciaal beschermingsgebied.  Omwille van de ligging, de aard van het project en de afstand tot de waardevolle natuurgebieden wordt gesteld dat er geen impact is van de projectaanvraag op de natuurwaarden.

Erfgoed- & Archeologietoets

Het perceel is niet gelegen binnen een beschermd stads- of dorpsgezicht. Er zijn geen monumenten in de omgeving.

Conform het Onroerenderfgoeddecreet d.d. 12/07/2013 en latere wijzigingen is geen bekrachtigde archeologienota verplicht voor de aanvraag gezien de oppervlakte van het perceel kleiner is dan 3000 m².

Beoordeling van de goede ruimtelijke ordening

De verkaveling is ouder dan 15 jaar. Daarom vormen de verkavelingsvoorschriften niet langer een weigeringsgrond, en moet er een toetsing gebeuren van de goede ruimtelijke ordening.

Functionele inpasbaarheid

De bestaande woonfunctie blijft behouden en is functioneel inpasbaar op deze locatie.

Mobiliteitsimpact

Het ontwerp voorziet een inrit die toegang verleent tot de dubbele carport.

Het stallen van voertuigen gebeurt geheel op eigen terrein waardoor de last van het autobezit niet wordt afgeschoven naar het openbaar domein.

Schaal

De voorgestelde bebouwing is in overeenstemming met de algemeen gehanteerde normen.

De bebouwing in de directe omgeving varieert sterk qua inplanting, bouwdiepte, bouwhoogte alsook materiaalgebruik.  Rekening houdend met de gevarieerde bebouwing in de directe omgeving zal het voorgestelde niet als storend ervaren worden in het bestaande straatbeeld.

Ruimtegebruik en bouwdichtheid

Gezien de functie als eengezinswoning ongewijzigd blijft en de woondichtheid bijgevolg behouden blijft is deze aanvaardbaar op deze locatie.

De woning heeft een oppervlakte van ca. 155m².

Het te regulariseren bijgebouw heeft een oppervlakte van 28,44m².

Zoals eerder aangehaald wordt de bestaande kiezel/grindverharding in de voortuin verwijderd.  Tevens wordt de klinkerverharding rond het zwembad verwijderd.

De overige klinkerverharding met een totale oppervlakte van 187,63m² wenst de aanvrager te regulariseren.

Rekening houdend met de oppervlakte van het perceel (7a 20ca) bedraagt de bebouwings- en verhardingsgraad 51%.

De bebouwings- en verhardingsgraad overschrijdt dan ook de gewenste visie van de gemeente.

Om de footprint af te stemmen op deze gewenste visie dienen volgende verharding verwijderd te worden en aangelegd te worden als groenzone:

-    Het toegangspad aan de rechterzijde van de inrit dient verwijderd te worden voor de 1ste 5m vanaf de rooilijn / voorste perceelgrens.

Vanaf 5m achter de rooilijn sluit het pad aan op de inrit.  Rekening houdend met de reeds ruime breedte van de inrit is een bijkomende toegang tot aan de rooilijn geen noodzaak;

-    De paadjes aan de linkerzijde van de woning, uitgezonderd het toegangspad met een breedte van 1m;

-    De klinkerverharding aan de achterzijde van de woning vanaf de groenaanplanting.

Het overdekt terras is toegankelijk via de voorzijde waardoor deze verharding tevens overbodig is.

Hierdoor wordt de bebouwings- en verhardingsgraad gereduceerd naar 46%.  De resterende tuinzone is voldoende ruim en kwalitatief.

Visueel-vormelijke elementen

De veranda wordt uitgevoerd met een plat dak.

Het bijgebouw werd uitgevoerd met dezelfde gevelsteen en dakbedekking als de woning.  Hierdoor vormt het een geheel met het hoofdgebouw.

Het materiaalgebruik zal niet als storend ervaren worden in het gevarieerde straatbeeld.

Cultuurhistorische aspecten

Het perceel is niet gelegen in of nabij een beschermd dorpsgezicht. De aanvraag is niet gelegen in een beschermde archeologische site. De aanvraag is, bekeken vanuit de erfgoedaspecten, aanvaardbaar.

Bodemreliëf

Volgens de aanvraag wordt het bestaande reliëf niet gewijzigd.

Hinderaspecten, gezondheid, gebruiksgenot en veiligheid in het algemeen

De aanvraag creëert voldoende woonkwaliteit en gebruiksgenot voor de bewoners.  Door de aanvraag ontstaat geen bijkomende hinder.

Resultaten van het openbaar onderzoek

Er werden geen bezwaren ingediend.

8.    ADVIES GEMEENTELIJKE OMGEVINGSAMBTENAAR

Uit bovenstaande motivering blijkt dat de aanvraag in overeenstemming is met de wettelijke bepalingen, en dat het gevraagde verenigbaar is met een goede ruimtelijke ordening, mits het opleggen van voorwaarden.

De gemeentelijke omgevingsambtenaar adviseert volgende voorwaarden op te leggen:

Stedenbouwkundige voorwaarden

•    Het toegangspad aan de rechterzijde van de inrit dient verwijderd te worden voor de 1ste 5m vanaf de rooilijn / voorste perceelgrens en ingericht te worden als groenzone.

•    De paadjes aan de linkerzijde van de woning, uitgezonderd het toegangspad met een breedte van 1m dient verwijderd te worden en aangelegd te worden als groenzone.

•    De klinkerverharding aan de achterzijde van de woning vanaf de groenaanplanting dient verwijderd te worden aan aangelegd als groenzone.

Besluit

Het college van burgemeester en schepenen beslist:

Artikel 1

Het college van burgemeester en schepenen neemt kennis van het advies van de gemeentelijke omgevingsambtenaar d.d. 19/09/2023 en volgt dit standpunt integraal.

Artikel 2

Het college van burgemeester en schepenen beslist tot het voorwaardelijk afleveren van de omgevingsvergunning aan mevrouw Dagmar Bielen wonende te Sparrenweg 46 te 3520 Zonhoven voor het slopen van een veranda en het bouwen van een nieuwe veranda, het slopen van een tuinberging, het regulariseren van een bijgebouw en een zwembad en de herinrichting van het terrein, gelegen te Sparrenweg 46 kadastraal gekend als afdeling 2 sectie D nummer 133V.

Artikel 3

Volgende voorwaarden worden opgelegd:

  • Het toegangspad aan de rechterzijde van de inrit dient verwijderd te worden voor de 1ste 5m vanaf de rooilijn / voorste perceelgrens en ingericht te worden als groenzone.
  • De paadjes aan de linkerzijde van de woning, uitgezonderd het toegangspad met een breedte van 1m dient verwijderd te worden en aangelegd te worden als groenzone.
  • De klinkerverharding aan de achterzijde van de woning vanaf de groenaanplanting dient verwijderd te worden aan aangelegd als groenzone.
10.

2023_CBS_00979 - OMV - Vergunning - Moverkensstraat 95 - 2023/00086 - Goedkeuring

Goedgekeurd

Samenstelling

Aanwezig
Johny De Raeve, burgemeester; Bram De Raeve, 1ste schepen; Frederick Vandeput, 2de schepen; Johan Vanhoyland, 3de schepen; Frank Vandebeek, 4de schepen; Johan Schraepen, 5de schepen; Ria Hendrikx, voorzitter BCSD; Bart Telen, Algemeen directeur
Secretaris
Bart Telen, Algemeen directeur
10.

2023_CBS_00979 - OMV - Vergunning - Moverkensstraat 95 - 2023/00086 - Goedkeuring

2023_CBS_00979 - OMV - Vergunning - Moverkensstraat 95 - 2023/00086 - Goedkeuring

Motivering

Feiten context en argumentatie

VERSLAG GEMEENTELIJKE OMGEVINGSAMBTENAAR

Dossiernummer:    2023/00086

Referentie omgevingsloket:    OMV_2023043459

De aanvraag, ingediend door de heer Christoff Van Den Boorn wonende te Vogelsancklaan 10 te 3550 Heusden-Zolder, werd ontvangen op 26/04/2023 en op 20/06/2023 ontvankelijk en volledig verklaard.

De aanvraag gaat over een terrein, gelegen Moverkensstraat 95, kadastraal gekend als afdeling 4 sectie C nrs. 1G13 en 1N14.

De aanvraag gaat over het bouwen van een landbouwloods, slopen van een verouderde loods en containers, regulariseren van een bijgebouw met zwembad.

De aanvraag omvat stedenbouwkundige handelingen.

De gemeentelijke omgevingsambtenaar heeft deze aanvraag onderzocht, rekening houdend met de geldende wettelijke bepalingen, (in het bijzonder met het decreet van 25 april 2014 betreffende de omgevingsvergunning, het decreet houdende Algemene Bepalingen inzake Milieubeleid, de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening (VCRO), het decreet Integraal Handelsvestigingsbeleid, het decreet Natuurbehoud en hun uitvoeringsbesluiten).

1.    STEDENBOUWKUNDIGE BASISGEGEVENS

De locatie van de aanvraag is volgens het Origineel bij Koninklijk besluit goedgekeurd gewestplan op 3 april 1979 gelegen in woongebieden met landelijk karakter en agrarisch gebied.

De locatie van de aanvraag is niet gelegen binnen een bijzonder plan van aanleg.

De locatie van de aanvraag is niet gelegen binnen een ruimtelijk uitvoeringsplan.

De aanvraag is niet gelegen binnen de grenzen van een behoorlijk vergunde en niet vervallen verkaveling.

Volgende verordeningen zijn van kracht:

•    algemene bouwverordening inzake wegen voor voetgangersverkeer goedgekeurd op 29 april 1997;

•    gewestelijke stedenbouwkundige verordening inzake openluchtrecreatieve verblijven goedgekeurd op 8 juli 2005;

•    gewestelijke stedenbouwkundige verordening inzake hemelwaterputten,... goedgekeurd op 23 juni 2006;

•    gewestelijke stedenbouwkundige verordening inzake toegankelijkheid goedgekeurd op 5 juni 2009.

2.    HISTORIEK

Volgende dossiers zijn relevant: 

•    Stedenbouwkundige vergunning (1949/00129) voor het bouwen van een woning - goedgekeurd op 17/04/1949.

•    Stedenbouwkundige vergunning (1961/00244) voor vergroten van keuken - goedgekeurd op 28/04/1961.

•    Stedenbouwkundige vergunning (1975/00184) voor het bijbouwen van een veranda aan bestaande woning - goedgekeurd op 02/06/1975.

•    Stedenbouwkundige vergunning (2000/08340) voor het verbouwen van een woonhuis en bouwen van een paardenstal - goedgekeurd op 02/05/2000.

•    Milieuvergunning 752.4-495 voor lozing nha, bovengrondse mazoutopslag 3000 l, opslag 5m3 vaste mest en 5m3 gier, het houden van 4 paarden (niet meldingsplichtig) - goedgekeurd op 06/06/2000.

3.    BESCHRIJVING OMGEVING EN AANVRAAG

Beschrijving van de plaats & omgeving

Het perceel bevindt zich aan de Moverkensstraat, een gemeenteweg ten westen van het centrum van Zonhoven.

De omgeving bestaat uit vrijstaande en halfopen eengezinswoningen, gelegen in een woonlint met achterliggend agrarisch gebied.  

De aanwezige bebouwing bestaat uit één à twee bouwlagen onder hellend dak of plat dak, voornamelijk afgewerkt met gevelsteen in diverse tinten en texturen.

Op het perceel bevinden zich een woning, een bijgebouw met stalling, een zwembad en verhardingen in functie van deze constructies. Uit luchtfoto’s blijkt dat de zone links van de woning en de voortuin, volledig aangelegd werden met kunstgras. 

In de zone achter de woning en bijgebouw, binnen het agrarische gebied, bevinden zich nog behoorlijk wat niet vergunde constructies. Het betreft een loods van ca. 313m² en containers van ca. 92m². Deze werden ingetekend op de plannen bestaande toestand. Er werd vrij recent ook vastgesteld op basis van luchtfoto’s, dat een opslagtent aanwezig is, een ruime oppervlakte aan betonnen megategels en buitenopslag materiaal/ materieel, verspreid over het terrein.

Achteraan op het perceel is nog groen aanwezig in de vorm van een 6-tal bomen.

De bomenrij/ houtkant  langsheen de perceelgrenzen van 1G13 en 1B14, opgenomen als klein landschapselement (KLE nr. 1915) is verder verdwenen.

Beschrijving van de aangevraagde stedenbouwkundige handelingen

De aanvraag gaat over het bouwen van een landbouwloods en aanleg van bijhorende verhardingen, het slopen van een verouderde loods en containers, regulariseren van een bijgebouw met zwembad.

Het te regulariseren bijgebouw van 119m² met stalling en een (deels) overdekt zwembad, werd 1,50m breder uitgevoerd dan vergund en is voorzien van een trap naar de kelder in plaats van een afrit. De functie bleef ongewijzigd (hobbystallen, berging). Er werd een zwembad aangelegd, deels in openlucht en deels overdekt (overdekte ruimte van het bijgebouw) met een oppervlakte van ca. 63m².

Voor de gevels werden betonblokken gebruikt in plaats van wit geschilderde gevelsteen (conform de woning) zoals aangevraagd in 2000. De dakbedekking werd uitgevoerd in antracietkleurige metaalplaten in plaats van zwarte golfplaten.

De zijkanten van de overdekte buitenruimte met zwembad werden voorzien van een laag muurtje in glasdallen.

Rond het zwembad werd verharding aangelegd alsook langsheen de linkerzijde van de woning. Het betreft een functionele verharding in functie van het wonen.

Aan de rechterzijde en achterzijde van de woning en rechts van het bijgebouw is een ruime inrit in kiezelverharding aanwezig die ook toegang verleend tot de achterliggende zone voor de loods en verder voorziet in parkeerruimte voor de bewoners.

Op het inplantingsplan werd de overige ruimte in het woongebied met landelijk karakter aangegeven als “gazon”. De luchtfoto’s waarover de gemeente beschikt, geven weer dat hier momenteel kunstgras aanwezig is.

Op beperkte afstand achter het bijgebouw gaat de huiskavel over in agrarisch gebied. Hier zullen de niet vergunde gebouwen/ loods (312,9m²) en containers (92,05m²) verwijderd worden.

Op 7,77m afstand tot de bijgebouw, zal een nieuwe landbouwloods van 805,70m² opgericht worden met een breedte van 13,15m en een bouwdiepte van 61,27m. Omwille van de vorm van het perceel, een plaatselijke versmalling naar achter toe, werd een naastliggende strook grond van 3m aangekocht/ toegevoegd om de inplanting te optimaliseren en een bufferstrook langsheen de linker zijgevel van de loods te kunnen aanleggen.

De loods krijgt een kroonlijsthoogte van 4,60m en een nokhoogte van 6,16m.

De afstand tot de linker perceelgrens bedraagt minimaal 3m, de afstand tot de rechter perceelgrens bedraagt minimaal 5m.

De draagstructuur van de loods bestaat uit metalen profielen, de gevelbekleding en dakbedekking bestaan uit sandwichpanelen in grijze kleur, de poorten zijn voorzien in grijs aluminium.

Behoudens de poort in de voorgevel en de poort in de achtergevel, zijn geen gevelopeningen voorzien.

Intern blijft 1 grote ruimte aangehouden waarbij de eerste ca. 40m voorbehouden zijn voor stalling van landbouwmachines en het achterste gedeelte voor de opslag van hooi en stro.

Aansluitend op de bestaande kiezelverharding (706,65m²) van de huiskavel, wordt een doorrit van 4m in betonnen megategels aangelegd langsheen de rechter zijgevel van de nieuwe loods en aan de achterzijde loopt deze door tot 6m achter de loods over de breedte van de achtergevel (13,15m). De totale oppervlakte van de megategels zal zo’n 364m² bedragen. Tussen de toegangsweg en het rechts gelegen perceel zal 1m groenzone (met beukenhaag) aangehouden worden als visuele buffer en infiltratiezone. Langsheen de linkerzijgevel van de loods wordt op het inplantingsplan een groenzone van 3m tot 6m breed aangegeven als groenbuffer met een beukenhaag en fruitbomen.

In de zone rechts achter de nieuwe loods wordt voorzien in de opvang van hemelwater middels een regenwaterput en een open infiltratievoorziening (4m breed over een lengte van 9,50m).

Verder wordt het terrein terug ingegroend na dat het ontdaan is van alle opslag van materiaal, materieel en verharding.

4.    OPENBAAR ONDERZOEK 

Overeenkomstig de criteria van artikels 11 t.e.m. 14 van het Besluit van de Vlaamse Regering tot uitvoering van het decreet van 25 april 2014 betreffende de omgevingsvergunning is de gewone procedure van toepassing en moet de aanvraag openbaar gemaakt worden.

Het openbaar onderzoek werd georganiseerd van 30 juni 2023 t.e.m. 29 juli 2023.

5.    ADVIEZEN

Aan volgende adviesverleners werd advies gevraagd:

•    dienst facilitair management

•    Agentschap voor Natuur en Bos

•    Watering De Herk

•    Departement Landbouw en Visserij

•    Hulpverleningszone Zuid-West Limburg, dienst preventie

•    Provinciale dienst Water en Domeinen.

6.    PROJECT-MER

 De aanvraag valt niet onder het toepassingsgebied van bijlage I, II en III van het besluit inzake projectmilieueffectrapportage van 10 december 2004 en latere wijzigingen.

7.    INHOUDELIJKE BEOORDELING

Decretale beoordelingselementen

In toepassing op de artikelen 4.3.5. tot en met 4.3.8. van de VCRO kan gesteld worden dat de Moverkensstraat een voldoende uitgeruste openbare weg is.

De aanvraag gaat niet over de oprichting van een bedrijfswoning.

De aanvraag ligt niet in een reservatiestrook.

Het betreft geen publiek toegankelijk gebouw.

Verder is het goed niet getroffen door een rooilijn.

Zonering

Het perceel is volgens het zoneringsplan voor riolering, van de Vlaamse Milieumaatschappij (VMM), gelegen in centraal gebied. Er is al geruime tijd riolering aanwezig en die is aangesloten op een waterzuivering. Er moet geen septische put voorzien worden.

Toegankelijkheid

Niet van toepassing

Waterparagraaf

Het decreet over het integraal waterbeleid van 18 juli 2003, gewijzigd door het wijzigingsdecreet Integraal Waterbeleid van 19 juli 2013, legt bepaalde verplichtingen op, die de watertoets genoemd worden. Deze watertoets schat de eventuele schadelijke effecten in ten koste van de watersystemen bij de inname van ruimte.

Sedert de inwerkingtreding van omzendbrief OMG/2022/1 d.d. 15/12/2022 dient de vergunningverlenende overheid de watertoets op een gewijzigde manier uit te voeren bij dossiers ingediend vanaf 01/01/2023.  De watertoetsprocedure werd geoptimaliseerd, er werden aandachtspunten en richtlijnen geformuleerd en het kaartmateriaal inzake overstromingsgevoelige gebieden werd aangepast.

Het voorliggende bouwproject heeft een vrij omvangrijke oppervlakte maar ligt noch in een pluviaal, noch in een fluviaal overstromingsgebied. Het terrein is logischerwijze evenmin in een gebied voor zeeoverstromingen gesitueerd.

Daarom moet in alle redelijkheid geoordeeld worden dat het schadelijk effect beperkt is. Enkel door de toename van de verharde oppervlakte wordt de infiltratie van het hemelwater in de bodem plaatselijk beperkt. 

Uit de watertoets blijkt dat de aanvraag voor advies dient voorgelegd te worden aan de waterbeheerder met betrekking tot het gewijzigd afstromingsregime.

Op 10/08/2023 en 11/08/2023 werd er door de waterbeheerder, Watering De Herk, en de provinciale dienst Water en Domeinen, een voorwaardelijk gunstig  advies verleend.

Op basis van de aanvraag werd volgende voorwaarde opgelegd:

De infiltratiegracht/bekken moet minimaal 30 cm dekking behouden boven de hoogste grondwaterstand (aan te tonen), en moet vlak of in tegenhelling worden aangelegd. Bodem en wanden moeten in waterdoorlatende materialen worden uitgevoerd en ingezaaid met gras. De infiltratiegracht/bekken kan niet worden beplant met verlandingsvegetatie (bv. Riet).

Verder dient voldaan te worden aan de normen vastgelegd in de geldende gewestelijke hemelwaterverordening:

De plannen geven aan dat voor de nieuw opgerichte woning met een horizontale dakoppervlakte van 805,7m², een hemelwaterput voorzien wordt met een inhoud van 10000 liter en recuperatie van het hemelwater voor een buitenkraan. 

De te regulariseren dakoppervlakte van het bijgebouw, zijnde 21m² werd niet in rekening gebracht. De afwatering van dit bijgebouw van in totaal 119m², dient aangesloten op de bestaande hemelwaterput  van 9000 liter (opgelegd in de vergunning dd. 02/05/2000) of op de nieuwe hemelwaterput van de loods.

De overloop van het zwembad dient aangesloten op het nieuwe infiltratiebekken.

De overloop van de hemelwaterput wordt aangesloten op een open infiltratievoorziening met een inhoud van 23322 liter (minimum is 20143 liter) en een infiltratieoppervlakte van 42,92m² (minimum is 32,23m²).

De oppervlakte en het volume  van de voorzieningen voldoen aan de verordening.

De verordening is niet van toepassing op de aanleg van de voorziene verhardingen. Het hemelwater dat op de verharding valt, wordt namelijk niet opgevangen en afgevoerd, maar kan volgens de aanvraag op natuurlijke wijze op eigen terrein in de bodem infiltreren.

De verharding van 721,84m² in kiezel is waterdoorlatend en de verharding in betonnen megategels van 363,95m² watert af op eigen terrein waar het kan infiltreren.

Gezien de aanvraag voldoet aan de hemelwaterverordening, doorstaat deze ook de droogtetoets. Het effect van droogte wordt namelijk gemilderd door het regenwater dat op het terrein terecht komt maximaal vast te houden.

Natuurtoets

Het perceel is gelegen binnen een speciale beschermingszone (SBZ-V), namelijk vogelrichtlijngebied. Het goed is gelegen aan de rand van een Natura 2000 gebied, het vijvergebied Midden-Limburg waarvoor natuurbeheersplannen opgemaakt werden.

De aanvraag kan een betekenisvolle aantasting van de natuurlijke kenmerken van een speciale beschermingszone veroorzaken.

De aanvraag werd voor advies voorgelegd aan het agentschap Natuur en Bos.

Het advies van 12/07/2023 van het agentschap Natuur en Bos is voorwaardelijk gunstig:

Dit advies wordt verstrekt door het Agentschap voor Natuur en Bos op basis van de volgende wetgeving:

•    Artikel 38/3 Besluit van de Vlaamse Regering van 27 november 2015 tot uitvoering van het decreet van 25 april 2014 betreffende de omgevingsvergunning;

•    Artikel 35, §4 Besluit van de Vlaamse Regering van 27 november 2015 tot uitvoering van het decreet van 25 april 2014 betreffende de omgevingsvergunning.

Bij het beoordelen van de vergunningsaanvraag en het nemen van de beslissing over de omgevingsvergunning met stedenbouwkundige handelingen zal door de vergunningverlenende overheid steeds rekening moeten worden gehouden met de zorgplicht opgelegd door artikel 14 en de bepalingen van artikel 16 inzake het tegengaan van vermijdbare schade van het decreet van 21 oktober 1997 betreffende het natuurbehoud en het natuurlijk milieu. Om aan de zorgplicht te voldoen, moeten de natuurwaarden die mogelijk aangetast worden bij het uitvoeren van de geplande activiteiten op voldoende wijze worden hersteld. Dit kan bv. door het herstellen of vervangen van kleine landschapselementen, het heraanplanten van bomen of lijnbeplantingen, enz.

De vergunningverlener moet zelf verifiëren of minimum aan de zorgplicht wordt voldaan en er geen vermijdbare schade optreedt. Om correct af te wegen of de natuurwaarden door de geplande activiteit in het gedrang komen en om na te gaan of aan de zorgplicht wordt voldaan, kan men beroep doen op de helpdesk die door het Agentschap voor het Natuur en Bos ter beschikking wordt gesteld (www.natuurenbos.be/helpdesk). De helpdesk beschrijft mogelijke maatregelen die in een vergunning kunnen worden opgenomen. Thema’s die in de helpdesk aan bod komen zijn:

•        Kappen van bomen, dreven en/of houtkanten

•        Acuut gevaar

•        Hoogstamboomgaarden

•        (her)aanleggen van een poel

•        Reliëfwijzigingen

•        Oprichten van gebouwen en verhardingen

Tot slot willen we nog de aandacht vestigen op een algemene maatregel, die voor elke vergunning van toepassing is:

“Alle van nature in het wild levende vogelsoorten en vleermuizen zijn beschermd in het Vlaamse Gewest op basis van het Soortenbesluit van 15 mei 2009. De bescherming heeft onder meer betrekking op de nesten van de vogels en de rustplaatsen van de vleermuizen (artikel 14 van het Soortenbesluit). Bij het uitvoeren van werken in de periode 1 maart tot 1 juli moet men er zich - vóór men overgaat tot de uitvoering van de werken - van vergewissen dat geen nesten van beschermde vogelsoorten beschadigd, weggenomen of vernield worden. Bij het werken aan (oude) constructies of het kappen van bomen dient men na te gaan vóór de werken beginnen of vleermuizen aanwezig zijn. Als nesten of rustplaatsen in het gedrang komen, dient u contact op te nemen met het Agentschap voor Natuur en Bos”.

Voor vergunningen in agrarische gebieden maakt Natuur en Bos geen inschatting van de gevolgen voor de natuurwaarden. 

De vergunningverlener verifieert zelf of de aanvrager minimaal aan de zorgplicht voldoet en of er geen vermijdbare schade zal optreden.

Het uitgangspunt van het Vlaamse natuurbeleid is het standstillprincipe: de kwaliteit en kwantiteit van de natuur in Vlaanderen mogen er zeker niet op achteruit gaan. Twee instrumenten ondersteunen dit beginsel:

•    Zorgplicht: iedereen moet zorg dragen voor de natuur, zodat er geen vermijdbare schade wordt toegebracht. Is er toch schade, dan moet die hersteld worden.

•    Ecologische mitigatie of compensatie: als schade echt niet vermeden kan worden, moet men kijken of er maatregelen mogelijk zijn om de natuurschade te mitigeren of te compenseren. Na het kappen van een rij bomen worden bijvoorbeeld nieuwe bomen aangeplant. De kosten daarvan liggen volledig bij de aanvrager. 

Uit die principes volgt het integratiebeginsel: alle beslissingen, activiteiten, handelingen moeten onderzocht worden op hun effecten voor het milieu. 

Door het oneigenlijk gebruik van het terrein voor opslag van diverse materialen en materieel is reeds schade ontstaan. Er werden een aantal bomen verwijderd die deel uitmaakten van een KLE. Deze schade zal minstens hersteld dienen te worden. Met de uitbreiding van het bedrijf, zijnde het bouwen van een loods en de aanleg van verhardingen, kan bijkomende schade ontstaan. 

Er dienen dan ook gerichte maatregelen opgelegd te worden om nadelige gevolgen te vermijden en beperken. 

Enerzijds worden maatregelen opgelegd om verdere schade te vermijden en anderzijds zal men de reeds aangebrachte schade en te verwachten negatieve impact moeten compenseren. De resterende oppervlakte dient optimaal ingericht te worden.

Zorgplicht - maatregelen

Het vermijden van indirecte schade aan bomen

Het aanleggen en/of onderhouden van verschillende soorten constructies, verhardingen en nutsleidingen kan nadelige gevolgen hebben voor de bomen in de buurt. Zo kunnen zware vrachtwagens hun wortels beschadigen en kan het grondwater vervuild raken met cementresten of solventen. Gerichte maatregelen kunnen indirecte schade aan bomen opvangen of voorkomen.

•    Een goede planning is essentieel om problemen te voorkomen.  

o    Breng tijdig de werfinrichting in kaart. Controleer de wortelbescherming en -beschoeiing en check de uitvoeringsmethode van de werken.

o    Besteed voldoende aandacht aan de nazorg van de bomen.

•    Kies veilige machines en methodes om de bomen te beschermen. 

o    Stapel geen materialen onder een boom (dus niet boven de wortels of onder de takken).

o    Rijd niet met zware machines of werfwagens onder een boom en laat ze er zeker niet langdurig staan.

o    Vul geen grond aan en graaf geen grond af onder de takken. 

o    Giet geen spoelwater met cementresten, solventen of andere vervuilende stoffen weg in de buurt van een boom.

•    Neem concrete maatregelen om bomen te beschermen.  

o    Laat bomen in hun natuurlijke omgeving staan (en tast die omgeving niet aan).

o    Scherm bomen tijdens werkzaamheden af met een vast bouwhek dat tot aan de boomkruin reikt.

o    Snoei bomen alleen als ze dat zelf nodig hebben, niet om makkelijker een stelling te kunnen plaatsen of om kraanlasten door te laten. Alleen als er echt geen alternatief is – als de werkzaamheden bijvoorbeeld tot ingescheurde takken kunnen leiden – kan minimaal snoeien een optie zijn.

•    Let op met bemalingen voor bouwactiviteiten. 

o    Bemaal bij voorkeur buiten het vegetatieseizoen, dus tussen 1 november en 1 april.

o    Wilt u toch tijdens het vegetatieseizoen bemalen, gebruik dan een retourbemaling. Zo hebben de bomen in droge periodes meer water ter beschikking.  

o    Beperk de bemaling tot een minimum. Gebruik een bronbemaling met retourbemaling ten vroegste twee weken voor de start van de werken. 

o    Let erop dat de bomen niet verdrinken tijdens een retourbemaling. De wortels moeten voldoende zuurstof krijgen.

•    Hou met de planning van werkzaamheden rekening met de schoontijd, de periode van april tot juni.

Compenserende maatregelen

Om versnippering tegen te gaan dient het terrein achteraan, achter het voorziene infiltratiebekken, alleszins voorzien worden van bijkomend groen. Ook andere zones op het terrein dienen van groenaanplant voorzien te worden, minstens om een visuele groenbuffer te voorzien. Hierbij dient langsheen de linker zijgevel van de nieuwe loods een afdoende groenbuffer aangelegd te worden alsook langsheen de achterste perceelgrens van het aangrenzende perceel 1H13 en langsheen de grens met perceel 1C13.

Compenserende aanplant

•    Aanplanten van minstens 1 streekeigen hoogstam boom van 1ste grootte A,  in een maat niet kleiner dan 14-16, ter compensatie van het verdwenen kleine landschapselementen met KLE-nummer 1919 en 1915.

•    Aanplanten van minstens 19 streekeigen en/of klimaatrobuuste hoogstam bomen van minstens 2de grootte, in een maat niet kleiner dan 14-16, waarvan minstens 1 in de voortuin. Van de verplicht aan te planten bomen mogen er maximum 10 hoogstam fruitbomen zijn.

•    Bij het aanplanten van de bomen dient de wettelijke afstand tot de perceelsgrens van minstens 2 meter steeds gerespecteerd te worden,

•    De groenbuffer t.h.v. perceelsgrens nr. 97 (op perceel 1N14) bestaat uit streekeigen planten en dient op termijn minstens 4 meter hoog te worden,

•    Aanplanten van een houtkant langsheen de achterste perceelgrens van 1H13 en langsheen de perceelgrens met 1C13: 

o    Breedte: minstens 3m, maximum 10m;

o    Plantdichtheid: minstens 1 plant per m²;

o    Minimumformaat plantgoed: 60 - 80 cm;

o    Inplanten op minimaal 2m afstand tot de perceelgrenzen;

o    Er moet gebruik gemaakt worden van één of meerdere van volgende soorten: meidoorn, sleedoorn, haagbeuk, hazelaar, zomereik, es, inlandse vogelkers, linde, zwarte els, lijsterbes, vlier, Gelderse roos, Boskers, veldesdoorn, gele kornoelje, rode kornoelje, hondsroos, kardinaalsmuts, hulst, wilde liguster, sporkehout.

Erfgoed- & Archeologietoets

Het perceel is niet gelegen binnen een beschermd stads- of dorpsgezicht. Er zijn geen monumenten in de omgeving.  

Conform het Onroerenderfgoeddecreet d.d. 12/07/2013 en latere wijzigingen is geen bekrachtigde archeologienota verplicht voor de aanvraag gezien het goed niet gelegen is binnen een archeologisch beschermde site,  niet gelegen is binnen een vastgestelde archeologische zone, de oppervlakte van het perceel groter is dan 3000m², de vergunningsplichtige bodemingreep groter is dan 1000m², maar  het goed zich bevindt in een woon- of recreatiegebied, het geen publiekrechtelijke aanvrager betreft en de vergunningsplichtige bodemingreep niet groter is dan 5000m².

Beoordeling van de goede ruimtelijke ordening

Functionele inpasbaarheid

Voor het gedeelte van het terrein binnen het woongebied met landelijk karakter, blijft de woonfunctie binnen het hoofdgebouw behouden. Ook de reeds vergunde functie hobbystal en berging binnen het bijgebouw blijven aangehouden. De overdekte buitenruimte wordt deels ingenomen door het zwembad, behorende tot de tuinuitrusting van de woning.

De nieuwe landbouwloods situeert zich in het agrarische gebied. 

In agrarisch gebied zijn enkel gebouwen toegelaten dienstig voor de beroepslandbouw en ermee verbonden activiteiten. In de aanvraag wordt aangegeven dat de loods als opslagruimte zal functioneren voor landbouwmachines en de opslag van hooi en stro.

Voor de beoordeling van de functionele inpasbaarheid van de loods dient rekening gehouden te worden met de bepalingen opgenomen in de 

“Omzendbrief betreffende de inrichting en de toepassing van de ontwerp-gewestplannen en gewestplannen”. Volgende zaken hebben betrekking op onderhavige aanvraag:

ARTIKEL 11. DE AGRARISCHE GEBIEDEN 

Bij de beoordeling van de omgevingsaanvragen komen verschillende aspecten aan de orde. Het inhoudelijke-landbouwkundige aspect is vaak buiten de appreciatiemogelijkheden van de omgevingsambtenaar gelegen. Het advies van de administratie bevoegd voor landbouw is richtinggevend voor de beoordeling van dit inhoudelijke-landbouwkundige aspect. 

Zoals voor elke formele motivering van een besluit over een vergunningsaanvraag geldt, volstaat het niet om de motivering te beperken tot een loutere verwijzing naar het advies van deze administratie. Naast de gegevens van landbouwkundige aard dient immers ook rekening gehouden met planologische beschouwingen en stedenbouwkundige bepalingen. Overwegingen met betrekking tot de inplanting van de inrichting, zijn overwegingen die de beoordeling betreffen van de overeenstemming van de inrichting met de goede plaatselijke ordening van het gebied. Hetzelfde geldt ook voor overwegingen in de zin dat een inrichting het homogeen karakter van het landbouwgebied zou schenden of zou leiden tot versnippering van de open ruimte. 

Vandaar de algemene regel dat slechts vergunning zal worden verleend voor bedrijfsgebouwen vereist voor de landbouwexploitatie van het gebied. 

1. ALGEMENE VOORSCHRIFTEN 

a) De voor het bedrijf noodzakelijke gebouwen 

Met de voor het bedrijf noodzakelijke gebouwen worden agrarische bedrijfsgebouwen bedoeld, met andere woorden gebouwen die behoren tot de inrichting van agrarische bedrijven.

Wanneer een bouwaanvraag wordt ingediend voor de oprichting van een bedrijfsgebouw, dient te worden onderzocht of dit gebouw inderdaad wordt ingeschakeld in een werkelijk agrarisch bedrijf, wat onder meer zal blijken uit het plan opgemaakt door de architect, de aard en de gebruikte materialen. 

De vergunningverlenende overheid dient dan ook bijzondere voorzorgen te nemen om zich te verzekeren dat de agrarische bestemming die de aanvrager beweert aan de gronden te geven, voldoende is aangetoond. Dit zal in het bijzonder het geval zijn wanneer de gebouwen door hun structuur en hun omvang meerdere functies kunnen vervullen. In dat geval zal bijzondere zorg moeten worden besteed aan het onderzoeken van de werkelijke intenties van de aanvrager. 

Dit zal eveneens het geval zijn wanneer de vergunningsaanvraag een totaal nieuwe inplanting betreft, dit wil zeggen een inplanting op een tot nog toe onbebouwde kavel, op een perceel dat niet paalt aan een reeds bebouwd perceel of, ingeval het aanpalende perceel wel is bebouwd, een inplanting van een gebouw dat geen deel uitmaakt van de gebouwengroep op het aanpalende perceel. Er dient immers te worden vermeden dat onder het voorwendsel van een agrarisch bedrijfsgebouw, gebouwen met een andere feitelijke bestemming worden vergund binnen het agrarisch gebied, welke de realisatie van de landbouwbestemming van het agrarisch gebied in het gedrang brengen. 

De leefbaarheid (economische rentabiliteit) van een bedrijf is geen determinerend criterium bij de beoordeling van de toelaatbaarheid van een agrarisch bedrijfsgebouw in het agrarisch gebied, maar niettemin zal de leefbaarheid van het agrarisch bedrijf een belangrijk gegeven vormen bij de beoordeling van de werkelijke bedoeling van de aanvrager. 

Een vergunningsaanvraag voor een bedrijfsgebouw voor een niet-leefbaar bedrijf zal immers vaak een verdoken aanvraag zijn voor gebouwen met een louter residentiële functie in het agrarisch gebied. Ingeval zou blijken dat het bedrijf waarop de aanvraag betrekking heeft, niet leefbaar is, kan de vergunningsaanvraag dan ook enkel worden ingewilligd indien onomstotelijk vaststaat dat de inrichting waarop de aanvraag betrekking heeft, werkelijk een agrarisch bedrijf betreft. Bij de beoordeling van de leefbaarheid van de inrichting worden de normen, opgesteld door de administratie bevoegd voor landbouw als richtinggevend vooropgesteld.

Uit het ingewonnen advies van 03/07/2023 van het departement Landbouw & Visserij (zie ook bespreking van de adviezen), blijkt dat de aanvrager agrarische activiteiten uitoefent die een beroepsmatig karakter hebben.

In het advies wordt tevens aangegeven dat het gebruik van de loods zich dient te beperken tot de opslag van eigen gewonnen hooi/ stro en het stallen van het machinepark. Fouragehandel, het louter aan- en verkopen van hooi en stro, is uitgesloten.

Gelet op de verenigbaarheid met de bestemming en de verweving met het woongebied landelijk karakter, bestemd voor woningbouw in het algemeen en tevens voor landbouwbedrijven, is het aangevraagde functioneel inpasbaar op deze locatie.

Mobiliteitsimpact

Voor de woning blijft voldoende parkeergelegenheid over, zijnde een inpandige garage en minstens 2 staanplaatsen in open lucht.

Aangezien de landbouwloods bestemd is voor het stallen van het eigen machinepark, is hiervoor geen parkeerruimte in openlucht noodzakelijk.

Ten opzichte van de huidige vervoersbewegingen, valt geen toename te verwachten aangezien de activiteiten zelf niet wijzigen.

Schaal

Het bijgebouw werd breder uitgevoerd dan oorspronkelijk vergund (8,50m ipv 7m); de afstand tot de linker perceelgrens bedraagt echter nog 3m. Dit is aanvaardbaar, rekening houdende met de bouwdiepte van 14m en de  beperkte bouwhoogte (kroonlijsthoogte 2,75m en nokhoogte 5,10m). Het volume blijft ondergeschikt aan dat van de woning. De oppervlakte van 119m² is vrij ruim maar kan, gezien de functie als hobbystalling voor 6 paarden (85m²) en overdekte buitenruimte/ zwembad (34m²), aanvaard worden.

De landbouwloods krijgt een totale oppervlakte van 805,70m² en een volume van 4737,51m³. De bouwbreedte bedraagt 13,15m en de bouwdiepte bedraagt 61,27m.

De kroonlijsthoogte van de loods komt op 4,65m en nokhoogte op7,21m. Rekening houdend met de functie als stalling voor het machinepark en hooiopslag, is de omvang gebruikelijk.

Ruimtegebruik en bouwdichtheid

Het terrein heeft een totale oppervlakte van 5720m² (1G13 voor 5611m² en 1N14 voor 109m²).

Door de vorm van het terrein is de 1ste 100m vrij beperkt in breedte, namelijk tussen 20m en 25m breed. Daarachter gaat het perceel breder (tot ca. 45m) en dan opnieuw geleidelijk terug smaller tot ca. 17m.

Binnen de eerste 50m perceeldiepte bevinden zich de woning en het bijgebouw met bijhorende oprit, parkeerruimte, zwembad en terrassen.

De zone met woning en bijgebouw, gelegen in woongebied met landelijk karakter, is volledig verhard/ bebouwd. Naast het hoofd- en bijgebouw en de gebruikelijke verhardingen voor inrit en terrassen, werd de volledige zijtuinstrook rechts en de voortuin aangelegd met kunstgras. Kunstgras bestaat uit een niet duurzame kunststof die gelijkgesteld wordt met verharding. Dit is absoluut niet aanvaardbaar. Alle kunstgras dient dan ook verwijderd te worden en de voortuin en zijtuinstrook dient aangelegd met levend groen in de vorm van beplanting en/ of gazon. Op het inplantingsplan staat “gazon” aangegeven, die uitvoering dient hiermee overeen te stemmen. Slechts onder deze voorwaarde is een regularisatie van het bijgebouw en zwembad en de overige verhardingen op het terrein binnen de woonzone aanvaardbaar.

Om de loods zover mogelijk naar voren in te planten, is de breedte van het gebouw eerder beperkt en is de bouwdiepte ruimer. Er blijft naast de loods voldoende ruimte over om enerzijds een groenbuffer aan te leggen en anderzijds te voorzien in de nodige verhardingen voor toegang tot het gebouw.

De bebouwde en verharde ruimte bevindt zich binnen de eerste ca. 110m van het perceel waarbij de eerste 50m bestemd is voor de woongelegenheid en de laatste ca. 60m voor de landbouwloods.

De overige ruimte dient bewaard te blijven als groenzone of als dusdanig aangelegd te worden. De enige constructies die hier nog toegelaten worden, zijn de hemelwaterput en het infiltratiebekken.

De specifieke inrichting van de groenbuffers en overige groenzones, wordt aangegeven binnen de “Natuurtoets” en het advies van de dienst facilitair management.

Na de werken zal in totaal 2160m² verharde/ bebouwde ruimte aanwezig zijn, waarvan ca. 1089m² bebouwing en zo’n 1071m² aan verhardingen (zonder het thans aanwezige kunstgras). 

De resterende oppervlakte voor groenaanleg bedraagt nog zo’n 3560m²; ongeveer 60% van het terrein.

Deze footprint is aanvaardbaar en in overeenstemming is met de visie van de gemeente.

Visueel-vormelijke elementen

Het bijgebouw in betonblokken dient in één uniforme lichte kleur geschilderd te worden die aansluit bij de woning. Momenteel is een deel niet geschilderd (grijze betonblokken), een deel wit geschilderd en een deel in beige kleur geschilderd.

De materialen voor de loods, grijze sandwichpanelen, zijn vrij gebruikelijk voor dit soort constructies en het geheel zal een harmonieus uitzicht krijgen dat inpasbaar is in de omgeving. Voor de visuele afscherming naar de omliggende woonzone toe, zal de voorziene en opgelegde groenbuffering volstaan.

Tegenover de huidige situatie waarbij over het volledige terrein materiaal en materieel opgeslagen wordt en diverse onsamenhangende constructies geplaatst werden, kan gesteld worden dat de staat van het terrein verbetert en dit een positieve impact heeft op de omgeving.

Cultuurhistorische aspecten

Het perceel is niet gelegen in of nabij een beschermd dorpsgezicht. De aanvraag is niet gelegen in een beschermde archeologische site. De aanvraag is, bekeken vanuit de erfgoedaspecten, aanvaardbaar.

Bodemreliëf

Het maaiveld wordt beperkt gewijzigd in functie van de inplanting van de loods. 

De zone van de inplanting helt af naar achteren toe, van 0,5m tot 1m onder het straatniveau ter hoogte van de achterste perceelgrens.

Het voorste deel van het terrein ligt vrij vlak en op zo’n 20cm à 30cm boven het peil van de wegas.

Om hinder op vlak van o.a. de waterhuishouding te voorkomen, worden volgende voorwaarden opgelegd:

•    De ophoging van het bodemreliëf mag max. tot op 6m achter de nieuwe loods  uitgevoerd worden. Voorbij deze afstand moet het bestaande terreinniveau behouden blijven, met uitzondering voor de aanleg van de open infiltratievoorziening.

•    Een strook van 1 m langsheen de perceelsgrenzen mag bij terreinwijzigingen nooit hoger worden gebracht dan het niveau van de aanpalende percelen.

Hinderaspecten, gezondheid, gebruiksgenot en veiligheid in het algemeen

Er valt qua activiteiten geen bijkomende hinder te verwachten. Het terrein is reeds in gebruik voor de landbouwactiviteiten. Visueel valt er eerder een afname van hinder te verwachten omdat het materiaal en materieel dat thans in openlucht gestald en opgeslagen wordt, in de loods zijn plaats krijgt. Het terrein zal opnieuw ingegroend worden. Qua veiligheid, met name brandveiligheid, zullen de voorwaarden en opmerkingen van de brandweer strikt gevolgd moeten worden.

Resultaten van het openbaar onderzoek

Er werden geen bezwaren ingediend.

Bespreking van de adviezen

•    Het advies van Agentschap voor Natuur en Bos d.d. 12 juli 2023 is voorwaardelijk gunstig zoals reeds hoger aangehaald onder “Natuurtoets”.

De gemeentelijke omgevingsambtenaar sluit zich aan bij dit advies. De voorwaarden en bemerkingen gesteld in het advies, moeten gevolgd worden. 

•    Het advies van Watering De Herk d.d. 11 augustus 2023 is voorwaardelijk gunstig.

“De watering is waterbeheerder voor dit projectgebied, maar voor zowel het advies in het kader van de bindende bepalingen in verband met de waterloop (afstandsregels en machtigingen) als het advies in het kader van de watertoets treedt de Dienst Water en Domeinen van de provincie Limburg op als ondersteunende advies verlenende instantie.

De watering neemt dit advies met de hierin opgenomen beoordeling en conclusie over en maakt dit advies tot het hare.”

De gemeentelijke omgevingsambtenaar sluit zich aan bij dit advies. De voorwaarden en bemerkingen gesteld in het advies, moeten gevolgd worden. 

•    Het advies van Departement Landbouw en Visserij d.d. 3 juli 2023 is voorwaardelijk gunstig.

“Het Departement Landbouw en Visserij heeft uw in het onderwerp vermelde adviesaanvraag vanuit landbouwkundig standpunt onderzocht en formuleert er om de volgende redenen een voorwaardelijk gunstig advies bij.

Het betreffende perceel is met de voorste 50m gelegen binnen woongebied met landelijk karakter en vervolgens binnen agrarisch gebied. 

De aanvraag omvat de nieuwbouw van een landbouwloods met afmetingen van circa 13m op 61m. 

De aanvrager bewerkt in bijberoep circa 24ha grasland in functie van de hooiwinning en beschikt daarvoor over een uitgebreid machinepark. De veldwerkzaamheden worden volledig in eigen beheer uitgevoerd. 

Daarnaast wordt met het eigen machinepark ook landbouwloonwerken gedaan bij derden. Het hooi wordt, zowel in kleine pakken als grote pakken, verkocht aan particuliere paardenhouders. 

Momenteel worden de landbouwmachines verspreid over het terrein in open lucht gestald hetgeen verrommeling van het landschap impliceert. Het hooi en werkmateriaal wordt momenteel opgeslagen in niet vergunde gebouwen aansluitend op het bijgebouw en in containers.

De aangevraagde loods ten behoeve voor droge opslag van hooi en machineberging kan gelet op het beroepsmatig karakter van de hooiwinning worden verantwoord. De overdekte en afsluitbare machineberging verlengt de levensduur van de landbouwmachines en voorkomt diefstal. 

De niet vergunde constructies en containers worden afgebroken en verwijderd. 

Het Departement Landbouw en Visserij kan enkel akkoord gaan met de gevraagde bouwwerken indien het resterend terrein volledig in oorspronkelijke toestand (weiland) wordt hersteld. Buitenopslag van materieel en materialen wordt niet meer aanvaard. Daarnaast mag de loods enkel worden gebruikt voor de opslag van eigen gewonnen hooi en het stallen van het machinepark. Fouragehandel (louter aan- en verkopen van hooi en stro) is geen agrarische noch para-agrarische activiteit en dient te worden uitgesloten. 

Daarnaast omvat de aanvraag de regularisatie van een bijgebouw. Het bijgebouw werd in 2000 vergund doch de oppervlakte werd groter gebouwd t.o.v. de vergunde toestand. Het bijgebouw doet dienst als hobbystal voor paarden en deels als overdekt zwembad. De stal is ingericht met 6 paardenboxen. Gelet op de vergunde toestand en de ligging binnen het woongebied met landelijk karakter bestaan er vanuit landbouwkundig oogpunt geen bezwaren voor de regularisatie van deze hobbystal. 

Gelet op bovenstaande overwegingen kan er vanuit het Departement Landbouw en Visserij een gunstig advies worden verleend mits onderstaande voorwaarden

Het resterend terrein dient terug in oorspronkelijke toestand (weiland) hersteld te worden binnen de 6 maand na ingebruikname van de loods. Geen enkele buitenopslag van materiaal en materieel kan worden aanvaard.

Louter handelsactiviteiten (fourage) dienen te worden uitgesloten. De loods kan enkel gebruikt worden voor de opslag van eigen gewonnen hooi enerzijds en het machinepark anderzijds.”

De gemeentelijke omgevingsambtenaar sluit zich aan bij dit advies. De voorwaarden en bemerkingen gesteld in het advies, moeten gevolgd worden. Bijkomend wordt gesteld dat de aanvrager de opruiming van het terrein dient te staven aan de hand van foto’s, af te leveren aan de dienst vergunningen & handhaving.

•    Het advies van Hulpverleningszone Zuid-West Limburg, dienst preventie d.d. 7 juli 2023 is voorwaardelijk gunstig.

De aandacht wordt hierbij extra gevestigd op diverse opmerkingen betreffende brandklasse, structurele elementen type II, brandbeveiligingsinstallatie, de afstand tussen loods en bijgebouw ter vermijding van brandoverslag (brandweerstand te verhogen!), berekening stralingswarmte, uitgangen/ vluchtwegen (bijkomende deur voorzien en deuren te openen in vluchtrichting!) en snelblustoestellen.

De gemeentelijke omgevingsambtenaar sluit zich aan bij dit advies. De voorwaarden en bemerkingen gesteld in het advies, moeten gevolgd worden. Indien er structurele wijzigingen doorgevoerd moeten worden en/of wijzigingen aan het inplantingsplan vereist zijn om te voldoen aan de brandveiligheidsvereisten, dan dient ook een nieuwe omgevingsaanvraag voor de handelingen aangevraagd te worden.

•    Het advies van provinciale dienst Water en Domeinen d.d. 10 augustus 2023 is voorwaardelijk gunstig.

“Uit de toepassing van de nadere regels voor de toepassing van de watertoets bij besluit van de Vlaamse Regering van 20 juli 2006, en latere wijzigingen, is gebleken dat het bouwen van een loods, slopen van een stalling, containers, regulariseren bijgebouw een verandering van de toestand van watersystemen (of bestanddelen ervan) tot gevolg heeft. Deze verandering heeft geen betekenisvol schadelijk effect op het watersysteem voor zover de volgende voorwaarden worden opgenomen in de vergunning:

De infiltratiegracht/bekken moet minimaal 30 cm dekking behouden boven de hoogste grondwaterstand (aan te tonen), en moet vlak of in tegenhelling worden aangelegd. Bodem en wanden moeten in waterdoorlatende materialen worden uitgevoerd en ingezaaid met gras. De infiltratiegracht/ -bekken kan niet worden beplant met verlandingsvegetatie (bv. Riet).”

De gemeentelijke omgevingsambtenaar sluit zich aan bij dit advies. De voorwaarden en bemerkingen gesteld in het advies, moeten gevolgd worden. 

•    Het advies van dienst facilitair management d.d. 18 juli 2023 is voorwaardelijk gunstig.

o    Aanplanten van minstens 1 streekeigen hoogstam boom van 1ste grootte A,  in een maat niet kleiner dan 14-16, ter compensatie van het verdwenen kleine landschapselementen met KLE-nummer 1919 en 1915;

o    Aanplanten van minstens 19 streekeigen en/of klimaatrobuuste hoogstam bomen van minstens 2de grootte, in een maat niet kleiner dan 14-16, waarvan minstens 1 in de voortuin. Van de verplicht aan te planten bomen mogen er maximum 10 hoogstam fruitbomen zijn;

o    Bij het aanplanten van de bomen dient de wettelijke afstand tot de perceelsgrens van minstens 2 meter steeds gerespecteerd te worden;

o    De groenbuffer t.h.v. perceelsgrens nr. 97 bestaat uit streekeigen planten en dient op termijn minstens 4 meter hoog te worden;

o    De te behouden bomen en verplicht aan te planten bomen kunnen in de toekomst enkel gerooid worden d.m.v. een goedgekeurde aanvraag tot rooien van de bomen. Deze aanvraag dient vergezeld te zijn van een nota, opgemaakt door een erkend boomverzorger, waarin de noodzaak van het rooien van de bomen terdege wordt gemotiveerd;

o    De nieuw aan te planten bomen worden aangeplant te laatste in het plantseizoen volgend op het beëindigen van de bouwwerken;

o    Voor de nieuw, verplicht, aan te planten bomen geld een heraanplant verplichting. Deze heraanplant dient steeds te gebeuren met streekeigen en/of klimaatrobuuste hoogstam bomen van dezelfde grootte als de afgestorven en/of verdwenen boom;

o    De eventueel aanwezige bomen dienen d.m.v. het nemen van de juiste en voldoende maatregelen beschermd te worden tegen mogelijke schade ten gevolge van bouwwerken.

Plantseizoen loopt van 15 september tot en met 15 mei

Volgende links kunnen helpen in de keuze van de bomen:

- https://bomenwijzer.be/zoeken

- https://www.plantvanhier.be/plantengids

Via volgende link kan men een lijst van erkende boomverzorgers raadplegen:

- https://www.bomenbeterbeheren.org/wp-content/uploads/2014/10/EuropeanTreeWorker.pdf

Volgende web-sites kunnen extra info geven over hoe bomen te beschermen op werven:

- https://www.deboomdokter.be/bomen-beschermen/

- https://www.vvog.info/publicaties/beschermen-van-bomen

De gemeentelijke omgevingsambtenaar sluit zich aan bij dit advies. De voorwaarden en bemerkingen gesteld in het advies, moeten gevolgd worden. Bijkomend wordt nog de aanplant van een houtkant opgelegd als ecologische compensatie:

o    Aanplanten van een houtkant langsheen de achterste perceelgrens van 1H13 en langsheen de perceelgrens met 1C13: 

    Breedte: minstens 3m, maximum 10m;

    Plantdichtheid: minstens 1 plant per m²;

    Minimumformaat plantgoed: 60 - 80 cm;

    Inplanten op minimaal 2m afstand tot de perceelgrenzen;

    Er moet gebruik gemaakt worden van één of meerdere van volgende soorten: meidoorn, sleedoorn, haagbeuk, hazelaar, zomereik, es, inlandse vogelkers, linde, zwarte els, lijsterbes, vlier, Gelderse roos, Boskers, veldesdoorn, gele kornoelje, rode kornoelje, hondsroos, kardinaalsmuts, hulst, wilde liguster, sporkehout.

8.    ADVIES GEMEENTELIJKE OMGEVINGSAMBTENAAR

Uit bovenstaande motivering blijkt dat de aanvraag in overeenstemming is met de wettelijke bepalingen, en dat het gevraagde verenigbaar is met een goede ruimtelijke ordening, mits het opleggen van voorwaarden.  

De gemeentelijke omgevingsambtenaar adviseert volgende voorwaarden op te leggen:

Stedenbouwkundige voorwaarden

•    Er moet integraal voldaan worden aan het advies van het departement Landbouw en Visserij, in het bijzonder aan volgende voorwaarden:
° Het resterend terrein dient terug in oorspronkelijke toestand (weiland) hersteld te worden binnen de 6 maand na ingebruikname van de loods. Geen enkele buitenopslag van materiaal en materieel kan worden aanvaard.

° Louter handelsactiviteiten (fourage) dienen te worden uitgesloten. De loods kan enkel gebruikt worden voor de opslag van eigen gewonnen hooi enerzijds en het machinepark anderzijds.

•    Bijkomend wordt opgelegd dat de aanvrager de opruiming van het terrein dient te staven aan de hand van foto’s, af te leveren aan de dienst vergunningen & handhaving;

•    Alle kunstgras in de voortuin en de linker zijtuinstrook dient verwijderd te worden en de vrijgekomen ruimte dient aangelegd met levend groen in de vorm van beplanting en/ of gazon;

•    Het bijgebouw in betonblokken dient in één uniforme lichte kleur geschilderd te worden die aansluit bij de woning;

•    Het advies van de dienst facilitair management moet gevolgd worden;

•    Het groen en de bomen op het terrein, zoals voorzien op de plannen, moeten effectief aangeplant worden, in het plantseizoen volgend op de werken (winddicht).  Bewijs van aanplant moet aangeleverd worden aan de dienst vergunningen en handhaving, uiterlijk 3 maanden na de aanplant;

•    Er moet integraal voldaan worden aan het advies van het Agentschap voor Natuur en Bos en de volgende voorwaarden inzake zorgplicht en compensatie:

Zorgplicht - maatregelen

o    Het vermijden van indirecte schade aan bomen

o    Het aanleggen en/of onderhouden van verschillende soorten constructies, verhardingen en nutsleidingen kan nadelige gevolgen hebben voor de bomen in de buurt. Zo kunnen zware vrachtwagens hun wortels beschadigen en kan het grondwater vervuild raken met cementresten of solventen. Gerichte maatregelen kunnen indirecte schade aan bomen opvangen of voorkomen.

o    Een goede planning is essentieel om problemen te voorkomen.  

o    Breng tijdig de werfinrichting in kaart. Controleer de wortelbescherming en -beschoeiing en check de uitvoeringsmethode van de werken.

o    Besteed voldoende aandacht aan de nazorg van de bomen.

o    Kies veilige machines en methodes om de bomen te beschermen. 

o    Stapel geen materialen onder een boom (dus niet boven de wortels of onder de takken).

o    Rijd niet met zware machines of werfwagens onder een boom en laat ze er zeker niet langdurig staan.

o    Vul geen grond aan en graaf geen grond af onder de takken. 

o    Giet geen spoelwater met cementresten, solventen of andere vervuilende stoffen weg in de buurt van een boom.

o    Neem concrete maatregelen om bomen te beschermen.  

    Laat bomen in hun natuurlijke omgeving staan (en tast die omgeving niet aan).

    Scherm bomen tijdens werkzaamheden af met een vast bouwhek dat tot aan de boomkruin reikt.

    Snoei bomen alleen als ze dat zelf nodig hebben, niet om makkelijker een stelling te kunnen plaatsen of om kraanlasten door te laten. Alleen als er echt geen alternatief is – als de werkzaamheden bijvoorbeeld tot ingescheurde takken kunnen leiden – kan minimaal snoeien een optie zijn.

o    Let op met bemalingen voor bouwactiviteiten. 

    Bemaal bij voorkeur buiten het vegetatieseizoen, dus tussen 1 november en 1 april.

    Wilt u toch tijdens het vegetatieseizoen bemalen, gebruik dan een retourbemaling. Zo hebben de bomen in droge periodes meer water ter beschikking.  

    Beperk de bemaling tot een minimum. Gebruik een bronbemaling met retourbemaling ten vroegste twee weken voor de start van de werken. 

    Let erop dat de bomen niet verdrinken tijdens een retourbemaling. De wortels moeten voldoende zuurstof krijgen.

o    Hou met de planning van werkzaamheden rekening met de schoontijd, de periode van april tot juni.

Compenserende maatregelen

Om versnippering tegen te gaan dient het terrein achteraan, achter het voorziene infiltratiebekken, alleszins voorzien worden van bijkomend groen. Ook andere zones op het terrein dienen van groenaanplant voorzien te worden, minstens om een visuele groenbuffer te voorzien. Hierbij dient langsheen de linker zijgevel van de nieuwe loods een afdoende groenbuffer aangelegd te worden alsook langsheen de achterste perceelgrens van het aangrenzende perceel 1H13 en langsheen de grens met perceel 1C13.

Compenserende aanplant:

o    Aanplanten van minstens 1 streekeigen hoogstam boom van 1ste grootte A,  in een maat niet kleiner dan 14-16, ter compensatie van het verdwenen kleine landschapselementen met KLE-nummer 1919 en 1915.

o    Aanplanten van minstens 19 streekeigen en/of klimaatrobuuste hoogstam bomen van minstens 2de grootte, in een maat niet kleiner dan 14-16, waarvan minstens 1 in de voortuin. Van de verplicht aan te planten bomen mogen er maximum 10 hoogstam fruitbomen zijn.

o    Bij het aanplanten van de bomen dient de wettelijke afstand tot de perceelsgrens van minstens 2 meter steeds gerespecteerd te worden,

 De groenbuffer t.h.v. perceelsgrens nr. 97 (op perceel 1N14) bestaat uit streekeigen planten en dient op termijn minstens 4 meter hoog te worden,

o    Aanplanten van een houtkant langsheen de achterste perceelgrens van 1H13 en langsheen de perceelgrens met 1C13: 

     Breedte: minstens 3m, maximum 10m;

     Plantdichtheid: minstens 1 plant per m²;

     Minimumformaat plantgoed: 60 - 80 cm;

     Inplanten op minimaal 2m afstand tot de perceelgrenzen;

     Er moet gebruik gemaakt worden van één of meerdere van volgende soorten: meidoorn, sleedoorn, haagbeuk, hazelaar, zomereik, es, inlandse vogelkers, linde, zwarte els, lijsterbes, vlier, Gelderse roos, Boskers, veldesdoorn, gele kornoelje, rode kornoelje, hondsroos, kardinaalsmuts, hulst, wilde liguster, sporkehout.

•    Het advies van de Provincie Limburg, Dienst water en domeinen, moet gevolgd worden;

•    Het advies van de Hulpverleningszone Zuid-West Limburg, dienst preventie, moet gevolgd worden;

•    Het advies van Watering de Herk moet gevolgd worden.

Besluit

Het college van burgemeester en schepenen beslist:

Artikel 1

Het college van burgemeester en schepenen neemt kennis van het advies van de gemeentelijke omgevingsambtenaar d.d. 20/09/2023 en volgt dit standpunt integraal.

Artikel 2

Het college van burgemeester en schepenen beslist tot het voorwaardelijk afleveren van de omgevingsvergunning aan de heer Christoff Van Den Boorn wonende te Vogelsancklaan 10 te 3550 Heusden-Zolder voor het bouwen van een landbouwloods, slopen van een verouderde loods en containers, regulariseren van een bijgebouw met zwembad, gelegen te Moverkensstraat 95 kadastraal gekend als afdeling 4 sectie C nrs. 1G13 en 1K14.

Artikel 3

Volgende voorwaarden worden opgelegd:

Stedenbouwkundige voorwaarden

•    Er moet integraal voldaan worden aan het advies van het departement Landbouw en Visserij, in het bijzonder aan volgende voorwaarden:
° Het resterend terrein dient terug in oorspronkelijke toestand (weiland) hersteld te worden binnen de 6 maand na ingebruikname van de loods. Geen enkele buitenopslag van materiaal en materieel kan worden aanvaard.

° Louter handelsactiviteiten (fourage) dienen te worden uitgesloten. De loods kan enkel gebruikt worden voor de opslag van eigen gewonnen hooi enerzijds en het machinepark anderzijds.

•    Bijkomend wordt opgelegd dat de aanvrager de opruiming van het terrein dient te staven aan de hand van foto’s, af te leveren aan de dienst vergunningen & handhaving;

•    Alle kunstgras in de voortuin en de linker zijtuinstrook dient verwijderd te worden en de vrijgekomen ruimte dient aangelegd met levend groen in de vorm van beplanting en/ of gazon;

•    Het bijgebouw in betonblokken dient in één uniforme lichte kleur geschilderd te worden die aansluit bij de woning;

•    Het advies van de dienst facilitair management moet gevolgd worden;

•    Het groen en de bomen op het terrein, zoals voorzien op de plannen, moeten effectief aangeplant worden, in het plantseizoen volgend op de werken (winddicht).  Bewijs van aanplant moet aangeleverd worden aan de dienst vergunningen en handhaving, uiterlijk 3 maanden na de aanplant;

•    Er moet integraal voldaan worden aan het advies van het Agentschap voor Natuur en Bos en de volgende voorwaarden inzake zorgplicht en compensatie:

Zorgplicht - maatregelen

o    Het vermijden van indirecte schade aan bomen

o    Het aanleggen en/of onderhouden van verschillende soorten constructies, verhardingen en nutsleidingen kan nadelige gevolgen hebben voor de bomen in de buurt. Zo kunnen zware vrachtwagens hun wortels beschadigen en kan het grondwater vervuild raken met cementresten of solventen. Gerichte maatregelen kunnen indirecte schade aan bomen opvangen of voorkomen.

o    Een goede planning is essentieel om problemen te voorkomen.  

o    Breng tijdig de werfinrichting in kaart. Controleer de wortelbescherming en -beschoeiing en check de uitvoeringsmethode van de werken.

o    Besteed voldoende aandacht aan de nazorg van de bomen.

o    Kies veilige machines en methodes om de bomen te beschermen. 

o    Stapel geen materialen onder een boom (dus niet boven de wortels of onder de takken).

o    Rijd niet met zware machines of werfwagens onder een boom en laat ze er zeker niet langdurig staan.

o    Vul geen grond aan en graaf geen grond af onder de takken. 

o    Giet geen spoelwater met cementresten, solventen of andere vervuilende stoffen weg in de buurt van een boom.

o    Neem concrete maatregelen om bomen te beschermen.  

    Laat bomen in hun natuurlijke omgeving staan (en tast die omgeving niet aan).

    Scherm bomen tijdens werkzaamheden af met een vast bouwhek dat tot aan de boomkruin reikt.

    Snoei bomen alleen als ze dat zelf nodig hebben, niet om makkelijker een stelling te kunnen plaatsen of om kraanlasten door te laten. Alleen als er echt geen alternatief is – als de werkzaamheden bijvoorbeeld tot ingescheurde takken kunnen leiden – kan minimaal snoeien een optie zijn.

o    Let op met bemalingen voor bouwactiviteiten. 

    Bemaal bij voorkeur buiten het vegetatieseizoen, dus tussen 1 november en 1 april.

    Wilt u toch tijdens het vegetatieseizoen bemalen, gebruik dan een retourbemaling. Zo hebben de bomen in droge periodes meer water ter beschikking.  

    Beperk de bemaling tot een minimum. Gebruik een bronbemaling met retourbemaling ten vroegste twee weken voor de start van de werken. 

    Let erop dat de bomen niet verdrinken tijdens een retourbemaling. De wortels moeten voldoende zuurstof krijgen.

o    Hou met de planning van werkzaamheden rekening met de schoontijd, de periode van april tot juni.

Compenserende maatregelen

Om versnippering tegen te gaan dient het terrein achteraan, achter het voorziene infiltratiebekken, alleszins voorzien worden van bijkomend groen. Ook andere zones op het terrein dienen van groenaanplant voorzien te worden, minstens om een visuele groenbuffer te voorzien. Hierbij dient langsheen de linker zijgevel van de nieuwe loods een afdoende groenbuffer aangelegd te worden alsook langsheen de achterste perceelgrens van het aangrenzende perceel 1H13 en langsheen de grens met perceel 1C13.

Compenserende aanplant:

o    Aanplanten van minstens 1 streekeigen hoogstam boom van 1ste grootte A,  in een maat niet kleiner dan 14-16, ter compensatie van het verdwenen kleine landschapselementen met KLE-nummer 1919 en 1915.

o    Aanplanten van minstens 19 streekeigen en/of klimaatrobuuste hoogstam bomen van minstens 2de grootte, in een maat niet kleiner dan 14-16, waarvan minstens 1 in de voortuin. Van de verplicht aan te planten bomen mogen er maximum 10 hoogstam fruitbomen zijn.

o    Bij het aanplanten van de bomen dient de wettelijke afstand tot de perceelsgrens van minstens 2 meter steeds gerespecteerd te worden,

 De groenbuffer t.h.v. perceelsgrens nr. 97 (op perceel 1N14) bestaat uit streekeigen planten en dient op termijn minstens 4 meter hoog te worden,

o    Aanplanten van een houtkant langsheen de achterste perceelgrens van 1H13 en langsheen de perceelgrens met 1C13: 

     Breedte: minstens 3m, maximum 10m;

     Plantdichtheid: minstens 1 plant per m²;

     Minimumformaat plantgoed: 60 - 80 cm;

     Inplanten op minimaal 2m afstand tot de perceelgrenzen;

     Er moet gebruik gemaakt worden van één of meerdere van volgende soorten: meidoorn, sleedoorn, haagbeuk, hazelaar, zomereik, es, inlandse vogelkers, linde, zwarte els, lijsterbes, vlier, Gelderse roos, Boskers, veldesdoorn, gele kornoelje, rode kornoelje, hondsroos, kardinaalsmuts, hulst, wilde liguster, sporkehout.

•    Het advies van de Provincie Limburg, Dienst water en domeinen, moet gevolgd worden;

•    Het advies van de Hulpverleningszone Zuid-West Limburg, dienst preventie, moet gevolgd worden;

•    Het advies van Watering de Herk moet gevolgd worden.

 

11.

2023_CBS_00980 - OMV - Vergunning - Mezenstraat 30 - 2023/00121 - Gedeeltelijke goedkeuring

Goedgekeurd

Samenstelling

Aanwezig
Johny De Raeve, burgemeester; Bram De Raeve, 1ste schepen; Frederick Vandeput, 2de schepen; Johan Vanhoyland, 3de schepen; Frank Vandebeek, 4de schepen; Johan Schraepen, 5de schepen; Ria Hendrikx, voorzitter BCSD; Bart Telen, Algemeen directeur
Secretaris
Bart Telen, Algemeen directeur
11.

2023_CBS_00980 - OMV - Vergunning - Mezenstraat 30 - 2023/00121 - Gedeeltelijke goedkeuring

2023_CBS_00980 - OMV - Vergunning - Mezenstraat 30 - 2023/00121 - Gedeeltelijke goedkeuring

Motivering

Feiten context en argumentatie

VERSLAG GEMEENTELIJKE OMGEVINGSAMBTENAAR

Dossiernummer:    2023/00121

Referentie omgevingsloket:    OMV_2023083435

De aanvraag, ingediend door Gert en Wendy Vanhemel - Theys wonende te Mezenstraat 30 te 3520 Zonhoven, werd ontvangen op 27/06/2023 en op 02/08/2023 ontvankelijk en volledig verklaard.

De aanvraag gaat over een terrein, gelegen Mezenstraat 30, kadastraal gekend als afdeling 4 sectie B nr. 737P3.

De aanvraag gaat over het verbouwen en uitbreiden van een vrijstaande eengezinswoning, het regulariseren van twee bijgebouwen en het wijzigen van de terreininrichting.

De aanvraag omvat stedenbouwkundige handelingen.

De gemeentelijke omgevingsambtenaar heeft deze aanvraag onderzocht, rekening houdend met de geldende wettelijke bepalingen, (in het bijzonder met het decreet van 25 april 2014 betreffende de omgevingsvergunning, het decreet houdende Algemene Bepalingen inzake Milieubeleid, de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening (VCRO), het decreet Integraal Handelsvestigingsbeleid, het decreet Natuurbehoud en hun uitvoeringsbesluiten).

1.    STEDENBOUWKUNDIGE BASISGEGEVENS

De locatie van de aanvraag is volgens het Origineel bij Koninklijk besluit goedgekeurd gewestplan op 3 april 1979 gelegen in woongebied met landelijk karakter en landschappelijk waardevol agrarisch gebied.

De locatie van de aanvraag is niet gelegen binnen een bijzonder plan van aanleg.

De locatie van de aanvraag is niet gelegen binnen een ruimtelijk uitvoeringsplan.

De aanvraag is niet gelegen binnen de grenzen van een behoorlijk vergunde en niet vervallen verkaveling.

Volgende verordeningen zijn van kracht:

•    algemene bouwverordening inzake wegen voor voetgangersverkeer goedgekeurd op 29 april 1997;

•    gewestelijke stedenbouwkundige verordening inzake openluchtrecreatieve verblijven goedgekeurd op 8 juli 2005;

•    gewestelijke stedenbouwkundige verordening inzake hemelwaterputten,... goedgekeurd op 23 juni 2006;

•    gewestelijke stedenbouwkundige verordening inzake toegankelijkheid goedgekeurd op 5 juni 2009.

2.    HISTORIEK

    Volgende dossiers zijn relevant: 

•    Gebouwen en constructie dossier GEB/2018/00015 voor woning - opname in register op 30/04/2019.

3.    BESCHRIJVING OMGEVING EN AANVRAAG

Beschrijving van de plaats & omgeving

Het perceel bevindt zich aan de Mezenstraat, een doodlopende gemeenteweg.

De omgeving bestaat hoofdzakelijk uit vrijstaande eengezinswoningen.

Het straatbeeld wordt gevormd door een zeer gevarieerde bebouwing.  De bebouwing varieert qua inplanting, bouwhoogte, dakprofiel alsook materiaalgebruik.

Het achterste gedeelte van het perceel (vanaf 50m) alsook de achterliggende percelen zijn gelegen in agrarisch waardevol gebied.

Op het perceel bevindt zich een eengezinswoning met bijgebouwen.

Beschrijving van de aangevraagde stedenbouwkundige handelingen

De aanvraag gaat over het verbouwen en uitbreiden van een vrijstaande eengezinswoning, het regulariseren van twee bijgebouwen en het wijzigen van de terreininrichting.

De bestaande woning is ingeplant op minimum 8,36m achter de rooilijn / voorste perceelgrens, op minimum 3,18m van de linker perceelgrens en op minimum 0,70m van de rechter perceelgrens.

De maximale bouwdiepte op het gelijkvloers bedraagt 14,50m.

De kroonlijsthoogte is gelegen tussen 2,08m en 3,17m ten opzichte van de as van de weg.  De maximale nokhoogte is gelegen op 6,23m ten opzichte van de as van de weg.

De gevels werden wit geschilderd en de dakbedekking is uitgevoerd in rode pannen.

De aanvraag betreft onder meer het verbouwen en uitbreiden van woning.  Hierbij wordt de bestaande achterbouw (veranda en technische ruimte/berging) verbouwd en uitgebreid.  De veranda wordt verbouwd en zal als eetplaats fungeren.  De bestaande technische ruimte wordt verruimd zodat er een nieuwe overdekte toegang aan de achterzijde van de woning voorzien wordt.

De bouwdiepte van wordt hierdoor gebracht op 17m.

De inplanting van de uitbreiding situeert zich op minimum 1,01m van de rechter perceelgrens.  De rechter zijgevel wordt uitgevoerd met een blinde gevel zodat er geen privacyhinder ontstaat t.o.v. het rechter aangrenzende perceel.

De verdieping blijft ongewijzigd.

De achterbouw wordt uitgevoerd met een plat dak.  De dakrandhoogte is gelegen op 3,06m ten opzichte van de as van de weg.

De gevelafwerking van de verbouwde en uitgebreide achterbouw wordt uitgevoerd in wit pleisterwerk.

De aanvraag omvat tevens het regulariseren van 2 bijgebouwen.

Eén bijgebouw is ingeplant op minimum 12,73m achter de achtergevel van de verbouwde en uitgebreide woning.  Het bijgebouw is ingeplant tegen de linker perceelgrens.

Het bijgebouw bestaat uit een fiets- en tuinberging en een overdekte buitenruimte.

Het bijgebouw heeft een oppervlakte van 45,87m² (5,48 x 8,37m).

De kroonlijsthoogte is gelegen tussen 2,57m en 2,97m en de nokhoogte op 4,76m ten opzichte van de as van de weg.

De gevels werden antraciet geschilderd en de en dakbedekking is uitgevoerd in rode pannen.

Het andere te regulariseren bijgebouw situeert zich op meer dan 75m achter de rooilijn, in agrarisch waardevol gebied.

Het houten bijgebouw betreft een tuinberging met een oppervlakte van 5,91m².

Tot slot omvat de aanvraag het wijzigen van de terreininrichting.

Momenteel bevindt in de voortuin een aanzienlijke verharding bestaande uit kiezel en asfalt.

Aan de linkerzijde van de woning werd een inrit aangelegd in asfalt.  Deze werd doorgetrokken tot aan het bijgebouw.

Ook de rechter zijtuinstrook werd volledig verhard met kiezel en beton.

In de achtertuin werd een niet-overdekt terras aangelegd met aansluitend een toegangspad naar het bijgebouw.  Deze verharding werd uitgevoerd in betontegels.

Tot slot werd aan de achterzijde van het bijgebouw een niet-overdekt terras aangelegd in beton.

De huidige totale verharding bedraagt 302,06m².

De aanvrager wenst de terreininrichting te wijzigen.

Aan de linkerzijde van de woning wordt een inrit voorzien tot aan de achtergevel van de woning.  De inrit wordt in de voortuin deels uitgevoerd in klinkers en deels in betontegels.  Vanaf de voorgevel wordt de inrit uitgevoerd als een karrenspoor met betontegels.  Ter hoogte van de inkomdeur zal een pad voorzien worden in klinkers.

Aan de voorzijde van het perceel, ter hoogte van de rooilijn wordt de bestaande kiezelverharding behouden.

In de rechter zijtuin wordt een gedeelte voorzien van kiezelverharding.

Aan de achterzijde van de woning wordt een niet-overdekt terras aangelegd in beton.

Het toegangspad naar het bijgebouw is het verlengde van het rechter karrenspoor in betontegels.

Het niet-overdekt terras aan de achterzijde van het bijgebouw blijft behouden.

De totale verharding bedraagt 168,83m².

4.    RAADPLEGING EIGENAARS AANPALENDE PERCELEN 

Het dossier werd volgens de vereenvoudigde procedure behandeld.

Er werd bijgevolg geen openbaar onderzoek gehouden.

Aangezien de aanvraag gaat over de oprichting, uitbreiding of afbraak van scheidingsmuren of muren die in aanmerking komen voor gemene eigendom, werden de betrokken aanpalende eigenaars aangeschreven per beveiligde zending met de vraag hun standpunt kenbaar te maken binnen de 30 dagen.

5.    ADVIEZEN

Aan volgende adviesverleners werd advies gevraagd: Dienst water en domeinen

Watering De Herk.

6.    PROJECT-MER

 De aanvraag valt niet onder het toepassingsgebied van bijlage I, II en III van het besluit inzake projectmilieueffectrapportage van 10 december 2004 en latere wijzigingen.

7.    INHOUDELIJKE BEOORDELING

Decretale beoordelingselementen

In toepassing op de artikelen 4.3.5. tot en met 4.3.8. van de VCRO kan gesteld worden dat de Mezenstraat een voldoende uitgeruste openbare weg is.

De aanvraag gaat niet over de oprichting van een bedrijfswoning.

De aanvraag ligt niet in een reservatiestrook.

Verder is het goed niet getroffen door een rooilijn.

Zonering

Het perceel is volgens het zoneringsplan voor riolering, van de Vlaamse Milieumaatschappij (VMM), gelegen in centraal gebied. Er is al geruime tijd riolering aanwezig en die is aangesloten op een waterzuivering. Er moet geen septische put voorzien worden.

Waterparagraaf

Het decreet over het integraal waterbeleid van 18 juli 2003, gewijzigd door het wijzigingsdecreet Integraal Waterbeleid van 19 juli 2013, legt bepaalde verplichtingen op, die de watertoets genoemd worden. Deze watertoets schat de eventuele schadelijke effecten in ten koste van de watersystemen bij de inname van ruimte.

Sedert de inwerkingtreding van omzendbrief OMG/2022/1 d.d. 15/12/2022 dient de vergunningverlenende overheid de watertoets op een gewijzigde manier uit te voeren bij dossiers ingediend vanaf 01/01/2023.  De watertoetsprocedure werd geoptimaliseerd, er werden aandachtspunten en richtlijnen geformuleerd en het kaartmateriaal inzake overstromingsgevoelige gebieden werd aangepast.

Het voorliggende project heeft een eerder beperkte oppervlakte, maar ligt wel in een pluviaal en/of fluviaal overstromingsgebied.

Er werd bijgevolg advies gevraagd aan Watering De Herk.  Zij verleenden op 04/09/2023 een gunstig advies.

Natuurtoets

Het perceel is niet gelegen binnen of grenzend aan een speciaal beschermingsgebied.  Omwille van de ligging, de aard van het project en de afstand tot de waardevolle natuurgebieden wordt gesteld dat er geen impact is van de projectaanvraag op de natuurwaarden.

Erfgoed- & Archeologietoets

Het perceel is niet gelegen binnen een beschermd stads- of dorpsgezicht. Er zijn geen monumenten in de omgeving.

Conform het Onroerenderfgoeddecreet d.d. 12/07/2013 en latere wijzigingen is geen bekrachtigde archeologienota verplicht voor de aanvraag gezien de oppervlakte van het perceel kleiner is dan 3000 m².

Beoordeling van de goede ruimtelijke ordening

Functionele inpasbaarheid

De bestaande woonfunctie blijft behouden en is functioneel inpasbaar op deze locatie.

Mobiliteitsimpact

De inrit heeft ter hoogte van de rooilijn een breedte van 2,78m.

De inritverharding in de voortuin wordt deels voorzien in klinkers en deels in betontegels.  Vanaf de voorgevel wordt de inrit uitgevoerd als een karrenspoor met een groenstrook tussen de 2 sporen alsook langsheen de linker perceelgrens.

De afwatering van de verharding in de voortuin (klinkers + betontegels) dient naar de aangrenzende groenzone rechts te gebeuren zodat het hemelwater wordt opgevangen op eigen terrein.

De inrit voorziet voldoende mogelijkheid om het stallen van voertuigen geheel op eigen terrein op te vangen waardoor de last van het autobezit niet wordt afgeschoven naar het openbaar domein.

In de voortuin wordt een groot gedeelte ter hoogte van de rooilijn / voorste perceelgrens verhard met kiezelverharding.  Omwille van de verkeersveiligheid wordt slechts 1 toegang tot het perceel met een maximale breedte van 3m toegestaan.  Het overige gedeelte dient ter hoogte van de rooilijn / voorste perceelgrens ontoegankelijk gemaakt te worden voor voertuigen.

De kiezelverharding kan dan ook niet benut worden voor het stallen van voertuigen waardoor deze verharding overbodig is.  Bijgevolg zal als voorwaarde worden opgenomen dat deze kiezelverharding verwijderd dient te worden en als groenzone dient uitgevoerd te worden.

Schaal

De voorgestelde bebouwing is in overeenstemming met de algemeen gehanteerde normen.

De bebouwing wordt echter wel ingeplant op minimum 0,70m van de rechter perceelgrens.  De rechter zijgevel wordt dan ook uitgevoerd met een volledig gesloten gevel zodat er geen privacyhinder is ten opzichte van de aangrenzende buur.

De bebouwing in de directe omgeving varieert sterk qua inplanting, bouwdiepte, bouwhoogte, dakprofiel alsook materiaalgebruik. Rekening houdend met de gevarieerde bebouwing in de directe omgeving zal het voorgestelde niet als storend ervaren worden in het bestaande straatbeeld.

Er resteert nog een ruime groenzone die ingericht kan worden als tuin.

Ruimtegebruik en bouwdichtheid

Gezien de functie als eengezinswoning ongewijzigd blijft en de woondichtheid bijgevolg behouden blijft is deze aanvaardbaar op deze locatie.

Het te regulariseren bijgebouw (tuinberging) met een oppervlakte van 5,91m² is ingeplant op meer dan 75m achter de rooilijn, in agrarisch waardevol gebied.

Een bijgebouw op deze locatie is in strijd met het gewestplan.

De regularisatie van dit bijgebouw wordt dan ook negatief beoordeeld.

Het bijgebouw dient verwijderd te worden.  Bewijs van de sloop dient overgemaakt te worden aan de dienst planning en vergunningen binnen 3 maanden volgend op de beslissing.

Om de footprint af te stemmen op de gewenste visie van de gemeente dient zoals hoger aangehaald de kiezelverharding in de voortuin verwijderd te worden.  Tevens wordt in de rechter zijtuinstrook een kiezelverharding voorzien van 14,18m².  Gezien hier geen toegang tot het gebouw gelegen is noch raamopeningen gesitueerd zijn in de rechter zijgevel dient deze verharding verwijderd te worden en aangelegd te worden als groenaanplanting.

Hiermee rekening houdend heeft de bebouwing (excl. het bijgebouw in agrarisch waardevol gebied) een oppervlakte van 160,91m² en de verharding (excl. kiezelverharding voortuin en rechter zijtuin) 133,38m².  Rekening houdend met de oppervlakte van het perceel gelegen in het woongebied met landelijk karakter (ca. 6a 25ca) resteert er een tuinzone van ca 43%.

De bestaande bebouwings- en verhardingsgraad wordt dan ook gereduceerd van 72% naar 47%.

Visueel-vormelijke elementen

De gevels van het voorste, behouden gedeelte van de woning zijn wit geschilderd.  De gevelafwerking van de verbouwde en uitgebreide achterbouw wordt uitgevoerd in wit pleisterwerk waardoor het aansluit en een geheel vormt met de bestaande gevels.

De gevels van het bijgebouw bestaande uit een fiets- en tuinberging en een overdekt terras werden antraciet geschilderd.

De bebouwing in de omgeving varieert qua bouwstijl alsook materiaalgebruik.  Bijgevolg zal het voorgestelde materiaalgebruik niet als storend ervaren worden in het straatbeeld.

Cultuurhistorische aspecten

Het perceel is niet gelegen in of nabij een beschermd dorpsgezicht. De aanvraag is niet gelegen in een beschermde archeologische site. De aanvraag is, bekeken vanuit de erfgoedaspecten, aanvaardbaar.

Bodemreliëf

Volgens de aanvraag wordt het bestaande reliëf niet gewijzigd.

Hinderaspecten, gezondheid, gebruiksgenot en veiligheid in het algemeen

De aanvraag creëert voldoende woonkwaliteit en gebruiksgenot voor de bewoners.  Door de aanvraag ontstaat geen bijkomende hinder.

Resultaten van de raadpleging van de eigenaars van de aanpalende percelen

Er werd geen reactie ontvangen van de eigenaars van de aanpalende percelen.

Bespreking van de adviezen

•    Het advies van Provincie Limburg, dienst Water en Domeinen d.d. 31 augustus 2023 is gunstig.

De gemeentelijke omgevingsambtenaar sluit zich aan bij dit advies.

•    Het advies van Watering De Herk d.d. 4 september 2023 is gunstig.

De gemeentelijke omgevingsambtenaar sluit zich aan bij dit advies.

8.    ADVIES GEMEENTELIJKE OMGEVINGSAMBTENAAR

Uit bovenstaande motivering blijkt dat de aanvraag deels in overeenstemming is met de wettelijke bepalingen, en dat het gevraagde deels verenigbaar is met een goede ruimtelijke ordening, mits het opleggen van voorwaarden.

Het bijgebouw (5,91m²) gelegen in agrarisch waardevol gebied wordt geweigerd.

Volgende verhardingen worden geweigerd:

•    De kiezelverharding in de voortuin (25,27m²);

•    De kiezelverharding en de rechter zijtuin (14,18m²).

De gemeentelijke omgevingsambtenaar adviseert volgende voorwaarden op te leggen:

Stedenbouwkundige voorwaarden

•    De afwatering van de verharding in de voortuin (klinkers + betontegels) dient te gebeuren naar de aangrenzende groenzone rechts;

•    Met uitzondering van de inritverharding, met een maximale breedte van 3m, dient het perceel ter hoogte van de rooilijn / voorste perceelgrens ontoegankelijk gemaakt te worden voor voertuigen;

•    De kiezelverharding in de voortuin (25,27m²) en in de rechter zijtuin (14,18m²) dient verwijderd te worden en aangeplant te worden als groenzone.

•    Het bijgebouw (5,91m²) ingeplant in agrarisch waardevol gebied dient gesloopt te worden.

Bewijs van de sloop dient overgemaakt te worden aan de dienst planning en vergunningen binnen 3 maanden volgend op de beslissing.

Besluit

Het college van burgemeester en schepenen beslist:

Artikel 1

Het college van burgemeester en schepenen neemt kennis van het advies van de gemeentelijke omgevingsambtenaar d.d. 12/09/2023 en volgt dit standpunt integraal.

Artikel 2

Het college van burgemeester en schepenen beslist tot het gedeeltelijk voorwaardelijk afleveren van de omgevingsvergunning aan Gert en Wendy Vanhemel - Theys wonende te Mezenstraat 30 te 3520 Zonhoven voor het verbouwen en uitbreiden van een vrijstaande eengezinswoning, het regulariseren van één bijgebouw en het wijzigen van de terreininrichting.

Het college van burgemeester en schepenen beslist tot het afleveren van een weigering voor:

  • het regulariseren van het bijgebouw (5,91m²) gelegen in agrarisch waardevol gebied.
  • Volgende verhardingen:
    * De kiezelverharding in de voortuin (25,27m²);
    * De kiezelverharding en de rechter zijtuin (14,18m²)  
    gelegen te Mezenstraat 30 kadastraal gekend als afdeling 4 sectie B nr. 737P3.

Artikel 3

Volgende voorwaarden worden opgelegd:

  • De afwatering van de verharding in de voortuin (klinkers + betontegels) dient te gebeuren naar de aangrenzende groenzone rechts;
  •  Met uitzondering van de inritverharding, met een maximale breedte van 3m, dient het perceel ter hoogte van de rooilijn / voorste perceelgrens ontoegankelijk gemaakt te worden voor voertuigen;
  • De kiezelverharding in de voortuin (25,27m²) en in de rechter zijtuin (14,18m²) dient verwijderd te worden en aangeplant te worden als groenzone. 
  • Het bijgebouw (5,91m²) ingeplant in agrarisch waardevol gebied dient gesloopt te worden.

Bewijs van de sloop dient overgemaakt te worden aan de dienst planning en vergunningen binnen 3 maanden volgend op de beslissing.

12.

2023_CBS_00981 - Aktename melding voor een tijdelijke mobiele breker - 2023/00161MM - Elstrekenweg - Kennisneming

Kennis genomen

Samenstelling

Aanwezig
Johny De Raeve, burgemeester; Bram De Raeve, 1ste schepen; Frederick Vandeput, 2de schepen; Johan Vanhoyland, 3de schepen; Frank Vandebeek, 4de schepen; Johan Schraepen, 5de schepen; Ria Hendrikx, voorzitter BCSD; Bart Telen, Algemeen directeur
Secretaris
Bart Telen, Algemeen directeur
12.

2023_CBS_00981 - Aktename melding voor een tijdelijke mobiele breker - 2023/00161MM - Elstrekenweg - Kennisneming

2023_CBS_00981 - Aktename melding voor een tijdelijke mobiele breker - 2023/00161MM - Elstrekenweg - Kennisneming

Motivering

Feiten context en argumentatie

De aanvraag betreft een melding van een tijdelijke mobiele breker die breekwerken zal uitvoeren aan de Elstrekenweg in kader van de geplande riolerings- en wegeniswerken. Het geproduceerde (beton)puin wordt 100% gerecycleerd op de werf.

De breekwerken worden gefaseerd uitgevoerd waarbij de noordzijde in september 2023 van start gaat en de zuidzijde in het voorjaar 2024 wordt gestart. De mobiele breker verplaatst zichzelf volgens de voortgang van de werken. Uit navraag bij de dienst Patrimonium blijkt dat de werken binnen het jaar afgerond zullen zijn. In de aanvraag werd geen melding gemaakt van de geplande uren waartussen gewerkt zal worden.

Met volgende aangevraagde rubrieken: 

* 2.2.2.h): Opbraak van bestaande verharding met een mobiele breker, voor 100% hergebruik op de werfafvalstoffen, afkomstig van één specifiek bouw- en sloopwerf of wegenwerk, waarbij minstens 50% van de stoffen na behandeling nuttig wordt aangewend op de plaats van het ontstaan ervan, waarbij de inrichting niet langer dan één jaar in exploitatie zal zijn en waarbij de inrichting zich op maximaal 1000 m van het wegenwerk bevindt of ter plaatse (op het perceel zelf of op een aangrenzend perceel) van de bouw- en sloopwerf - Nieuw 

Zodat de ingedeelde inrichting of activiteit voortaan omvat: 

* 2.2.2.h): Opbraak van bestaande verharding met een mobiele breker, voor 100% hergebruik op de werfafvalstoffen, afkomstig van één specifiek bouw- en sloopwerf of wegenwerk, waarbij minstens 50% van de stoffen na behandeling nuttig wordt aangewend op de plaats van het ontstaan ervan, waarbij de inrichting niet langer dan één jaar in exploitatie zal zijn en waarbij de inrichting zich op maximaal 1000 m van het wegenwerk bevindt of ter plaatse (op het perceel zelf of op een aangrenzend perceel) van de bouw- en sloopwerf - Nieuw 

Milieu-aspecten

De nieuwe ingedeelde inrichting bestaat uit een tijdelijke mobiele breker waarbij 7500 ton (beton)puin geproduceerd zal worden. De Elstrekenweg zal over de gehele lengte opgebroken worden. Dit gebeurt in twee fases waarbij de eerste fase halverwege september 2023 van start zal gaan (de noordzijde van de Elstrekenweg) en de tweede fase voor het voorjaar 2024 gepland staat (de zuidzijde van de Elstrekenweg). Het puin wordt volgens de aanvraag 100% hergebruikt op de werf. De maximale verwerkingscapaciteit van het afval bedraagt 500 ton per dag en 4000 ton per jaar. 

De toegestane termijnen van deze inrichting worden vermeld in artikel 5.2.2.4bis.5. van Vlarem II, namelijk: de opslag van te breken puin en gerecycleerde granulaten is beperkt tot maximaal één jaar na de datum van de melding; de verwerking van de afvalstoffen is beperkt tot maximaal zestig werkdagen binnen de periode van één jaar, vermeld in het eerste lid. Deze termijnen kunnen niet verlengd worden.

Ligging t.o.v. de buurt

De mobiele breker zal op de Elstrekenweg worden ingezet bij het opbreken van de weg. De Elstrekenweg is deels in agrarisch gebied gelegen en deels in woongebied met landelijk karakter. De weg grenst aan parkgebied. 

In een straal van 100 m zijn een honderdtal woningen gelegen.

Dit maakt dat de inrichting hinder kan creëren voor de buurt.

Geluidshinder

Door de aard van de activiteiten kan het bedrijf geluidshinder veroorzaken die buiten het bedrijf waar te nemen is. Het bedrijf zet moderne, geluidsarme machines in om de overlast te beperken. Bijkomend mag er geen aanvoer en verwerking van afvalstoffen, alsook afvoer van gerecycleerde granulaten restfracties plaatsvinden, op weekdagen tussen 19 uur en 7 uur, en op zaterdagen, zondagen en feestdagen, zoals bepaald in artikel 5.2.2.4bis.6. van Vlarem II. Verder moet voldaan worden aan de van toepassing zijnde geluidsvoorwaarden zoals bepaald in artikel 5.2.2.4bis.9. van Vlarem II.

Stofhinder

Door de aard van de activiteiten kan er stofhinder ontstaan bij de breekwerken.

Om de hinder te beperken wordt de op te breken verharding met water besproeid. Verder wordt de werfzone ook regelmatig geveegd door de borstelwagen met toevoeging van water.

Afvalstoffen

Door de aard van de activiteiten wordt 7500 ton (beton)puin geproduceerd. Dit puin wordt volgens de aanvraag op de locatie zelf voor 100% hergebruikt. De maximale verwerkingscapaciteit van het afval bedraagt 500 ton per dag en 4000 ton per jaar. Enkel de in artikel 5.2.2.4bis.2. van Vlarem II opgenomen afvalstoffen mogen in de inrichting opgeslagen en behandeld worden. In hetzelfde artikel worden ook afvalstoffen vermeld die niet in de inrichting verwerkt mogen worden, namelijk: teerhoudend asfalt; bouw- en sloofafval dat asbestcementafval of andere asbesthoudende bouwmaterialen waarin asbest in gebonden vorm aanwezig is, bevat; bouw- en sloopafval dat vrije asbestvezels of asbeststof bevat; andere gevaarlijke afvalstoffen; andere niet-gevaarlijke afvalstoffen, niet vermeld in het tweede lid van het dit artikel.

Mobiliteit

De aard van de werken heeft een impact op de mobiliteit in en rond de Elstrekenweg. De mogelijke hinder van de inrichting dient gedurende de volledige periode voldoende gecommuniceerd te worden naar omwonenden, zoals bepaald in artikel 5.2.2.4bis.8.

 Meet- en registratieverplichtingen

Het bedrijf moet voldoen aan de meet- en registratieverplichtingen die bepaald zijn in artikel 5.2.2.4bis.10.

 Voorwaarden

Volgende voorwaarden worden opgenomen als bijzondere voorwaarden in het besluit:

* De van toepassing zijnde algemene én sectorale milieuvoorwaarden van Vlarem II moeten worden nageleefd.

* Er mag enkel op weekdagen tussen 7u 's morgens en 19u ’s aanvoer en verwerking van de afvalstoffen plaatsvinden, alsook afvoer van gerecycleerde granulaten restfracties plaatsvinden (zoals bepaald in artikel 5.2.2.4bis.6. van Vlarem II). Op feestdagen, zaterdag en zondag zijn deze activiteiten verboden. Deze uren dienen ten allen tijden gerespecteerd te worden.

* Er wordt een uithangbord geplaatst aan de toegangsweg op een vanaf de openbare weg goed zichtbare plaats, zoals bepaald in artikel 5.2.2.4bis.8.

* Het bedrijf moet voldoen aan de meet- en registratieverplichtingen die bepaald zijn in artikel 5.2.2.4bis.10.

* De openbare wegen dienen proper gehouden te worden indien deze bevuild worden met zand of stof afkomstig van de werf.

* De hinder van stof en geluid dienen zoveel mogelijk beperkt te worden en in geval van overlast dienen er gepaste maatregelen genomen te worden.

* Binnen dertig dagen na het beëindigen van de activiteiten en binnen de periode van één jaar exploitatie, wordt het terrein volledig schoongemaakt(artikel 5.2.2.4bis. §1).

Vergunningstermijnen

Het omgevingsproject vraagt een omgevingsvergunning bepaalde duur namelijk 1 jaar. Gezien bovenstaande motivering, en het feit dat de toegestane termijnen van deze inrichting beperkt worden tot een periode van één jaar voor de opslag van het te breken puin en gerecycleerde granulaten, met een beperking van maximaal zestig werkdagen binnen de periode van één jaar voor de verwerking van de afvalstoffen (artikel 5.2.2.4bis.5. van Vlarem II), kan dit gevolgd worden.

Besluit:

Artikel 1

De gemeentelijke omgevingsambtenaar heeft op 15/09/2023 akte genomen van de melding ingediend door Besix Infra, Steenwinkelstraat 640 te 2627 Schelle, voor de exploitatie van een ingedeelde inrichting of activiteit, zijnde een tijdelijke mobiele breker die breekwerken zal uitvoeren aan de Elstrekenweg in kader van de geplande riolerings- en wegeniswerken. Het geproduceerde (beton)puin wordt 100% gerecycleerd op de werf.

De ingedeelde inrichting of activiteit omvat voortaan:

 

2.2.2.h)

afvalstoffen, afkomstig van één specifiek bouw- en sloopwerf of wegenwerk, waarbij minstens 50% van de stoffen na behandeling nuttig wordt aangewend op de plaats van het ontstaan ervan, waarbij de inrichting niet langer dan één jaar in exploitatie zal zijn en waarbij de inrichting zich op maximaal 1000 m van het wegenwerk bevindt of ter plaatse (op het perceel zelf of op een aangrenzend perceel) van de bouw- en sloopwerf

Opbraak van bestaande verharding met een mobiele breker, voor 100% hergebruik op de werf

 

Vergunningstermijnen

De omgevingsvergunning wordt verleend voor bepaalde duur namelijk 1 jaar te tellen vanaf de start van de exploitatie. 

 Artikel 2

Voorwaarden

Volgende voorwaarden worden opgenomen als bijzondere voorwaarden in het besluit:

  • De van toepassing zijnde algemene én sectorale milieuvoorwaarden van Vlarem II moeten worden nageleefd.
  • Er mag enkel op weekdagen tussen 7u 's morgens en 19u ’s aanvoer en verwerking van de afvalstoffen plaatsvinden, alsook afvoer van gerecycleerde granulaten restfracties plaatsvinden (zoals bepaald in artikel 5.2.2.4bis.6. van Vlarem II). Op feestdagen, zaterdag en zondag zijn deze activiteiten verboden. Deze uren dienen ten allen tijden gerespecteerd te worden.
  • Er wordt een uithangbord geplaatst aan de toegangsweg op een vanaf de openbare weg goed zichtbare plaats, zoals bepaald in artikel 5.2.2.4bis.8.
  • Het bedrijf moet voldoen aan de meet- en registratieverplichtingen die bepaald zijn in artikel 5.2.2.4bis.10.
  • De openbare wegen dienen proper gehouden te worden indien deze bevuild worden met zand of stof afkomstig van de werf.
  • De hinder van stof en geluid dienen zoveel mogelijk beperkt te worden en in geval van overlast dienen er gepaste maatregelen genomen te worden.
  • Binnen dertig dagen na het beëindigen van de activiteiten en binnen de periode van één jaar exploitatie, wordt het terrein volledig schoongemaakt(artikel 5.2.2.4bis. §1).

Deze aktename stelt de aanvrager niet vrij van het aanvragen en verkrijgen van eventuele andere vergunningen of machtigingen.

Besluit

Het college van burgemeester en schepenen beslist:

Artikel 1

Het college van burgemeester en schepenen neemt kennis van het besluit van de gemeentelijk omgevingsambtenaar.

13.

2023_CBS_00982 - Aktename melding voor een tijdelijke opslagplaats van gronden en nieuwe bouwmaterialen - 2023/00160MM - Elstrekenweg zn - Kennisneming

Kennis genomen

Samenstelling

Aanwezig
Johny De Raeve, burgemeester; Bram De Raeve, 1ste schepen; Frederick Vandeput, 2de schepen; Johan Vanhoyland, 3de schepen; Frank Vandebeek, 4de schepen; Johan Schraepen, 5de schepen; Ria Hendrikx, voorzitter BCSD; Bart Telen, Algemeen directeur
Secretaris
Bart Telen, Algemeen directeur
13.

2023_CBS_00982 - Aktename melding voor een tijdelijke opslagplaats van gronden en nieuwe bouwmaterialen - 2023/00160MM - Elstrekenweg zn - Kennisneming

2023_CBS_00982 - Aktename melding voor een tijdelijke opslagplaats van gronden en nieuwe bouwmaterialen - 2023/00160MM - Elstrekenweg zn - Kennisneming

Motivering

Feiten context en argumentatie

De aanvraag betreft een tijdelijke inrichting voor de opslag van gronden en nieuwe bouwmaterialen voor de duur van de wegeniswerken aan de Elstrekenweg. De tijdelijke inrichting situeert zich op het braakliggend perceel aan de Elstrekenweg z/n, 2de afdeling, sectie D, nr. 132F98. Er wordt een mobiel, dubbelwandig mazoutvat met één verdeelslang voor de bevoorrading voor werfmachines voorzien. Verder zal er tijdelijk teelaarde, grondoverschot, opbraakmateriaal en funderingsmateriaal gestockeerd worden. Aan de oostelijke en zuidelijke kant zal een deel van het terrein braak blijven liggen. Er wordt eveneens naar de oostelijke en zuidelijke kant een buffer naar de omgeving voorzien door de afgegraven teelaarde hier te stapelen. 

De periode waarin er tijdelijk gronden en bouwmaterialen op het perceel opgeslagen zullen worden, is afhankelijk van de wegenwerken waarin deze melding kadert. De wegenwerken worden gefaseerd uitgevoerd waarbij de eerste fase gepland is voor september 2023, en de tweede fase in het voorjaar 2024 zal worden uitgevoerd. Bij de eerste fase wordt de noordelijke zijde van de Elstrekenweg aangepakt. De zuidelijke zijde volgt in de tweede fase. Uit navraag bij de dienst Patrimonium blijkt dat de werken binnen het jaar afgerond zullen zijn. In de aanvraag werd geen melding gemaakt van de geplande uren waartussen gewerkt zal worden.

De volgende rubrieken worden aangevraagd:

* 6.5.1°: Verdeelslang aan mobiel dubbelwandig mazoutvat met lekbak aan tankvoorzieninginrichtingen met maximaal 2 verdeelslangen - Nieuw

* 17.3.2.1.1.1°b): Mobiel dubbelwandig mazoutvat met lekbak aan verdeelslang100 kg tot en met 20 ton voor andere inrichtingen dan de inrichtingen, vermeld in punt a - Nieuw

* 61.2.1°: Tijdelijke stapelplaats voor gronden afkomstig van riolerings-en wegeniswerf met conform technisch verslag en nieuwe bouwmaterialen met een capaciteit van 1000 m³ tot en met 10.000 m³ - Nieuw 

Volgende onderdelen zijn niet-vergunningsplichtig en worden daarom niet opgenomen: beperkte mechanische activiteiten, zoals het sorteren of zeven van uitgegraven bodem zijn niet vergunningsplichtig volgens rubriek 30. De zeefinstallatie werd dus niet in de aanvraag opgenomen.

 Zodat de ingedeelde inrichting of activiteit voortaan omvat: 

* 6.5.1°: Verdeelslang aan mobiel dubbelwandig mazoutvat met lekbak aan tankvoorzieninginrichtingen met maximaal 2 verdeelslangen - Nieuw

* 17.3.2.1.1.1°b): Mobiel dubbelwandig mazoutvat met lekbak aan verdeelslang100 kg tot en met 20 ton voor andere inrichtingen dan de inrichtingen, vermeld in punt a - Nieuw

* 61.2.1°: Tijdelijke stapelplaats voor gronden afkomstig van riolerings-en wegeniswerf met conform technisch verslag en nieuwe bouwmaterialen met een capaciteit van 1000 m³ tot en met 10.000 m³ - Nieuw 

 Milieu-aspecten

De inrichting bestaat uit een tijdelijke opslagplaats voor teelaarde/ontzoding (wordt als buffer naar omgeving gebruikt in oostelijke en zuidelijke richting), teelaarde afkomstig van de werf en te hergebruiken (200m³), een stapelzone voor grondoverschotten (500 m³), stapelzone voor opbraakmaterialen (max. 200 m³), stapelzone voor funderingsmaterialen (steenslag, max. 200 m³). Aan de noordzijde van het perceel wordt een zone voorzien waar werfmachines kunnen parkeren en kunnen tanken aan het mazoutvat. Dit mazoutvat is een mobiel dubbelwandig mazoutvat met één verdeelslang. Verder wordt er een zeefinstallatie voorzien die occasioneel gebruikt zal worden. 

Er wordt op het perceel een tijdelijke werfafsluiting voorzien. Het terrein kan bereikt worden via de reeds aanwezige inrit aan de Elstrekenweg. Aan de oostelijke en zuidelijke kant van het perceel wordt een braakliggende strook voorzien.

 Ligging t.o.v. de buurt

Het perceel is deels in woongebied met een landelijk karakter, en deels in agrarisch gebied gelegen. In een straal van 100 m zijn 5 woningen gelegen. Op 3 m van de perceelsgrenzen staat een woning. Dit maakt dat de inrichting hinder kan creëren voor de buurt.

Bodem

De tijdelijke opslagplaats vormt geen risico voor bodemverontreiniging. Het mazoutvat kan wel een risico voor bodemverontreiniging vormen. 

Om lekken naar de bodem te voorkomen wordt een dubbelwandig mazoutvat voorzien met lekbak. Ook de verdeelslang is voorzien van een lekbak.

Als bijkomende maatregel moeten de mazouttank en verdeelslang zo geplaatst worden dat er geen lekken naar de bodem kunnen plaatsvinden bij vullen of overslag.

 Geluidshinder

Door de aard van de activiteiten kan de inrichting geluidshinder veroorzaken die buiten de inrichting waar te nemen is. Er kan o.a. geluidshinder optreden door aan- en afrijdende werfvoertuigen die hun lading lossen of opladen.

Door de afgegraven teelaarde aan de oostelijke en zuidelijke kant van het perceel te stapelen als buffer naar de omgeving toe worden al maatregelen genomen om geluidshinder te verminderen. Er wordt bovendien gebruik gemaakt van moderne, geluidsarme machines.

In de aanvraag werd geen melding gemaakt van de uren waartussen de werkzaamheden zullen plaatsvinden. Om geluidshinder naar de omgeving te beperken kan er enkel gewerkt worden tussen 7u ’s ochtends en 19u ’s avonds, zoals bepaald in artikel 5.61.2 §3 in de sectorale voorwaarden van Vlarem II.

Stofhinder

De aard van de werken kan stof met zich meebrengen. Om dit op te vangen wordt waar mogelijk dooor het bedrijf gebruik gemaakt van waterbeneveling. De openbare weg wordt ter hoogte van de exploitatie geveegd indien nodig.

Extra maatregelen die genomen kunnen worden, zijn het afdekken van de lading bij het vervoer wanneer stofvorming niet vermeden kan worden. Ook moet de valhoogte van de uitgegraven grond moet bij het lossen beperkt worden. 

 Mobiliteit

Door de opslagplaats dicht bij de werf te voorzien, wordt de impact op mobiliteit in de ruime omgeving van de werken beperkt. De openbare weg wordt ter hoogte van de exploitatie zuiver gehouden en indien nodig geveegd. 

 Meet- en registratieverplichtingen

Volgens artikel 5.61.2 §2 van de sectorale voorwaarden van Vlarem II is de installatie en het gebruik van een geijkte weegbrug met automatische registratie verplicht voor de exploitatie van de ingedeelde inrichting of activiteit, tenzij anders bepaald in de omgevingsvergunning. Bij de aanvraag wordt van deze verplichting afgeweken door het gebruik van interne weegsystemen in wielladers en het gebruik van vrachtbonnen van de grondbank. Op deze manier wordt vermeden dat een tijdelijke weegbrug als vaste constructie moet worden aangelegd.

De exploitant blijft wel verplicht een register bij te houden betreffende de aanvoer, opslag en afvoer van de bodem, zoals bepaald in artikel 5.61.2 §4 Van Vlarem II.

Voorwaarden

Volgende voorwaarden worden opgenomen als bijzondere voorwaarden in het besluit:

* De van toepassing zijnde algemene én sectorale milieuvoorwaarden van Vlarem II moeten worden nageleefd.

* Er mag enkel tussen 7u 's morgens en 19u 's avonds gewerkt worden op de tijdelijke opslagplaats (zoals bepaald in artikel 5.61.2 §3 van Vlarem II), deze uren dienen ten allen tijden gerespecteerd te worden.

* De openbare wegen dienen proper gehouden te worden indien deze bevuild worden met zand afkomstig van de werf.

* De brandstoftank en de verdeelslang dienen zo geplaatst te worden dat er geen lekken naar de bodem kunnen plaatsvinden bij vullen en overslag. Dit kan door een inkuiping te voorzien of te werken met dubbelwandige houders.

* De hinder van stof en geluid dienen zoveel mogelijk beperkt te worden en in geval van overlast dienen er gepaste maatregelen genomen te worden, bijvoorbeeld door de lading af te dekken, met waterbeneveling te werken, de valhoogte van de lading te beperken.

* Er wordt gebruik gemaakt van interne weegsystemen in de wielladers en ook van vrachtbonnen van de grondbank wanneer er geen tijdelijke weegbrug op het terrein wordt aangelegd.

* Er wordt een register van de gronden bijgehouden, zoals bepaald in artikel 5.61.2 §4 van Vlarem II.

* De terreinen dienen in de oorspronkelijke staat hersteld te worden zodra dit technisch mogelijk is. 

Vergunningstermijnen

Het omgevingsproject vraagt een omgevingsvergunning van bepaalde duur aan, namelijk zolang de wegeniswerken aan de Elstrekenweg lopende zijn. Gezien bovenstaande motivering, kan dit gevolgd worden en wordt een vergunning voor een periode van 1 jaar verleend. Het perceel dient in zijn oorspronkelijke staat hersteld te worden zodra het stopzetten van de exploitaitie technisch mogelijk is.

Besluit:

Artikel 1

De gemeentelijke omgevingsambtenaar heeft op 14/09/2023 akte genomen van de melding ingediend door Besix Infra, Steenwinkelstraat 640 te 2627 Schelle, voor de exploitatie van een ingedeelde inrichting of activiteit, zijnde tijdelijke tussentijdse opslagplaats van gronden en nieuwe bouwmaterialen voor de duur van de riolerings- en wegeniswerken aan de Elstrekenweg. 

De tijdelijke inrichting situeert zich op het braakliggend perceel aan de Elstrekenweg z/n, 2de afdeling, sectie D, nr. 132F98.

De ingedeelde inrichting of activiteit omvat voortaan:

  • 6.5.1°: Verdeelslang aan mobiel dubbelwandig mazoutvat met lekbak aan tankvoorzieninginrichtingen met maximaal 2 verdeelslangen - Nieuw
  • 17.3.2.1.1.1°b): Mobiel dubbelwandig mazoutvat met lekbak aan verdeelslang100 kg tot en met 20 ton voor andere inrichtingen dan de inrichtingen, vermeld in punt a - Nieuw
  • 61.2.1°: Tijdelijke stapelplaats voor gronden afkomstig van riolerings-en wegeniswerf met conform technisch verslag en nieuwe bouwmaterialen met een capaciteit van 1000 m³ tot en met 10.000 m³ - Nieuw

Vergunningstermijnen

Er wordt een vergunning voor een periode van 1 jaar verleend. Het perceel dient in zijn oorspronkelijke staat hersteld te worden zodra het stopzetten van de exploitatie technisch mogelijk is.

 Artikel 2

Volgende voorwaarden worden opgenomen als bijzondere voorwaarden in het besluit:

  • De van toepassing zijnde algemene én sectorale milieuvoorwaarden van Vlarem II moeten worden nageleefd.
  • Er mag enkel tussen 7u 's morgens en 19u 's avonds gewerkt worden op de tijdelijke opslagplaats (zoals bepaald in artikel 5.61.2 §3 van Vlarem II), deze uren dienen ten allen tijden gerespecteerd te worden.
  • De openbare wegen dienen proper gehouden te worden indien deze bevuild worden met zand afkomstig van de werf.
  • De brandstoftank en de verdeelslang dienen zo geplaatst te worden dat er geen lekken naar de bodem kunnen plaatsvinden bij vullen en overslag. Dit kan door een inkuiping te voorzien of te werken met dubbelwandige houders.
  • De hinder van stof en geluid dienen zoveel mogelijk beperkt te worden en in geval van overlast dienen er gepaste maatregelen genomen te worden, bijvoorbeeld door de lading af te dekken, met waterbeneveling te werken, de valhoogte van de lading te beperken.
  • Er wordt gebruik gemaakt van interne weegsystemen in de wielladers en ook van vrachtbonnen van de grondbank wanneer er geen tijdelijke weegbrug op het terrein wordt aangelegd.
  • Er wordt een register van de gronden bijgehouden, zoals bepaald in artikel 5.61.2 §4 van Vlarem II.
  • De terreinen dienen in de oorspronkelijke staat hersteld te worden zodra dit technisch mogelijk is.

Deze aktename stelt de aanvrager niet vrij van het aanvragen en verkrijgen van eventuele andere vergunningen of machtigingen.

Besluit

Het college van burgemeester en schepenen beslist:

Artikel 1

Het college van burgemeester en schepenen neemt kennis van het besluit van de gemeentelijk omgevingsambtenaar.

14.

2023_CBS_00983 - Aktename melding voor droogzuiging - 2023/00162MM - Roosterkensweg 23 - Kennisneming

Kennis genomen

Samenstelling

Aanwezig
Johny De Raeve, burgemeester; Bram De Raeve, 1ste schepen; Frederick Vandeput, 2de schepen; Johan Vanhoyland, 3de schepen; Frank Vandebeek, 4de schepen; Johan Schraepen, 5de schepen; Ria Hendrikx, voorzitter BCSD; Bart Telen, Algemeen directeur
Secretaris
Bart Telen, Algemeen directeur
14.

2023_CBS_00983 - Aktename melding voor droogzuiging - 2023/00162MM - Roosterkensweg 23 - Kennisneming

2023_CBS_00983 - Aktename melding voor droogzuiging - 2023/00162MM - Roosterkensweg 23 - Kennisneming

Motivering

Feiten context en argumentatie

Het betreft een droogzuiging voor de bouw van een woning, deels onderkelderd, te Roosterkensweg 23, 3520 Zonhoven, 1ste afdeling, sectie B, nr. 308P.
Voor de realisatie van de bouw moet een grondwatertafelverlaging van 3,5 meter bekomen worden. Er zullen verschillende aanzuigpunten geplaatst worden, op een diepte van max. 10 meter.
Volgens de ingevulde berekeningstool van de VMM bedraagt het gevraagde debiet 21,8 m³/uur, gedurende de eerste 5 dagen. De daaropvolgende 55 dagen bedraagt het maximale debiet 11,4 m³/uur. Dit komt neer op een jaardebiet van 17.695 m³.
In de melding wordt het maximale gevraagde jaardebiet afgerond naar 20.000 m³. Aangezien de impact van de bemaling op de omgeving beperkt moet worden, wordt het gevraagde debiet niet gevolgd door de omgevingsambtenaar. Er wordt slechts een maximaal jaardebiet van 17.695 m³ toegestaan.

Indien er meer dan 10 m³/uur geloosd wordt op een gemengd stelsel, dient op voorhand een toelating bij Aquafin aangevraagd te worden.  

Het lozingspunt bevindt zich op de Roosterkensweg, dit is een gemengd stelsel.  
In de onmiddellijk omgeving zijn er geen mogelijkheden om het grondwater af te voeren naar een gescheiden stelsel of in een oppervlakte water.
De aanvraag is realistisch en kan gunstig beoordeeld worden gezien het beperkt debiet en de beperkte tijdsduur.

Gunstig voor een bronbemaling te Roosterkensweg 23, voor de realisatie van een deels onderkelderde woning, voor een debiet van 21,8 m³/dag, 17.695 m³/jaar, mits volgende voorwaarden:
* Indien de bemaling in werking is tussen de maanden april tot en met september moet de mogelijkheid tot hergebruik van het grondwater worden aangeboden aan derden. Dit kan door de plaatsing van een open opvangbak met overloop naar het gemengd stelsel, op de rooilijn. Via de toegestuurde affiche maakt de bouwheer dit kenbaar aan derden met eventueel zijn/haar contactgegevens erbij.
* Een goed functionerende debietsteller moet aanwezig zijn op elke pomp.
* De sectorale voorwaarden van Vlarem II, hoofdstuk 5.53, moeten nageleefd worden.
* Indien een volume van meer dan 10 m³/uur wordt geloosd op een gemengd rioleringsstelsel, moet de aanvrager op voorhand een toelating bekomen van Aquafin (art. 5.53.6.1.1 van Vlarem II) op www.aquafin.be. Het startvolume van de bronbemaling wordt ook in rekening gebracht bij het bepalen van het uurdebiet.
* De droogzuiging wordt onmiddellijk verwijderd zodra dit bouwtechnisch mogelijk is en wordt beperkt in tijd en debiet tot het absolute, noodzakelijke, minimum.
* De lozing van het grondwater mag geen wateroverlast voor derden veroorzaken.
* Indien de stroomgroep geluidshinder vormt voor de omwonenden, moeten onmiddellijk gepaste maatregelen genomen worden om de hinder tot een absoluut minimum te beperken (eventueel overschakelen op een elektrische pomp).
* De bemaling mag max. 60 dagen in werking zijn

Besluit:
Artikel 1
De gemeentelijke omgevingsambtenaar heeft op 18/09/2023 akte genomen van de melding ingediend door Hulsmans Sander, Grote Eggestraat 29A te 3520 Zonhoven, voor de exploitatie van een ingedeelde inrichting of activiteit, zijnde een tijdelijke bronbemaling voor de realisatie van een onderkelderde woning, voor een maximaal jaardebiet van 17.695 m³/jaar, gelegen aan Roosterkensweg 23 te 3520 Zonhoven, kadastraal bekend: afdeling 1, sectie B, perceel 308P met rubriek: 53.2.2°a).

53.2.2°a)

maximaal 30.000 m3 per jaar

filterbemaling

 Artikel 2
Volgende voorwaarden moeten worden nageleefd:
  • Indien de bemaling in werking is tussen de maanden april tot en met september moet de mogelijkheid tot hergebruik van het grondwater worden aangeboden aan derden. Dit kan door de plaatsing van een open opvangbak met overloop naar het gemengd stelsel, op de rooilijn. Via de toegestuurde affiche maakt de bouwheer dit kenbaar aan derden met eventueel zijn/haar contactgegevens erbij.
  • Een goed functionerende debietsteller moet aanwezig zijn op elke pomp.   
  • De sectorale voorwaarden van Vlarem II, hoofdstuk 5.53, moeten nageleefd worden.
  • Indien een volume van meer dan 10 m³/uur wordt geloosd op een gemengd rioleringsstelsel, moet de aanvrager op voorhand een toelating bekomen van Aquafin (art. 5.53.6.1.1 van Vlarem II) op www.aquafin.be. Het startvolume van de bronbemaling wordt ook in rekening gebracht bij het bepalen van het uurdebiet.   
  • De droogzuiging wordt onmiddellijk verwijderd zodra dit bouwtechnisch mogelijk is en wordt beperkt in tijd en debiet tot het absolute, noodzakelijke, minimum. 
  • De lozing van het grondwater mag geen wateroverlast voor derden veroorzaken.
  • Indien de stroomgroep geluidshinder vormt voor de omwonenden, moeten onmiddellijk gepaste maatregelen genomen worden om de hinder tot een absoluut minimum te beperken (eventueel overschakelen op een elektrische pomp). 
  • De bemaling mag max. 60 dagen in werking zijn

Deze aktename stelt de aanvrager niet vrij van het aanvragen en verkrijgen van eventuele andere vergunningen of machtigingen.

Besluit

Het college van burgemeester en schepenen beslist:

Artikel 1

Het college van burgemeester en schepenen neemt kennis van het besluit van de gemeentelijk omgevingsambtenaar.

15.

2023_CBS_00924 - Bijkomende plaatsing ondergrondse glascontainers te Rozenkransweg en school Termolen - Principiële Goedkeuring

Goedgekeurd

Samenstelling

Aanwezig
Johny De Raeve, burgemeester; Bram De Raeve, 1ste schepen; Frederick Vandeput, 2de schepen; Johan Vanhoyland, 3de schepen; Frank Vandebeek, 4de schepen; Johan Schraepen, 5de schepen; Ria Hendrikx, voorzitter BCSD; Bart Telen, Algemeen directeur
Secretaris
Bart Telen, Algemeen directeur
15.

2023_CBS_00924 - Bijkomende plaatsing ondergrondse glascontainers te Rozenkransweg en school Termolen - Principiële Goedkeuring

2023_CBS_00924 - Bijkomende plaatsing ondergrondse glascontainers te Rozenkransweg en school Termolen - Principiële Goedkeuring

Motivering

Feiten context en argumentatie

Het college van burgemeester en schepenen neemt kennis van het voorstel om bij de reeds bestaande, ondergrondse glascontainers aan de school Termolen en aan de Rozenkransweg, hetzelfde volume bijkomend te voorzien (telkens 1 duocontainer op elke locatie). Deze locaties worden voorgesteld om de capaciteit uit te breiden en hierdoor voor minder overlast van sluikstorten te zorgen. De huidige capaciteit van de ondergrondse glascontainers is voor deze locaties momenteel niet voldoende waardoor de containers snel vol zitten. Hierdoor wordt er op deze locaties regelmatig gesluikstort door het glas rond de glascontainer te plaatsen. 

Aan het college van burgemeester en schepenen wordt gevraagd om eerst een akkoord te geven over de voorgestelde locaties waarna de timing verder afgetoetst wordt met Limburg.net

Er is budget voorzien onder MJP000471. Verder kunnen we ook beroep doen op het budget van Limburg.net via het duurzaamheidsfonds (€27.364,64).

Nota dienst:

In de kantlijn geeft de dienst mee dat er veel problemen ervaren worden met de ondergrondse glasbakken. Deze zijn frequent defect, te wijten aan foute handelingen van de chauffeur of een fout aan de container. Gevraagd werd aan de vertegenwoordiger van onze gemeente om dit aan te kaarten op de Raad van bestuur. Voorlopig stellen we om voor deze locaties alsnog door te gaan met het plaatsen van ondergrondse containers. 

Uit navraag bij Limburg.net blijkt dat er geen concrete plannen zijn om van firma te veranderen in de toekomst. Een nieuwe aanbesteding is voorzien voor 2024, maar dit betekent niet dat er noodzakelijkerwijs met een andere firma gewerkt zal worden. 

Besluit

Het college van burgemeester en schepenen beslist:

Artikel 1

Het college van burgemeester en schepenen gaat akkoord met de voorgestelde locaties voor bijkomende, ondergrondse glascontainers aan de school Termolen en aan de Rozenkransweg en neemt dit verder op met Limburg.net

16.

2023_CBS_00984 - Biodiversiteitsproject Slangenbeekbron van Limburgs Landschap - Goedkeuring

Goedgekeurd

Samenstelling

Aanwezig
Johny De Raeve, burgemeester; Bram De Raeve, 1ste schepen; Frederick Vandeput, 2de schepen; Johan Vanhoyland, 3de schepen; Frank Vandebeek, 4de schepen; Johan Schraepen, 5de schepen; Ria Hendrikx, voorzitter BCSD; Bart Telen, Algemeen directeur
Secretaris
Bart Telen, Algemeen directeur
16.

2023_CBS_00984 - Biodiversiteitsproject Slangenbeekbron van Limburgs Landschap - Goedkeuring

2023_CBS_00984 - Biodiversiteitsproject Slangenbeekbron van Limburgs Landschap - Goedkeuring

Motivering

Feiten context en argumentatie

Limburgs Landschap stelde telefonisch (18/09/2023) en via mail (20/09/2023) de vraag een projectsubsidie voor het biodiversiteitsproject 'Slangenbeekbron' als partner mee te ondertekenen. De projectsubsidie "Reglement betreffende de subsidiëring van biodiversiteitsprojecten" wordt door Limburgs Landschap bij de provincie Limburg ingediend. Aanvragen moeten uiterlijk 30 september van het lopende jaar ingediend worden om in aanmerking te komen. De gemeente Zonhoven treedt op als partner in het project aangezien het project wordt uitgevoerd op gronden van de gemeente die in beheer zijn bij Limburgs Landschap. Deze beheersovereenkomst werd op 1 april 2019 aangegaan voor een periode van 27 jaar en loopt nog tot 1 april 2046. Voor dit gebied werd door Limburgs Landschap een beheerplan opgemaakt. Het biodiversiteitsproject dient door de gemeente ondertekend te worden als grondeigenaar. Hierbij wordt door de gemeente Zonhoven geen verdere verbintenis aangegaan om acties of steunmaatregelen te ondernemen.

Het biodiversiteitsproject draait rond het waterbeheer van de Slangenbeekbron en in een groter geheel de volledige loop van de Slangenbeek. Het doel van het project is om de vallei van meer water te voorzien en tegelijkertijd ook de biodiversiteit in het brongebied te verhogen. In kader hiervan wordt bronwater over de Holsteenweg gebracht en doorheen het gebied geleid. Dit zorgt voor vernatting van het de vallei, wat een positief effect zal hebben op verschillende diersoorten (zoals de heikikker, groene kikker, libellensoorten,...) maar ook op de natte heide die in het gebied te vinden is. Ook plantensoorten zoals de zonnedauw, moeraswolfsklauw en witte snavelbies zullen profiteren van de vernatting van het gebied. Door het bronwater over de Holsteenweg naar de vallei te brengen, moet er ook minder zuiver water afgevoerd worden via de riolering. Bij de realisatie van deze riolering wordt door de gemeente Zonhoven met Fluvius samengewerkt.

Andere acties die door Limburgs Landschap ondernomen worden zijn: het creëren van meer open natuur door het uittrekken van boomopslag, het natuurlijk inrichten van een poel en successie terugdringen, en structuur creëren door te plaggen in natte heide. Verder worden er herstellingen aan de werkdijk uitgevoerd. Tot slot worden ook acties ondernomen om buurtbewoners te betrekken bij het project en de natuur te laten (her)ontdekken.

Nota van de dienst:

De gemeente Zonhoven heeft ook een project lopen, met Limburgs Landschap als partner, om zuiver water van de bron naar de Slangenbeekvallei te leiden, in kader van de aanleg van een amfibietunnel. De twee projecten sluiten dus op elkaar aan.

Besluit

Het college van burgemeester en schepenen beslist:

Artikel 1

Het college van burgemeester en schepenen gaat akkoord met de vraag van Limburgs Landschap om de subsidieaanvraag voor het biodiversiteitsproject 'terreinacties aan de Slangenbeekbron' als partner te ondertekenen.

17.

2023_CBS_00985 - Werkgroep verkeer - verslag vergadering 14 september 2023 - Kennisneming

Kennis genomen

Samenstelling

Aanwezig
Johny De Raeve, burgemeester; Bram De Raeve, 1ste schepen; Frederick Vandeput, 2de schepen; Johan Vanhoyland, 3de schepen; Frank Vandebeek, 4de schepen; Johan Schraepen, 5de schepen; Ria Hendrikx, voorzitter BCSD; Bart Telen, Algemeen directeur
Secretaris
Bart Telen, Algemeen directeur
17.

2023_CBS_00985 - Werkgroep verkeer - verslag vergadering 14 september 2023 - Kennisneming

2023_CBS_00985 - Werkgroep verkeer - verslag vergadering 14 september 2023 - Kennisneming

Motivering

Feiten context en argumentatie

Het college van burgemeester en schepenen neemt kennis van het verslag van de werkgroep verkeer van 14 september 2023. Zie bijlage.

Besluit

Het college van burgemeester en schepenen beslist:

Artikel 1

Het college van burgemeester en schepenen neemt kennis van het verslag van de werkgroep verkeer van 14 september 2023. 

18.

2023_CBS_00986 - Subsidies straatfeesten 2023 - Goedkeuring

Goedgekeurd

Samenstelling

Aanwezig
Johny De Raeve, burgemeester; Bram De Raeve, 1ste schepen; Frederick Vandeput, 2de schepen; Johan Vanhoyland, 3de schepen; Frank Vandebeek, 4de schepen; Johan Schraepen, 5de schepen; Ria Hendrikx, voorzitter BCSD; Bart Telen, Algemeen directeur
Secretaris
Bart Telen, Algemeen directeur
18.

2023_CBS_00986 - Subsidies straatfeesten 2023 - Goedkeuring

2023_CBS_00986 - Subsidies straatfeesten 2023 - Goedkeuring

Motivering

Verwijzingsdocumenten

Subsidiereglement straat-, wijk- en buurtfeesten dd. 24 februari 2014.

Gemeenteraadsbesluit betreffende verdeling van het noodfonds dd. 30 november 2020.

Feiten context en argumentatie


Subsidie Straatfeesten 2023

Evaluatie 2023/Afterwork Burenborrel Delheidestraat

Evaluatie is tijdig en volledig

Gemaakte en goedgekeurde kosten van 269,97 euro .

Het college beslist om een subsidie van 250 euro te betalen.

 

Evaluatie 2023/Betteshof

Evaluatie is tijdig en volledig

Gemaakte en goedgekeurde kosten van 279,95 euro .

Het college beslist om een subsidie van 250 euro te betalen.

 

Evaluatie 2023/Beverjoutjes

Evaluatie is tijdig en volledig

Gemaakte en goedgekeurde kosten van 218,49 euro .

Het college beslist om een subsidie van 218,49 euro te betalen.

 

Evaluatie 2023/De Donkturvers

Evaluatie is tijdig en volledig

Gemaakte en goedgekeurde kosten van 308,27 euro .

Het college beslist om een subsidie van 250 euro te betalen.

 

Evaluatie 2023/Elsbergweg

Evaluatie is tijdig en volledig

Gemaakte en goedgekeurde kosten van 250,01 euro .

Het college beslist om een subsidie van 250 euro te betalen.

 

Evaluatie 2023/Elstra

Evaluatie is tijdig en volledig

Gemaakte en goedgekeurde kosten van 295,57 euro .

Het college beslist om een subsidie van 250 euro te betalen.

 

Evaluatie 2023/Hemelhof

Evaluatie is tijdig en volledig

Gemaakte en goedgekeurde kosten van 160 euro .

Het college beslist om een subsidie van 160 euro te betalen.

 

Evaluatie 2023/Heuvenstraat

Evaluatie is tijdig en volledig

Gemaakte en goedgekeurde kosten van 171,90 euro .

Het college beslist om een subsidie van 171,90 euro te betalen.

 

Evaluatie 2023/Holsteenweg

Evaluatie is tijdig en volledig

Gemaakte en goedgekeurde kosten van 408,93 euro .

Het college beslist om een subsidie van 250 euro te betalen.

 

Evaluatie 2023/Lazarijstraat

Evaluatie is tijdig en volledig

Gemaakte en goedgekeurde kosten van 267,42 euro .

Het college beslist om een subsidie van 250 euro te betalen.

 

Evaluatie 2023/Putsmolen

Evaluatie is tijdig en volledig

Gemaakte en goedgekeurde kosten van 255 euro .

Het college beslist om een subsidie van 250 euro te betalen.

 

Evaluatie 2023/Raafstraat

Evaluatie is tijdig en volledig

Gemaakte en goedgekeurde kosten van 506,35 euro .

Het college beslist om een subsidie van 250 euro te betalen.

 

Evaluatie 2023/Schopdriesweg

Evaluatie is tijdig en volledig

Gemaakte en goedgekeurde kosten van 263,70 euro .

Het college beslist om een subsidie van 250 euro te betalen.

 

Evaluatie 2023/Veltershof

Evaluatie is tijdig en volledig

Gemaakte en goedgekeurde kosten van 316,81 euro .

Het college beslist om een subsidie van 250 euro te betalen.

 

Evaluatie 2023/Vogelsanck

Evaluatie is tijdig en volledig

Gemaakte en goedgekeurde kosten van 317,03 euro .

Het college beslist om een subsidie van 250 euro te betalen.

 

Evaluatie 2023/Wies van Teun Grote Hemmenweg

Evaluatie is tijdig en volledig

Gemaakte en goedgekeurde kosten van 260,52 euro .

Het college beslist om een subsidie van 250 euro te betalen.

Besluit

Het college van burgemeester en schepenen beslist:

Artikel 1

Subsidie Straatfeesten 2023


Evaluatie 2023/Afterwork Burenborrel Delheidestraat

Evaluatie is tijdig en volledig

Gemaakte en goedgekeurde kosten van 269,97 euro .

Het college beslist om een subsidie van 250 euro te betalen.

 

Evaluatie 2023/Betteshof

Evaluatie is tijdig en volledig

Gemaakte en goedgekeurde kosten van 279,95 euro .

Het college beslist om een subsidie van 250 euro te betalen.

 

Evaluatie 2023/Beverjoutjes

Evaluatie is tijdig en volledig

Gemaakte en goedgekeurde kosten van 218,49 euro .

Het college beslist om een subsidie van 218,49 euro te betalen.

 

Evaluatie 2023/De Donkturvers

Evaluatie is tijdig en volledig

Gemaakte en goedgekeurde kosten van 308,27 euro .

Het college beslist om een subsidie van 250 euro te betalen.

 

Evaluatie 2023/Elsbergweg

Evaluatie is tijdig en volledig

Gemaakte en goedgekeurde kosten van 250,01 euro .

Het college beslist om een subsidie van 250 euro te betalen.

 

Evaluatie 2023/Elstra

Evaluatie is tijdig en volledig

Gemaakte en goedgekeurde kosten van 295,57 euro .

Het college beslist om een subsidie van 250 euro te betalen.

 

Evaluatie 2023/Hemelhof

Evaluatie is tijdig en volledig

Gemaakte en goedgekeurde kosten van 160 euro .

Het college beslist om een subsidie van 160 euro te betalen.

 

Evaluatie 2023/Heuvenstraat

Evaluatie is tijdig en volledig

Gemaakte en goedgekeurde kosten van 171,90 euro .

Het college beslist om een subsidie van 171,90 euro te betalen.

 

Evaluatie 2023/Holsteenweg

Evaluatie is tijdig en volledig

Gemaakte en goedgekeurde kosten van 408,93 euro .

Het college beslist om een subsidie van 250 euro te betalen.

 

Evaluatie 2023/Lazarijstraat

Evaluatie is tijdig en volledig

Gemaakte en goedgekeurde kosten van 267,42 euro .

Het college beslist om een subsidie van 218,49 euro te betalen.

 

Evaluatie 2023/Putsmolen

Evaluatie is tijdig en volledig

Gemaakte en goedgekeurde kosten van 255 euro .

Het college beslist om een subsidie van 250 euro te betalen.

 


Evaluatie 2023/Raafstraat

Evaluatie is tijdig en volledig

Gemaakte en goedgekeurde kosten van 506,35 euro .

Het college beslist om een subsidie van 250 euro te betalen.

 

Evaluatie 2023/Schopdriesweg

Evaluatie is tijdig en volledig

Gemaakte en goedgekeurde kosten van 263,70 euro .

Het college beslist om een subsidie van 250 euro te betalen.

 

Evaluatie 2023/Veltershof

Evaluatie is tijdig en volledig

Gemaakte en goedgekeurde kosten van 316,81 euro .

Het college beslist om een subsidie van 250 euro te betalen.

 

Evaluatie 2023/Vogelsanck

Evaluatie is tijdig en volledig

Gemaakte en goedgekeurde kosten van 317,03 euro .

Het college beslist om een subsidie van 250 euro te betalen.

 

Evaluatie 2023/Wies van Teun Grote Hemmenweg

Evaluatie is tijdig en volledig

Gemaakte en goedgekeurde kosten van 260,52 euro .

Het college beslist om een subsidie van 250 euro te betalen.

19.

2023_CBS_00988 - Verslag SAR - Kennisneming

Kennis genomen

Samenstelling

Aanwezig
Johny De Raeve, burgemeester; Bram De Raeve, 1ste schepen; Frederick Vandeput, 2de schepen; Johan Vanhoyland, 3de schepen; Frank Vandebeek, 4de schepen; Johan Schraepen, 5de schepen; Ria Hendrikx, voorzitter BCSD; Bart Telen, Algemeen directeur
Secretaris
Bart Telen, Algemeen directeur
19.

2023_CBS_00988 - Verslag SAR - Kennisneming

2023_CBS_00988 - Verslag SAR - Kennisneming

Motivering

Feiten context en argumentatie

Aanwezig: 

  • Jef Goris - voorzitter
  • Florette Goffings - ondervoorzitter
  • Frank Vandebeek
  • Jona Sourbron
  • Marcella Thuwis
  • Willy Gerits
  • Jean-Paul Magdelijns
  • Toon Mannaerts
  • Willy Theunissen
  • Jef Daniëls
  • Paula Rutten
  • Lucien Bielen
  • Fons Hotterbeex
  • Roger Vaes
  • Fernand Poel
  • Lucia Vernier
  • Toon Mannaerts

 

Verontschuldigd: Fernand Vlekken

Agenda

Seniorenshow 21/11/2023

13u30 deuren open

Goedkeuring van college van Burgemeester en Schepenen voor artiest Yves Segers

Contract werd ondertekend en voorschot werd betaald

Alles geregeld met Louis Bijnens? 

Concrete line up van de dag ifv speech Schepen

14u15 Welkomstwoord Frank

    In orde. Jef stelt enkele vragen aan Frank. 

14u30 Louis Bijnens 

    Optreden Zonhovense Troubadour geregeld. Geluidsinstallatie moet nagevraagd worden.

15u10 Koffiepauze

16u00 Yves Segers

    In orde. Geluidsinstallatie moet nog bijgeboekt worden.


Tickets

Jona neemt contact op met dienst communicatie met vraag een toegangskaart te ontwerpen naar analogie met de toegangskaart van vorig jaar. Zij hebben dit ontwerp nog. Dit is lopende.

Wie wil er allemaal x aantal toegangskaarten? 

    Frank heeft de aantallen genoteerd. SAR zelf krijgt allemaal 1 kaart.

Verkooppunten?

    De verkoop van de tickets zal uitsluitend gebeuren in het Uitpunt. Dit zal ook zo gecommuniceerd worden in De Zonhovenaar

Vanaf wanneer start verkoop: vermoedelijk eind september


Bonnetjes

Zwaar bier kan vanaf dit jaar enkel met 2 bonnetjes gekozen worden ipv maar 1. 

Kunnen mensen nog bonnetjes bijkopen of moet 2 bonnetjes en gratis koffie voldoende zijn? 

    De SAR is voor het verkoop van bonnetjes. 1 bonnetje =voor 1.5 euro en 2 bonnetjes voor 3 euro.

    Jona voorziet een prijslijst, bonnetjes en een kassa. Die zal bemand worden door Florette Goffings en Lucia Vernier.


Sandwichen

Idee van collega’s gemeentehuis: sandwichen worden klaargemaakt door bakkers.

    De SAR kiest ervoor om de broodjes zelf te smeren. Ze vinden dit een leuke activiteit om zelf te doen.

    Andere jaren materiaal gehuurd via een traiteur: Jona vraagt na bij Lien.

Wie komt helpen moet om 10u in de ehal aanwezig zijn.


Toekomst van de seniorenadviesraad

Ontslag voorzitter, neemt ook niet meer deel aan de SAR

11 jaar voorzitter geweest, klaar om er afstand van te doen.

Opvolging voorzitter na de seniorenshow – hoe verkiezen? Kandidatuurstelling?

    Kandidaten voorzitterschap: Florette Goffings

    Kandidaten ondervoorzitterschap:

    Kandidaten dagelijks bestuur: 

    Jona stuurt mail uit met verslag en de vraag voor kandidaten.

Wie volgt Lien op?

    Jona volgt voorlopig Lien op. Nieuwe medewerker zijn we aan het zoeken.


Dementievriendelijke gemeente

Nood wordt ervaren om mensen met dementie uit hun sociaal isolement te trekken door vrijwilligers te zoeken om met deze mensen te gaan wandelen.

Eventueel oproep plaatsen in Zonhovenaar.

Vraag of het mogelijk is om 1 dag in de maand ontmoetingsplek te organiseren voor senioren, liefst in een dienstencentrum. Een dienstencentrum oprichten en bemannen is echter niet zo makkelijk. Mogelijkheden verkennen hoe een ontmoetingsplek kan georganiseerd worden zonder een dienstencentrum.

Tentoonstelling ‘Het regent op mijn neus.’: expo met kunstwerken die verband houden met dementie en informatie van geëngageerde organisaties en verenigingen. SAR zal uitgenodigd worden voor de openingsreceptie.


Varia

Verhuis dorpsrestaurant: stand van zaken en nieuwe traiteur?

    VZW Alternatief is de nieuwe traiteur.

    De verhuis zal vermoedelijk voor eind september – half oktober zijn. Er zijn nog enkele praktische zaken te regelen.

Gele doos

    Er zit een medische fiche in met basisinfo over de gezondheid en medicatie. Medicatie kan er ook in gestoken worden.

    Als je een gele doos wil, kan je deze laten voorschrijven door de huisarts en daarna kan je deze afhalen bij de apotheker. Deze doos wordt in de frigo bewaard en je moet dan een     sticker kleven op je voordeur. De gegevens in deze doos moeten wel actueel gehouden worden.

Toegankelijkheid van het dorpshart voor de senioren

    Planning meegedeeld van de diverse werken. Ontoegankelijkheid is nu het ergst, maar zou volgende week al weer veel beter zijn.

Woensdag 13 september is er een spreker met als thema ‘klimaatrobuust tuinieren’ op de milieuraad. Er is een drankje en een hapje. Start om 19u.


Komende vergaderingen

Dagelijks bestuur: 10 oktober

Volgende SAR: dinsdag 31 oktober

Besluit

Het college van burgemeester en schepenen beslist:

Artikel 1

Het college van burgemeester en schepenen neemt kennis van het verslag van de SAR van 29/09/2023.

20.

2023_CBS_00989 - Weigering bestuurderspas - Goedkeuring

Goedgekeurd
20.

2023_CBS_00989 - Weigering bestuurderspas - Goedkeuring

2023_CBS_00989 - Weigering bestuurderspas - Goedkeuring
21.

2023_CBS_00990 - Licentieovereenkomst Locatus 2023-2024 - Goedkeuring

Goedgekeurd

Samenstelling

Aanwezig
Johny De Raeve, burgemeester; Bram De Raeve, 1ste schepen; Frederick Vandeput, 2de schepen; Johan Vanhoyland, 3de schepen; Frank Vandebeek, 4de schepen; Johan Schraepen, 5de schepen; Ria Hendrikx, voorzitter BCSD; Bart Telen, Algemeen directeur
Secretaris
Bart Telen, Algemeen directeur
21.

2023_CBS_00990 - Licentieovereenkomst Locatus 2023-2024 - Goedkeuring

2023_CBS_00990 - Licentieovereenkomst Locatus 2023-2024 - Goedkeuring

Motivering

Feiten context en argumentatie

Locatus Online brengt alle winkels, horeca en dienstverleners in kaart waardoor hun data geschikt zijn om de retail in de gemeente te monitoren, beleidsbeslissingen te nemen en hands-on te werken aan goede invulling van het handelscentrum.

Volgende personen krijgen toegang tot de database:

- Liselotte Alentijns

- Michael Vanderhoydonk

- Stijn Mommen

Besluit

Het college van burgemeester en schepenen beslist:

Artikel 1

Het college van burgemeester en schepenen besluit om de licentieovereenkomst Locatus Online te ondertekenen.

Volgende personen krijgen toegang tot de database:

- Liselotte Alentijns

- Michael Vanderhoydonk

- Stijn Mommen

22.

2023_CBS_00991 - Wijziging wegbreedte - Wegenis- en rioleringswerken Schutenseweg, Donkeindeweg (deel), Schoenmakersweg, Keurstraat, Bremstraat, Beemdstraat, Varenstraat, Ranonkelstraat, Slangbeekweg (deel) - Goedkeuring

Goedgekeurd

Samenstelling

Aanwezig
Johny De Raeve, burgemeester; Bram De Raeve, 1ste schepen; Frederick Vandeput, 2de schepen; Johan Vanhoyland, 3de schepen; Frank Vandebeek, 4de schepen; Johan Schraepen, 5de schepen; Ria Hendrikx, voorzitter BCSD; Bart Telen, Algemeen directeur
Secretaris
Bart Telen, Algemeen directeur
22.

2023_CBS_00991 - Wijziging wegbreedte - Wegenis- en rioleringswerken Schutenseweg, Donkeindeweg (deel), Schoenmakersweg, Keurstraat, Bremstraat, Beemdstraat, Varenstraat, Ranonkelstraat, Slangbeekweg (deel) - Goedkeuring

2023_CBS_00991 - Wijziging wegbreedte - Wegenis- en rioleringswerken Schutenseweg, Donkeindeweg (deel), Schoenmakersweg, Keurstraat, Bremstraat, Beemdstraat, Varenstraat, Ranonkelstraat, Slangbeekweg (deel) - Goedkeuring

Motivering

Verwijzingsdocumenten

Aanvraag van Fluvius Limburg, Trichterheideweg 8 te 3500 Hasselt en Kris Iven, Limburgplein 1 te 3500 Hasselt (2023/00043)  voor de wegenis- en rioleringswerken in de Schutenseweg, Donkeindeweg (deel), Schoenmakersweg, Keurstraat, Bremstraat, Beemdstraat, Varenstraat, Ranonkelstraat, Slangbeekweg (deel). Hierbij wordt het reliëf van de bodem gewijzigd omwille van de uitbreiding van het bufferbekken, worden er bomen gerooid en wordt er ontbost. Tenslotte zal er ook een bemaling plaatsvinden, op perceel gelegen kadastraal gekend als Zonhoven, afdeling 3, sectie F, nrs. 523H, 629/02S, 640C22, 640X22, 640P22, 640R22, 640Z16, 643K, 643P, 644M2, 644N2, 663N, 700C en Hasselt, afdeling 7,  sectie G nrs. 28/3K, 28M, 28S2, 28/3H, 31L2, 31E2, 31A2, 31F2, 31Y, 31P, 31V, 31X, 37/2C2, 37/2G2, 37/2H2, 37/2D2, 37/2K2, 37/2X, 38/2E, 38/2H, 38/2G.

Feiten context en argumentatie

In het project "Herinrichting kruispunt N74 Kempische Steenweg met N72 Beringersteenweg en N715 Heuveneindeweg", een TV3V-project van het Agentschap Wegen en Verkeer, werd de verbinding van de Beverzakbroekweg op de N74 herwerkt naar een rechts-in / rechts-uit aansluiting.

Omwille van de hierdoor verminderende verkeersintensiteit, de huidige ontwerpnormen en de verkeersveiligheid werd  in het Aquafin-project "Optimalisatie Pompstation Tuinwijk" geopteerd om de rijwegbreedte van de Beverzakbroekweg te verminderen naar 4,00 m asfalt + 2x 0,50 m greppel, de Turfstraat en het laatste deel van de Donkeindeweg werden eveneens op deze breedte heraangelegd.

Het gedeelte van de Schutenseweg in dit Aquafinproject werd echter heraangelegd op een breedte van 5,00 m asfalt + 2x 0,50 m greppel. Door de beperkte in- en uitrijmogelijkheid van de Beverzakbroekweg was er namelijk de intentie om het vele (vracht)verkeer voor de bouwmaterialenhandel gelegen op Schutenseweg 91a via de Bremstraat te leiden. In het nu voorliggende project werd daarom de breedte van de Bremstraat (en de verdere aansluiting op het gedeelte Schutenseweg dat reeds in het Aquafinproject werd aangelegd) eveneens ontworpen op een breedte van 5,00 m asfalt + 2x 0,50 m greppel.

Al de overige straten in het huidige project zijn voorzien om te worden aangelegd op een breedte van 4,00 m asfalt + 2x 0,50 m greppel. Gezien de stopzetting van de bouwmaterialenhandel en de intentie om op de betreffende  percelen een verkaveling te ontwikkelen is er geen  reden meer om de Bremstraat zo breed te houden. Er wordt daarom best geopteerd om de Bremstraat uit te voeren naar analogie van alle overige straten , namelijk 4,00 m asfalt + 2x 0,50 m greppel. De versmalling levert een besparing op van ongeveer € 18.000 inclusief btw, bovendien wordt er ruim 500 m2 minder verhard.

Besluit

Het college van burgemeester en schepenen beslist:

Artikel 1

Het college van burgemeester en schepenen is akkoord de wegbreedte van de Bremstraat te verminderen naar 4,00 m asfalt + 2x 0,50 m greppel, naar analogie met de overige straten in het project.

23.

2023_CBS_00992 - Vaststelling wervingsreserve voltijds contractueel technisch medewerker gebouwen C1-C3 facilitair management - Goedkeuring

Goedgekeurd
23.

2023_CBS_00992 - Vaststelling wervingsreserve voltijds contractueel technisch medewerker gebouwen C1-C3 facilitair management - Goedkeuring

2023_CBS_00992 - Vaststelling wervingsreserve voltijds contractueel technisch medewerker gebouwen C1-C3 facilitair management - Goedkeuring
24.

2023_CBS_00993 - Openverklaring betrekking bij aanwerving en bij bevordering via externe personeelsmobiliteit: voltijds contractueel deskundige ICT B1-B3 - Goedkeuring

Goedgekeurd
24.

2023_CBS_00993 - Openverklaring betrekking bij aanwerving en bij bevordering via externe personeelsmobiliteit: voltijds contractueel deskundige ICT B1-B3 - Goedkeuring

2023_CBS_00993 - Openverklaring betrekking bij aanwerving en bij bevordering via externe personeelsmobiliteit: voltijds contractueel deskundige ICT B1-B3 - Goedkeuring
25.

2023_CBS_00994 - Ontslag en pensioenaanvraag - Kennisneming

Kennis genomen
25.

2023_CBS_00994 - Ontslag en pensioenaanvraag - Kennisneming

2023_CBS_00994 - Ontslag en pensioenaanvraag - Kennisneming
26.

2023_CBS_00995 - Dagelijks personeelsbeheer: beslissing algemeen directeur - Kennisneming

Kennis genomen
26.

2023_CBS_00995 - Dagelijks personeelsbeheer: beslissing algemeen directeur - Kennisneming

2023_CBS_00995 - Dagelijks personeelsbeheer: beslissing algemeen directeur - Kennisneming
6.

2023_CBS_00975 - Notarisinfo - artikel 5.2.2 - 2023/00032/SPLITSING - Nieuwe Hazendansweg - Oppelsenweg - inlichtingen notariële splitsing

Goedgekeurd

Samenstelling

Aanwezig
Johny De Raeve, burgemeester; Bram De Raeve, 1ste schepen; Frederick Vandeput, 2de schepen; Johan Vanhoyland, 3de schepen; Frank Vandebeek, 4de schepen; Johan Schraepen, 5de schepen; Ria Hendrikx, voorzitter BCSD; Bart Telen, Algemeen directeur
Secretaris
Bart Telen, Algemeen directeur
6.

2023_CBS_00975 - Notarisinfo - artikel 5.2.2 - 2023/00032/SPLITSING - Nieuwe Hazendansweg - Oppelsenweg - inlichtingen notariële splitsing

2023_CBS_00975 - Notarisinfo - artikel 5.2.2 - 2023/00032/SPLITSING - Nieuwe Hazendansweg - Oppelsenweg - inlichtingen notariële splitsing

Motivering

Feiten context en argumentatie

Deel 1:

  • Verkoop van 2 restpercelen op kadastraal perceel 3de afdeling, sectie E, nummer 580B.
    Restperceel 1 is omschreven als lot 1c op het opmetingsplan van landmeter-expert Peter Gijsen dd. 29/08/2023 (bijlage 1 en 2)en heeft een oppervlakte van 0a80ca.
    Dit restperceel wordt gevoegd bij de tuinzone van het projectgebied verkaveling 1278.E.874.2.
    Restperceel is niet omschreven als een lot op het opmetingsplan van landmeter-expert Peter Gijsen dd. 29/08/2023 (bijlage 2) en heeft geen aanduiding van oppervlakte.
  • Het perceel 580B is volgens het gewestplan gelegen in woongebied.
  • Het perceel 580B is niet gelegen in een BPA/RUP.
  • Het perceel 580B is gelegen in de goedgekeurde verkaveling 7204.V.2 (lot 5+6).
  • Het perceel 580B is gedeeltelijk gelegen in gebied met middelgrote kans op overstromingen.

Deze 2 restpercelen maken onderdeel uit van de loten 5 en 6 (samengevoegd) van een oudere verkaveling 7404.V.2.
Na de samenvoeging van loten 5 en 6 werd een deel (perceel 571B) afgesplitst en vervreemd.

Deel 2:

  • Verkoop deel kadastraal perceel 3de afdeling, sectie E, nummer 574R om te voegen bij de projectzone verkaveling 1278.E.874.2.
     Het betreft de verkoop van lot 1b (opp. 2a43ca), lot 3b (opp. 1a42ca) en lot 3d (opp. 0a33ca) volgens opmetingsplan van landmeter-expert Peter Gijsen dd. 29/08/2023.
  • Het perceel 574R is volgens het gewestplan gelegen in woongebied.
  • Het perceel 574R is niet gelegen in een BPA/RUP.
  • Het perceel 574R is niet gelegen in de goedgekeurde verkaveling. 

De verkoop van de loten 1b en 3d geeft uitvoering aan de goedgekeurde verkaveling 1278.E.874.2. 

De verkoop van lot 3b komt niet overeen met wat voorzien is op het verkavelingsplan.
Lot 3b zou dan ook aangepast moeten worden aan de afgeleverde omgevingsvergunning voor het verkavelen van grond 1278.E.874.2 dd. 23/04/2019. 

Deel 3:

  • Schenking deel kadastraal perceel 3de afdeling, sectie E, nummer 574X aan nieuwe eigenaar binnen projectzone.
     Het betreft lot 2 op het opmetingsplan van landmeter-expert Peter Gijsen dd. 29/08/2023 en heeft een oppervlakte van 5a92ca.
  • Het deel van het perceel 574X is volgens het gewestplan gelegen in woongebied.
  • Het deel van het perceel 574X is niet gelegen in een BPA/RUP.
  • Het deel van het perceel 574X is gelegen in de goedgekeurde verkaveling 1278.E.874.2.

Lot 2 is onderdeel van het goedgekeurd lot binnen de verkaveling 1278.E.874.2 met bestemming projectzone.

Voor deze projectzone werd een omgevingsvergunning afgeleverd voor het bouwen van een tweewoonst, het bouwen van carports, het bouwen van een fietsenstalling en het aanleggen van een private weg na het slopen van een garage en een tuinhuis dd. 06/06/2023.

Besluit

Het college van burgemeester en schepenen beslist:

Artikel 1

Het college van burgemeester en schepenen heeft geen opmerkingen aangaande de verkoop van de loten 1b (opp. 2a43ca) en lot 3d (opp. 0a33ca) volgens opmetingsplan van landmeter-expert Peter Gijsen dd. 29/08/2023. 

Het college van burgemeester en schepenen geeft volgende opmerkingen mee: 

  • De verkoop van lot 3b (opp. 1a42ca) is niet conform de afgeleverde omgevingsvergunning voor verkavelen van grond 1278.E.874.2.
  • Het te schenken lot 2 (opp. 5a92ca) aan de nieuwe eigenaars wordt omgeschreven als projectzone, terwijl dit integraal deel uitmaakt van de verkaveling en hier ook op terugvalt, zoals het gemeenschappelijk gebruik van de toegangsweg en parkeerplaatsen.
    Er kunnen geen bijkomende bouwrechten toegekend worden aan lot 2 (gezien de omschrijving als projectzone) zonder een bijstelling van de verkaveling. 
  • Betreffende de verkoop van 2 restpercelen van perceel 580B: de aangepaste perceelsgrenzen dienen opgenomen te worden in een toekomstige omgevingsaanvraag van de woning Nieuwe Hazendansweg 13.